Asbest

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Zie het artikel Voor de Russische stad zie: Asbest (stad)
Asbest
Asbestos1USGOV.jpg
Mineraal
Chemische formule Mg3Si2O5(OH)4
Kleur Wit, blauw, groen, grijs, geel
en bruin
Streepkleur Wit
Hardheid 2,5
Gemiddelde dichtheid 2,53 kg/dm³
Opaciteit Doorschijnend
Kristaloptiek
Kristalstelsel Monoklien en prismatisch
Lijst van mineralen
Portaal  Portaalicoon   Aardwetenschappen

Asbest is een verzamelnaam voor een aantal in de natuur voorkomende mineralen (silicaten), die zijn opgebouwd uit fijne, microscopisch kleine vezels. Deze kunnen zo fijn zijn dat zij niet met het blote oog waar te nemen zijn.

Asbest is een natuurlijk product. Het is een delfstof die wordt gewonnen in onder andere Zuid-Amerika, Rusland en Canada. Er bestaan verschillende soorten asbestmineralen. Asbestvezels zijn onder te verdelen in twee hoofdgroepen:

Alleen aan de kleur van het ruwe asbest kan men zien tot welke soort het asbest behoort. Wanneer het materiaal verwerkt is, kan dat niet meer. Alleen laboratoriumanalyse kan dan nog uitsluitsel geven. De Russische stad Asbest is evenals de Canadese stad Asbestos (in de provincie Québec) vernoemd naar dit natuurlijke product c.q. de verzamelnaam voor deze mineralen.

Gebruik van asbest[bewerken]

Asbest wordt al sinds de oudheid gebruikt: in het Rome van de oudheid gebruikten de Vestaalse maagden het voor hun lampenpitten voor eeuwig brandende lonten. De Romeinse schrijver Plinius spreekt ook van een onbrandbare stof die gebruikt werd als lijkwaden voor koningen. Hierdoor werd de as van het vuur niet gemengd met de as van de edele. Arabische troepen zouden asbest in de strijdkledij verwerkt hebben zodat ze bij een bestorming brandbommen konden gebruiken en toch zelf aanvallen. Karel de Grote had een tafelkleed van asbest dat hij tot verbijstering van zijn gasten in het vuur wierp na de maaltijd. In de Eerste Wereldoorlog zijn de vezels toegepast als filtermateriaal in gasmaskers.

Vanaf 1945 is asbest tot in de jaren tachtig veelvuldig gebruikt in gebouwen en woningen, vanwege bepaalde nuttige eigenschappen: het is sterk, slijtvast, isolerend en bovendien goedkoop. Het werd bijvoorbeeld gebruikt in:

  • asbestcement: onder meer gebruikt in dakbedekking als golfplaten en dakleien, rioolbuizen, schoorsteenpijpen, bloembakken, warmhoudplaatjes, enzovoort. In deze toepassing zijn de vezels stevig gebonden en komen ze niet vrij zolang het materiaal in goede staat en onbeschadigd is. Het bewerken ervan wordt afgeraden;
  • spuitasbest: is tot 1978 veel toegepast als brandwerend en isolerend middel in schepen en gebouwen. Het is zeer kwetsbaar en bij beschadiging en onoordeelkundige verwijdering leidt het tot grote asbestvezelverspreiding;
  • remmen: in oude auto's, vrachtwagens en liften kan nog asbest worden gevonden, inmiddels is het vervangen door aramide zoals Twaronvezels;
  • asbestkoord: als afdichting voor kachels en stookketels;
  • vloerbedekking: onder vinylvloeren werd vroeger (tot ongeveer 1980) soms een asbestviltlaag aangebracht.
  • verharding van buitenwegen: door asbestcementfabrieken gratis afgestaan afval werd in de verre omtrek ervan gebruikt voor onder meer erfverharding.
  • elektrische isolatie: de elektrische bedrading van Monotype-gietmachines werd met asbest geïsoleerd.

