Balkenendenorm
De Balkenendenorm (ook JP-norm, minister-presidentnorm of premiernorm) is een vrijwillige norm uit 2006 volgens welke openbare bestuurders in Nederland niet meer zouden mogen verdienen dan 130 procent van een ministerssalaris.[1] De Balkenendenorm is vernoemd naar Jan Peter Balkenende, minister-president van Nederland van 2002–2010. De norm is tot stand gekomen nadat er de afgelopen jaren een toenemende maatschappelijke verontwaardiging was ontstaan over de hoge salarissen (en ontslagvergoedingen) voor openbare bestuurders, vooral indien ook nog sprake was van slecht functionerende bestuurders. In 2009 zaten in Nederland zo'n 2.039 werknemers boven de norm, 6% meer dan in 2008. Driekwart van hen zit in de zorg; daarvan is bijna de helft medisch specialist.[2]
De Balkenendenorm is dus geen verplichte norm en geen formeel instrument. Een formeel instrumentarium om de inkomens in de publieke en de semipublieke sectoren te normeren bestaat nog niet. Het salaris van een minister bedroeg in 2011 op jaarbasis € 144.000 inclusief vakantiegeld en eindejaarsuitkering. Daarnaast krijgt hij een vaste onkostenvergoeding en maakt hij aanspraak op een aantal andere tegemoetkomingen en voorzieningen.[3] Intussen is de term Balkenendenorm verouderd en wordt gesproken van de zgn. WOPT-norm[4] die eveneens 130% van het ministerssalaris bedraagt. Jaarlijks wordt dit bedrag vastgesteld in een ministeriële regeling. In 2010 bedroeg de norm € 193.000,-.[5] In 2011 gaat het om € 187.340 plus een maximale onkostenvergoeding van 7.560 Euro.[2] Topinkomens bij de overheid die hoger zijn dan het gemiddeld belastbaar jaarloon van ministers zijn openbaar en moeten jaarlijks worden gepubliceerd.
Inhoud |
[bewerken] Praktijk
Door de politieke gevoeligheid zijn de inkomens van Nederlandse ministers in het algemeen, en die van de minister-president in het bijzonder, relatief laag in vergelijking met de salarissen bij ondernemingen. Aan bepaalde overheidsfunctionarissen wordt daarom een veel hoger salaris toegekend dan dat van de minister-president. Voorbeelden zijn bestuurders bij financiële instellingen als De Nederlandsche Bank en de Autoriteit Financiële Markten.
Ook andere functionarissen die geheel of grotendeels betaald worden uit publieke fondsen, zoals directeuren van zorginstellingen, bestuurders van zorgverzekeringen, medewerkers van de publieke omroep, onderwijsinstellingen, woningbouwcorporaties, bestuurders van openbaarvervoerbedrijven, energiebedrijven en zelfs sociale diensten, worden niet zelden beter betaald dan de minister-president, hoewel hun verantwoordelijkheden toch aanzienlijk geringer zijn. Ook deze bestuurders roepen gemakkelijk publieke verontwaardiging over zich af wanneer zij zichzelf te ruimhartig bedelen. Dat overkwam bijv. Nurten Albayrak (bestuursvoorzitter van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA)) die naast het te hoge salaris dat zij zichzelf zou hebben toegekend ook een te dure dienstauto zou hebben aangeschaft en die door minister Gerd Leers op non-actief werd gesteld.[6]
Ook Dirk Jan van den Berg, voormalig Secretaris-Generaal van het Ministerie van Buitenlandse Zaken en momenteel bestuurvoorzitter van de TU Delft overschreed in 2009 de Balkenendenorm, ondanks dat hij het jaar daarvoor met toenmalig minister Plasterk een akkoord bereikte waarbij hij onder de norm zou blijven.[7] V.d. Berg verdiende toen € 245.000; de norm was 182.000. Het Ministerie van Onderwijs vorderde € 19.000 terug, doch v.d.Berg betaalde niet; de universiteit deed dat voor hem. Maar in 2010 zat v.d.Berg wederom 40.000 Euro boven de norm.[8][9]
Absolute grootverdiener was voormalig bestuursvoorzitter Klaas Koops van mbo-instelling het Friesland College. Koops vertrok daar op 1 september 2010, zijn totale salaris bedroeg ruim 550.000 Euro. Dat bedrag was inclusief de vertrekregeling. Oorspronkelijk zou Koops nog meer ontvangen, maar daar stak het ministerie van Onderwijs een stokje voor.[10]
De inkomens van hoge functionarissen uit de (semi-)publieke sectoren zijn regelmatig het onderwerp van kamerdebatten en kamervragen.
