Delftsche Schaakclub

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Delftsche Schaakclub
Delftsche Schaakclub
Algemene gegevens
Opgericht 17 december 1895
Plaats Flag of Delft.svg Delft
Sportruimte Denksportcentrum Sebastiaansbrug
Bond KNSB
Sport(en) Schaken
Aantal leden 130
Homepage http://www.delftseschaaksite.nl
Portaal  Portaalicoon   Sport

De Delftsche Schaakclub (DSC) is een Nederlandse schaakvereniging, opgericht op 17 december 1895 te Delft. DSC behoort tot de oudste en grootste schaakverenigingen van Nederland en is de grootste club binnen de Haagse Schaakbond, een onderafdeling van de Koninklijke Nederlandse Schaakbond.

Inhoud

[bewerken] Geschiedenis

[bewerken] 1895-1921: de oorsprong

Uit de eerste jaren van de vereniging is weinig bekend. In 1896 gaf de Leidenaar Johannes Esser, één van de sterkste Nederlandse schakers op dat moment, tot tweemaal toe een simultaan in Delft. Het bestuur was zo verheugd over zijn medewerking dat hem het erelidmaatschap wordt aangeboden. Daarmee werd Esser het eerste erelid van DSC. In 1910 werd besloten toe te treden tot de Nederlandse Schaakbond. In 1919 trad de arbeidswet van Aalberse in werking; de arbeidstijden werden verkort en arbeiders kregen meer vrije tijd. Dit leidde twee jaar later tot de oprichting van een nieuwe schaakvereniging: de Delftsche Arbeiders Schaakclub (DASC). Voor DSC betekende dit een forse daling van het aantal leden.

[bewerken] 1921-1939: de crisisjaren

In 1926 vond het eerste (open) Delfts kampioenschap plaats. De eerste kampioen werd de heer Meijer. Ook de daaropvolgende jaren werd het Delfts kampioenschap georganiseerd, met uitzondering van het seizoen 1927/1928. Het ledental van DSC bleef echter dalen, zeker na de beurscrach in 1929. Was het ledental in 1925 nog 36, in 1932 was het gehalveerd en in 1933 waren het er nog 9. Het lidmaatschap van de Nederlandse Schaakbond werd opgezegd en voor het voortbestaan van de vereniging werd gevreesd. Het is te danken aan Jhr. H. Strick van Linschoten dat de club niet verdwenen is. Als schaakmeesters op tournee waren in Nederland logeerden ze vaak bij Strick van Linschoten. DSC profiteerde hiervan: een aantal grootheden heeft een simultaan gegeven: Spielmann, Fine, Szabó, Aljechin en de dameskampioene Sonja Graf. Door al deze activiteiten, die veel publiciteit opleverden, kwamen nieuwe leden naar de club. Vanaf dat moment kent DSC een lange periode van groei, alleen onderbroken door de bezetting. Het seizoen 1934/1935 begon met een simultaan door de Hongaarse Andor Lilienthal. Een jaar later werd DSC weer lid van de Nederlandse Schaakbond en kwam met een tiental uit in de tweede klasse. DSC nam vervolgens het initiatief om één van de partijen tussen Aljechin en Euwe in Delft te laten spelen onder auspiciën van DSC, in combinatie met een causerie door oud-wereldkampioen Dr. Lasker over de kansen van Euwe tegen Aljechin. Na afloop van de WK-match werd Euwe in Delft gehuldigd. In 1937 werd ook een partij van de revanchematch in Delft gespeeld. Aljechin zette Euwe op een haast onoverbrugbare 9-13 achterstand.

[bewerken] 1940-1945: de bezetting

In het voorjaar van 1943 bleek dat ook de schaakwereld te maken kreeg met de bezetter. De Algemeene Nederlandse Schaakbond, zoals de bond in de bezettingsjaren werd genoemd, had ingestemd met de verwijdering van Joodse leden. Onder hen de secretaris, wiens functie al in 1940 werd overgenomen door een NSB'er. In de buitengewone ledenvergadering van DSC op 7 april 1943 delen 4 bestuursleden mede op te stappen. De vier bestuursleden zijn niet de enigen die hun lidmaatschap opzeggen. Na de buitengewone ledenvergadering worden de clubavonden noodgedwongen gestaakt. In september 1943 werd een ledenvergadering gehouden. In de zomermaanden heeft Reichskommissar Seyss-Inquart ingegrepen. Hij wilde geen onrust in organisaties die geen gevaar waren voor de bezetter, en had de gevolmachtigde teruggetrokken. Max Euwe werd benoemd tot voorzitter van de landelijke schaakbond. Het gevolg was dat al de leden die hadden bedankt zich weer aanmeldden. Aan het einde van de bezetting werd in het jaarverslag teruggeblikt. Het verslag begint met de verzuchting dat de bevrijding eindelijk een feit is. Ook DSC heeft geleden onder de bezetting. Diverse leden zijn naar Duitsland afgevoerd in krijgsgevangenschap of tewerkstelling. Geen van hen is daar omgekomen. Een viertal andere leden van DSC heeft deze periode niet overleefd. Eén van hen was de heer A.M. Teitel, één van de sterkste spelers van de club. Hij is omgekomen in een concentratiekamp. De andere leden waren de heren E.H. Birnbaum, A.J. Knoop en J. Nieuwkamp.