Asbestvezels komen in de buitenlucht voor in concentraties van 20 tot 40 vezels per m³. De voornaamste bronnen van asbestvervuiling in de buitenlucht zijn asbestcementproducten en incidenten zoals brand en sloop in gebouwen die asbest bevatten. In de jaren 80 lagen de concentraties veel hoger, van 100 tot 1000 vezels per m³ met uitschieters tot tienduizenden vezels per m³ in de buurt van asbestbronnen. Het verkeer vormde toen de voornaamste vervuiler.[1]

Effecten van asbest op de gezondheid[bewerken]

Longen met asbestose
Asbest

Zolang asbest in gebonden toestand verkeert, is er geen gevaar voor de gezondheid. Als losse asbestvezels worden ingeademd lopen zij vast in de kleine luchtwegen en longblaasjes. Daar worden de kleine vezels opgenomen door macrofagen (opruimcellen). Vezels die hiervoor te groot zijn, kunnen gaan migreren (wandelen) in de weefsels. Ook kunnen zij zich via de lymfebanen verspreiden en zo terechtkomen op plaatsen ver verwijderd van de kleine luchtwegen. Opgehoeste losse vezels en macrofagen kunnen worden ingeslikt en verlaten het lichaam via het darmstelsel.

Asbestziekten[bewerken]

Als gevolg van blootstelling aan asbest, kunnen verschillende asbestziekten ontstaan:

De meeste ziekten openbaren zich pas tientallen jaren nadat de blootstelling aan asbest heeft plaatsgevonden en zijn niet of nauwelijks te genezen. In Nederland sterven volgens de Gezondheidsraad jaarlijks naar schatting zo'n 1600 mensen aan asbestziekten.[2]

Blootstelling[bewerken]

De kans op het krijgen van asbestziekten is afhankelijk van de totale hoeveelheid ingeademde asbestvezels. De zogeheten cumulatieve blootstelling, met als eenheid vezeljaar, is het product van de blootstellingsconcentratie (uitgedrukt in vezels per kubieke centimeter) en de blootstellingsduur (in arbeidsjaar). Eén vezeljaar is dus 1 vezel per ml x 1 arbeidsjaar. Eén arbeidsjaar bestaat uit 240 werkdagen van 8 uur. Naarmate het aantal vezeljaren toeneemt, neemt ook de kans op asbestziekten toe.

Voor het blootstellingsniveau van asbest, waaronder er geen verhoogd risico op kanker of mesothelioom zou voorkomen, is er geen veilige grens. Voor het krijgen van asbestose moet er minimaal 5 vezeljaar blootstelling aan asbest zijn geweest. Het relatieve risico op longkanker na blootstelling aan asbest is 3,5 [3].

Kanker[bewerken]

Aanvankelijk werd gedacht dat het vooral de chemische samenstelling van asbest was die verantwoordelijk is voor de kankervorming. Dit leidde tot de veronderstelling dat blauwe asbest de boosdoener was en dat witte en bruine asbest door hun andere chemische samenstelling minder gevaarlijk zouden zijn. Deze opvatting is terug te vinden in de wetgevingen op dit gebied in een aantal landen: gebruik van blauw asbest is verboden, gebruik van de andere soorten aan strenge regels gebonden. Tegenwoordig gaat men ervan uit dat de 'vezelgeometrie' (lengte-diameterverhouding) van de asbestvezels bepalend is voor het kankerverwekkend vermogen. Asbest is dan ook niet kankerverwekkend in de biochemische zin; kankerbevorderend is een betere omschrijving.

Waarschuwingen[bewerken]

In Groot-Brittannië werd asbestose in 1931 erkend als beroepsziekte. Ook in Nederland waarschuwde de arbeidsinspectie in de jaren '30 al voor de gezondheidsgevaren van asbest.

In de jaren zestig van de 20e eeuw deed de Nederlandse bedrijfsarts J. Stumphius onderzoek naar de effecten van het gebruik van asbest als isolatiemateriaal bij scheepswerf De Schelde. Hij toonde aan dat werken met asbest kan leiden tot mesothelioom, een zeldzame, maar dodelijke vorm van kanker van het long- of buikvlies. Hij promoveerde in 1969 op dit onderzoek, dat werd gepubliceerd onder de titel Asbest in een bedrijfsbevolking. In dit boek waarschuwde hij voor de enorme gevaren en riep hij de Nederlandse overheid op maatregelen te nemen.

