Max Blokzijl

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Max Blokzijl
Een jonge Max Blokzijl (1907)
Een jonge Max Blokzijl (1907)
Algemene informatie
Volledige naam Marius Hugh Louis Wilhelm (Max) Blokzijl
Geboren Leeuwarden, 20 december 1884
Overleden Den Haag, 16 maart 1946
Land Vlag van Nederland Nederland
Werk
Beroep Zanger en journalist
Portaal  Portaalicoon   Muziek

Marius Hugh Louis Wilhelm (Max) Blokzijl (Leeuwarden, 20 december 1884Den Haag, 16 maart 1946) was een Nederlandse zanger en journalist. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was hij een van Nederlands bekendste collaborateurs. Na de bevrijding werd hij ter dood veroordeeld en gefusilleerd.

Levensloop[bewerken]

Een poster met Max Blokzijl

Blokzijl werd geboren als zoon van de luitenant Eduard Karel Blokzijl, en Anna Elizabeth Hoeffelman. Hij volgde in Den Haag de HBS en deed in 1903 eindexamen. Hierna werd hij journalist bij het Algemeen Handelsblad. Samen met collega-journalist Jean-Louis Pisuisse trok hij in 1907, vermomd als Italiaanse straatmuzikant, door Nederland. De twee schreven een boekje over hun belevenissen: Avonturen als straatmuzikant, met illustraties van Louis Raemaekers en Jan Feith. Het succes van dat boekje stelde hen in staat hun zangcarrière verder uit te bouwen. Als zangers/journalisten reisden ze van 1908 tot 1913 door Europa, Nederlands-Indië, China, Japan, Siberië en Rusland. Voor hun op het Franse chanson geïnspireerde repertoire bedachten ze de naam levenslied.

Blokzijl was in 1913 correspondent in Berlijn. Hij diende tijdens de Eerste Wereldoorlog in het Nederlandse leger. Vanaf 1917 was hij oorlogscorrespondent, en eind 1918 werd hij weer correspondent in Berlijn. Na aanvankelijk het antisemitisme en de nazi's te hebben afgewezen raakte hij rond 1935 in de ban van het nationaalsocialisme. In het liberale Algemeen Handelsblad, waarvoor hij al sinds 1903 werkte, kon hij die politieke overtuiging niet kwijt. Vanaf 1938 schreef hij daarom eveneens, anoniem, voor het tijdschrift De Waag. Zijn lidmaatschap van de Nationaal-Socialistische Beweging (NSB) van Anton Mussert hield hij geheim. Hij ontving er het stamboeknummer 56809.

Nadat het Duitse leger in mei 1940 Nederland had bezet, kwam Blokzijl openlijk voor zijn nationaalsocialistische ideeën uit. Vanaf februari 1941 verzorgde hij wekelijkse radiopraatjes voor de Nederlandsche Omroep, onder de titel "Ik was er zelf bij". Als hoofd van de afdeling perswezen van het nationaalsocialistische Departement van Volksvoorlichting en Kunsten werkte hij aan de nazificering van de Nederlandse pers.

Proces en executie[bewerken]

Blokzijl tijdens zijn verhoor in 1945
Max Blokzijl in gevangenschap in Scheveningen.

Na de oorlog werd het proces tegen Blokzijl, dat vanwege zijn grote bekendheid bij het Nederlandse publiek met grote belangstelling werd gevolgd, kennelijk met veel haast gevoerd. De tenlastelegging bevatte slechts één punt: de beschuldiging dat hij gedurende de bezettingsjaren opzettelijk, terwijl Nederland in oorlog was met Duitsland, in het openbaar, in hoofdzaak door middel van radio, propaganda had gevoerd, gericht op het breken van het geestelijk verzet van het Nederlandse volk en het ontrouw doen worden van dat volk aan de gemeenschappelijke geallieerde zaak. Zuiver op grond van passages uit zijn radiopraatjes werd hij op 25 september 1945 ter dood veroordeeld. Zijn beroep tegen deze uitspraak werd verworpen en zijn verzoek om gratie werd door koningin Wilhelmina niet ingewilligd. In vergelijking met andere nationaalsocialistische propagandisten is Blokzijl extreem zwaar gestraft. Hij had het ongeluk als de eerste bekende collaborateur te moeten terechtstaan en daarnaast moet zijn symboolfunctie - hij werd beschouwd als de stem van het Nederlandse nationaalsocialisme - niet worden onderschat. Blokzijl werd ter dood gebracht op de Haagse Waalsdorpervlakte en later in het geheim begraven in een massagraf op een afgelegen deel van de Algemene Begraafplaats van Den Haag waar eerder ook Robert van Genechten en later ook Meinoud Rost van Tonningen en Mussert werden begraven. Zijn vrouw werd ondanks meerdere verzoeken daartoe niet verteld waar zijn lichaam precies lag, omdat de autoriteiten bang waren voor verstoringen van de openbare orde. Eind 1959 werd het graf geruimd.[1]

Trivia[bewerken]

De bekendmaking van zijn executie leidde tot de veelgehoorde grap: "Eindelijk is hij er zelf bij".

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Het verdwenen graf van Max Blokzijl, door René ten Dam, dodenakkers.nl (2008)