Frankenstein (roman)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Frankenstein
Frankenstein.1831.inside-cover.jpg
Auteur(s) Mary Shelley
Land Verenigd Koninkrijk
Taal Engels
Genre sciencefiction roman, Gothic novel
Uitgever Lackington, Hughes, Harding, Mavor & Jones
Uitgegeven 1 januari 1818
Medium druk (hardcover en paperback)
Portaal  Portaalicoon   Literatuur

Frankenstein is een roman van de Engelse schrijfster Mary Shelley, met als ondertitel the Modern Prometheus. Het boek werd voor het eerst gepubliceerd in 1818, maar in 1831 verscheen een herziene en verbeterde versie. Het werk kan gerekend worden tot de traditie van de gothic novel die populair was in de tweede helft van de 18e eeuw en de eerste helft van de 19e eeuw. Opvallende kenmerken van deze romans waren: geheimzinnigheid, verderf, verval, geesten, vampiers (Dracula), krankzinnigheid en dergelijke. Frankenstein van Shelley wordt ook wel gezien als het eerste voorbeeld van sciencefiction.

Ten onrechte wordt de naam Frankenstein vaak verbonden aan het in het verhaal geschapen monster. Het is echter de naam van de persoon die het monster schiep.

Ontstaan[bewerken]

In 1816 brachten Mary Godwin en haar latere echtgenoot, de dichter Percy Bysshe Shelley, een bezoek aan Lord Byron in Zwitserland. Na het lezen van een bloemlezing van Duitse spookverhalen daagde Byron zijn vrienden, waaronder ook zijn arts John William Polidori, uit om ieder een eigen verhaal te schrijven. Alleen Polidori slaagde erin een afgerond verhaal te bedenken. Mary deed wel een idee op, waarmee de basis voor Frankenstein werd gelegd. Byron zelf schreef een fragment gebaseerd op de vampierverhalen die hij tijdens zijn reizen door de Balkan had gehoord. Polidori gebruikte dit fragment om de roman The Vampyre te schrijven (gepubliceerd in 1819), die als inspiratie gold voor alle daaropvolgende vampierverhalen.

Verhaal[bewerken]

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud en/of de afloop van het verhaal.
Manuscript van Frankenstein

De roman begint als kapitein Walton op zijn schip ten noorden van de poolcirkel vast komt te zitten in het ijs. Samen met zijn bemanning ziet hij in de verte een figuur met een hondenslee over de ijsvlakte trekken. De dag erna, als het ijs terug gebroken is en de boot van Walton vrijkomt, wordt een tweede hondenslee opgemerkt, ronddrijvend op een ijsschots. De uitgehongerde en zieke man die deze hondenslee bestuurt blijkt Victor Frankenstein te zijn. Hij wordt aan boord gehaald en vertelt zijn levensverhaal:

Op jonge leeftijd al verlaat de intelligente en nieuwsgierige Victor Frankenstein zijn geliefde familie in Zwitserland om te gaan studeren in Duitsland. Tijdens zijn onderzoekingen ontdekt hij een manier om levenloos materiaal tot leven te brengen. Met grote geestdrift werkt hij aan zijn vinding en tracht op die manier een vriend en metgezel te scheppen. Hij gebruikt hiervoor materiaal afkomstig van diverse lijken. Hierbij streeft hij naar schoonheid. Groot is dan ook zijn ontzetting als het schepsel tot leven komt en verre van volmaakt blijkt te zijn. Hoewel het niet onvriendelijk is en zelfs naar hem glimlacht, ontvlucht Victor in paniek zijn laboratorium. Het schepsel verdwijnt.

Frankenstein werkt hard door aan zijn studie en wordt door oververmoeidheid langdurig ziek. Na zijn herstel krijgt hij een brief van thuis, waarin hem wordt verteld dat zijn jongste broer is vermoord. Meteen reist hij af naar Zwitserland. In de buurt van Genève aangekomen ziet hij het schepsel en raakt ervan overtuigd dat het zijn broer heeft gedood. Het monster vertelt hem later dat het doden van de kleine William min of meer per ongeluk was gegaan; hij wilde dat William niet zou schreeuwen. Hij vertelt ook dat hij veel heeft geleerd door het bekijken en bestuderen van een familie. Zo leerde hij lezen en kwam erachter dat hij door Frankenstein was gemaakt, alsook waar de familie van Frankenstein zich bevond.

