Abdul-Jabbar van de Ven
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Abdul-Jabbar van de Ven (geboren als Jilles Lambertus Henricus van de Ven, later veranderd in Abd ul-Jabbar) ('s-Hertogenbosch, 23 februari 1977) is een Nederlands islamitisch prediker.
Inhoud |
[bewerken] Levensloop
Van de Ven werd rooms-katholiek opgevoed maar bekeerde zich in 1991 op zijn 14e verjaardag tot de islam en wel in een Turkse moskee. Al vroeg leerde hij Arabisch.
Van de Ven begon zijn intensieve zoektocht naar Islamitische kennis door zeven dagen per week, drie jaar lang, privé-lessen te volgen van een Algerijnse imam die op zijn beurt in Pakistan en Jemen had gestudeerd. Daarna studeerde van de Ven een tijdje in Amman (Jordanië), waarna hij uiteindelijk in Saoedi-Arabië aan de Islamitische Universiteit van Medina ging studeren. Buiten school woonde hij in Medina de lessen bij van de bekende Islamitische geleerde 'Abdoel-Qaadir bin Shaybah Al-Hamd. In Nederland begon hij aan een universitaire studie Arabisch en Islam aan de Nijmeegse Radboud universiteit waar hij een master-opleiding volgt. Tevens volgde Van de Ven een opleiding Indonesisch aan deze zelfde universiteit. Naar eigen zeggen is hij met name sterk beïnvloed door de werken van imam Ibn Qayyim Al-Djawziyyah.
Sinds circa 1999 draagt Van de Ven zijn opvattingen over de islam als godsdienstleraar uit in moskeeën en daarbuiten (vooral ook aan jongeren) en via publicaties, onder andere op internet. Ook heeft hij verschillende islamitische werken vertaald naar het Nederlands, zoals de Hadithverzameling "Riyaadh-oes-Saalihien" van imam An-Nawawie,"Talkhies Ahkaam-oel-Djanaa'iz" van Naasiroeddien Al-Albaanie en "Christ in Islam" van Ahmed Deedat.
Vanwege zijn overgang tot de islam veranderde Van de Ven zijn voornaam in Abdul-Jabbar. Hij kan als een fundamentalistisch moslim worden gekarakteriseerd, alhoewel hij dat zelf relativeert. In een interview met Trouw gaf hij echter aan deze titel als een eer te beschouwen en de Taliban als dé vertegenwoordigers van de Islam te zien.[1] Van de Ven is enige tijd voorzitter geweest van de Nederlandse afdeling van het Islamic Propagation Centre International (IPCI), een islamitische bekeringsorganisatie die haar basis heeft in het Zuid-Afrikaanse Durban, onder leiding van sjeik Ahmed Deedat. Deze laatste heeft geld ontvangen van de als conservatief-islamitisch bekend staande familie Bin Laden [2].
[bewerken] 'Het Elfde Uur'
In november 2004 kwam Van de Ven, die werd gezien als de inspirator van terreurverdachte Jason W. en volgens krantenberichten ook van Mohammed B., de moordenaar van Theo van Gogh, in opspraak, toen hij in het televisieprogramma Het Elfde Uur van de Evangelische Omroep aan interviewer Andries Knevel desgevraagd antwoordde dat hij niet zou treuren om de dood van het Tweede Kamerlid en criticus van de islam Geert Wilders. Van de Ven merkte in het programma op dat hij hoopte dat dit niet zou plaatsvinden door een moordaanslag van een moslim, maar dat hij er niet rouwig om zou zijn als het een natuurlijke dood door een zware ziekte zou betreffen. Ook gaf hij toe dat hij iets van blijdschap voelde toen hij vernam dat Theo van Gogh was vermoord. Minister Verdonk (Vreemdelingzaken en Integratie) betoonde zich hoogst verontwaardigd over de uitlating en wilde de kwestie tot op de bodem laten uitzoeken. Centrale vraag daarbij zou zijn of Van de Ven zich schuldig had gemaakt aan strafbare feiten. Ze waarschuwde ervoor dat de imam als leraar een grote verantwoordelijkheid heeft. Ook de Tweede Kamer reageerde verbijsterd. CDA-Kamerlid Sterk, in de uitzending aanwezig, noemde de kwetsende opmerkingen "onacceptabel". Volgens Sterk zou er een "totaal verkeerde werking" uitgaan van de woorden van de imam, die er prat op zou gaan dat hij een groot bereik heeft onder islamitische jongeren: "Wanneer deze imam als rolmodel voor jongeren functioneert en dergelijke taal uitslaat, is dat een levensgevaarlijke ontwikkeling die abrupt moet worden gestopt".