De asbestadvocaat en SP-politicus Bob Ruers is in maart 2012 gepromoveerd op het proefschrift Macht en tegenmacht in de Nederlandse asbestregulering. Hierin beschrijft hij waarom het zolang heeft geduurd voordat de overheid actie heeft ondernomen tegen asbest.[4]

In 1978 werd spuitasbest, dat veel gebruikt werd ter isolatie in schepen en gebouwen, verboden. Vanaf 1984 werd asbest niet meer gebruikt in vinylzeil. Pas 15 jaar na bekend worden van de resultaten van het onderzoek, in 1993, werd de toepassing en verkoop van asbest in andere vormen niet langer toegestaan en gebruik in de bouw definitief verboden. Er is echter nog veel asbest in gebouwen aanwezig: naar schatting enkele miljoenen kilo's. Bij beschadiging van een gebouw (bij verbouwing, sloop of brand bijvoorbeeld) vormt dit asbest een groot gezondheidsrisico voor iedereen die zich in en rond het gebouw bevindt.

In 1998 werd (her)gebruik van asbest door particulieren definitief verboden, maar nog veel oudere constructies bevatten dit materiaal. De brandweer in Nederland heeft aangepaste procedures voor calamiteiten waar mogelijk asbest bij vrijkomt.

Juridische aspecten[bewerken]

Amosietvezels, ingebed in een kleurvloeistof en bekeken onder een microscoop. De microscoop is voorzien van een polarisatielens. Amosietvezels kleuren altijd van paarsblauw naar goudgeel bij het veranderen van de polarisatierichting.

Asbestwetgeving in België[bewerken]

Het Koninklijk Besluit van 28 augustus 1986 bepaalt dat 'indien de technische mogelijkheid bestaat, moet asbest vervangen worden door vervangingsproducten die minder schadelijk zijn voor de gezondheid van de werknemers'.

Met het Ministerieel Besluit van 22 december 1993 werd voor bedrijven de verplichting ingevoerd om een asbestinventaris op te stellen, waarin onder meer vermeld wordt welke asbestproducten zich in het bedrijf bevinden, in welke staat ze zich verbinden en welke maatregelen er genomen zullen worden om blootstelling van werknemers te voorkomen.

Het Koninklijk Besluit van 23 oktober 2001 verbood de vervaardiging, het gebruik en het op de markt brengen van asbestbevattende producten.

Op 16 maart 2006 verscheen het Koninklijk Besluit 'betreffende de bescherming van de werknemers tegen de risico's van blootstelling aan asbest'. Het KB is een omzetting van de Europese richtlijnen ter zake in het Belgisch recht.

Werknemers die ziek zijn geworden door blootstelling aan asbest (mesothelioom of asbestose) hebben recht op een schadevergoeding, die uitbetaald wordt door het Asbestfonds, dat deel uitmaakt van het Fonds voor de beroepsziekten.[5]

Met betrekking tot de massale en wijdverspreide milieuverontreiniging door asbest in België is vooral de Eternit-fabriek te Kapelle-op-den-Bos in de actualiteit getreden.[6]

De Vlaamse overheid heeft in de Vlaamse milieuwetgeving het beleid omtrent asbest verwerkt in de afvalstoffenwetgeving en probeert door middel van sensibiliseringscampagnes de burger te informeren omtrent het gevaar van asbest. Andere maatregelen die zijn uitgewerkt in het actieplan asbestbeheersing zijn onder meer opleidingen voor professionelen en diverse specifieke beleidsmaatregelen zoals administratieve uitwerking.[7]

Asbestwetgeving in Nederland[bewerken]

De kern van de Nederlandse asbestregelgeving is het verbod op het bewerken, verwerken of in voorraad houden van asbest of asbesthoudende producten. Zie hiervoor een uitwerking in het Bouwbesluit 2012 artikel 7.19.

In 2005 invoering van het Asbestverwijderingsbesluit. In 2010 adviseert de Gezondheidsraad de asbestnormen aan te scherpen en in 2011 verscherpt de overheid diverse wetten en regels voor de asbestverwijdering.

In arbeidssituaties geldt het Arbobesluit, ook wanneer niet direct met asbest gewerkt wordt, bijvoorbeeld wanneer blootstelling plaatsvindt doordat men werkt in een bedrijfsruimte of gebouw waar asbest is aangebracht als brandwerend middel.