Bij thuiskomst blijkt de meid Justine van de moord beschuldigd te zijn. Zij wordt veroordeeld en terechtgesteld. Om van de slag te herstellen gaat Frankenstein de bergen in en ontmoet zijn schepsel op een gletsjer. Het monster blijkt intussen goed te kunnen spreken en beschrijft zijn opeenvolgende gevoelens van verwarring, afwijzing en haat. Hij verklaart te hebben leren spreken door een gezin door een gat in de muur te observeren. In het geheim beloonde hij hen daarvoor met goede daden, maar toen zij hem ontdekten, verjoegen ze hem. Ieder die hem ziet reageert op dezelfde manier. Nu heeft hij echter nog maar een wens: hij vraagt Frankenstein een vrouw voor hem te scheppen. Deze stemt hierin toe, maar halverwege het proces vernietigt hij dit nieuwe schepsel uit angst dat het een kwaadaardig wezen zou worden en anderen pijn zou doen. Het monster reageert hierop met het doden van Frankensteins beste vriend. Op de avond van Frankensteins bruiloft doodt hij ook diens vrouw. Van verdriet sterft ook de vader van Frankenstein, en blijft Victor dus alleen over. Hierop jaagt Victor zijn monster op en volgt het tot aan de ijsvlakte rond de noordpool.

Daarmee is het verhaal weer op het punt waar het begon. Die avond sterft Frankenstein aan boord van het schip aan de gevolgen van de ontberingen die hij heeft geleden. Niet veel later komt ook het monster aan boord van het schip. Hij betuigt zijn grote spijt over wat hij zijn schepper en andere mensen heeft aangedaan. Hij zweert zelfmoord te zullen plegen en verdwijnt.

Mythevorming[bewerken]

Het filmmonster en zijn volgelingen[bewerken]

Er is een groot verschil tussen het beeld dat de massacultuur van Frankenstein presenteert en de roman die daarvan het uitgangspunt vormt. Shelleys Frankenstein bestaat ruim 175 jaar maar wordt zelden nog gelezen. De roman is ondertussen bedolven onder de toneelversies, pastiches en parodieën, verfilmingen en stripversies.

Het thema echoot door in het werk van auteurs als George Bernard Shaw. Pinokkio heeft veel gemeen met het monster, evenals Eliza Doolittle in Pygmalion. En de succesvolle griezelfilm The Addams Family is er ook schatplichtig aan.

De film Frankenstein uit 1931 introduceerde een groot aantal nieuwe elementen die tegenwoordig als vast onderdeel van Frankenstein worden gezien, hoewel ze niet in het boek voorkomen. Bekende voorbeelden hiervan zijn dat Frankenstein elektriciteit zou gebruiken om het monster tot leven te brengen, het uiterlijk en de persoonlijkheid van het monster zelf, en de boeren die het monster uiteindelijk opjagen met fakkels. Mel Brooks' Young Frankenstein (1974) deed hier nog een schepje bovenop en toont het cliché Frankenstein (het monster dus) zoals velen hem zien: het Duitsche karakter, met de waanzinnige baron en professor met zijn pseudo-Duitse accent die in een voorvaderlijk gotisch kasteel huist, geassisteerd door een gebochelde knecht begraafplaatsen leegrooft om een monster te construeren, en dat vervolgens met een gigantisch onweer tot leven te wekken. Terwijl Frankenstein op en top Brits is. Wel had Mary Shelley tijdens een bootreis naar Duitsland Burg Frankenstein bezocht, een jaar voor ze het boek schreef.

Kenneth Branagh probeerde in 1994 terug te keren naar het origineel en zich te keren tegen de mythe. De Duitse boeren laat hij weer opdraven, maar Victor Frankenstein is een idealistische student. De eenzaamheid en verstoting van het monster, hoe het zijn maker verwijt dat deze zich nooit heeft afgevraagd hoe het zou zijn, het leven van de nieuwe mens. Branagh laat het monster bij zijn geboorte zelf naakt oprijzen, anders dan Boris Karloff in de eerste filmversie uit 1931. Anderzijds negeert Branagh wel de historische context van de standen.