[bewerken] 1945-1960: de wederopbouw

Direct na de bezetting was er een enorme groei van het aantal leden. In een clubblad uit 1953 staat het volgende:

Wij passeren de honderd leden. Sinds de propaganda-avond van september is er een voortdurende toeloop van nieuwe leden gekomen, waardoor ons ledental snel de negentig passeerde en op de honderd afstevende. In 1947 bereikten we al een ledental van negenennegentig, honderd was toen een illusie; 1953 zou ons over de streep trekken. En ons honderdste lid is... een dame. Het getuigt wel van durf om binnen een kring van negenennegentig onbekende mannen een partij schaak te willen spelen en mejuffrouw A. Broerse toonde zo'n durf.

Na het jubileumjaar 1955 daalde het ledental. In 1959 werd een naoorlogs dieptepunt bereikt met 64 leden. In de jaren 1945-1955 staken twee spelers met kop en schouders boven de rest uit: de heren Rijnsburger en Verhoeff. Jarenlang streden zij om het clubkampioenschap. De eerste jaren was de heer Rijnsburger ongenaakbaar. In 1955 verliet hij echter de club; hij emigreerde naar Zuid-Afrika. Daarmee verliet één van de sterkste schakers die DSC in haar historie heeft gekend de club. Na het vertrek van de heer Rijnsburger neemt de heer Verhoeff de voortrekkersrol over. Aan het einde van de jaren '50 ontstond de jeugdafdeling van DSC. Het begon met een groepje jongens dat bij DSC informeerde of zij schaakles konden krijgen. Dit werd aangegrepen om een volwaardige jeugdafdeling op te zetten. Eén van de eerste successen was de heer J. Berendse. Hij werd in 1959 op zeventienjarige leeftijd persoonlijk kampioen van de regio Den Haag in de promotieklasse. DSC was na de bezetting één van de sterkste teams in de Haagse Schaakbond. Pas in 1950 werd voor het eerst de stap naar het landelijk niveau van de KNSB gezet. In 1952 wist DSC zelfs te promoveren naar de eerste klasse.

[bewerken] 1960-1985: een bloeiende vereniging

De jaren zestig begonnen met de promotie van het eerste team naar de tweede klasse KNSB. Het was enkele jaren daarvoor gedegradeerd, maar DSC was in de jaren die volgen een sterke club die zich kon meten met de subtop van Nederland. Deze periode wordt door DSC als één van de bloeiperioden van beschouwd. In 1962 werd Ton Timman derde bij het persoonlijke jeugdkampioenschap van de HSB. De belangrijkste simultaansceance van dat jaar was die van Max Euwe, en de gebroeders Ton en Jan Timman boekten een winst en een remise tegen de voormalig wereldkampioen. Een jaar later won Jan Timman het persoonlijk jeugdkampioenschap van de HSB en plaatste zich daarmee voor het NK. Daar werd hij vierde. In het seizoen 1965/1966 werd het eerste team kampioen en promoveerde na een afwezigheid van acht jaar weer naar de eerste klasse KNSB. Jan Timman wist op het door DSC georganiseerde jeugdkampioenschap van Nederland beslag te leggen op de eerste plek. Het volgende seizoen eindigde het eerste team op een derde plek in de competitie. Jan Timman groeide alleen maar door. Hij werd wederom Nederlands kampioen, en bereikte in de finaleronde van het jeugdwereldkampioenschap schaken een derde plaats. In 1970 werd het 75-jarig bestaan van de club gevierd. Aan het einde van de jaren '70 kwam de bloeiperiode tot een einde en daalde het ledental weer. In 1983 waren er nog slechts 71 leden over.

