Amerikaanse populier

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Amerikaanse populier
Populus deltoides pode3 010 pvp.jpg
Taxonomische indeling
Rijk: Plantae (Planten)
Stam: Embryophyta (Landplanten)
Klasse: Spermatopsida (Zaadplanten)
Clade: Bedektzadigen
Clade: 'nieuwe' Tweezaadlobbigen
Clade: Fabiden
Orde: Malpighiales
Familie: Salicaceae (Wilgenfamilie)
Geslacht: Populus (Populier)
Soort
Populus deltoides
Marsh. (1785)
Populus deltoides subsp. deltoides
Populus deltoides subsp. deltoides
Populus deltoides subsp. monilifera
Populus deltoides subsp. monilifera
Balmville Tree
Balmville Tree
Portaal  Portaalicoon   Biologie

De Amerikaanse populier of Amerikaanse zwarte populier (Populus deltoides) is een populierensoort uit de sectie Aegiros (zwarte populieren). De Amerikaanse populier komt van nature voor in Noord-Amerika en is rond 1750 voor het eerst ingevoerd in Frankrijk. De boom wordt gemiddeld 70 tot 100 jaar oud, maar ze kunnen onder goede groeiomstandigheden 200 tot 400 jaar oud worden. De oudste Amerikaanse populierenboom in de Verenigde Staten is de in 1699 geplante Balmville Tree.

Beschrijving[bewerken]

De boom kan 20-40 m groot worden met een stamdiameter tot 180 cm. De bast is zilverwit en glad of met kleine spleetjes, die op oudere leeftijd donkergrijs en diep gegroefd wordt.

Bast

De ronde of iets hoekige twijgen zijn grijsachtig geel, hebben lijnvormige lenticellen en grote driehoekige bladlittekens. De winterknoppen zijn slank, puntig, 1-2 cm lang, geelbruin en harsachtig.

De 4-10 cm lange en 4-11 cm brede, driehoekige, vrij lang toegespitste bladeren hebben een 3-12 cm lange bladsteel. De bladsteel heeft aan de top twee kliertjes. De bladvoet is vlak of zwak hartvormig. De bladrand is blijvend, dicht gewimperd dit in tegenstelling tot de Canadese populier. De donkergroene, glimmende bladeren verkleuren in de herfst geel.

Bladeren van subsp. monilifera

De Amerikaanse populier is tweehuizig (er zijn aparte mannelijke en vrouwelijke bomen). De bloeiwijze is een hangend katje dat meestal voor het uitlopen van het blad verschijnt. De 8-10 cm lange, mannelijke bloemkatten hebben (30)40-80 roodpaarse meeldraden. Ze vallen spoedig af na het loslaten van het stuifmeel, dat vervolgens door de wind wordt verspreid. (windbestuiving).

De vrouwelijke, groene, op moment van bestuiving 7-13 cm, later 15-20 cm lange katjes blijven na de bestuiving tot in mei en juni hangen. Dan springt de 6-15 mm lange, 3-4 kleppige doosvrucht open en komt het 3 x 1 mm grote zaad vrij. [1][2][3] Het is omgeven door donzig pluis en voert ver op de wind mee. Sommige bomen produceren zoveel pluis dat het lijkt of het sneeuwt. Mensen kunnen voor dit pluis allergisch zijn. Lang niet alle pluis bevat een zaadje. Het zaad kiemt alleen op kale grond en voor verdere groei heeft de boom volle zon nodig. Een boom wordt vruchtdragend na 5-10 jaar.

Er worden de volgende drie ondersoorten onderscheiden:

  • Populus deltoides subsp. deltoides.
  • Populus deltoides subsp. monilifera (Aiton) Eckenw.
  • Populus deltoides subsp. wislizeni (S.Watson) Eckenw.

Voorkomen[bewerken]

De Amerikaanse populier komt van nature voor langs rivieren.

Vrouwelijke katjes
Mannelijke katjes
Zaden met vruchtpluis
Zaaddozen
Zaden met vruchtpluis
Bronnen, noten en/of referenties
  1. USGS Aquatic and Wetland Vascular Plants of the Northern Great Plains: Populus deltoides
  2. v-Plants (Chicago Herbarium): Populus deltoides
  3. US Forest Service Silvics Manual: Populus deltoides