Kelpwoud

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Blik in de diepte van het kelpwoud

Een kelpwoud is een wereldwijd voorkomend ecosysteem onder de zeespiegels. De naamgevende soort is de kelp. Dit zijn bijzonder groot groeiende meercellige soorten uit de afdeling van de bruinwieren, ook wel vingerwier genoemd. De in kelpwoud levende algen zijn overwegend bruinwieren en roodalgen.

Structuur en bijzonderheden[bewerken]

De kelpwouden gelden als onderzeese tegenspeler van de regenwouden omdat ze eveneens een grote soortenverscheidenheid en een soortgelijke verticale structuur kennen. De moleculair bioloog J. Craig Venter berekende uit nieuw gevonden genen meer dan 1000 onontdekte soorten alleen in de Sargassozee. Bijgevolg zouden zich in kelpwouden wereldwijd nog duizenden onbeschreven soorten kunnen bevinden. Daaronder vallen vooral veel micro-organismen uit de fytoplanktons.

De dominerende soort uit het kelpwoud, de reuzenkelp, bestaat hoofdzakelijk uit drie delen: het zuignaporgaan op de bodem, de buigzame stengel en de bladachtige uitsteeksels, die geen echte bladeren genoemd mogen worden, maar vaak wel als bladeren aangeduid worden. De delen verdelen overeenkomstig de ook voor normale bossen typische lagenstructuur meerdere levensruimen: boven - gedeeltelijk zelfs aan het wateroppervlak - de bladeren van de grotere wieren vormen boomkronen. Daartussen ligt de middenbouw van de stengel in het schemerachtig licht, waarin talrijke vissensoorten rondzwemmen. Daaronder bevindt zich de donkere zeebodem. Gelijkaardig aan koraalriffen is de strijd om het licht, of ook het schaduwwerpen, een belangrijk mechanisme in de strijd tussen de verschillende soorten, evenals tussen organismen van dezelfde soort.

Afzonderlijke wiergewassen bereiken een grote hoogte; de reuzekelp (Macrocystis perifera) kan maximaal 70 meter lang worden (gebruikelijk is tot 40 meter) en daarbij een groeitempo van 30 tot 50 centimeter per dag bereiken. Het snelle groeitempo leidt tot een zeer afwisselende plantengroei en een veelvuldige verandering van de bossen over de jaargetijden. Stormaanvallen in de herfst en winter trekken oude bladeren uit de kronen zodat er meer licht op de bodem terecht komt. Daarbij kan het ook voorkomen dat het zuignaporgaan van de bodem loskomt de kelp vrij rond begint te zweven. De plant drijft dan naar de oppervlakte en groeit verder totdat ze ergens strand of warm water bereikt. Daarbij kan ze een verzamelpunt voor vele zeedieren vormen.

Reuzenkelp voor Californië

Vereisten voor kelpwouden[bewerken]

Belangrijke standplaatsfactoren voor een kelpwoud zijn de lokale eigenschappen van de zee. De meeste meercellige algensoorten vereisen rustig water aangezien ze bij sterke stroming geen houvast kunnen vinden. Het moet verder rijk aan voedingsstoffen en zeer helder zijn, gezien licht voor de fotosynthese nodig is. Om dezelfde reden bevinden de kelpwouden zich in ondiepe wateren, zelden dieper dan 15 tot 40 m. Het beste is een rotsachtige bodem waarop de planten gemakkelijk houvast vinden. In tegenstelling tot de koralen vereisen ze relatief lage temperaturen. De grotere wouden bevinden zich in koude wateren, 20°C geldt als de bovengrens.

Verspreidingsgebied[bewerken]

In het algemeen zijn de kelpwouden over de hele wereld verdeeld. Ze zijn daarbij zowel tot in de noordelijke als de zuidelijke poolwateren verspreid geraakt. Het Duitstalig populair wetenschappelijk tijdschrift P.M. Magazin schat dat ze bij elkaar wel eens een gezamenlijke oppervlakte even groot als Europa kunnen hebben.