[bewerken] 1985-1999: nieuw succes

In 1985 begon een nieuwe fase in de geschiedenis van DSC. Het eerste team werd kampioen van de promotieklasse van de HSB. In 1986 werd het 90-jarig jubileum van de club gevierd met onder meer een causerie van oud-lid Jan Timman en een aparte kloksimultaan van dezelfde speler. De euforie bereikte nog grotere hoogten in 1987 toen het eerste team wederom promoveerde, nu naar de eerste klasse van de KNSB. Het verblijf in de eerste klasse zou maar een jaar duren, maar aangezien in dat seizoen het tweede team promoveerde heeft DSC in 1989 voor het eerst in haar bestaan twee teams die landelijk spelen. In 1988 was er wederom succes voor de jeugdafdeling. Lucien van Beek, op dat moment 9 jaar, werd Nederlands kampioen in zijn leeftijdsklasse. In het begin van de jaren '90 verliet een aantal sterke spelers DSC. Het eerste team speelde daardoor niet meer om het kampioenschap in de tweede klasse. In de jaren 1993-1996 waren er successen voor jeugdspelers van DSC. Marten Wortel werd 3 maal achtereen Open Nederlands kampioen tot en met 14 jaar, Lucien van Beek werd Nederlands kampioen tot en met 14 jaar en tot en met 16 jaar, en Meike Wortel werd Nederlands kampioene in de categorie tot en met 14 jaar. In 1997 promoveerde DSC 1 weer naar de eerste klasse, waar het zich de daaropvolgende jaren handhaafde. Ook het tweede team keerde terug in de landelijke KNSB-competitie.

[bewerken] 1999-heden

Een nieuwe, ruimere speellocatie zorgde voor nieuwe mogelijkheden en initiatieven. De Grand Prix Rapid-cyclus is één van de activiteiten die een vaste plek hebben verworven. Deze open rapid-toernooien trekken ook belangstelling van buiten de vereniging. Daarnaast is er een snelschaaktoernooi en een kroegenschaaktoernooi op poten gezet en is er het landelijk bekende Meisjeskampioenschap. In de zomermaanden wordt een zomercompetitie gehouden. Het eerste team van DSC speelt landelijk in de eerste klasse KNSB. In het seizoen 2001-2002 werd er met degradatie afgesloten, maar het volgende seizoen werd DSC overtuigend kampioen en keerde direct weer terug in de eerste klasse. Voor DSC 2 geldt dat ze al jaren meespelen in de top van de derde klasse KNSB. In de regionale competitie is DSC op alle niveaus vertegenwoordigd. De jeugdafdeling van DSC is in deze jaren behoorlijk gegroeid en kent grote successen. Joram op den Kelder werd in 2003 open Nederlands kampioen in de B-categorie, en Jan-Pieter de Vries werd net geen Nederlands kampioen tot en met 12; hij verloor de barragewedstrijd. Joost Michielsen werd in 2005 Nederlands Kampioen tot en met 20. In 2006 werd hij opgevolgd door een nieuw Nederlands Kampioen tot en met 20 uit DSC-gelederen: Chiel van Oosterom.

[bewerken] Weekendtoernooi

Sinds 2008 organiseert DSC het OGD Prinsenstad Toernooi.

[bewerken] Clubkampioenen

1895 - 1905 onbekend
1906 · Nederland A. van Kranendonk sr.
1907 · onbekend
1908 · Nederland K. Süssholz
1909 · Nederland K. Süssholz
1910 · Nederland G. Schouten
1911 · Nederland Van Westrenen
1912 - 1917 onbekend
1918 · Nederland A.J. Koers
1919 - 1925 onbekend
1926 · Nederland Verstoep
1927 · Nederland G.R. Kampschuur
1928 · Nederland J.H. van der Meulen
1929 · Nederland G.R. Kampschuur
1930 · Nederland A. Goud
1931 · Nederland A. Goud
1932 · Nederland J.F. Kaan
1933 - 1935 onbekend
1936 · Nederland P.W. Meylink
1937 · Nederland Jhr. H. Strick van Linschoten
1938 · Nederland A.M. Teitel
1939 · Nederland Jhr. H. Strick van Linschoten, Nederland J.B. Schijf, Nederland P.W. Meylink
1940 · Nederland Jhr. H. Strick van Linschoten
1941 · niet gespeeld
1942 · Nederland J.B. Schijf
1943 · Nederland afgebroken
1944 · Nederland H. Mondria
1945 · niet gespeeld
1946 · Nederland P. Buyen van Wielderen
1947 · Nederland J.G. Rhijnsburger
1948 · Nederland J.G. Rhijnsburger
1949 · Nederland J.G. Rhijnsburger

