Tweede Kamer der Staten-Generaal

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken
Zetelverdeling november 2006

De Tweede Kamer der Staten-Generaal (ook Tweede Kamer genoemd) vormt tezamen met de Eerste Kamer de Staten-Generaal van het Koninkrijk der Nederlanden (ook bekend als het parlement). Ze is te vergelijken met de Kamer van Volksvertegenwoordigers in België, het Lagerhuis in het Verenigd Koninkrijk en de Bondsdag in Duitsland. De Tweede Kamer wordt samengesteld door een verkiezing.

Inhoud

[bewerken] Functioneren

Hoewel de naam misschien het tegendeel doet vermoeden, heeft de Eerste Kamer in de Nederlandse politiek minder macht dan de Tweede. In de Tweede Kamer ontstaan regeringscoalities en vallen ze weer uiteen. Ook worden ministers er ter verantwoording geroepen voor hun beleid. De Eerste Kamer heeft deze macht ook, maar dat gebeurt veel minder vaak. Een minister of kabinet kan niet aanblijven zonder het vertrouwen van (een meerderheid in) de Tweede Kamer.

De Tweede Kamer heeft in hoofdzaak drie taken:

  • controle op regeringsbeleid,
  • medewetgever (met de regering en de Eerste Kamer) en
  • vertegenwoordiging van de bevolking.

Om de regering te kunnen controleren, heeft de Tweede Kamer verschillende rechten en instrumenten. Een belangrijke bevoegdheid van de Tweede Kamer is het budgetrecht of recht van begroting. Dat is de mogelijkheid begrotingen van de ministeries goed en af te keuren en om ze te wijzigen. Ook het recht van interpellatie en het recht van enquête hoort hierbij. Een van de belangrijkste rechten bij de wetgeving is het recht van amendement. Dat is de mogelijkheid om wetsontwerpen op onderdelen te wijzigen (Zie: Nederlandse wetgeving). Als een meerderheid van de Kamer het amendement steunt, dan wordt de verlangde wijziging aangebracht. Een minister die daar grote bezwaren tegen heeft kan dreigen met aftreden of met intrekking van het gehele wetsontwerp.

Een ander instrument van de Kamer is de zogenaamde motie. In een motie spreekt de Kamer een mening uit of vraagt zij een minister of het hele kabinet om iets te doen of juist na te laten. Zo'n uitspraak weegt minder zwaar dan een amendement, omdat hij niet bindend is. Een minister kan een motie naast zich neerleggen.

Gebouw van de Tweede Kamer, ingang aan het Plein in Den Haag.

De Tweede Kamer heeft ook het recht van initiatief. Dat is het recht om wetsvoorstellen in te dienen. De meeste wetsvoorstellen worden opgesteld door de regering, maar een paar keer per jaar dient/dienen 1 of enkele Kamerleden een zogeheten initiatiefwetsvoorstel in. De indiener(s) zit(ten) dan achter de regeringstafel om hun wetsontwerp te verdedigen, ook in de Eerste Kamer.

Verder kan de Kamer gebruikmaken van het recht van interpellatie. In minder zwaarwegende kwesties kunnen ministers door Kamerleden aan de tand worden gevoeld tijdens het wekelijkse mondelinge vragenuurtje van de Tweede Kamer. Ook bestaat de mogelijkheid om schriftelijke vragen te stellen, waarop de betrokken minister of staatssecretaris verplicht is te antwoorden.

In uitzonderlijke gevallen maakt de Kamer gebruik van het recht van enquête. Een speciaal daarvoor benoemde commissie onderzoekt dan in een bepaalde kwestie het regeringsbeleid tot op de bodem. Betrokkenen kunnen onder ede worden gehoord en gegijzeld worden. Bekende voorbeelden zijn de enquête naar de Bijlmerramp en de enquête naar Bouwfraude (2002). In minder zware gevallen volstaat een Parlementair Onderzoek, waarbij getuigen niet onder ede staan.

In de Tweede Kamer is plaats voor 150 vertegenwoordigers van de politieke partijen die bij algemene, landelijke, democratische Tweede Kamerverkiezingen in de Kamer worden gekozen op basis van evenredige vertegenwoordiging. Een plaats wordt een zetel genoemd; de vertegenwoordigers worden Kamerleden of parlementariërs genoemd. Voor 1917 werd er gebruik gemaakt van een ingewikkeld districtenstelsel waarbij alleen bepaalde mannen mochten stemmen. In 1917 en 1919 werd de wet zo aangepast dat alle mannen en respectievelijk vrouwen ook mochten stemmen. Voor november 1956 waren er maar 100 zetels.

Nadat op 29 juni 2006 het Kabinet-Balkenende II is gevallen, hebben de laatste verkiezingen op 22 november 2006 plaatsgevonden.