Komt een werknemer in een arbeidssituatie in aanraking met asbest en wordt hij daardoor ziek, dan kan hij de geleden schade vorderen van zijn (oud-)werkgever. Dit is op grond van het algemene (in het Burgerlijk Wetboek neergelegde) beginsel dat de werkgever schade die een werknemer lijdt in de uitoefening van zijn beroep, dient te vergoeden.

Aansprakelijkheid[bewerken]

Bij het optreden van een beroepsziekte treden vaak juridische kwesties op: wie is er aansprakelijk voor de ziektekosten, maar ook voor immateriële schade.

Wanneer de beroepsziekte is veroorzaakt door het blootstellen aan een gevaarlijke stof, dan is in Nederland de werkgever aansprakelijk als bedrijfs- of beroepsmatige gebruiker van die stof op grond van artikel 175 van boek 6 van het Burgerlijk Wetboek (art. 6:175 B.W.). Hierbij geldt een risicoaansprakelijkheid: de dader is ook aansprakelijk, als hij geen schuld heeft aan het ontstaan van de schade.

Dit is echter anders met de aansprakelijkheid die rechtstreeks voortvloeit uit het arbeidsrecht: daar geldt een schuldaansprakelijkheid, waarbij de werkgever pas aansprakelijk is als hij niet aan zijn zorgplicht heeft voldaan. Dat wil zeggen, dat hij er niet alles aan heeft gedaan om zijn werknemer op een veilige werkplek te laten werken met de nodige veiligheidsmaatregelen. De aansprakelijkheid, die hier specifiek geldt in de arbeidsrelatie, is vastgelegd in artikel 658 van boek 7 van het Burgerlijk Wetboek (art. 7:658 B.W.).

Dergelijke claims van slachtoffers van beroepsziekten worden vaak behandeld door een letselschade-advocaat. Dit is een specialisatie binnen het beroep van advocaat.

Sinds 1 december 2007 komen zelfstandigen die asbestslachtoffer zijn, ook in aanmerking voor een schadevergoeding. De voorwaarde voor een financiële tegemoetkoming zijn: het slachtoffer moet minimaal tien jaren aaneengesloten in Nederland hebben gewoond in de periode dat de asbestbesmetting heeft plaatsgevonden. Verder moet deze besmetting de daadwerkelijke oorzaak zijn van de ziekte op het moment dat die wordt geconstateerd.

Verjaring van een asbestclaim[bewerken]

Art. 3:310 lid 1 BW bepaalt - onder meer - dat een rechtsvordering tot vergoeding van schade verjaart door verloop van vijf jaren na de aanvang van de dag, volgende op die waarop de benadeelde zowel met de schade als met de daarvoor aansprakelijke persoon bekend is geworden. Degene die zich op de verjaringstermijn beroept (de aansprakelijk gestelde), stelt en bewijst zo nodig dat de benadeelde daadwerkelijk bekend was met de schade en met de daarvoor aansprakelijke persoon. Dat neemt niet weg dat de rechter, indien de benadeelde de bekendheid betwist, die bekendheid zal kunnen afleiden uit bepaalde ten processe gebleken feiten en omstandigheden (HR 6 april 2001, nr. C99/158HR, NJ 2002, 383).

Dit houdt in grote lijnen in dat de (oud-)werknemer de schade kan vorderen bij zijn (oud-)werkgever tot vijf jaar nadat hij ziek is geworden. In het BW wordt echter ook een algemene verjaringstermijn neergelegd: 30 jaar nadat de omstandigheden die tot de schade hebben geleid (in casu de blootstelling aan asbest), verjaart de vordering.

Mesothelioom openbaart zich pas na gemiddeld 30 jaar. Aangezien een verjaringstermijn van 30 jaar geldt, kan het voorkomen dat de verjaringstermijn verstreken is voordat de ziekte zich heeft geopenbaard. Bij openbaring van de ziekte na 30 jaar is toepassing van de verjaringstermijn op grond van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar (Hof 's-Gravenhage 24 juli 2002, Prg. 2002, nr. 5967). Dit houdt in dat - afhankelijk van de omstandigheden van het geval - de claim na 30 jaar nog niet altijd verjaard is.

Het is aan de werkgever om aan te tonen dat de ziekte niet het gevolg is van blootstelling op het werk én dat hij zijn zorgplicht goed heeft vervuld.

