Voornaam

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een voornaam is een eigennaam die een kind bij de geboorte gegeven wordt en die geplaatst wordt voor de achternaam.

De voornaam is, historisch gezien, iemands eigenlijke naam. Vanouds heeft iedereen een voornaam, maar in een land zoals Nederland stamt het algemeen gebruik van achternamen uit de tijd van Napoleon, waarin iedereen in de Westerse wereld een achternaam moest kiezen, hoewel velen (vooral de adel en burgerij) in de praktijk al een achternaam hadden. Afhankelijk van de streek ziet men het gebruik van een achter- of familienaam eerder opduiken dan elders. Achternamen bestonden bijvoorbeeld in West-Vlaanderen eerder dan in Limburg, de bevolkingsdichtheid speelde daarin een rol. De oudste familienamen in Vlaanderen dateren uit de 13de eeuw. Tegen het begin van de 18de eeuw hadden vrijwel alle families in het huidige België een stabiele achternaam.

Tegenwoordig is het zo dat de achternaam in het openbare leven de belangrijkste functie vervult. Een adreslijst is meestal gesorteerd op achternaam; voornamen worden zelfs afgekort tot voorletters. Iemand die men niet goed kent spreekt men aan met de achternaam voorafgegaan door meneer, mevrouw of in een enkel geval een titulaire aanspreekvorm.

Een uitzondering geldt voor leden van de koninklijke families: voor hen is de voornaam belangrijker. Verder is het gebruikelijk dat leden van de lagere Britse adel met de titel plus voornaam worden aangesproken (zie Sir).

Soms komt het voor dat een vreemdeling zich meldt bij de Nederlandse burgerlijke stand en geen aparte voor- en achternaam kan opgeven. De regel is in dat geval dat voor deze persoon de opgegeven naam zowel voor- als achternaam is. Bij aangifte van nieuw geboren kinderen is de regel anders. Geeft iemand bij de aangifte van een kind geen voornaam op, dan moet de ambtenaar van de burgerlijke stand het kind één of meer voornamen geven, wat ook gebeurt als de opgegeven voorna(a)m(en) worden geweigerd wegens ongepastheid of overeenstemming met een geslachtsnaam die niet ook een gebruikelijke voornaam is. In al deze gevallen wordt in de geboorteakte uitdrukkelijk aangegeven dat de voornamen ambtshalve zijn gegeven.

Een voordeel van achternamen is dat ze onveranderlijk zijn. De officiële voornaam wordt nog wel eens veranderd in een roepnaam of koosnaam, wat met de achternaam zelden gebeurt. Enige uitzonderingen hierop zijn de geslachtsnaamwijziging die aangevraagd wordt bij het hof of het verzoek tot wijziging van de voornaam bij de rechter. In beide gevallen is een goede argumentatie nodig, zoals in geval van hinderlijke, aanstootgevende namen.

De voornamen (het kunnen er meer zijn) onderscheiden in de westerse culturen iemand van anderen met dezelfde achternaam. Dit gaat niet geheel op: mensen met dezelfde achternaam (naamgenoten) kunnen immers ook identieke voornamen hebben. Verder is een achternaam over het algemeen unieker dan een voornaam: twee willekeurig gekozen personen (niet uit dezelfde familie) zullen vaker dezelfde voornaam dan dezelfde achternaam hebben.

In sommige gemeenschappen is de voornaam gebaseerd op de doopnaam.

Naamgeving[bewerken]

Meestal denken de ouders al voor de geboorte na over de naam van het kind. Is het geslacht van het kind nog niet bekend, dan zullen ze een jongens- en een meisjesnaam in gedachten hebben.

In sommige, vooral Rooms-katholieke, kringen krijgt het kind de naam pas op het moment van de doop, hoewel de naam al eerder vastgesteld kan zijn. Op geboortekaartjes leest men wel eens, bijvoorbeeld, "Bij het H. Doopsel zal ze de naam Elisabeth ontvangen".

In de tijd van het Nieuwe Testament was het onder Joden gebruikelijk dat de naam bij de besnijdenis werd gegeven. Dit blijkt uit Lucas 1:59 en Lucas 2:21.

Volgens een oude traditie wordt een kind genoemd naar een van de ouders of grootouders. Jongere kinderen krijgen dan de naam van een oom of tante. Dit gebruik bestond al in het begin van de jaartelling, zoals blijkt uit Lucas 1:59-61. Tegenwoordig krijgt een kind vaak een naam die nog niet in de familie voorkomt.

Cultuurverschillen[bewerken]

Er zijn ook culturen waarin de naam een andere functie heeft. Zo is in Indonesië de achternaam niet noodzakelijk een familienaam: een kind kan een andere achternaam worden gegeven dan die van zijn vader. De functie van de voornaam is daardoor ook een andere: in feite zijn het voor- en achternamen samen die de identiteit bepalen. Soms heeft een Indonesiër maar één naam, zodat van een "voornaam" geen sprake kan zijn.

