De Duffelt

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Zie het artikel Voor de gelijknamige molen, zie De Duffelt (molen).
De Duffelt bij Mehr
De Duffelt bij Frasselt

De Duffelt (Duits: Die Düffel) is de streek tussen Nijmegen en Kleef (Duitsland). Het gebied ligt in de driehoek van Nijmegen, Beek, Millingen aan de Rijn en Kleef. Belangrijke plaatsen zijn onder meer Leuth, Persingen, Millingen en Zyfflich. De noordgrens wordt gevormd door de Waal.

Geografie en geschiedenis[bewerken]

De Duffelt is een laaggelegen streek, een vroegere rivieroverstromingsvlakte gekenmerkt door een aantal boerderijen op hoge wierden. De Duffelt omvat zowel de Nederlandse delen van de laagvlakte als de Duitse gebieden en kan dus worden beschouwd als een voortzetting van de Nederlandse Ooijpolder. Soms spreekt men zelfs van 'De Duitse Ooijpolder'.

Het gebied is ontstaan door uitgeslepen bassins door smeltwater van de ijskap in de één na laatste ijstijd (200.000 jaar geleden). Tijdens de laatste ijstijd (50.000 jaar geleden), werd door sneller stromende rivieren veel zand en gravel in het gebied gevoerd.

In de eeuwen rond de start van de jaartelling maakte het gebied deel uit van de Romeinse grensstreek, de zogenaamde limes.

Van de 8e tot 10e eeuw wordt de Duffelgouw (Pagus Dublinsis, Tubalgouw, enz.) herhaaldelijk in de bronnen genoemd. In de 13e eeuw behoorde de Duffelt tot het gerecht Nijmegen en was vervolgens een ambt van het graafschap en later hertogdom Gelre.

Rond 1300 werden de eerste dijken in het gebied gebouwd om de rivieren te bedwingen; de dijk Kleef-Millingen-Kekerdom-Wijler als eerste. Rond die tijd verdween ook het laatste bos uit de streek, het Kranenburger Broek.

De Duffelt wordt al rond 1369 genoemd (als In Dufele) in de schattingslijsten van Gelre (bewaard in het Gelders Archief in Arnhem). In 1473 kwam de Duffelt aan het hertogdom Kleef en werd al snel administratief verenigd met het land Kranenburg. Met het hertogdom Kleef kwam de Duffelt 1609-14 bij Pruisen en 1794 bij het Franse Roerdepartement. Bijzonder is het bewaard gebleven kadasterboek uit het jaar 1701; het origineel zou uit het jaar 1667 dateren.[1] De gedetailleerde kaarten bevatten de namen van de eigenaren en de grootte van de percelen.

Na het Congres van Wenen in 1815 ging de Duffelt terug naar Pruisen, maar Kekerdom en Leuth kwamen ​​in 1816 bij Nederland.

Cultureel sluit de Duffelt nauw bij de aangrenzende Gelderse gebieden aan. Men vindt er windmolens en knotwilgen, ouderen dragen nog klompen en velen zijn het Nederlands nog machtig, dat in 1914 nog de taal van de Kerk was en nog veel langer de voertaal, onder ouderen soms nog steeds.

Naamgeving[bewerken]

Er zijn verschillende opvattingen over waar de naam vandaan komt, en er is geen eenstemmigheid over. Geopperd, maar meestal ook weer verworpen, is dat de oorsprong ligt in het Latijnse woord Duofluvius, twee rivieren. Een andere mogelijkheid is de vervoeging van het 14e-eeuwse woord Dufel of Duijffel (duivel). De lokale uitspraak is Düffel of Duffel. Ten slotte is er wellicht een relatie met een bos genaamd Duivelsbos (Duvlelo of Dubello) dat rond 700 aldaar gelegen was, en de Duivelsberg bij Ubbergen die uitziet op de Duffelt.

Een andere mogelijkheid voor de etymologie van Duffelt is aan te knopen bij een oudnoors woord 'thufa' met de betekenis 'heuvel', zoals wellicht ook aan de naam van het nabijgelegen Duiven ten grondslag ligt[2] en mogelijk het in de Duffelt gelegen dorp Düffelward. In dat geval zal de naam vermoedelijk van oorsprong aan (een deel van?) de bewoonde oeverwallen in het gebied gegeven zijn en pas later aan de (veel grotere) overstromingsvlakte.

Hoogtepunten[bewerken]

  • Gildekamer in Kalkar, met onder meer een opkamer, waar spullen heen gebracht werden tijdens een van de vele overstromingen die het gebied kende.
  • De Thornse Molen, een windmolen uit de 15e eeuw en oorspronkelijk nabij een verdedigingstoren (thorn = toren).
  • Natuurgebied de Millinger Waard.

Economische ontwikkeling[bewerken]

Bijzonder is de tabaksteelt ten zuiden van Bemmel, die rond 1800 op zijn hoogtepunt was. In tegenstelling tot de tabaksteelt in andere delen van het land, werd in de Duffelt het drogen van de tabak voornamelijk in kleine boerderijen gedaan. Nadat doden en gewonden als gevolg van bliksem en brand regelmatig voorkwamen werd verordonneerd dat dit voortaan in aparte tabaksschuren zou gebeuren, hetgeen een negatief economisch effect had op de kleine boeren in het gebied, die niet langer konden concurreren. Na het verdwijnen van de tabaksteelt bleef het gebied langere tijd economisch achter.

Vanaf de 18e eeuw komt de baksteenproductie op gang. Veel grote gaten waar zanderige klei uit de grond werd gehaald herinneren hieraan. De afvoer via de rivieren gaf het gebied een voorsprong door lagere transportkosten.

Genealogisch en historisch onderzoek[bewerken]

Verschillende Nederlandse familienamen vinden hun oorsprong in de Duffelt. Voorbeelden zijn Croes/Kroes/Kroeze en Nas/Nass/Nasche. Er is een heemkundevereniging die de geschiedenis en verhalen van de Duffelt bestudeert, Heemkundekring 'de Duffelt'. De uitdaging voor het doen van genealogisch of historisch onderzoek over de Duffelt is dat archivalia zich in Nederland of Duitsland kunnen bevinden, zowel in particuliere handen of bij de overheid.

Aangrenzende streken[bewerken]

   Aangrenzende streken   
 Over-Betuwe      Liemers 
 Rijk van Nijmegen  Brosen windrose nl.svg   
        

Trivia[bewerken]

Het sportpark van de Leuthse voetbalvereniging VVLK heet De Duffelt.