Volledige gedaanteverwisseling

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
gedaanteverwisseling bij wespen

Volledige gedaanteverwisseling is een eigenschap van onder andere een aantal insectenorden. Insecten die een volledige gedaanteverwisseling doormaken heten ook wel holometabool en worden gerekend tot de Endopterygota. Het tegenovergestelde is onvolledige gedaanteverwisseling.

Uit het ei komt een larve, die meestal niet op het volwassen insect lijkt en zich vaak ook met andere dingen voedt. Veel larven zijn echte vreters, volwassen insecten voeden zich soms helemaal niet meer. In zeer uitzonderlijke gevallen, zoals bij sommige teken (die tot de spinachtigen behoren, en niet tot de insecten) komt ook een volledige metamorfose voor.

eicelbevruchtingzygotegroei en ontwikkeling → één of meer nimfenstadia → uitsluipen → 
→ ( subimago ) → imago (volwassen insect)geslachtelijke voortplantingeicel
eicelbevruchtingzygotegroei en ontwikkelinglarve[m 1]verpopping → popstadium → ontpopping → 
imago (volwassen insect)geslachtelijke voortplantingeicel
  1. Soms zijn er verschillende larvestadia (instar) te onderscheiden.

Na een aantal (minimaal drie, meestal vijf) vervellingen treedt er een popstadium op, waarin het dier een tijd in uitwendige rust verkeert, terwijl het inwendig in de pop een complete vormverandering doormaakt. Via het popstadium wordt een rups een vlinder, een made een vlieg of mug en een keverlarve (zoals een engerling, of ritnaald) een kever.

De imago (de volwassen vorm) zoekt een partner en plant zich voort. Bij veel insecten is de als larve doorgebrachte levensduur een veelvoud van die als volwassen insect. Een voorbeeld zijn de eendagsvliegen, die zelfs maar enkele uren tot dagen na de verpopping sterven, maar een jaar als larve onder water doorbrengen.

Voortplanting:geslachtelijke voortplanting · ongeslachtelijke voortplanting (apomixis · automixie · binaire deling · maagdelijke voortplanting · parthenogenese · vegetatieve vermeerdering) · knopvorming · mannelijk (♂) · vrouwelijk (♀) · eenslachtig · tweeslachtig () · geslachtsverdeling · eenhuizig (dichogamie · protandrie · protogynie) · tweehuizig
Metamorfose:gedaanteverwisseling (volledige gedaanteverwisseling - onvolledige gedaanteverwisseling) · ei · larve · nimf · instar · subimago · imago · pop · vervelling
Parasitisme:parasiet · vector · tussengastheer · tussenwaardplant · waard / gastheer · waardplant · endoparasiet · ectoparasiet
Mijlpalen:gameet (eicel, zaadcel) → bevruchting (plasmogamiekaryogamie) → zygotemeiose (reductiedeling)
Generatiewisseling:monogenetische cyclus · digenetische cyclus · trigenetische cyclus · gametofoor · gametofyt · gametogenese · generatie · spore · sporofyt · voorkiem
Kernfasewisseling:« kernfase · haplofase · diplofase » · « haplofasische cyclus · haplont · diplofasische cyclus · diplont · diplohaplofasische/heterofasische cyclus · diplohaplont » · « haploïdie · diploïdie · dikaryon »
Meiotische deling:gametische meiose · intermediaire of sporische meiose · zygotische meiose
Ploïdie:haploïdie · diploïdie (diploïdisatie) · triploïdie · tetraploïdie · hexaploïdie · octoploïdie · euploïdie (alloploïdie · autoploïdie) · aneuploïdie
Afwisseling van individuen:haplobiont · diplobiont