Obergruppenführer

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Gottlob Berger, commandant van het SS-Hauptamt, draagt de insignes van een SS-Obergruppenführer en het Ridderkruis van het Kruis voor Oorlogsverdienste

Obergruppenführer was een paramilitaire rang die het eerst werd gebruikt in de SA in 1932. De rang werd vooral gedragen door leden van het bestuur van de SA en veteraanofficieren van de SA.

Obergruppenführer werd als een SS-rang ingevoerd door de groei van de SS onder Heinrich Himmler. Hij was ook een van de eersten die deze rang droeg, samen met zijn titel van Reichsführer-SS. Dit was toen alleen nog maar een titel, en nog geen echte rang.

In het begin van de SS werd de rang van Obergruppenführer alleen gebruikt om twee SS-leiders gelijk in rang te maken. Hierdoor werden gevechten om de macht voorkomen. Een voorbeeld hiervan is de aanstelling van Kurt Daluege als Obergruppenführer. Hij was de leider van de SS in Berlijn tussen 1930 en 1934. Men was bang dat de SS uiteen zou vallen, met aan het hoofd van de noordelijke tak Daluege en aan de zuidelijke Himmler. Door deze rang aan Daluege te geven werd dit voorkomen.

Na de Nacht van de Lange Messen werden ook beruchte SS'ers zoals Ernst Kaltenbrunner en Reinhard Heydrich Obergruppenführer. Ook Karl Wolff, de hoogste SS'er die na de Tweede Wereldoorlog door de geallieerden gevangen werd genomen, had de rang van Obergruppenführer. Deze rang werd gelijkgesteld aan die van een generaal in het reguliere leger.

Een saillant detail is dat Jozias van Waldeck-Pyrmont, volle neef van de Nederlandse Koningin Wilhelmina, eveneens de rang van Obergruppenführer binnen de SS bekleedde.

Opmerkelijke personen met dezelfde rang[bewerken]

Bevorderingsgeschiedenis[bewerken]

Bevordering tot SS-Obergruppenführer per jaar
1933 3 Heinrich Himmler, Franz Xaver Schwarz, Kurt Daluege
1934 5 Fritz Weitzel, Richard Walther Darré, Walter Buch, Rudolf Hess, Sepp Dietrich
1935 2 Udo von Woyrsch, Friedrich Wilhelm Krüger
1936 8 Jozias van Waldeck-Pyrmont, Max Amann, Karl von Eberstein, Philipp Bouhler, Wolf-Heinrich von Helldorf, Friedrich Jecklen, Werner Lorenz, August Heissmeyer
1937 1 Ernst-Heinrich Schmauser
1938 0
1939 0
1940 3 Joachim von Ribbentrop, Martin Bormann, Hans Lammers
1941 8 Otto Dietrich, Reinhard Heydrich, Hans-Adolf Prützmann, Erich von dem Bach-Zelewski, Wilhelm Rediess, Paul Hausser, Wilhelm Reinhard, Albert Forster
1942 20 Karl Kaufmann, Friedrich Hildebrandt, Karl Fiehler, Dietrich Klagges, Paul Körner, Wilhelm Murr, Fritz Sauckel, Richard Hildebrandt, Wilhelm Koppe, Theodor Berkelmann, Wilhelm Keppler, Karl Wolff, Josef Bürkel, Arthur Greiser, Theodor Eicke, Emil Mazuw, Paul Scharfe, Oswald Pohl, Walter Schmitt, Herbert Backe
1943 23 Siegfried Taubert, Joachim Albrecht Eggeling, Ernst Wilhelm Bohle, Konstantin von Neurath, Julius Schaub, Günther Pancke, Ernst Kaltenbrunner, Konrad Henlein, Ernst Sachs, Karl Hermann Frank, August Eigruber, Friedrich Rainer, Hugo Jury, Rudolf Querner, Friedrich Alpers, Gottlob Berger, Otto Hofmann, Hans Albin Rauter, Hans Jüttner, Artur Phleps, Felix Steiner, Alfred Wünnenberg, Karl Pfeffer-Wildenbruch
1944 32 Hartmann Lauterbacher, Karl Hanke, Ulrich Greifelt, Wilhelm Stuckart, Otto Winkelmann, Hermann Höfle, Ernst-Robert Grawitz, Leonardo Conti, Franz Breithaupt, Werner Best, Maximilian von Herff, Georg Keppler, Walter Krüger, Karl Maria Demelhuber, Kurt Knoblauch, Curt von Gottberg, Oskar Schwerk, Heinrich von Maur, Karl Wahl, Fritz Wächtler, Jürgen von Kamptz, Erwin Rösener, Benno Martin, Gustav Adolf Scheel, Paul Wegener, Karl Gutenberger, Carl Albrecht Oberg, Wilhelm Bittrich, Matthias Kleinheisterkamp, August Frank, Fritz Schlessmann, Herbert Otto Gille
1945 1 Hans Kammler

Zie ook[bewerken]

Lagere rang:
SS-Gruppenführer
Rang Waffen-SS
SS-Obergruppenführer
Hogere rang:
SS-Oberst-Gruppenführer
Lagere rang:
SS-Gruppenführer
Rang SA
SS-Obergruppenführer
Hogere rang:
SS-Stabschef (SA)