Lechi

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Avraham Stern

Lechi (Hebreeuws acroniem voor Lohamei Herut Jisraëel, "Strijders voor de Vrijheid van Israël") was een gewapende Joodse terroristische groepering die als doel had het Brits Mandaat over Palestina te beëindigen om de beperkingen op Joodse immigratie op te heffen en er een Joodse staat op te richten.

Terrorisme en naamgeving[bewerken]

De groep werd verklaard tot terroristische groepering[1] door zowel de Britse autoriteiten, Jisjoev en bemiddelaar Ralph Bunche van de Verenigde Naties.[2] Britse autoriteiten noemden de groep de Stern Group of Stern Gang, naar hun eerste leider Avraham Stern en stuurden de koloniale tak van de MI5, de Defense Security Council achter de groep aan en lieten de leiders oppakken en Stern werd geliquideerd door inspecteur Geoffrey Morton van de CID (Britse recherche).[3] De bijnaam Stern Gang wordt nog steeds gebruikt in historische beschrijvingen.

Activiteiten[bewerken]

De groep had nooit meer dan enkele honderden aanhangers en probeerde de activiteiten in haar begindagen te financieren door criminele activiteiten zoals twee Britse bankovervallen in 1940 en 1942 (waarbij bij de laatste Joodse omstanders werden gedood, waarop de groep tijdelijk inactief werd), alsook privé-donaties. De activiteiten bestonden vooral in het plegen van moordaanslagen op Britse overheidsfunctionarissen en Joden die volgens hen "collaboreerden". Een poging om het hoofd van de Britse geheime politie in Lod te doden, leidde tot de dood van drie politiebeambten (twee Joodse en een Britse) en een harde reactie vanuit Britse en Joodse instellingen, die samenwerkten in hun pogingen om de ondergrondse organisatie te elimineren.[4]

Volgens een studie van Nachman Ben-Yehuda was de groep verantwoordelijk voor 42 aanslagen, meer dan twee maal zoveel dan de Etsel/Irgoen en de Hagana tezamen in dezelfde periode. Van de aanslagen die Ben-Yeguda onderscheidde als politieke aanslagen, was meer dan de helft gericht tegen andere Joden.[5] Britse soldaten, officieren en "collaborateurs" waren de meest gezochte doelwitten. In 1947 en 1948 werden ook bombrieven gestuurd door Lechi naar vele Britse politici, zoals tussen 4 en 6 juni 1947 naar ministers uit het Britse kabinet[6] en op 11 mei 1948 werd een bombrief bestemd voor bevelhebber van Palestina Evelyn Barker ternauwernood onderschept door zijn vrouw. Naast aanvallen op personen, werden ook infrastructurele werken, zoals olieraffinaderijen, bruggen en spoorlijnen aangevallen. Beruchte aanslagen van Lechi waren de moord op de Britse Lord Moyne Walter Guinness (in 1944 in Caïro), de bomaanslagen op de Caïro-Haifa treinen in 1948, deelname aan het Bloedbad van Deir Yassin door Joodse ongeregelde troepen waarbij 100 tot 120 doden vielen,[7] naar verluidt vooral oude mensen, vrouwen en kinderen,[8] tussen 9 en 11 april 1948.

Lechi-leden die gewapend gevangen werden genomen, werden soms ter dood veroordeeld. Een bijzonder geval was toen Moshe Barazani (gezamenlijk met Meir Feinstein van de Etsel/Irgoen) zelfmoord pleegde met een handgranaat in de dodencel om de Britten voor te zijn in hun executiebevel. Hij was veroordeeld tot de strop voor het voorbereiden van een aanslag op de Britse brigadier A.P. Davis en werd gearresteerd met een handgranaat op zak.

Bij haar aanslagen gebruikte Lechi als kleine groep tactieken die eerder waren toegepast door de Sociaal-Revolutionaire Partij en de Gevechtsorganisatie van de Poolse Socialistische Partij in Tsaristisch Rusland[9] en de IRA, die in de jaren 20 op succesvolle wijze guerrilla-activiteiten had ontplooid, die de Britten mede zetten tot het zich terugtrekken uit de Zuidelijke Republiek Ierland.

Begeleidende Duitstalige brief van het aanbod van Lechi aan de nazi-autoriteiten, verstuurd op 11 januari 1941

Contacten met nazi-Duitsland[bewerken]

Aan het begin van de Tweede Wereldoorlog werd door leden contact gezocht met de autoriteiten van nazi-Duitsland om hun kant te kiezen in de Tweede Wereldoorlog. In ruil voor een vrijelijke uittocht van alle Joden uit Europa naar Israël (en stopzetting van het Madagaskarplan) en het erkennen van Het Land Israël (Eretz Yisrael), zou Lechi bereid zijn geweest om aanslagen op Britse doelen te plegen in Oost-Europa en Israël, waarbij gebruikmakend van haar ondergrondse cellen. Hoewel een brief werd bezorgd bij de Duitse ambassadeur in Istanboel, werd er niet op gereageerd door de Duitse autoriteiten. Deze modus vivendi kostte de toenmalige leider Stern veel steun onder eerdere aanhangers van zijn idealen.[10]

Einde van Lechi en navolging[bewerken]

Op 31 mei 1948 eindigden de activiteiten van de Lechi formeel, daar zij toen opging in het Israëlische defensieleger, waarbij haar leiders amnestie kregen van gerechtelijke vervolging of represailles als onderdeel van de integratie. De groep was echter nog wel actief in Jeruzalem, waar zij op 17 september 1948 VN-bemiddelaar Folke Bernadotte vermoordde. Deze aanslag was goedgekeurd door de drie Lechi-leiders Yitzhak Shamir (later premier van Israël), Natan Yellin-Mor en Israel Eldad.[11] Daarop werden de organisatoren opgepakt, maar slechts Yellin-Mor kreeg een gevangenisstraf opgelegd van 8 jaar. De groep werd toen gedwongen voorgoed uiteen te gaan.

