Tuilerieënpaleis

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Het rode kader toont de voormalige locatie van het paleis
De bestorming van de Tuilerieën op 10 augustus 1792

Het Tuilerieënpaleis, meestal genoemd bij zijn Franse titel palais des Tuileries, is een voormalig paleis bij de Tuilerieën in Parijs. Het stond tot 1871 op de rechteroever van de Seine, waarna het door brand is verwoest. Het vormde de verbinding tussen de twee (nu nog bestaande) vleugels van het Louvre.

Geschiedenis[bewerken]

Na de dood van Hendrik II van Frankrijk in 1559 laat zijn weduwe Catharina de' Medici (1519-1589) een nieuw paleis bouwen. Het is ontworpen door de architect Philibert Delorme. De volgende koningen hebben het steeds aangepast en uitgebreid. Onder Hendrik IV van Frankrijk kwam de verbinding met het Louvre gereed.

Koning Lodewijk XIV heeft het gebouw afwisselend met het Louvre als woning gebruikt, voordat hij vertrok naar Versailles. Vanaf dat moment werd het paleis verwaarloosd en slechts incidenteel gebruikt door het Hof.

Tijdens de jeugdjaren van Lodewijk XV verbleef deze in de Tuilerieën en niet in Versailles. Echter bij het bereiken van zijn volwassenheid ging hij alsnog daar wonen en kwam in de Tuilerieën nog slechts als hij eens in Parijs wat te doen had. Dit kwam in de loop der jaren steeds minder voor.

In de aanloop naar de Franse Revolutie, werd Lodewijk XVI gedwongen er te wonen. Naar de mening van de bevolking was het koningschap van het volk vervreemd door het verblijf in Versailles. De menigte was als vrouwen verkleed in de hoop dat er niet op hen werd geschoten. Het had succes: de koning en de nationale vergadering verhuisden naar Parijs. Latere vorsten zouden allen hof houden in de Tuilerieën.

Op 10 augustus 1792 werd het paleis bestormd door een menigte waarbij een groot aantal leden van de Zwitserse Garde omkwam. Dit was de opmaat tot de afschaffing van het koningschap.

Napoleon gebruikte de Tuilerieën als zijn werkpaleis. Hij woonde samen met Joséphine de Beauharnais in Malmaison. Hij liet het paleis inrichten in de zogenaamde Empirestijl. Na de val van Napoleon namen ook de Bourbons de Tuilerieën in gebruik als hun Koninklijke paleis.

In 1830 werd het paleis tijdens de Julirevolutie voor de tweede keer in zijn bestaan bestormd. Louis Philippe, de burgerkoning nam op zijn beurt zijn intrek in het paleis. Op 24 februari 1848 werd het paleis opnieuw bestormd. De Zwitserse garde, die precies wist wat er in 1792 was gebeurd nam nu de benen. Louis Philippe vluchtte ook, naar Engeland. Na zijn kroning tot keizer nam Napoleon III zijn intrek in het paleis.

In 1871, bij het neerslaan van de Commune van Parijs, werd het paleis verwoest en in 1882 tenslotte helemaal afgebroken.

Herbouw?[bewerken]

In 2003 heeft een comité in Frankrijk voorgesteld om het Tuilerieënpaleis opnieuw op te bouwen. De originele tekeningen zijn bewaard. Het paleis is vlak voor de verwoesting gefotografeerd en alle meubels en schilderijen zijn ook bewaard gebleven, waardoor het op zich goed mogelijk zou zijn. Tot heden zijn er alleen plannen en is het niet zeker of dit ooit verwezenlijkt zal gaan worden. Het zou zeker circa 300 miljoen euro gaan kosten.

Zie ook[bewerken]