In Rwanda wordt de achternaam doorgaans bepaald aan de hand van opvallende gebeurtenissen rondom de geboorte, een zegenwens voor de nieuwgeborene of een indruk die de naamgevers van een pasgeboren kind hebben. Zo kan een boreling die vaak lacht de naam Tuyishime krijgen: hij die gelukkig is.

Geslachtsverschillen[bewerken]

De meeste culturen reserveren verschillende verzamelingen voornamen voor jongens/mannen en meisjes/vrouwen. Dit valt soms in de vorm van de naam waar te nemen. In het Nederlands eindigen traditioneel relatief veel meisjesnamen op -a, of zijn een verkleinwoord van een jongensnaam. Er zijn ook namen die voor jongens en meisjes gebruikt kunnen worden.

Indien zulke geslachtsverschillen bestaan, zijn er vaak enkele namen die toch voor beide geslachten worden gebruikt: in het Nederlands is Kim een voorbeeld. Franse namen worden soms bij beide geslachten eender uitgesproken, maar de schrijfwijze kan verschillen, zoals bij René/Renee. Enkele Engelse voorbeelden zijn Evelyn en Pat.

Katholieken geven hun zonen regelmatig als tweede of volgende voornaam de naam Maria (bv.: Rainer Maria Rilke en Joseph Antoine Marie Hubert Luns). Kloosterzusters kregen bij hun intrede in een orde soms een mannelijke voornaam, maar dit had een heel andere reden: de onthechting van de wereldse identiteit werd ermee onderstreept.

Aantal voornamen[bewerken]

Meerdere voornamen[bewerken]

In vroeger tijden kwam het wel voor dat een tweede voornaam werd ontleend aan een achternaam. De beroemde taalgeleerde Herman Neubronner van der Tuuk (geboren in 1824) dankte zijn tweede voornaam aan het feit dat zijn ouders de achternaam van zijn moeder, Neubronner, behouden wilde zien. In zo'n geval is het voor de buitenstaander soms moeilijk te beoordelen of er sprake is van twee voornamen of van een dubbele achternaam. In Van der Tuuks geval werd Neubronner een voornaam.

In de Verenigde Staten heeft vrijwel iedereen twee voornamen. Men spreekt van first name en middle name, en een van beide wordt vaak geïnitialiseerd: George W. Bush of J. Edgar Hoover. Soms staat een middelste initiaal niet specifiek voor een naam, zoals in het geval van de presidenten Ulysses S. Grant en Harry S. Truman.

Dubbele voornaam[bewerken]

Een dubbele voornaam is één voornaam die is opgebouwd uit twee voornamen, zoals Jan-Willem, Jan Jaap, Gertjan. Dubbele voornamen komen zowel met als zonder streepje voor. Zij zijn in feite samenstellingen. Informeel wordt soms wel slechts een van de namen gebruikt (Jan voor Jan-Frederik) of wordt iemand bij de initialen genoemd: J.F..

Conventies in de kunstkritiek[bewerken]

Het voornaamgebruik geeft in de kunstkritiek van kunstenaars, met name schrijvers, soms verwarring. In het ene geval worden initialen gebruikt: D.H. Lawrence, in het andere geval is de voornaam voluit gebruikelijk: Jane Austen. Vaak wordt ook de voornaam weggelaten waar die overbodig is: de kritiek spreekt wel van William Shakespeare, maar veel gebruikelijker is kortweg "Shakespeare".

Ongebruikelijke aanduidingen als "W. Shakespeare" of "David Herbert Lawrence" worden in lopende kritische tekst door vakgenoten als onoordeelkundig ervaren. Men verlaat zich op de conventie, men kan hierin geen eenvoudige regel volgen.

Roepnaam, bijnaam, koosnaam of vleinaam, schuilnaam[bewerken]

Iemand kan een naam voeren die niet de officiële naam is. De onofficiële naam wordt soms tussen haakjes of aanhalingstekens vermeld, tussen de officiële voornaam en de achternaam, bijvoorbeeld: William (Bill) Gates.

Roepnaam[bewerken]

De roepnaam is de naam waar iemand in de vertrouwelijke sfeer gewoonlijk mee wordt aangesproken. Hij kan dezelfde zijn als de voornaam of een van de voornamen, of daarvan zijn afgeleid. Zo kan iemand met de voornaam Willem als roepnaam de varianten Willem, Wil, Wim, Wiel, Willy, Willemke etc. hebben. Een roepnaam krijgt men soms bij de geboorte al mee (in een annonce staat wel eens zoiets als "we noemen haar Fifi" terwijl het kind officieel Sophie heet). Een roepnaam kan ook op latere leeftijd ontstaan, bijvoorbeeld doordat het kind zijn eigen naam (of de naam van een broertje of zusje) niet goed uitspreekt, en ook in dat geval komt het voor dat de roepnaam het hele leven wordt gebruikt.

