Safed

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Safed
צפת
صفد
Stad in Israël Vlag van Israël
Safed
Safed
Situering
District (mechoz) Noord
Coördinaten 32° 58′ NB, 35° 30′ OL
Algemeen
Oppervlakte 40 km²
Inwoners (2003) 26.600
Hoogte 900 m
Foto's
Safed - stadsgezicht
Safed - stadsgezicht
Portaal  Portaalicoon   Israël

Safed (Hebreeuws: צפת Tzfat, Arabisch: صفد Safad) is een stad in het noordelijke district van Israël in de bergen van Galilea, ongeveer 900 meter boven zeeniveau. In de winter ligt er vaak sneeuw. Deze stad is ongeveer in het jaar 66 na Chr. in Galilea gesticht. Volgens het Israëlische Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) had de stad in 2003 26.600 inwoners. Op de zuidelijke helling ligt een oude joodse wijk, waarvan enkele huizen uit de 16e eeuw stammen. Het Palestijnse dorp Akbara is sinds 1977 onder de jurisdictie van Safed geplaatst. De stad is tweemaal door de kruisvaarders veroverd en is verscheidene keren door aardbevingen getroffen.

Geschiedenis[bewerken]

Safed gelegen in Galilea wordt door Flavius Josephus (eerste eeuw n.Chr.) vermeld als vesting in de opstand tegen de Romeinen. De stad is gebouwd rond het kruisvaardersfort, dat neerkeek op de verschillende wijkenn van de stad. Op het hoogste punt van de stad staan de overblijfselen van deze vesting.[1].

Tijdens het Ottomaanse Rijk werd Safad een regionaal administratief centrum, de Sancak van Safad, in de Vilâyet van Sãm. (De grenzen van Sancaks bestonden uit natuurlijke begrenzing als de Jordaan, bergketens, en dergelijke). Deze Sancak omvatte zes, en later vijf units van het Mammelukse Mamlakah van Safad, waarin de dorpjes her en der lagen verspreid. De Mammelukken hielden er nauwelijks een administratie op na, zodat er weinig over die tijd bekend is. Het merendeel van de bevolking woonde in de dorpjes en leefde van de landbouw en veeteelt. In 1525 begon het Ottomaanse Rijk het land te inventariseren en te belasten. Ook de bevolking werd geregistreerd.[2] Met zijn locatie halverwege tussen Tyrus, Jaffa en Jeruzalem, werd Safad al in de 13e eeuw een kruispunt met de belangrijkste zuidelijke handelsroutes van Syrië. De Arabieren en Joodse kolonisten begonnen daardoor naar het hoog gelegen bolwerk te trekken.[3]

Bevolking[bewerken]

In de 12e eeuw bezocht Benjamin van Tudela Safad en schreef dat hij er geen enkele jood gezien had.[4] Volgens genizah-documenten zou er in de 13e eeuw joodse aanwezigheid zijn geweest. [5] Een gemeenschap van Sefardische joden begon zich tegen het einde van de 15e eeuw langzamerhand uit te breiden. Vanaf begin 16de eeuw, toen vele joden Spanje moesten ontvluchten na de reconquista, vestigden velen van hen zich in Safad, waardoor de moslims daar in de minderheid kwamen. In de dorpjes woonden echter overwegend moslims; er waren een paar gemengde moslim-christen of moslim-joodse dorpjes, en één geheel christelijk dorp. Er waren geen joods-christelijke dorpen. De bevolking bereikte zijn piek halverwege deze eeuw. In 1525 had Safad 4808 inwoners: 3644 moslims en 1160 joden; in 1595 woonden er totaal 12,683: 4553 moslims en 8130 joden. Christenen waren zo goed als verdwenmen.[6] Er ontwikkelde zich een bloeiende textielindustrie tot tegen het einde van de 16e eeuw, toen bedoeïenen in opstand kwamen en er plaatselijke verstoringen optraden. Daarna liep de periode van voorspoed terug tot in de 19e eeuw. De inwoners van de late jaren van de 19e eeuw zijn niet noodzakelijkerwijs afstammelingen van die uit de 16e eeuw, aangezien er een constante immigratie en emigratie is geweest gedurende het Ottomaanse Rijk.[7]

Mystiek[bewerken]

Safed werd in de 16 eeuw een centrum van een mengeling van joodse mystiek, de kabbala (een fusie van theosofie met messianisme) en moslim-mystiek, Soefisme; er werd gezamenlijk op gestudeerd. Twee joodse mystici, Mozes Cordovero, (een sefardische jood) en Isaac Luria (een Asjkenazische jood), hebben in deze stad gewoond. Het joodse wetboek Shoelchan Aroech werd hier geschreven door Josef Karo, naar wie een synagoge is vernoemd. Vele rabbijnen vestigden zich er en er ontwikkelde zich een joodse religieuze en intellectuele vitaliteit. Aan het eind van de 16e eeuw waren er dertien synagogen, vier seminaries en een groot aantal plaatselijke studenten.[8]

Warning icon.svg De neutraliteit van dit gedeelte wordt betwist.
Zie de bijbehorende overlegpagina voor meer informatie.

In 1777 vestigden zich nogmaals 300 joodse immigranten in Safad waardoor het aantal synagogen opklom tot 30. Op de verschillende heuvels van de stad ontstonden verschillende delen. Volgens Burkhardt behoorden van de 600 huizen er 150 aan joden, en van 80-100 aan christenen. Volgens katholieke monniken waren er in Safad tussen de 100 en 1500 woningen waarvan 300-350 van Joden waren en de rest Turks.

