Zwitserse Garde

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Pontificale Zwitserse Garde
Regimentsvlag van de Pontificale Zwitserse Garde
Regimentsvlag van de Pontificale Zwitserse Garde
Oprichting 1506
Land Vlag van Vaticaanstad Vaticaanstad
Type lijfwacht
Aantal 110
Garnizoen/Hoofdkwartier Vaticaanstad
Motto "Acriter et Fideliter"
Dapper en trouw
Kleur rood, geel en blauw
Veldslagen Plundering van Rome
Commandanten Daniel Anrig
De Pontificale Zwitserse Garde in uniform
Het groot uniform enkel gedragen tijdens een Pontificale Hoogmis of op Hoogdagen
Zwitsers gardist rond 1850
Daguniform
Wintermantel

Koningen en ook andere vorsten hebben vanaf de late middeleeuwen Zwitserse huursoldaten geworven. Deze mannen golden als voorbeeldige soldaten en zij waren trouw aan hun (betalende) meester en hadden geen band met het (vaak oproerige) volk. Een Zwitserse Garde werd aangeworven voor de paus en voor de koning van Frankrijk maar ook de Oranjes hadden Zwitserse hellebaardiers in dienst. De Zwitsers waren trouw zo lang zij betaald werden; daaraan ontleent het Nederlands het gezegde "geen geld; geen Zwitsers" een vertaling van het Franse "point d'argent, point de Suisse". Heden ten dage is er nog één Zwitserse Garde in functie, in Vaticaanstad.

De pauselijke Zwitserse Garde[bewerken]

De Pauselijke Zwitserse Garde (in het Italiaans: Guardia Svizzera Pontificia) is de pontificale bewakingseenheid van Vaticaanstad. Hij bestaat uit Zwitserse rooms-katholieke vrijwilligers, die minstens 174 cm lang en tussen de 19 en 30 jaar oud zijn. Zij dienen minimaal twee jaar in het korps, wonen tijdens die periode in de kazerne en hebben gedurende deze jaren de Vaticaanse nationaliteit. Ze hoeven niet celibatair te leven, maar om te mogen trouwen moeten zij minstens drie jaar gediend hebben en zich willen vastleggen voor nogmaals drie jaar. Het salaris is niet hoog (in 2004 ongeveer € 1100), maar daarbij zijn kost en inwoning gratis, evenals medische verzorging. Verder betalen de gardisten geen inkomstenbelasting en krijgen veel kortingen op uitgaven voor levensonderhoud. De garde bestaat uit 120 officieren en soldaten.

Geschiedenis[bewerken]

De paleis- en lijfwacht van de paus ontstond in 1505 toen paus Julius II 189 Zwitserse hellebaardiers vroeg om de Kerkelijke Staat te dienen. Het korps werd officieel opgericht in 1506. Het verdedigde paus Clemens VII tijdens de Sacco di Roma op 6 mei 1527 toen de Duits-Spaanse troepen van de rooms-katholieke keizer Karel V plunderend door de stad trokken. Daarbij kwamen 147 gardisten om het leven. De 42 overlevenden brachten de paus in veiligheid binnen de muren van de Engelenburcht. Ter herinnering aan dit gebeuren worden nieuwe gardisten nog altijd op 6 mei beëdigd.

Uniform[bewerken]

Een misverstand is dat hun huidige uniform, dat met de blauw-rood-gele motieven doet geloven dat het uit de Renaissance stamt, ontworpen werd door Michelangelo. Het is echter ontworpen door de commandant Jules Repond, die van 1910 tot 1921 diende. Repond haalde zijn inspiratie voor het uniform uit fresco's van de kunstschilder Rafaël.[1] Naast dit bekende uniform wordt nog een blauw uniform gedragen voor het alledaagse leven.

De grote uniformen worden enkel gedragen tijdens de hoogmis, ze dragen dan de hellebaard, handschoenen en een helm met rode veren. Op het herdenkingsfeest van de Plundering van Rome dragen ze ook een harnas.

De Zwitserse garde is onzichtbaar met moderne wapens uitgerust (in de pijpen van hun pofbroek hebben ze een automatisch wapen), maar elke gardist wordt ook getraind in het gebruik van zwaard en hellebaard. Overigens wordt het Vaticaan behalve door de Garde ook bewaakt door andere Vaticaanse veiligheidsfunctionarissen en de Italiaanse politie.

2006 was het jaar van de Zwitserse Garde omdat ze toen haar 500-jarig bestaan vierde.

Commandanten van de Zwitserse Garde[bewerken]