Bijnaam[bewerken]

Een bijnaam komt in de plaats van een voornaam. Zo kan een bekend voetballer de bijnaam de Kromme krijgen. Zo'n bijnaam kan een positieve connotatie hebben, zoals in het geval van de voetballer, en bij kinderen (Popje, Broertje), maar kan ook als afkeuring en zelfs als scheldnaam fungeren. Bijnamen worden vaak door anderen bedacht en lang niet door iedereen gebruikt.

Koosnaam of vleinaam[bewerken]

Een koosnaam of vleinaam is een bijzondere vorm van de bijnaam, waarmee een liefkozende relatie tot uiting wordt gebracht. Meestal is er maar een persoon die de koosnaam gebruikt.

Schuilnaam[bewerken]

Een schuilnaam is niet noodzakelijkerwijs een voornaam, maar fungeert wel vaak als zodanig. Met name deelnemers aan elektronische informatie-uitwisseling (van chatroom tot online-encyclopedie) bedienen zich vaak van schuilnamen. In dat geval wordt de schuilnaam met een Engelse term "nickname", afgekort "nick", genoemd, hoewel dat woord eigenlijk "bijnaam" betekent.

Pseudoniem of artiestennaam[bewerken]

Een schrijver of een artiest maakt vaak gebruik van een schuilnaam die in verband wordt aangeduid als pseudoniem of artiestennaam. Soms wil doet de artiest dat om zijn ware identiteit verborgen houden, maar het komt ook vaak voor dat de ware naam algemeen bekend is.

Opvallende voornamen[bewerken]

Bij het toekennen van voornamen doen zich vaak opvallende verschijnselen voor.

  • In Aziatische landen is een tendens tot mondialisering merkbaar: kinderen krijgen namen als Daisy of Sonny, terwijl voorheen inheemse namen de boventoon voerden.[bron?]
  • Ouders kunnen er soms toe besluiten hun kind een zeer ongebruikelijke, opvallende naam te geven.
  • Toen een Zweeds echtpaar zijn kind na vijf jaar nog geen naam had gegeven, en daartoe alsnog werd verplicht, koos het uit protest de naam Brfxxccxxmnpcccclllmmnprxvclmnckssqlbb11116. Dit werd in een gerechtelijke procedure afgewezen.[bron?] In Nederland zal zoiets niet voorkomen: de ambtenaar mag volgens de wet zelf een naam kiezen als de ouders het niet doen.
  • In Duitsland was de voornaam Adolf tussen 1945 en 2007 verboden vanwege de associatie met Adolf Hitler. Dit neemt niet weg dat het in andere landen wel eens is voorgekomen dat een kind de naam 'Hitler' of 'Adolf Hitler' als voornaam kreeg.
  • Een Belgisch kind is wel Rolex genoemd, in Nederland komt Pepsi als meisjesnaam voor.
  • Alfons Maria van Spanje staat te boek als de persoon met de meeste voornamen aller tijden.
  • In Nieuw-Zeeland kwam in 2008 een voogdijzaak voor de rechter over een 9-jarig meisje met de naam 'Talula does the Hula From Hawai'. Het meisje schaamde zich voor haar naam en werd ermee gepest. De rechter ontzegde uiteindelijk beide ouders de voogdij en haalde uit naar ouders die hun kinderen ongebruikelijke namen gaven en zo hun kinderen een sociaal stigma meegaven. Sindsdien zijn lokale overheden in Nieuw-Zeeland alerter op de voornaamkeuze bij geboorte-aangifte. Het meisje mocht een andere naam kiezen.

Wijzigen van de voornaam[bewerken]

Nederland[bewerken]

Een wijziging van de voornaam is in Nederland mogelijk indien de verzoeker hierbij zwaarwegende belangen heeft. Bijvoorbeeld als er bij aangiften van de geboorte een onjuiste naam is opgegeven, vanwege, de vezoeker de voornaam bespottelijk vind of een voornaam wil toevoegen of schrappen. Een verzoek tot wijziging van de voornaam wordt gedaan bij de Rechtbank van het arrondissement waarin de persoon geboren is of bij het Gerecht in Eerste Aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Bij naturalisatie van een vreemdeling worden voor- en achternaam door de overheid vastgesteld, meestal overeenkomstig de bestaande naam, maar de genaturaliseerde heeft een stem in de uiteindelijke vaststelling. Sinds 1 juli 2014 kunnen transgenders van 16 jaar en ouder hun voornaam (en geslacht) wijzigen bij de Burgerlijke stand van hun geboorteplaats.

België[bewerken]

In België kan een verandering van voornaam worden aangevraagd bij de Federale Overheidsdienst Justitie, Dienst Naamsverandering. De toelating tot naamsverandering wordt verleend bij ministerieel besluit, ondertekend door de Minister van Justitie. Daarin verschilt deze procedure van de wijziging van een achternaam, waarvoor een Koninklijk Besluit vereist is.

Voor de wijziging moet een registratierecht betaald worden, dat echter sterk gereduceerd is, indien de verandering wordt gevraagd omdat de oude voornaam belachelijk, hatelijk, vreemdklinkend of verwarrend is, bijvoorbeeld als men als man een typisch vrouwelijke voornaam heeft.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]