Altamira (grot)
| Grot van Altamira en de paleolithische grotkunst in Noord-Spanje | ||
| Werelderfgoed cultuur | ||
| Replica in het Museo Arqueológico Nacional | ||
| Land | ||
| UNESCO-regio | Europa en Noord-Amerika | |
| Criteria | i, iii | |
| Inschrijvingshistorie | ||
| UNESCO-volgnr. | 310 | |
| Inschrijving | 1985 (9e sessie) | |
| Uitbreiding | 2008 | |
| Kaart | ||
|
|
||
| UNESCO-werelderfgoedlijst | ||
Altamira is een grot in Spanje, die bekend staat om zijn rotstekeningen. De grot ligt in Cantabrië, nabij het dorp Santillana del Mar, 30 km ten westen van Santander.
De grot is 270 meter lang, de hoogte varieert van twee tot zes meter. De rotstekeningen staan op de werelderfgoedlijst van UNESCO.
Honderdvijftig tekeningen waarvan de ouderdom wordt geschat op 15000 jaar, zijn te vinden na vijftien minuten wandelen. Er werden geen mensen afgebeeld, enkel bizons, herten, paarden en everzwijnen. De kleuren zijn zwart, oker en rood en de kunstenaars maakten dankbaar gebruik van de welvingen van de rotswand om hun schilderingen een extra dimensie te geven.
[bewerken] Ontdekking
In 1879 vond Marcelino Sanz de Sautuola hier veelkleurige laat-paleolithische rotstekeningen, voorstellende dieren zoals bizons en paarden. Ook werden er handafdrukken gevonden.
Omdat de toegang tot de grot lange tijd door een rotsblok versperd was, werd de tekeningen pas in 1879 ontdekt, door de dochter van de landeigenaar, markies Don Marcelino Sanz de Sautuola. Daarna begon voor deze amateur-archeoloog een langdurige strijd om erkenning: collega archeologen geloofden namelijk niet dat de gevonden schilderingen uit het paleolithicum stamden. Don Marcelino werd zelfs beschuldigd van vervalsing. Pas vijftien jaar na zijn dood erkenden zijn tegenstanders dat zij ongelijk hadden.
Zonder aanvankelijk veel acht te slaan op de rotswanden of bodem liet de eigenaar toegang tot de grot afsluiten met een poort om verdere ongelukken te voorkomen. Elf jaar later bezocht de markies in Parijs een tentoonstelling over prehistorische wapens en werktuigen en bedacht toen dat er in zijn grot ook dergelijke dingen zouden kunnen liggen. Hij onderzocht de grot en vond grote hoeveelheden vuistbijlen, pijlpunten, stenen messen en naalden uit het solutréen en het magdalénien. Pas op dat ogenblik ontdekten zijn dochter en hij ook de met zachte kleuren aangebrachte afbeeldingen. Een zoutlaag, teken van hoge ouderdom, bedekte de schilderingen.
In eerste instantie geloofden de wetenschappers niet dat het ging om tekeningen uit de prehistorie. Het was pas nadat men in ook Zuid-Frankrijk dergelijke vondsten aantrof, dat de aanvankelijke sceptici geloof begonnen te hechten aan de verklaringen van de markies en hem in een tijdschrift officieel hun excuus aanboden ("Mea culpa d'une sceptique"), maar de markies was toen al 14 jaar overleden.
[bewerken] Aftakeling van de grot
In 1959, honderdvijftig eeuwen na hun ontstaan, werd geconstateerd dat de tekeningen in de grot van Altamira hun kleur begonnen te verliezen en te verdrogen. Op last van de regering werd de grot gesloten voor het grote publiek. Bezoekers worden nu slechts mondjesmaat toegelaten. Voor bezoek aan de echte grot bestaat een wachtlijst van meer dan drie jaar. In de nabije omgeving werd wel een kopie van de grootste ruimte gemaakt, die te bezoeken is door toeristen. In het Deutsches Museum te München kan men eveneens een kopie van de grot bezoeken.
[bewerken] Externe link
| Zie de categorie Altamira (cave) van Wikimedia Commons voor meer mediabestanden. |