Kelpwouden groeien langs de gehele westkust van de beide Amerika's, van de Aleoeten in Alaska tot aan de Straat Magellaan; hun afhankelijkheid van een rustige stroming is nimmer doorslaggevend. Bijzonder uitgestrekt zijn de kelpwouden voor Californië, tussen San Diego en Santa Cruz. Deze zijn ook het best bestudeerd omdat de universiteiten van beide steden er onderzoek naar doen.

In de Atlantische Oceaan zijn ze voor de kust van Argentinië en in bekende onderzeeoerwouden in de Sargassozee te vinden. Voor de westelijke kust van Zuid-Afrika, gedeeltelijk in de Indische Oceaan, voor Australië, voor Nieuw-Zeeland en gedeeltelijk voor de kust van Antarctica zijn verdere onderwaterwouden.

Typen kelpwouden[bewerken]

Kelpwouden hebben gewoonlijk een complexe, ruimtelijke structuur met vele naast elkaar levende geslachten, vergelijkbaar met bosvegetaties. In de oostelijke en noordelijke delen van de Grote Oceaan domineert vaak de eenjarige stierkelp (Nereocystis luetkeana), die ook sterkere stromingen weerstaat. Kelpen behorende tot de geslachten Macrocystis en de Nereocystis hebben drijflichamen die hun bladeren aan het wateroppervlak houden ten einde effectiever fotosynthese te kunnen bedrijven. Daarbij beginnen de algen verder in de breedte te groeien. Het kan naast de door de bladeren ontstane kronen verder uitgestrekte verticale lagen geven.

Voor Alaska kan het als de kelp ongeschonden is van zee-egels is ertoe komen dat de perennerende kelp (Laminaria groenlandica) overheerst en andere soorten het licht ontneemt.

Kelpwouden aan de Atlantische kust van Noord-Amerika treden niet op met een erg hoge soortenrijkdom, zijn daarom maar overvloedig en ondersteunen rijke gemeenschappen van benthische (op de zeebodem levende) ongewervelden. Ze rijken door naar het zuiden tot aan Kaap Cod en duiken slechts sporadisch op aan de oostelijke zijde van Long Island.

In de Sargassozee in de Atlantische Oceaan komt geen woud in de vorm van reuzenkelpen voor, maar in plaats daarvan vrij in het water zwevende bruinalgen van het geslacht Sargassum. Bijgevolg is hier de algemenere aanduiding algenwoud of de specifieke aanduiding Sargassumwoud doeltreffender. De Sargassozee vormt een bijzonder leefgebied voor kleine krabben, wormen en andere zeedieren. Bovendien is het een belangrijk leefgebied voor palingen. De planktonproductie is niet onbelangrijk. Er wordt geschat dat 30% van de planktonproductie van de Atlantische Oceaan in de Sargassozee plaatsvindt.

Levensruim kelpwoud[bewerken]

School vissen in de middenbouw van het kelpwoud

Voor veel organismen zijn de wieren van essentieel belang. Ze zijn bijvoorbeeld vitamineleverancier en bovendien rijk aan eiwitten en spoorelementen. Wier is voor zowel mensen (vooral in Japan) alsook voor dieren een belangrijk voedingsmiddel. Bovenal zet afgestorven wier opgeloste vaste organische stoffen vrij. Mogelijkerwijs hebben de wouden door de fotosynthese analoog aan de tropische regenwouden zelfs een invloed op het wereldklimaat.

Onder de dieren die zich hierdoor voeden zijn onder andere mosselen, mosdiertjes, borstelwormen, slakken en kreeften die op hun beurt weer als voedingsbron voor grotere dieren dienen. Voor de kust van Zuid-Afrika vallen in het bijzonder de zeeoren, grote zeeslakken, op. Hun huizen, ook wel perlemoen genoemd kunnen de grootte van een pompelmoes bereiken. Ook bij sterke stroming houden hun ze zich met hun zuignappen vast aan het kelp.

