Koninklijk Conservatorium Brussel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Koninklijk Conservatorium te Brussel

Het Koninklijk Conservatorium Brussel is een conservatorium in de Belgische hoofdstad Brussel dat een lange traditie kent. De Vlaamse afdeling maakt thans deel uit van de Erasmushogeschool Brussel.

Geschiedenis van de instelling[bewerken]

De muziekschool die onder koning Willem I der Nederlanden in 1827 werd opgericht, werd in 1832 herdoopt tot Koninklijk Muziekconservatorium, een Franstalig opleidingsinstituut, geïnspireerd op het voorbeeld van het Parijse Conservatorium. De eerste directeur van het conservatorium was de musicoloog en componist François-Joseph Fétis. Hij werd opgevolgd door François-Auguste Gevaert.

Administratief werd de instelling pas in 1967 taalkundig gesplitst en de Nederlandstalige en Franstalige afdeling delen hetzelfde gebouw, en zelfs een aantal professoren. In de praktijk is het Brusselse conservatorium een smeltkroes van culturen en talen. Voor oude (voornamelijk barok) instrumenten heeft het conservatorium een wereldreputatie opgebouwd.

Docenten[bewerken]

Structuur[bewerken]

Het conservatorium leidt op tot volgende diploma's :

  • Bachelor en Master in de Muziek, met afstudeerrichtingen in
    • instrument:
      • orkestinstrumenten: viool, altviool, Engelse hoorn, cello, contrabas, fluit, hobo, klarinet, saxofoon, fagot, hoorn, trompet, trombone, tuba, slagwerk.
      • Piano, Orgel, Harp, Gitaar
      • historische instrumenten: barokviool, barokcello, gamba, traverso, barokhobo, luit, pianoforte, klavecimbel, blokfluit, natuurhoorn
      • kamermuziek
    • zang:
    • muziektheorie en -schriftuur:
      • muziektheorie en -geschiedenis
      • schriftuur
      • compositie
      • orkestdirectie
      • hafabradirectie
    • Jazz en lichte muziek
  • Professionele Bachelor in Musical
  • Master na Master in de Symfonische muziek
  • Lerarenopleiding in de muziek
  • Daarnaast bestaat er ook een secundaire afdeling in de muziek.

Het hoofdgebouw in de Regentschapsstraat[bewerken]

Geschiedenis[bewerken]

Het Conservatorium werd achtereenvolgens ondergebracht in het Hôtel des Finances (het Financiëngebouw) in de Bodenbroeckstraat nr. 17 en vervolgens in het Hôtel dat voorheen door de adellijke familie Thurn und Taxis werd betrokken, maar naderhand werd afgebroken - toen de Regentschapsstraat werd doorgetrokken - waarna naar het ontwerp van architect Jean-Pierre Cluysenaar het huidige hoofdgebouw van het conservatorium van 1872 tot 1876 werd opgetrokken op de plaats waar het paleis had gestaan[1].

Beschrijving van het gebouw[bewerken]

Het gebouw is opgetrokken in neo-renaissancestijl, beïnvloed door de Lescot-vleugel van het Louvre. In de rechtervleugel is een rijk versierde concertzaal ondergebracht in Napoleon III-stijl, die over een Cavaillé-Coll-orgel beschikt[2].

Het decoratieve programma van de gevels is vrij druk. Het binnenplein wordt omsloten door een hek en drie vleugels die met frontons en pilasters zijn verfraaid. Links en rechts van de ramen zijn kariatiden in een keurslijf aangebracht. Boven de lateien worden de ramen bekroond door een borstbeeld en twee genieën. De penanten zijn verfraaid met guirlandes, palmen, bloemenkransen en muziekinstrumenten. Dit ornamentele beeldhouwwerk is van de Fransman Georges Houtstont, die gespecialiseerd was in dit genre.

Het fronton van de linkervleugel op de gevel die uitkijkt op de Regentschapsstraat, aan de kant van het Kleine-Zavelpleintje, is van de hand van de Luikse beeldhouwer Adolphe Fassin en stelt de instrumentale muziek voor. De beeldengroep bestaat uit drie figuren: de middelste is een symbolische figuur die een lier draagt; de rechtse een jongeman die hobo speelt en de linkse een vrouw die componeert. De kariatiden, het borstbeeld en de genieën zijn van de Gentse beeldhouwer Paul De Vigne.

Op de linkervleugel van het binnenplein is de uitbeelding van de Orkestratie van de hand van Charles Van der Stappen uit Sint-Joost-ten-Node het onderwerp van het fronton. Euterpe, muze van de muziek, dirigeert een kwartet met koor, gezongen door zangknapen. De kariatiden, het borstbeeld van Ludwig van Beethoven en de twee genieën zijn van de hand van Brusselaar Antoine-Joseph Van Rasbourgh.

De gevel van de middenvleugel is verfraaid met een fronton van de Antwerpenaar Frans Deckers dat de muzikale compositie tot thema heeft. Centraal staat een zittende figuur afgebeeld die op een boek steunt waar de namen zijn ingeschreven van bekende componisten en aan de linker- en rechterkant staan twee componerende vrouwen onder invloed van inspirerende genieën. De kariatiden, het borstbeeld van Giovanni Pierluigi da Palestrina en de genieën zijn het werk van de Tieltenaar Auguste Braekevelt.

De rechtervleugel is op het binnenplein getooid met een fronton van Brusselaar Antoine-Félix Bouré dat de Toneelkunst voorstelt. In het midden is het Genius van de Kunsten afgebeeld met aan zijn linkerzijde het Treurspel en rechts het Blijspel. Voorts wordt de Danskunst en de Toonkunst voorgesteld. Kariatiden, borstbeeld en genieën zijn het werk van Antwerpenaar Égide Mélot.

Van het fronton van de vijfde gevel, die van de rechtervleugel, in de Regentschapsstraat aan de kant van het Justitiepaleis, is Doornikzaan Barthélemy Frison de maker: het stelt de Dichtkunst voor. In het midden wordt de Bezieling allegorisch voorgesteld als een toortsdragende gevleugelde vrouw; naast deze figuur werpen twee genieën omgeven door boeken en muziekinstrumenten, zich op de studie. Kariatiden, borstbeeld en genieën zijn het werk van Paul De Vigne.[3]

Restauratie[bewerken]

Het Conservatorium is dringend aan restauratie toe. In 2011 had de organisatie van de Koningin Elisabethwedstrijd besloten om vanwege de slechte staat van het gebouw te verhuizen naar een andere locatie.[4]

De slechte staat van het gebouw is mede het gevolg van de gespreide verantwoordelijkheid. Het gebouw is eigendom van de (federale) Regie der Gebouwen van België, maar de Vlaamse Gemeenschap en de Franse Gemeenschap organiseren in het gebouw onderwijs, en zijn niet geneigd daarin te investeren.[5]

Externe links[bewerken]

Voetnoten[bewerken]

  1. Gérard des Marez, Guide illustré de Bruxelles, Première Partie, Monuments civils, Touring Club de Belgique, 1917, blz. 182-183
  2. Belgiumview.com
  3. P. Meirsschaut, les Sculpteurs de plein air à Bruxelles, Bruxelles, 1900 In-8°
  4. Conservatorium Brussel dringend aan restauratie toe
  5. Conservatorium schrapt concerten, politici ruziën over restauratie