1950 · Nederland J.G. Rhijnsburger
1951 · Nederland J.G. Rhijnsburger, Nederland Alfred Verhoeff
1952 · Nederland Alfred Verhoeff
1953 · Nederland Alfred Verhoeff
1954 · Nederland Alfred Verhoeff
1955 · Nederland Alfred Verhoeff
1956 · Nederland Boudewijn Boogaard
1957 · Nederland Alfred Verhoeff
1958 · Nederland C. van der Gaag
1959 · Nederland Boudewijn Boogaard
1960 · Nederland Soerjadi
1961 · Nederland J. Berendse
1962 · Nederland Boudewijn Boogaard
1963 · Nederland Boudewijn Boogaard
1964 · Nederland Boudewijn Boogaard
1965 · Nederland Boudewijn Boogaard
1966 · Nederland Boudewijn Boogaard
1967 · Nederland Jan Timman
1968 · Nederland J. Berendse
1969 · Nederland Hora Vlam
1970 · Nederland Hora Vlam
1971 · Nederland G. Visser
1972 · Nederland Hora Vlam
1973 · Nederland Arend Bosma
1974 · Nederland Hora Vlam
1975 · Nederland Hora Vlam
1976 · Nederland Boudewijn Boogaard
1977 · Nederland Arend Bosma
1978 · Nederland Hora Vlam
1979 · Nederland Hora Vlam
1980 · Nederland E. Gerritsen
1981 · Nederland H. van den Bos

1982 · Nederland Arend Bosma, Nederland Boudewijn Boogaard
1983 · Nederland N. Kruyt
1984 · Nederland H. Stam
1985 · Nederland N. Kruyt
1986 · Nederland Auke Punter
1987 · Nederland Walter Anema
1988 · Nederland Auke Punter, Nederland F. Tolman
1989 · Nederland Kees van der Meer
1990 · Nederland Arend Bosma
1991 · Nederland Auke Punter
1992 · Nederland Ted Barendse
1993 · Nederland W. Kortis
1994 · Nederland Kees van der Meer
1995 · Nederland J.C. Koster
1996 · Nederland E. Clement
1997 · Nederland Ted Barendse
1998 · Nederland Walter Anema
1999 · Nederland Marten Wortel
2000 · Nederland Michiel van Wissen
2001 · Nederland Michiel van Wissen
2002 · Nederland Gert Legemaat
2003 · Nederland Gert Legemaat
2004 · Nederland Michiel van Wissen
2005 · Nederland Gert Legemaat
2006 · Nederland Kees van der Meer
2007 · Nederland Joram op den Kelder
2008 · Nederland Gert Legemaat
2009 · Nederland Jan-Peter van Zandwijk
2010 · Roemenië Ciprian Padurariu
2011 · Nederland Gert Legemaat

[bewerken] Meervoudige kampioenen

Overwinningen Schakder Land Jaren
9 Boudewijn Boogaard Nederland 1956 + 1959 + 1962 - 1966 + 1976 + 1982
7 Hora Vlam Nederland 1969 + 1972 + 1973 + 1974 + 1978 + 1979
6 Alfred Verhoeff Nederland 1951 - 1955 + 1957
5 J.G. Rhijnsburger Nederland 1947 - 1951
Gert Legemaat Nederland 2002 + 2003 + 2005 + 2008 + 2011
4 Arend Bosma Nederland 1973 + 1977 + 1982 + 1990
3 Jhr. H. Strick van Linschoten Nederland 1937 + 1939 + 1940
Kees van der Meer Nederland 1989 + 1994 + 2006
Michiel van Wissen Nederland 2000 + 2001 + 2004
2 G.R. Kampschuur Nederland 1927 + 1929
A. Goud Nederland 1930 + 1931
P.W. Meylink Nederland 1936 + 1939
J.B. Schijf Nederland 1939 + 1942
J. Berendse Nederland 1961 + 1968
N. Kruyt Nederland 1983 + 1985
Walter Anema Nederland 1987 + 1998
Ted Barendse Nederland 1992 + 1997

[bewerken] Ereleden

  • Alfred Verhoeff (overleden 2010)
  • Boudewijn Boogaard
  • Paul Platzek (overleden 2007)

[bewerken] Bekende (ex-)leden

[bewerken] Zie ook

[bewerken] Externe link

Website van de Delftsche Schaakclub

Persoonlijke instellingen
Naamruimten
Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Hulpmiddelen
Afdrukken/exporteren