Shelleys bronnen[bewerken]

Een andere mythe is die van het auteurschap van Mary Shelley. De landschapsbeschrijvingen (van haar vader) en de visie op de opvoeding (van haar moeder, Mary Wollstonecraft, met name The Vindication of the Rights of Women) mogen dan niet van haar zijn, de essentie, ontstaan uit een droom, wel.

The Vindication handelde over de huiselijke sfeer: de obsessie van mannen om te wedijveren en naam te maken (zoals de jonge Frankenstein) en het belang van een humane zorgzame opvoeding die bij het individu past. "Een groot deel van de ellende die in afschuwelijke gedaanten over de wereld rondwaart", schreef Wollstonecraft, "is voortgekomen uit nalatigheid van ouders". Het schepsel van Frankenstein had een heel slechte start: een moederloos kind, een egoïstische vader, en van toen af ging het alleen nog bergaf.

Een andere invloed kan gezien worden in de ontdekking in 1780 door Luigi Galvani dat kikkerpoten kunnen bewegen onder invloed van elektriciteit. Hier is de relatie tussen elektriciteit en leven terug te vinden.

Ook de werken van Jean-Jacques Rousseau werden bij het schrijven betrokken. Rousseaus Emile ou l'Éducation stelt dat je slecht wordt als de maatschappij je slecht behandelt. De ellende verandert iemand in een demon, hij moet niet zozeer lelijk zijn om aan te zien, maar kan lelijk worden van binnen.

En het monster van Frankenstein krijgt zijn opvoeding door het turen door de wand van een plattelandshuisje en het zien van het wel en wee van een gelukkige familie. Leren op afstand is het beste waarop hij kan hopen in die omstandigheden. Wanneer hij aan hun lot overgelaten boeken vindt, leest hij ze meteen uit, en kan niet ophouden over ze te spreken, maar helaas, niemand luistert.
Onder de boeken bevinden zich: Die Leiden des jungen Werthers van Goethe (de romantische jongeman die zich onbegrepen voelt door de maatschappij en eindigt in zelfdoding), Plutarchus' Parallelle Levens (een stoomcursus in de oorsprong van de politiek) en bovenal John Miltons Paradise Lost (dat het schepsel aanmoedigt om zich te gaan identificeren met Adam, de eerste mens, en Satan, de gevallen engel).

Zowel Milton ('Verzocht ik u mij uit de duisternis te halen?') als het vers van Samuel Taylor Coleridge The Rime of the Ancient Mariner (1789) maar ook de talrijke briljante fragmenten van Shelley maken van dit boek een aangrijpende schets van de eenzaamheid van de verbanning door een liefdeloze wereld.

De pastiches en parodieën[bewerken]

En wat als het monster nu eens overleefde? Het zou zijn eigen verhaal kunnen schrijven. Het beschikt over de nodige taal en het kan theoretisch leren schrijven. Zo kan het ook trouwen. Of als een tweehonderd jaar oude zanger in de heavy-metalgroep Monster terugkomen, waarbij fans in het monster veranderen. Enkele titels zijn :

  • The Memoires of Elisabeth Frankenstein - Theodore Roszak (1995)
  • Frankenstein in Sussex - H.C Artmann (1969)
  • Frankenstein Unbound - Brian Aldiss (1973)
  • The Diaries of Frankenstein - Reverend Hubert Venables (1980)
  • The Frankstein Papers - Fred Saberhagen (1986)
  • Frankenstein of Smrntwsk alleen - Hugo Matthysen (1989)
  • The Man in Black - Cristopher Fahy (1993)
  • Frankensteins Bride - Hilary Bailey (1995)

Films[bewerken]

Boris Karloff als Frankenstein

Het boek is diverse keren verfilmd. Beroemd is de vertolking van het monster door Boris Karloff. De eerste film werd gemaakt in 1910. De klassieker met Boris Karloff werd gemaakt in 1931 onder regie van James Whale. Hij maakte ook het vervolg: Bride of Frankenstein.

Er zijn ook parodieën op deze films gemaakt, zoals de komedie Young Frankenstein van regisseur Mel Brooks uit 1974, met o.a. Gene Wilder en Marty Feldman. In 1994 heeft Kenneth Branagh zijn versie gemaakt (Mary Shelley's Frankenstein).

Externe link[bewerken]