Gevlekte aronskelk
| Gevlekte aronskelk | ||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Taxonomische indeling | ||||||||||||||||
| ||||||||||||||||
| Soort | ||||||||||||||||
| Arum maculatum L. (1753) | ||||||||||||||||
| Afbeeldingen op | ||||||||||||||||
| Gevlekte aronskelk op | ||||||||||||||||
| ||||||||||||||||


Gevlekte aronskelk (Arum maculatum) is een plantensoort uit de aronskelkfamilie (Araceae).
Etymologie
[bewerken | brontekst bewerken]De naam aronskelk zou zijn oorsprong vinden in het verhaal dat de plant begon te groeien uit de staf van de Bijbelse figuur Aäron, hem daarmee als hogepriester der Israëlieten aanwijzende.
Determinatie
[bewerken | brontekst bewerken]Gevlekte aronskelk is een vaste, kruidachtige plant die een hoogte kan bereiken van 20–40 cm. De wortelstok loopt uit in een knolletje met vele zijwortels. De bladeren zijn groot en pijlvormig en soms bruin- en zwartgevlekt. De bloeiwijze verspreidt een lucht van rottend vlees. De bloeitijd loopt van april tot mei. De bessen zijn stralend rood.
Ecologie
[bewerken | brontekst bewerken]Gevlekte aronskelk komt vooral voor in eutrofe, kalkrijke en vrij vochtige loofbossen. Ook nabij heggen en in de buurt van longkruid en daslook komt de plant voor. Het is een echte stinsenplant.
De naar rottend vlees ruikende bloemen trekken vliegen aan. Wanneer ze op het blad van de bloeiwijze komen, dan glijden ze naar binnen. Ze kunnen de bloem dan niet verlaten. De volgende dag echter, is het blad minder glad waardoor ze de bloeiwijze verlaten kunnen en het stuifmeel mee naar buiten nemen.
Syntaxonomie
[bewerken | brontekst bewerken]In de syntaxonomie staat gevlekte aronskelk te boek kensoort voor de klasse van eiken- en beukenbossen op voedselrijke grond.
Gebruik
[bewerken | brontekst bewerken]De knollen van de plant bevatten veel zetmeel en kunnen gekookt of geroosterd gegeten worden. De plant zelf is giftig in verse toestand en licht giftig als deze gedroogd is. In de fytotherapie wordt de plant gebruikt tegen heesheid, hardnekkig hoesten en keelpijn. Aronskelk bevat aroïne, saponine, glycoside, lycopine en calciumoxalaat.[1] De bessen bevatten oxalaten van saponinen met naaldvormige kristallen die de huid, mond, tong en keel irriteren en resulteren in zwelling van de keel, ademhalingsmoeilijkheden, brandende pijn en maagklachten. Hun scherpe smaak, gekoppeld aan het bijna onmiddellijke tintelende gevoel in de mond wanneer ze worden geconsumeerd, betekent echter dat grote hoeveelheden zelden worden ingenomen en dat ernstige schade ongebruikelijk is.[2]
Bloeiende aronskelk wordt verwerkt in grafstukken. In de christelijke symboliek van de middeleeuwen stond de aronskelk symbool voor de maagd Maria.
Externe links
[bewerken | brontekst bewerken]- Gevlekte aronskelk op Flora van Nederland
- Gevlekte aronskelk in het Nederlands Soortenregister
- Verspreiding in Nederland volgens NDFF Verspreidingsatlas
- Kaarten met waarnemingen:
- ↑ Furlenmeier, M. (1978). De wonderlijke wereld der geneeskruiden. Antwerpen/Amsterdam: Uitgeverij C. de Vries-Brouwers p.v.b.a. ISBN 9061741432
- ↑ K. N. J. Prakash Raju, Kishen Goel, D. Anandhi, Vinay R. Pandit, R. Surendar & M. Sasikumar, Wild tuber poisoning: Arum maculatum – A rare case report. International Journal of Critical Illness and Injury Science (april-juni 2018). Gearchiveerd op 10 oktober 2021. Geraadpleegd op 27-8-2021.