(Oud-)werknemers die een claim willen indienen tegen hun (oud-)werkgever, kunnen hierbij de hulp inschakelen van het Instituut voor Asbestslachtoffers.

Asbest in het milieu[bewerken]

Het bovenstaande betreft ziekten van werknemers die aan asbest zijn blootgesteld. In Nederland zijn ook mensen in het milieu aan asbest blootgesteld, bijvoorbeeld doordat asbesthoudend afval als wegverharding is gebruikt. In bepaalde gebieden komt hierdoor de specifieke kanker mesothelioom meer voor, onder andere rond Goor, in de omgeving van de asbestfabriek Eternit en Harderwijk rond de asbestfabriek van Asbestona. Op 20 december 2005 maakte staatssecretaris Pieter van Geel bekend dat er een landelijk fonds zal worden ingesteld om deze slachtoffers een schadevergoeding te geven. Per december 2007 is deze regeling van kracht geworden en ontvangt elke patiënt met mesothelioom een vergoeding van € 17.000 van de overheid. Eternit heeft, zonder schuld te bekennen voor de asbestvervuiling, aangegeven een uitkering te willen verstrekken. De fabrieken gaven in het verleden asbestafval gratis weg waarmee paden en erven werden verhard. Behalve in Harderwijk en Goor waren er in Nederland onder meer asbestfabrieken in Heemstede, Doesburg, Doetinchem en Oosterhout.

In mei 2006 is door het Ministerie van VROM in samenwerking met SenterNovem het Landelijk Meldpunt Asbest opgericht waar burgers via een gratis telefoonnummer of een website melding kunnen maken van het ongecontroleerd voorkomen van asbest in het leefmilieu. Inmiddels hebben ruim 2.000 mensen via het meldpunt een asbestsituatie aangemeld. Deze meldingen zijn door SenterNovem doorgestuurd naar de juiste overheidsinstantie, die de melding verder afhandelt.

Asbestverwijdering in Nederland[bewerken]

Voordat asbest verwijderd wordt, moet een asbestinventarisatie gemaakt worden. Of asbest moet worden verwijderd is afhankelijk van de wijze waarop het asbest gebonden is in het materiaal. Hechtgebonden asbest kan meestal beter blijven zitten. Dit materiaal levert geen gevaar op als het in goede staat verkeert en niet wordt bewerkt. Of er in het geval van losgebonden asbest (of: niet-hechtgebonden asbest) maatregelen nodig zijn, hangt af van het feit of het materiaal al dan niet is afgeschermd. Verder speelt de afweging een rol of het asbest zich op een plaats bevindt waar regelmatig mensen komen.

In Nederland staat het de eigenaar van een gebouw vrij te beslissen over wel of niet verwijderen van asbesthoudend materiaal. Indien tot verwijdering van asbest wordt besloten, moet men zich houden aan de regels die door het Asbest-verwijderingsbesluit en de gemeentelijke bouwverordening zijn gesteld. In de meeste gevallen is voor het verwijderen van asbest toestemming van de gemeente nodig. Er gelden strenge voorschriften voor het verwijderen van asbest. Het niet volgens de voorschriften verwijderen van asbest is vaak een stuk gevaarlijker dan het laten zitten van dit materiaal. Op het niet volgens de voorschriften verwijderen zoals hierboven genoemd staan dan ook hoge boetes.

Alle asbestafval dient gecontroleerd gestort te worden. Asbest valt onder de 'gevaarlijke afvalstoffen' en mag alleen gestort worden op een gespecialiseerde stortplaats. Er zijn in Nederland vier stortplaatsen die gevaarlijk afval accepteren.

De rijksoverheid maakt plannen om in 2024 een verbod op asbestdaken door te voeren. In 2012 zal een onderzoek naar het voorkomen van asbest in schoolgebouwen zijn afgerond.

Volgens het rapport Naleving Asbestregels dat in opdracht van de ministeries van sociale zaken en van milieu in 2009 werd opgesteld, gebeurt veel verwijdering van asbest illegaal en worden de wettelijke voorschriften sterk onvoldoende nageleefd. De Rekenkamer constateerde in 2007 al dat de controle erop grote tekortkomingen vertoont. Ook is onduidelijk waar het merendeel van het verwijderde asbest blijft.[8]

Externe links[bewerken]

Referenties