In 1851 was volgens waarnemers het grootste deel van de bevolking joods.[9]

De belangrijke joodse bevolking van Safed heeft verscheidene pogroms gekend: januari 1517[10], in 1567, 1587, 1602, 1628 en 1636 [11], in 1799[12], de pogrom in 1834, de pogrom van 1838 door Druzen en andere moslims gedurende drie dagen met het plunderen van hun huizen en synagogen[13][14][15] en de pogrom in 1929 [16]

De sultan had in 1549 beslist een muur te bouwen en er een garnizoen te stationneren om de joodse bevolking te beschermen.[17]

In 1561 kreeg de famillie Nassi de stad Tiberias en de onstreken waaronder Safed als gift en concessie van de sultan om er meer Joden te kunnen vestigen.[18]

In de tweede helft van de 19de eeuw kwam hier een grote groep ballingen uit Algerije en Circassië en immigranten uit Damascus en Transjordanië wonen. De geschiedenis van Palestijnse moslims en christenen in Safed is nauwelijks ergens vermeld. Sporen van de moslimtraditie en de Arabische cultuur zijn bijna niet meer te vinden. De oude in goud geschilderde moskee, het hart van de religieuze en seculiere activiteiten van de moslimgemeenschap, is nu in de Israëlische kleuren lichtblauw geschilderd. Er is de Ari-synagoge, genoemd naar rabbijn Ari, de 'Leeuw', die hier in de 16de eeuw doceerde. Ook ligt hier een oude joodse begraafplaats. De stad is samen met Jeruzalem, Hebron en Tiberias een van de vier heilige plaatsen van het jodendom.

In de nauwe geplaveide stegen van de oude moslimwijk, nu de kunstenaarswijk Qiryath Hazayarim, zijn werkplaatsen van onder meer glasblazers, kaarsenmakers, wevers en kunstsmeden.

Arabisch-Israelische oorlog van 1948[bewerken]

Voor de Arabisch-Israelische Oorlog van 1948 telde Safad 10.000 Palestijns-Arabische en 2000 joodse inwoners. De strijd om Safad begon 5 januari 1948 toen de joodse wijk van het dorp door de Arabieren afgesloten werd van de buitenwereld[19]. Begin januari was er een "agressieve reconnaisance incursie door enkele Hagana-strijders in enkele wijken en het marktplein" geweest [20]

De Britten trokken zich op 16 april terug uit het stadje. De Citadel en het Tegart-fort hadden ze daarbij aan de Arabieren overhandigd. Het stadje werd uiteindelijk op 1 juni ingenomen door de Palmach, de commando-eenheid van de Haganah. Die had 1000 man tot haar beschikking. Dan waren er nog een 200 "gewone" Haganastrijders.[21] Het stadje werd verdedigd door 400 vrijwilligers van het Arabische Bevrijdingsleger (Arab Liberation Army) waarvan Fawzi al-Qawuqji die tijdens de 2de wereldoorlog met de nazis collaboreerde, de opperbevelhebber was. Een Syrische officier, Ihasn Qam Ulmaz , was daarbij hun charismatische aanvoerder "te velde".[22] Hij werd echter vervangen en er ontstonden onenigheden tussen de Arabische milities. [23] Nadat de Palmach eerst het rondom liggende platteland had veroverd, begon op 29 april hun eigenlijke aanval om het stadje in te nemen. Op 100 bejaarden na werden alle Arabisch-Palestijnse inwoners verdreven. Ook deze werden - op 5 juni - verdreven (naar Libanon) getuige een dagboekaantekening van Ben-Gurion.[24]

Mahmoud Abbas, die in 1935 in Safad werd geboren, moest afscheid nemen van het stadje van zijn jeugd toen zijn ouders met hun gezin moesten vluchten of werden verdreven.

Bij de verovering van Safad in de Arabisch-Israëlische Oorlog van 1948 is het Palestijnse dorp Akbara door militaire operaties verwoest.[25][26].

Verjoodsing[bewerken]

In oktober 2010 vaardigden senior-rabbijnen een edict uit om geen huizen aan niet-joden te verkopen (met het oog op de Palestijns-Arabische burgers die een vijfde van de bevolking van Israël vormen). Hierdoor lokten zij een serie aanvallen door ultra-nationalistische Joden uit. Verscheidene huizen van Arabieren zijn door deze Joden aangevallen met spreekkoren als "Dood aan de Arabieren". Ook zijn Arabische studenten geslagen of werd er op hen geschoten Safed's opperrabbijn, Shmuel Eliyahu [27]. is in dienst van de gemeente als hoofd van de religieuze raad. Ook in de omliggende streek van Galilea wordt gepropageerd wat de regering aanduidt met de term "judaïsatie", een programma om meer Joden te stimuleren zich te vestigen in de overwegend Arabische regio.[28]

Geboren in Safed[bewerken]

Bezienswaardigheden in en rondom Safed[bewerken]

  • Beit Hameiri (geschiedkundig museum)
  • Citadel
  • Kabbala museum
  • Rode moskee
  • Sefardi Ari (oude synagoge)
Safed, gezicht naar het oosten en het Meer van Galilea (2006)

Externe link[bewerken]

Zie ook[bewerken]