[bewerken] Salarissen in de zorg
In 2009 verdiende 19% van de ziekenhuisdirecteuren meer dan de Balkenendenorm. In de zorg wordt de Balkenendenorm dan ook niet toegepast. Volgens minister Schippers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport is de norm te globaal om te worden toegepast. De Balkenendenorm is immers onafhankelijk van de omvang van de instelling en van de complexiteit van het productieproces en dus van de functiezwaarte[11]. Om die reden is er voor de zorg een andere norm die wél rekening houdt met (1) de diversiteit aan functiezwaartes van de verschillende zorgbestuurders én (2) met de in de zorg bestaande salarisopbouw die in zorg-cao’s is vastgelegd. Het betreft hier de zgn. Beloningscode Bestuurders in de Zorg (BBZ) die op 1 sept. 2009 werd vastgesteld en die alleen geldt voor nieuwe contracten vanaf die datum.[12]
[bewerken] Wet- en Regelgeving
Zoals hierboven gesteld bestaat er geen formeel instrument om de inkomens in de publieke en de semipublieke sectoren te normeren. De ontwikkeling daarvan vergt volgens het kabinet Rutte grote zorgvuldigheid omdat het een complex bestuurlijk en juridisch probleem is.[12] Momenteel is een wetsvoorstel in voorbereiding ter beperking van de honorering (en de ontslagvergoedingen (de zgn. Gouden handdrukken)) van bestuurders van zorginstellingen teneinde deze op een maatschappelijk verantwoorder niveau te brengen, de WNT (Wet Normering Topinkomens). Deze wet is door de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties op 14 januari 2011 aan de Tweede Kamer aangeboden (TK 32600).
De Wet openbaarmaking uit publieke middelen gefinancierde topinkomens (WOPT) beoogt inzicht te geven in het aantal overheidswerknemers dat meer verdient dan de minister-president, en hoe hoog die inkomens zijn. Deze wet regelt dat elke instelling die overwegend uit publieke middelen wordt gefinancierd het belastbaar jaarloon per individuele functionaris met wie zij een arbeidsrelatie heeft jaarlijks op functienaam zal publiceren, indien dit boven dat van de premier uitkomt.
[bewerken] Links
- Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
- Waarom houdt niemand zich aan de Balkenendenorm?
- Lijst van norm-overschrijdende topinkomens in het onderwijs in 2010
- Tekst van Kamerdebat van 11 okt. 2011 met kritische vragen van kamerleden aan Minister Donner over "graaiende bestuurders".
[bewerken] Referenties en voetnoten
- ↑ In Nederland verdienen ministers en de minister-president evenveel, zie: http://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/rijksoverheid/vraag-en-antwoord/wat-is-het-salaris-van-een-minister-staatssecretaris-of-burgemeester.html
- ↑ a b http://www.inoverheid.nl/artikel/artikelen/2956873/waarom-houdt-niemand-zich-aan-de-balkenendenorm.html
- ↑ http://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/rijksoverheid/vraag-en-antwoord/wat-is-het-salaris-van-een-minister-staatssecretaris-of-burgemeester.html (bekeken op 21 jan. 2012)
- ↑ genoemd naar de "Wet Openbaarmaking uit Publieke middelen gefinancierde Topinkomens"
- ↑ http://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/beloningen-bestuurders/vraag-en-antwoord/zijn-de-topinkomens-binnen-de-overheid-openbaar.html
- ↑ Dat gebeurde niet zozeer vanwege haar hoge inkomen (de Balkenendenorm is immers niet verplicht) maar omdat zij onjuiste informatie zou hebben verstrekt over dit inkomen. Zie ook: http://nos.nl/artikel/273812-angstcultuur-onder-personeel-coa.html
- ↑ http://www.utnieuws.nl/book/export/html/5020
- ↑ Zie het artikel getiteld: "In Peking sliep hij 200 Euro te duur. Collegevoorzitter TU Delft en andere collegeleden overtraden eigen declaratieregels". In: NRC Handelsblad, dinsdag 24 januari 2012, blz. 8 (en voorpagina).
- ↑ http://www.aob.nl/kixtart/modules/absolutenm/articlefiles/48303-pub_web_beloningsoverzicht%202010.xls
- ↑ http://www.volkskrant.nl/vk/nl/5288/Onderwijs/article/detail/2935761/2011/09/29/Onderwijstop-verdient-ruim-boven-de-norm.dhtml
- ↑ Dit antwoordde minister Schippers op 2 feb. 2011 in antwoord op kamervragen van kamerlid Wolbert (PvdA)
- ↑ a b http://www.rijksoverheid.nl/documenten-en-publicaties/kamerstukken/2011/02/02/het-bericht-dat-een-substantieel-deel-van-de-ziekenhuisbestuurders-in-2009-meer-verdiende-dan-de-balkenendenorm-en-het-door-de-sector-vastgestelde-maximale-inkomen.html