De "dappere Zwitsers" in de Franse Revolutie
  1. Kaspar von Silenen - UR (1506-1517)
  2. Markus Röist - ZH (1518-1524)
  3. Kaspar Röist - ZH (1518-1527)
vacant (1527-1548)
  1. Jost von Meggen - LU (1548-1559)
  2. Kaspar Leo von Silenen - LU (1559-1564)
  3. Jost Segesser von Brunegg - LU (1566-1592)
  4. Stephan Alexander Segesser von Brunegg - LU (1592-1629)
  5. Nikolaus Flekenstein - LU (1629-1640)
  6. Jost Flekenstein - LU (1640-1652)
  7. Johann Rudolf Pfyffer von Altishofen - LU (1652-1657)
  8. Ludwig Pfyffer von Altishofen - LU (1658-1686)
  9. Franz Pfyffer von Altishofen - LU (1686-1696)
  10. Johann Kaspar Mayr von Baldegg - LU (1696-1704)
vacant (1704-1712)
  1. Johann KonradPfyffer von Altishofen - LU (1712-1727)
  2. Franz Ludwig Pfyffer von Altishofen - LU (1727-1754)
  3. Jost Ignaz Pfyffer von Altishofen - LU (1754-1782)
  4. Franz Alois Pfyffer von Altishofen - LU (1783-1798)
vacant (1798-1800)
  1. Karl Leodegar Pfyffer von Altishofen - LU (1800-1834)
  2. Martin Pfyffer von Altishofen - LU (1835-1847)
  3. Franz Xaver Leopold Meyer von Schauensee - LU (1848-1860)
  4. Alfred von Sonnenberg - LU (1860-1878)
  5. Louis-Martin de Courten - VS (1878-1901)
  6. Leopold Meyer von Schauensee - LU (1901-1910)
  7. Jules Repond - FR (1910-1921)
  8. Alois Hirschbühl - GR (1921-1935)
  9. Georg von Sury d’Aspremont - SO (1935-1942)
  10. Heinrich Pfyffer von Altishofen - LU (1942-1957)
  11. Robert Nünlist - LU (1957-1972)
  12. Franz Pfyffer von Altishofen - LU (1972-1982)
  13. Roland Buchs - FR (1982-1998)
  14. Alois Estermann - LU (1998-1998)
  15. Pius Segmüller - SG (1998-2002)
  16. Elmar Theodor Mäder - SG (2002-2008)
  17. Daniel Rolf Anrig - SG (2008-2015)

De Zwitserse Garde in Frankrijk[bewerken]

Een beroemde legereenheid was sinds 1453 de eerste Zwitserse huursoldaten door Karel VII van Frankrijk werden ingehuurd eeuwenlang het "regiment van de Zwitserse Garde" (Frans: régiment des gardes-suisses) van de Koning van Frankrijk. In 1495 redden zij de Franse Koning het leven in de veldslag.

Het beroemde regiment werd door Lodewijk XIII in 1616 ingesteld. Lodewijk XV riep ten behoeve van zijn, vaak protestantse, Zwitserse officieren een "Militair Instituut" (Frans: Institution du mérite militaire), in feite een Orde van Verdienste, in het leven die als Orde van Militaire Verdienste bekend werd. De Zwitsers en andere protestantse militairen kwamen in het katholieke Frankrijk niet in aanmerking voor een onderscheiding in een Ridderorde zoals de Orde van de Heilige Lodewijk. De pensioenen en zelfs het draagteken waren vrijwel identiek.

De "Honderd Zwitsers", in feite waren er zeshonderd, bewaakten koning Lodewijk XVI van Frankrijk en zijn echtgenote in de Tuilerieën toen een uitzinnige massa dat paleis op 10 augustus 1792 bestormde. De Marseillanen, bekend van hun strijdlied, hadden geschut en schoten met kartetsen op de garde. De Koning en Koningin vluchtten en de Koning, beducht voor nog meer bloedvergieten, gaf zijn garde opdracht om zich over te geven. Het resultaat was dat de Zwitsers tot de laatste man werden uitgemoord.

De Zwitserse Garde in andere staten[bewerken]

Zwitserse huursoldaten golden sinds de Slag bij Murten en de Slag bij Nancy, waar zij de machtige Bourgondische hertog Karel de Stoute vernietigend versloegen, als onverslaanbaar. In de slag bij Pavia weken de door Frans I ingehuurde Zwitsers voor de troepen van keizer Karel V.

Zwitserse huurlingen bleven tot in de 18e eeuw de vorstenhoven bewaken. Zij waren vaak hellebaardiers. De opkomst van de nationale staten en de daarbij behorende legers van vrijwilligers en dienstplichtigen vervingen de Zwitserse huurlingen. Men vond Zwitserse gardisten in Rome, Madrid, Parijs, München en Karlsruhe.

Frans II, de laatste koning van het koninkrijk der Beide Siciliën, heeft in 1859 te maken gekregen met een muiterij van zijn Zwitsers. Hij kwam na de dood van zijn vader op 22 mei 1859 op de troon en benoemde Carlo Filangieri tot premier. Die realiseerde zich het belang van de Frans-Piëmontese overwinningen in Lombardije en adviseerde de koning de door Camillo Benso di Cavour voorgestelde alliantie met Piëmont-Sardinië te aanvaarden. Op 7 juni 1859 sloeg een deel van de Zwitserse Garde aan het muiten en terwijl de koning beloofde zich met hun grieven bezig te houden verzamelde generaal Vito Nunziante andere troepen en liet ze neerschieten. Dit resulteerde in het opheffen van de gehele Zwitserse Garde, het sterkste bolwerk van de dynastie.

Onder koning Willem I der Nederlanden waren vier Zwitserse regimenten onderdeel van de Koninklijke Landmacht. Zij vormden de facto zijn lijfwacht. Zij werden onder druk in 1829 afgestoten. Daarvoor in de plaats kwam een eigen garderegiment, de Afdeling Grenadiers, nu Garderegiment Grenadiers en Jagers.

Trivia[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties