Kevlar

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Structuurformule van Kevlar (para-aramide). De puntjes (....) geven de zwakke waterstofbruggen tussen de ketens onderling aan.

Kevlar is de door DuPont gebruikte handelsnaam voor een aramidevezel. Een aramide is een aromatisch polyamide (nylon) dat wordt bereid via polycondensatie van een aromatisch dicarbonzuur met een aromatisch diamine. In het geval van kevlar gebeurt dit met tereftaalzuur en 1,4-fenyldiamine. Kevlar heeft uitzonderlijk goede mechanische eigenschappen, zoals een treksterkte die hoger ligt dan staal (relatieve treksterkte). Deze mechanische sterkte is onder meer afkomstig van de waterstofbruggen die gevormd worden tussen de moleculen. De sterische bouw van de polymeerketens maakt het onder andere mogelijk dat er in grote hoeveelheden waterstofbruggen gevormd kunnen worden. Het enorm sterke materiaal wordt onder meer toegepast bij kogelwerende vesten.

De namen Kevlar (para-aramide) en Nomex (meta-aramide) zijn geregistreerd door DuPont. Nomex wordt sinds 1967 op industriële schaal geproduceerd, Kevlar sinds 1972. Twaron is de merknaam van de aramidevezel die oorspronkelijk door AkzoNobel werd ontwikkeld en sinds 1985 door het voormalige bedrijfsonderdeel Teijin Twaron in Emmen gemaakt wordt.

Tussen Akzo Nobel en Dupont hebben jarenlang rechtszaken gespeeld, omdat beide bedrijven octrooien bezaten voor de productie van aramidevezels. Uiteindelijk werd begin jaren 90 een schikking getroffen.

Kevlar werd in 1965 uitgevonden door de Pools-Amerikaanse scheikundige Stephanie Kwolek (1923-2014).

Zie ook[bewerken]