Europees Hof voor de Rechten van de Mens

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Europees Hof voor de Rechten van de Mens

Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) is een Europees gerechtshof waar individuen, groepen, organisaties en landen een klacht kunnen indienen tegen een lidstaat van de Raad van Europa. Het betreft klachten over het Europees Verdrag voor de rechten van de mensen en de fundamentele vrijheden (EVRM). Het Hof is gevestigd in Straatsburg.

Juridische basis[bewerken]

De uitspraken van het hof zijn bindend en definitief: noch de klagende partij noch de aangeklaagde partij kan in beroep, behalve bij de Grote Kamer van het hof zelf. Verder is, indien een lidstaat in het ongelijk wordt gesteld, de lidstaat verplicht alles te doen om te voorkomen dat de geconstateerde schending in de toekomst nog eens voorkomt.

Zelfs "bindend" blijkt echter geen afgebakend juridisch begrip. Het Duitse Grondwettelijke Hof te Karlsruhe vonniste op 19 oktober 2004 dat Duitse rechters de uitspraken van het Europees Hof niet mogen negeren. De Duitse grondwet gaat echter boven het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM).

Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens baseert zijn uitspraken op het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM). Het hof bestaat uit 47 rechters, één namens elke lidstaat van de Raad van Europa. President anno 2013 is de Luxemburger Dean Spielmann.

Werkwijze EHRM[bewerken]

Ieder individu, organisatie of lidstaat mag een lidstaat aanklagen bij het EHRM. Voordat het EHRM een zaak in behandeling neemt, wordt eerst getoetst of de klacht voldoet aan de eisen:

  1. De indiener moet zelf het slachtoffer zijn van een schending van het EVRM.
  2. De klacht mag niet gericht zijn tegen een andere burger of een particuliere organisatie, maar moet gericht zijn tegen een publieke instantie of een overheid.
  3. Een klacht mag pas ingediend worden als er in het land waar de schending heeft plaatsgevonden geen rechtsmiddel meer ter beschikking is. Voor Nederlanders betekent dit dat de Hoge Raad of de Raad van State uitspraak heeft gedaan in het nadeel van de klager. Voor Belgen moet eerst het Hof van Cassatie een uitspraak gedaan hebben.
  4. De klacht moet binnen zes maanden na de definitieve (nadelige) beslissing in het eigen land worden ingediend.
  5. De klacht mag niet anoniem zijn.
  6. De klacht is niet kennelijk ongegrond. Er wordt dus al (marginaal) beoordeeld of de klacht ongegrond is of niet.

Als aan deze voorwaarden voldaan is, neemt het Hof de klacht in behandeling. Als de klacht gegrond lijkt, wordt door het hof in eerste instantie naar een schikking gezocht. Indien dit niet lukt, kan het hof de aangeklaagde lidstaat verplichten tot het betalen van een schadeloosstelling. Het Hof kan geen sancties opleggen aan de lidstaten van de Raad van Europa. Dat kan alleen de Raad van Ministers.

Vroeger was er een Europese Commissie voor de Rechten van de Mens dat een vooronderzoek deed in een nieuwe zaak alvorens het eventueel naar het Hof werd gestuurd.

Kritiek van en op het hof[bewerken]

  • Hoewel het EHRM bedoeld is voor, onder andere, burgers om te klagen over hun overheden, gebeurt ook het omgekeerde wel eens. Zo klaagde in 2004 een vers benoemde Nederlandse rechter van het hof in diverse media over het gemak waarmee burgers het hof zouden bedelven onder "futiliteiten". Naar verluidt zijn er op dit moment (24-3-2014) meer dan 160.000 aanhangige zaken bij het Hof
  • Burgers, wetenschappers en kritische juristen klagen er over dat het hof alleen binnen zekere marges recht spreekt. Fundamentele kritiek op de mensenrechtensituatie van aangesloten landen zou zo niet aan de orde komen. Het hof zou regeringen niet te veel tegen zich in het harnas willen jagen en is zelf onderdeel, zo niet de top van de juridische stand in Europa. Daardoor zouden advocaten die willen scoren, de fundamentele kritiek reduceren tot marginale kwesties waarmee ze kunnen winnen. Mensen die deze kritiek delen, betogen een grote vorm van 'margin of appreciation'. Dit begrip houdt in, in welke mate de Lidstaten de regels van het EVRM soeverein mogen interpreteren.

Versnelling van de procedures[bewerken]

Op de ministersconferentie van de Raad van Europa in Interlaken op 18 en 19 februari 2010 heeft Rusland als laatste land het 14e Protocol ondertekend.[1] Dit betekent dat met ingang van 1 juni 2010 de klachtprocedure voor het EHRM belangrijk kan worden versneld, onder andere doordat ingediende klachten "niet-ontvankelijk" kunnen worden verklaard door één rechter, met de bijstand van rapporteurs.[2] Van alle bij dit hof ingediende klachten is 94 procent niet ontvankelijk.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. "Ministerial conference in Interlaken" Website Zwitsers ministerie BZ
  2. "Protocol No. 14 of the ECHR" Website Zwitsers ministerie BZ
  • Een deel van de feitelijke informatie op deze site is afkomstig van www.grondweteuropa.nl. De site geeft aan dat op deze site informatie staat die overgenomen is van diverse, vrije bronnen.