Van de Ven was door de veiligheidsdienst AIVD in verband gebracht met terreurverdachte Jason W., die een aanslag zou hebben beraamd op Geert Wilders. W. werd op 10 november 2004 na de urenlange belegering in de Haagse Antheunisstraat ingerekend samen met de 22-jarige Ismail A. Beiden werden betiteld als lid van de "Hofstadgroep". Programmamaker Knevel reageerde geschokt op de uitspraken van zijn gast: "Het enige positieve is dat Van de Ven eerlijk is en voor zijn mening uit durft te komen."[3] [4] [5].
De uitspraak zorgde voor veel opschudding, behalve in de Tweede Kamer ook bij het kabinet-Balkenende, dat hierover zijn verontwaardiging uitte. In een verklaring achteraf verklaarde Van de Ven dat hij beter niet had kunnen antwoorden op deze vraag van interviewer Andries Knevel en dat hij zulke dingen nooit in zijn lessen verkondigt. Van de Ven dook vervolgens onder, omdat hij met de dood zou zijn bedreigd. Minister Donner van Justitie wilde dat het openbaar ministerie zou onderzoeken of Van de Ven om de uitspraak kon worden vervolgd: "Als dit niet strafbaar is, moeten we andere maatregelen nemen om het verder vergiftigen van het debat te voorkomen." [6]. Het OM stelde een onderzoek in, maar besloot uiteindelijk om Van de Ven niet strafrechtelijk te vervolgen. De uitspraken waren weliswaar afkeurenswaardig, maar niet in strijd met de wet. De doodsverwensing viel niet onder de strafbepaling van opruiing. Minister Donner berichtte de Tweede Kamer in een brief dat er geen sprake was van "uitlatingen die oproepen tot enig strafbaar feit of gewelddadig optreden tegen het openbaar gezag". Ook vervolging op grond van het aanzetten tot haat, discriminatie, belediging of bedreiging bleek onmogelijk.
De uitspraken moesten volgens de minister worden gezien als meningen die onder de vrijheid van meningsuiting vielen. Desalniettemin had Donner geen goed woord over voor de uitlatingen van de imam: "Ik acht ze weinig opbouwend en in alle gevallen onverantwoord en afkeurenswaardig in de huidige tijd".
De fractievoorzitters in de Tweede Kamer hebben de justitieminister onlangs gevraagd alle mogelijkheden te onderzoeken om keihard op te treden tegen de omstreden imam.
Daarbij moest ook worden bekeken of de doodsverwensing als een vorm van radicalisme kan worden gezien, waar tegen opgetreden kan worden.
Donner is, zoals hij al eerder heeft aangegeven, bereid om te bekijken of de huidige strafbaarstellingen verruimd kunnen worden.
De minister wil nog niet vooruitlopen op de uitkomsten van dit onderzoek.. [7]
In april 2008 debuteerde Van de Ven als auteur. Hij schreef samen met de arabist Hans Jansen het boek Bombrieven. Paul Witteman verklaarde in een aflevering van de talkshow Pauw en Witteman, die was aangekondigd als debat tussen Jansen en Van de Ven, dat Abdul-Jabbar niet meer met zijn co-auteur in debat durft te gaan. Aanleiding voor Jansen om een herdruk van het boek te verbieden. Jansen tegenover het ANP: "We hebben het boek gemaakt in de geest van de dialoog, maar plots wilde mijnheer opeens geen dialoog meer. Ik ga die man niet op het paard hijsen als hem het fatsoen ontbreekt afspraken na te komen."[8]
[bewerken] Zie ook
Bronnen, noten en/of referenties:
- ↑ Jonge fundamenten, Trouw, 21 dec 2001
- ↑ Joan van den Dungen & Joost de Haas "Beweging Abdul-Jabbar heeft banden met familie Bin Laden", in dagblad De Telegraaf, 25 november 2004, pag. 3
- ↑ "Imam wenst Geert Wilders dood", in dagblad De Telegraaf, 24 november 2004, pag. 1
- ↑ "Abdul-Jammar van de Ven (25), inspirator van Mohammed B., wenst hardop dood van Geert Wilders; Imam duikt na uitspraak onder ", in dagblad Het Parool, 24 november 2004, pag. 7
- ↑ "Politici walgen van doodsverwensing; Donner: Weinig kans op strafzaak imam Van de Ven", in dagblad De Telegraaf, 25 november 2004, pag. 3
- ↑ "Minister Donner vraagt OM of vervolging kan; 'Malloten als Van de Ven vergiftigen debat'", in dagblad Het Parool, 25 november 2004
- ↑ Alexandra van den Bos "Imam Van de Ven wordt niet vervolgd", in dagblad De Telegraaf, 31 december 2004, pag. 7
- ↑ Trouw; "Arabist verbiedt herdruk brievenboek"