Het voor de wouden voordelige, langzame, trage water zorgt voor grote opeenstapelingen van plankton en verdere benthische ongewervelden en micro-organismen. Op de kelp zelf, bij voorkeur op de grote bladeren leven regelmatig epifyten, alsook opzitplanten als de zeeanemoon. De zeebodem is bezaaid met sponzen en mosdiertjes.

In de middenbouw zwemmen talrijke vissen van allerlei grootten. Vooral de reuzenkelp biedt beschutting en nestplaats voor veel zeebewoners. Zo zoeken bijvoorbeeld jonge vissen en vliegende vissen toevlucht - ook in het midden van vrij drijvend kelp. Onder andere de tot de rifbaarzen behorende "blacksmith" (Chromis punctipinnis) voedt zich met parasieten van de kelp. Kreeften zijn hier ook aan te treffen. Zulke soorten trekken jagers als de blauwe haai, grote geelstaarten (Seriola lalandei) en de maanvis aan. Dolfijnen zoals de witsnuitdolfijn zijn spelend met stukken ronddrijvend kelp waargenomen. Ook zij gebruiken de wouden als schuilplaats. Er worden walvissen, die zich met plankton voeden, roggen zoals de adelaarsroggen of ook sidderroggen die tussen het kelp naar prooi zoeken gezien.

Zeeotters voeden zich onder andere met zee-egels, die grote vijanden van het kelp zijn. De rijkelijk voorhanden zeesterren verspreiden eveneens zee-egels. Op hun beurt jagen zeevogels als aalscholvers op vissen in de kelpbossen.

Bedreiging van kelpwouden[bewerken]

Het gevoelige ecosysteem van onderzeese wouden wordt op de proef gesteld door velerlei bedreigingen. Vervuild zoetwater uit rivieren brengt pesticiden, onkruidverdelgers en andere chemicaliën de zee en dus de kelpwouden in. Daardoor kan het natuurlijk evenwicht verstoord raken waardoor de soortverscheidenheid en uiteindelijk het hele ecosysteem bedreigd wordt. Dit toenemende afvalwater, wat door zee-egels als voedingsbron gebruikt kan worden leidt in het bijzonder in de Grote Oceaan tot een te grote toename van deze diertjes. Door overbevissing en de bedreiging van andere rovers zoals zeeotters of de kabeljauw ontstaat verder een gebrek aan de natuurlijke vijanden van plantenetende zee-egels alsook aaseters zoals zeekomkommers en slangsterren. Dit is een ernstige bedreiging voor het kelpwoud, omdat dit zich onder andere na stormschade weer herstellen kan, mits de dode begroeiing bijtijds opgeruimd wordt.

Wegens de bloeiende zeewiermarkten bestaat op vele plaatsen het gevaar van roofbouw. Onder andere voor Californië en Tasmanië wordt kelp sinds de jaren '50 met grote schepen geoogst, die met grote snijtanden de bladeren afknippen. Bij het oogsten van bladeren aan de kroon kan het fenomeen optreden dat de bruinalg (Desmarestia ligulata) versterkt optreedt en onder het wateroppervlak een nieuwe dichte boomkronenlaag opbouwt, die de lichtinval in de diepte verhindert en zo het kelpwoud beschadigt. Het kunstmatig verbouwen van zeewier in een aquacultuur ontziet de natuurlijke kelpwouden en is bovendien economisch efficiënter.

Ook het broeikaseffect wordt een belangrijke rol toegedicht, gezien de kelp koel water vereist. Voor Tasmanië worden veranderingen van zeestromingen geconstateerd die tot een teruggang van de wouden kunnen leiden.

Literatuur[bewerken]

  • Ronald McPeak, Dale A. Glantz, Carole Shaw: Amber Forest the Beauty and Biology of California's Submarine Forest ISBN 0922769001
  • Jeannie Baker: The Hidden Forest ISBN 0688157602

Externe links[bewerken]