Hélder Câmara

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Hélder Câmara (1974)

Dom Hélder Pessoa Câmara (Fortaleza, 7 februari 1909Recife, 27 augustus 1999) was een Braziliaanse katholieke bisschop. Zijn vader vond 'Den Helder' een mooie naam in de atlas, vandaar de on-Portugese voornaam Hélder.
Hélder Câmara verkreeg in de jaren zestig de bijnaam de 'rode bisschop'.

Câmara werd in 1931 tot priester gewijd. In 1952 werd hij hulpbisschop van Rio de Janeiro. Als wapenspreuk koos hij: In manibus tuis, (In uw handen). In 1964 werd hij benoemd tot aartsbisschop van Olinda en Recife. Câmara werd in de jaren '60 en '70 bekend als tegenstander van de militaire dictaturen in Brazilië. Hij keerde zich ook tegen de onsociale politiek van de regeringen. Kort na zijn benoeming tot aartsbisschop organiseerde hij de eerste Latijns-Amerikaanse bisschoppenconferentie (CELAM). Deze conferentie mag een doorbraak worden genoemd. De Latijns-Amerikaanse bisschoppen besloten hun beleid radicaal te wijzigen en begonnen zich, krachtig gesteund door Câmara, op te werpen voor de armen en verdrukten in Zuid-Amerika. Hij werd een bekend bevrijdingstheoloog en ruilde om te beginnen het bisschoppelijk paleis in voor een simpele flat.

In zijn streven de Kerk in Latijns-Amerika los te weken uit de behoudende machtsstructuren heeft hij ernstige tegenwerking ondervonden van de Braziliaanse overheid (in 1973 werd een aantal van Câmara's medewerkers, onder wie zijn hulpbisschop, gearresteerd). Maar ook van het Vaticaan ontving hij niet de steun die hij nodig had. Desondanks zette hij zijn werk voort. Hij heeft buiten Brazilië, met name in Europa, talrijke voordrachten gehouden. In Nederland werd in 1977 zijn 25-jarig bisschopsjubileum gevierd. Hij ontving eredoctoraten in Leuven (1970), Chicago (1974), Vrije Universiteit van Amsterdam - als eerste rooms-katholiek, bisschop zelfs - (1975), Uppsala (1977), Florence (1979) en São Paulo (1983).

Hélder Câmara werd meerdere malen voorgedragen voor de Nobelprijs voor de Vrede. In 1974 ontving hij de Volksvredesprijs te Oslo en Frankfurt.

In de jaren tachtig werden sommige versies van de bevrijdingstheologie door het Vaticaan genuanceerd bekritiseerd (met name in twee instructies van de Congregatie voor de Geloofsleer uit 1984 en 1986). Veel werken van bevrijdingstheologen, ook van ooit veroordeelden zoals Leonardo Boff, worden echter ook door (met name orthodoxe) theologen gewaardeerd. In 1985 werd Hélder Câmara als aartsbisschop opgevolgd door José Cardoso Sobrinho, die weer in het bisschoppelijk paleis ging wonen en de invloed van de bevrijdingstheologie tegenging.

Câmara had een grote kennis van het marxisme, maar kan onmogelijk als een marxist of zelfs een bevrijdingstheoloog worden gesitueerd (overigens had hij wel een sympathie voor de bevrijdingstheologie). Men kan hem veeleer zien als een herder die zich ten doel stelde de armen en verdrukten te helpen. Hij noemde dit de "Beweging voor de geweldloze revolutie." Câmara deed dit echter op een manier die de 'status quo' en het conservatisme van de gebruikelijke 'naastenliefde' probeerde te vermijden. Hiervan getuigen zijn vaak geciteerde woorden: "Als ik de armen brood geef, dan noemen ze me een heilige. Als ik vraag waarom de armen geen eten hebben, dan noemen ze me een communist."

Werk[bewerken]

  • Revoluçâo dentro da paz (1968; Ned. vert.: Revolutie in vredesnaam, 1969)
  • Een spiraal van geweld bedreigt de mensheid (1970)
  • Zullen we nog op tijd komen? (1970)
  • Opvoeding tot vrijheid (1972)
  • Duizend redenen om te leven (1982) (Mille raisons pour vivre, 1980)