[bewerken] Leden

De zetelverdeling in de Tweede Kamer vanaf 22 november 2006 (aantallen vergeleken met periode 2003-2006):

Politieke partij Ideologie vorige Lijsttrekker Huidige fractievoorzitter Stemmen Zetels Verschil
Christen Democratisch Appèl (CDA) christendemocratisch Jan Peter Balkenende Pieter van Geel 2.608.573 41 -3
Partij van de Arbeid (PvdA) sociaaldemocratisch Wouter Bos Mariëtte Hamer 2.085.077 33 -9
Socialistische Partij (SP) socialistisch Jan Marijnissen Agnes Kant 1.630.803 25 +16
Volkspartij voor Vrijheid en Democratie (VVD) conservatief liberaal Mark Rutte Mark Rutte 1.443.312 22 -6
Partij voor de Vrijheid (PVV) conservatief Geert Wilders Geert Wilders 579.490 9 +9
GroenLinks (GL) groen Femke Halsema Femke Halsema 453.054 7 -1
ChristenUnie (CU) Christelijk-Sociaal André Rouvoet Arie Slob 390.969 6 +3
Democraten 66 (D66) progressief liberaal Alexander Pechtold Alexander Pechtold 193.232 3 -3
Partij voor de Dieren (PvdD) dierenrechten Marianne Thieme Marianne Thieme 179.988 2 +2
Staatkundig Gereformeerde Partij (SGP) reformatorisch Bas van der Vlies Bas van der Vlies 153.266 2 -

Totaal (opkomst 80.0 %) met 9.654.475 stemmen voor 150 zetels. Gegevens van zetelverdeling in de Tweede Kamer van 1888 tot en met 2006.

[bewerken] Voorzitters

Vanaf de instelling van de Tweede Kamer in 1815 werd de voorzitter benoemd door de Kroon. Vanaf 1848 had de Kamer het recht een tweevoudige voordracht op te maken: de nummer 1 werd dan benoemd tot voorzitter en nummer 2 werd eerste vice-voorzitter. In de grondwet van 1983 is opgenomen dat de Kamer zelf een voorzitter kiest.

Lange tijd werden achter de schermen afspraken gemaakt over een evenwichtige bezetting van de hoge ambten als vicepresident Raad van State en de kamervoorzitters. In het revolutiejaar 2002 kwam hieraan een einde. De Tweede Kamer koos voor een open procedure. Frans Weisglas van de VVD stelde zich kandidaat terwijl zijn partij de positie had toegedacht aan de aftredende vice-premier Annemarie Jorritsma. Hij gaf glans aan het ambt tot aan zijn vertrek op 29 december 2006. Op 6 december 2006 is Gerdi Verbeet (PvdA) verkozen tot voorzitter van de Tweede Kamer. Deze backbencher versloeg politieke corifeeën als Henk Kamp en Maria van der Hoeven.

Een historisch overzicht van Kamervoorzitters is opgenomen in de lijst van voorzitters van de Tweede Kamer.

[bewerken] Burgers

Was een vergadering van de Tweede Kamer in 1814 aanvankelijk besloten, in de grondwet van 1815 werd zij onder druk van de Belgen openbaar. In 1859 kwam er een perstribune in de vergaderzaal. Uitzending van debatten door de radio en later de televisie hebben de openbaarheid aanzienlijk vergroot. Sinds 1968 houdt de Kamer ook hoorzittingen, waarin deskundige of belanghebbende burgers inlichtingen kunnen verschaffen aan de Kamer of een van haar commissies.

Sinds 2006 kent de Kamer het burgerinitiatief. Kiesgerechtigden kunnen met 40.000 handtekeningen een onderwerp voordragen voor de Kameragenda. Dit onderwerp mag niet in strijd zijn met de grondwet en mag niet de laatste twee jaar in de Kamer aan de orde zijn geweest. Sinds 1 januari 2008 kan de actie voor een burgerinitiatief ook op het internet worden gevoerd.

[bewerken] Griffiers

Sinds 1 november 2004 is Jacqueline Biesheuvel-Vermeijden griffier van de Tweede Kamer. Zij is de eerste vrouw die dit ambt bekleedt. Zie ook lijst van griffiers van de Tweede Kamer der Staten-Generaal.

[bewerken] Gebouw

In de hal, de Statenpassage, staan vele beelden op voetstukken. Op de eerste verdieping liggen de grote vergaderzaal van de Tweede Kamer en diverse kleinere vergaderruimtes voor bijvoorbeeld commissievergaderingen.

Verder is in het gebouw nog de Handelingenkamer, waar alle Handelingen zich bevinden.

[bewerken] Vak K

  • Vak K is een speciaal gedeelte van de plenaire zaal van de Tweede Kamer waar bewindslieden plaatsnemen tijdens debatten.

[bewerken] Zie ook

[bewerken] Externe links

[bewerken] Bronnen, noten en/of referenties

Bronnen, noten en/of referenties:

 
Persoonlijke instellingen
Boek maken