Linkse leden van de Lechi stichtten de politieke partij Lijst van Vechters en kozen de gevangengezette Yellin-Mor tot leider. Deze partij won een zetel bij de Verkiezingen Constituerende Vergadering van januari 1949. Toen alle Lechi-leiders politieke amnestie kregen op 14 februari 1949, kon Yellin-Mor zijn zetel innemen in de Knesset. In 1951 viel de partij echter uiteen doordat haar enige zetel werd verloren bij de Verkiezingen Constituerende Vergadering van 1951.

Lechi in het huidige Israël[bewerken]

De status van Lechi is omstreden in Israël. Veel inwoners zien Lechi nog steeds als een heldengroepering, die bijdroeg aan de stichting van de staat Israël. In 1980 werd zelfs het "Lechi-lintje", een militaire onderscheiding ingesteld door Israël, die nog steeds in gebruik is voor voormalige Lechi-leden, die het wensen te dragen (dergelijke lintjes bestaan ook voor voormalige leden van de Etsel en Hagana). Anderen hebben Lechi beschuldigd van het willen stichten van een totalitaire staat[12] of zelfs van quasi-fascistische rechtse ideeën, waar anderen bijvoorbeeld weer tegenover hebben gesteld dat Stern tijdens zijn studie in Italië weigerde lid te worden van de Gruppo Universitario Fascista, die was ingesteld voor internationale studenten en in zijn jeugd lid was van de Pioniers (de communistische kinderbeweging in de Sovjet-Unie).

Bronnen, noten en/of referenties
  1. "Stern Gang" A Dictionary of World History. Oxford University Press, 2000. Oxford Reference Online. Oxford University Press.
  2. "notorious terrorists long known as the Stern group"
  3. Boyer Bell, 1996, p. 71.
  4. Perliger and Weinberg, 2003, p. 109.
  5. N. Ben-Yehuda, Political Assassinations by Jews (State University of New York, 1993), p397.
  6. De 20 bombrieven werden verstuurd vanuit Italië naar Londen. De eerste kwamen aan op 4 juni. Ze waren onder andere gericht aan sir Stafford Crips (minister van Handel) en John Strachey (minister van Voedsel). De brieven werden onderschept door Scotland Yard, die de aanslagen weten aan Joodse terroristen (The Times, 5 juni 1947, p. 4). Nog eens 3 bombrieven werden onderschept op 5 juni en waren gericht aan Ernest Bevin (secretaris Buitenlandse Zaken), Anthony Eden (voormalig secretaris Buitenlandse Zaken) en Arthur Greenwood (minister zonder taakstelling) (The Times, 6 juni 1947, p. 4). Op 6 juni ten slotte werden nog eens 9 bombrieven onderschept, waarvan werd gesteld dat ze elk in staat zouden zijn geweest om "een gat te slaan in een stalen plaat" (The Times, 7 juni 1947). Op 9 juni werden twee zionisten gearresteerd door de Belgische politie toen ze probeerden om 6 bombrieven naar Britse prominenten te smokkelen (The Times, 10 juni 1947). De maker van de bombrieven was Yaacov Eliav, die zichzelf de bomexpert van Lechi verklaarde tegenover de Sunday Times of London (24 september 1972).
  7. Kana'ana, Sharif and Zeitawi, Nihad (1987), The Village of Deir Yassin, Bir Zeit, Bir Zeit University Press, 1987)
  8. Milstein (1999), hoofdstuk 16: Deir Yassin, Paragraaf 12: The Massacre, blz. 376: Only a modest number were young men classifiable as fighters
  9. Iviansky 1986, 72-73.
  10. "Stern Gang" The Oxford Companion to World War II. Editie I C. B. Dear en M. R. D. Foot. Oxford University Press, 2001.
  11. A. Ilan, Bernadotte in Palestine, 1948 (Macmillan, 1989) p. 194; J. Bowyer Bell, "Assassination in International Politics", International Studies Quarterly, vol 16, March 1972, 59--82.
  12. Heller, 1995, p. 70.

  • Bell, J. Bowyer (1977). Terror Out of Zion: Irgun Zvai Leumi, Lehi, and the Palestine Underground, 1929-1949. Avon. ISBN 0-380-39396-4
  • Ben-Yehuda, Nachman (1998). Political Violence. Political Assassinations as a Quest for Justice. In: Robert R. Friedmann (Ed.). Crime and Criminal Justice in Israel: Assessing The Knowledge base Toward The Twenty-first Century (pp. 139-184). SUNY Press. ISBN 0-7914-3713-2.
  • Heller, J. (1995). The Stern Gang. Frank Cass. ISBN 0-7146-4558-3
  • Iviansky, Z. (1986) "Lechi's Share in the Struggle for Israel's Liberation", in: Ely Tavin and Yonah Alexander (Ed.). Terrorists or freedom fighters, Fairfax, Va.: HERO Books.
  • Milstein, U. [1987] (1998). History of the War of Independence IV: Out of Crisis Came Decision (in het Hebreeuws, Engelse vertaling door Alan Sacks). Lanhan, Maryland: University Press of America, Inc., 343-396. ISBN 0-7618-1489-2.