Arrest Cassis de Dijon
| Cassis de Dijon | ||
| Datum | 20 februari 1979 | |
| Partijen | Rewe - Zentral AG / Bundesmonopolverwaltung für Branntwein | |
| Zaak | 120/78 [1] | |
| Instantie | Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen | |
| Adv-gen | F. Capotorti [2] | |
| Procedure | prejudiciële vraag uit Duitsland | |
| Procestaal | Duits | |
| Wetgeving | Branntweinmonopolgesetz[3] | |
| Regelgeving | art. 30 [4] EEG-verdrag = art. 34 VwEU | |
| Onderwerp | vrije verkeer van goederen, "maatregelen van gelijke werking" | |
| Vindplaats | Jurispr. 1979, p. 649; EUR-Lex 61978J0120; LJN BE4668 | |
Het arrest Rewe-Zentral AG/Bundesmonopolverwaltung für Branntwein, meestal aangeduid als het arrest Cassis de Dijon, is een uitspraak van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen van 20 februari 1979 (zaak 120/78), welke betrekking heeft op het vrije verkeer van goederen, en het begrip "maatregelen van gelijke werking".
Inhoud |
Casus [bewerken]
De coöperatieve vereniging Rewe-Zentral[5] wil in 1976 sterkedrank uit Frankrijk importeren, waaronder een lading Cassis de Dijon (zwartebessenlikeur). Naar aanleiding van een verzoek om een importvergunning kreeg Rewe bericht, dat deze drank in Duitsland niet mocht worden verhandeld, en dat de Bundesmonopolverwaltung für Branntwein[6] niet bevoegd was om ontheffing te verlenen. De likeur bevat namelijk 15-20% alcohol, terwijl in de Bondsrepubliek Duitsland volgens een toenmalige wettelijke bepaling slechts vruchtenlikeur met een alcoholpercentage van tenminste 32% mocht worden verhandeld.
Procesverloop [bewerken]
Rewe-Zentral AG acht het importverbod in strijd met artikel 30 EEG-Verdrag (thans art. 34 VwEU)[7], dat kwantitatieve beperkingen en alle maatregelen van gelijke werking tussen de lidstaten verbiedt. De bevoegde Duitse rechter, het Hessische Finanzgericht, heeft het Hof van Justitie verzocht om een prejudiciële beslissing.
Rechtsvraag [bewerken]
- Is het Duitse handelsverbod voor een Franse vruchtenlikeur zoals Cassis de Dijon een "maatregel van gelijke werking" in de zin van artikel 30 EEG-verdrag?
- De tweede vraag van de verwijzende rechter is rechtshistorisch van minder belang.
Uitspraak Hof [bewerken]
Het Hof gaf enige criteria op grond waarvan uitzonderingen op het vrije handelsverkeer binnen de EEG konden worden geduld:
Het Hof achtte dergelijke dringende behoeften hier niet bewezen en verklaarde voor recht:
Betekenis [bewerken]
De betekenis van het arrest Cassis de Dijon ligt vooral in de criteria die het Hof geeft ten aanzien van uitzonderingen die mogelijk zijn op het vrije verkeer van goederen. Er zijn meer rechtvaardigingsgronden dan de gronden die expliciet genoemd worden in het huidige artikel 36 VwEU. Dit wordt wel de Rule of reason genoemd.
Bronnen, noten en/of referenties
|