Juan van Oostenrijk

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Don Juan. Kunstenaar onbekend.

Don Juan (of Jan) van Oostenrijk (Regensburg, 24 februari 1547Bouge bij Namen, 1 oktober 1578) was een Spaans legerleider en landvoogd van de Nederlanden aan het begin van de Tachtigjarige Oorlog.

Don Juan was een onwettige en in het geheim geboren zoon van keizer Karel V en Barbara Blomberg. Hij werd op 3-jarige leeftijd bij zijn moeder weggehaald en kreeg zijn opvoeding aan het hof van zijn halfbroer, koning Filips II van Spanje.

Als 24-jarige legeraanvoerder maakte Don Juan grote indruk door aan het hoofd van een internationale Heilige Liga het Ottomaanse Rijk te verslaan aan de Griekse westkust in de Slag bij Lepanto in 1571, aan boord van zijn vlaggenschip Real. De acute dreiging van een invasie van het in die tijd expansieve Ottomaanse Rijk was hiermee geweken.

Landvoogd van de Nederlanden[bewerken]

Blijde Intrede van Don Juan in Brussel op 1 mei 1577. Prent uit 'de Nassausche Oorloghen' van W. Baudartius.

Filips II stuurde Don Juan in 1576 als landvoogd naar de Nederlanden om de overleden Luis de Requesens te vervangen. Dit was bepaald geen aantrekkelijke promotie; zijn twee recentste voorgangers, Alva en Requesens, hadden gefaald in het onderdrukken van de Opstand. Juan had de ambitie om Filips' kroonprins te worden en Filips wilde Juan op zijn nummer zetten door hem een moeilijke missie te geven: zonder voldoende militaire middelen orde en gezag herstellen zonder op religieus gebied concessies te doen. Juan werd naar deze post gelokt met het vooruitzicht dat hij de katholieke Schotse koningin Maria Stuart mocht gaan helpen de troon van protestantse koningin Elizabeth I van Engeland over te nemen. Hij kwam op 3 november aan, na als Moor vermomd door Frankrijk te hebben gereisd, terwijl daar de Hugenotenoorlogen woedden. Hij kwam net te laat om de wegens achterstallige soldij muitende Spaanse troepen tot rust te manen. De muiters vielen op 4 november 1576 Antwerpen binnen en plunderden de stad in wat de Spaanse Furie zou gaan heten. Juan wist dus meteen hoe gering de middelen waren waarmee hij zijn opdracht moest vervullen. Willem van Oranje wist direct munt te slaan uit de toen algemeen anti-Spaanse stemming in noord en zuid, bij protestanten en katholieken, hetgeen leidde tot de Pacificatie van Gent op 8 november, waarin voor het eerst eenheid van alle 17 gewesten van de Nederlanden werd bereikt op basis van een aanzienlijke mate van religieuze tolerantie.

Kort na zijn aankomst als landvoogd in de Nederlanden kreeg Juan ook met zijn moeder te maken, die hij sinds zijn derde jaar niet meer gezien had. Ze was getrouwd geweest, weduwe geworden met twee zonen en woonde in Gent, voorzien van een pensioen van het hof in Brussel. Ze raakte door haar gedrag in opspraak. Een van haar zonen verdronk en de andere diende in het koninklijke leger. Soms stelde zij zich afwijzend op tegenover Juan. Hij kon haar overreden af te reizen naar Spanje, waar zij zich uiteindelijk vestigde op het landgoed Escobedo. Daar overleed zij in 1597.

Don Juan sloot op 7 januari 1577 de Unie van Brussel: hij erkende de Pacificatie van Gent, en de opstandige gewesten erkenden hem als landvoogd en Filips II als koning en zouden zich sterk maken voor het behoud van het katholieke geloof. De Unie van Brussel werd zowel door de gewesten Holland en Zeeland als door Filips II onder protest getekend. Het zou dan ook geen haalbare Unie blijken te zijn.

Enkele maanden later ging het al mis: Don Juan veroverde met geweld de stad Namen (24 juli) en viel Antwerpen aan. Op 31 januari 1578 behaalde hij een grote overwinning op de Staatse troepen in de Slag bij Gembloers, maar financieel konden de Spanjaarden zich eigenlijk niets meer veroorloven. Op 2 augustus 1578 leed hij tijdens de Slag bij Rijmenam ten noorden van Brussel een nederlaag tegen de troepen van het nog opstandige deel van de Nederlandse gewesten. Het was Juan nu wel duidelijk dat avonturen in Engeland en Schotland voorlopig niet haalbaar waren. De gewesten gingen zelf op zoek naar een nieuwe landvoogd: Matthias van Oostenrijk, een neef van Filips II, werd gevraagd. Filips II wees dit natuurlijk af.

Overlijden[bewerken]

In oktober 1578 overleed Don Juan op 31-jarige leeftijd aan tyfus in zijn legerkamp in Bouge. Als landvoogd en legerleider werd hij opgevolgd door Alexander Farnese, de latere hertog van Parma en zoon van de eerdere landvoogdes Margaretha van Parma.

Voorganger:
Luis de Zúñiga y Requesens
Landvoogd van de Nederlanden
1576-1578
Opvolger:
Alexander Farnese, hertog van Parma
(aangesteld door de Heer der Nederlanden)
Matthias van Oostenrijk
(aangesteld door de Staten-Generaal)