Slag om Luik

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Slag om Luik
Onderdeel van de Eerste Wereldoorlog
Luiks fort na de artilleriebeschieting
Luiks fort na de artilleriebeschieting
Datum 5 augustus - 16 augustus 1914
Locatie Luik, België
Resultaat Duitse overwinning
Strijdende partijen
Vlag van België België Vlag van Duitse Keizerrijk Duitse Rijk
Commandanten
Vlag van België Gérard Leman (POW) Vlag van Duitse Keizerrijk Otto von Emmich
Vlag van Duitse Keizerrijk Erich Ludendorff
Troepensterkte
36.000 troepen
250 artillerie
59.800 troepen
100 artillerie
Verliezen
2.000 - 3.000 doden
4.000 gevangengenomen
5300 waarvan minstens 2000 doden
Belgische infanterie bij Herstal

De Slag om Luik was het openingsgevecht van de Duitse invasie van België, en de eerste veldslag van de Eerste Wereldoorlog. De aanval op de stad begon op 5 augustus 1914 en duurde tot de 16e toen het laatste Belgische fort zich eindelijk overgaf. De invasie van België was de gebeurtenis die ervoor zorgde dat het Verenigd Koninkrijk ging toetreden tot de oorlog; de onverwachte kracht van de stadsverdediging bracht meer tijd op voor de westelijke geallieerden om de verdediging van Frankrijk te organiseren en voor te bereiden.

De Slag[bewerken]

Op 5 augustus 1914 om 22:00 uur opende generaal Otto von Emmich de aanval op de forten rond Luik. Deze forten vormden een blokkade voor het Duitse 1e en 2e leger in hun opmars naar Frankrijk.De Duitse 38e en 43e brigades probeerden in het zuiden tussen Boncelles en de Ourthe door te breken. De Duitse 34e brigade gaat in het noorden bij Lieze (Lixhe) de Maas over. De Belgische generaal Leman trekt zich met zijn hoofdkwartier in de Citadel terug. Die nacht begint de werkelijke aanval op Luik. De 14e Duitse brigade breekt tussen de forten van Fléron en Evegnée door maar stuit op eenheden van de 3e Belgische divisie. De Duitse generaal Ludendorff voert zijn mannen tot het oosten van Fort de la Chartreuse en geeft bevel de bruggen over de Maas te bezetten. Dit lukt zonder slag of stoot. In Weerst (Warsage) koelt de 34e brigade van het Duitse leger op 6 augustus 1914 haar woede op de bevolking nadat een officier is neergeschoten bij het binnenkomen van het dorp. De bevolking wordt uit hun huizen gezet, weggeleid of neergeschoten. 24 mensen worden gedood. Kort na de middag begint Ludendorff met de beschietingen op Luik vanuit het plateau van Belleflamme. Hij bereikte 's morgens Jupille via Retinne en Bellaire. De troepen van generaal von Emmich rukken Luik binnen. In de ochtend van 7 augustus 1914 leidt Ludendorff zijn mannen naar de Citadel. De wachtcommandant geeft zijn hele bezetting over aan de Duitsers. Op 9 augustus 1914 wordt bombardement uitgevoerd vanuit een Duitse zeppelin. De dag erna valt het eerste van de twaalf forten na een bombardement van 42-cm-houwitsers (Dikke Bertha) door het Duitse 2e leger onder generaal Karl von Bülow. Een voor een vallen de forten omdat ze niet bestand zijn tegen de zware granaten.

In Halen heeft op 12 augustus 1914 de eerste grote veldslag plaats tussen de Duitse en Belgische cavalerie. De Slag der Zilveren Helmen krijgt zijn naam door de hoofdbedekking van 150 gesneuvelde Duitse kurassiers uit twee cavaleriedivisies onder generaal Georg von der Marwitz. De Belgische 4e Infanteriebrigade en een cavaleriedivisie onder generaal De Witte, verhinderen de Duitse overtocht over de Gete, maar Duitse artillerie drijft de Belgische troepen richting Antwerpen. Fort Loncin wordt op 15 augustus 1914 geraakt door een voltreffer in de kruitkamer. De Belgische generaal Gérard Leman wordt door de Duitsers levend vanonder het puin gehaald en bij generaal von Emmich gebracht. Leman eist dat er in het rapport melding wordt gemaakt van het feit dat hij zich niet heeft overgegeven en dat hij bewusteloos was bij de gevangenneming. Op 16 augustus 1914 is met de inname van het laatste fort Luik in Duitse handen. Het Belgische leger trekt zich terug en blaast alle bruggen achter zich op. Ze vormen een nieuwe linie langs de Gete via Namen tot bij Givet. De Duitse generaal Alexander von Kluck trekt met zijn 1e leger westwaarts over de Maas, gevolgd door generaal Karl von Bülow met zijn 2e leger. Koning Albert I beveelt op 18 augustus 1914 het Belgische leger zich terug te trekken tot de haven van Antwerpen. Ongeveer 75.000 manschappen trekken zich terug achter de Dijle om zich bij het garnizoen van 60.000 man te voegen dat de haven beschermt. Op 19 augustus 1914 zijn Andenne en Leuven ingenomen door de Duitsers, ook Aarschot wordt reeds bezet en bij de Duitse represailles in Aarschot op 19 augustus 1914 worden er 150 burgers neergeschoten. In Battice, Herve, Soumagne en Verviers worden op 20 augustus 1914 burgers vermoord.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Referenties[bewerken]

  • Griess, Thomas E., The Great War, Avery Publishing, 1986.
  • Marshall, S.L.A., World War I, American Heritage, 1964.
  • Reynolds, F. J., The Story of the Great War, Vol. III, P.F. Collier & Son, New York, 1916.