Reinhard Heydrich

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Reinhard Heydrich
Heydrich in 1940
Heydrich in 1940
Geboren 7 maart 1904
Halle, Duitse Keizerrijk
Overleden 4 juni 1942 (38 jaar)
Praag, Protectoraat Bohemen en Moravië, Tsjechië
Begraven Invalidenfriedhof, Berlijn
Land/partij Flag of German Reich (1935–1945).svg nazi-Duitsland
Onderdeel Freikorps
Flag of Weimar Republic (jack).svg Reichsmarine
Luftwaffe eagle.svg Luftwaffe
Flag Schutzstaffel.svg Schutzstaffel
Dienstjaren 1931 - 1942
Rang SS-Obergruppenführer Collar Rank.svg SS-Obergruppenführer und General der Polizei
Eenheid Kampfgeschwader 55
Jagdgeschwader 77
Leiding over Reichssicherheitshauptamt
Slagen/oorlogen Tweede Wereldoorlog
Onderscheidingen IJzeren Kruis

Reinhard Tristan Eugen Heydrich (Halle (Saale), 7 maart 1904Praag, 4 juni 1942) was een berucht Duits nazileider, die ook bekend was onder zijn bijnamen De slager van Praag, De beul van Praag en Het Blonde Beest.

Jeugd[bewerken]

Heydrich's moeder Elisabeth Maria Anna Amalia Kranz stamde uit een welgestelde familie en was de dochter van de leider van het Koninklijk Conservatorium in Dresden. Zijn vader, Richard Bruno Heydrich, was operazanger en componist. Bruno Heydrichs opera's werden in de stijl van Richard Wagner in Keulen en Leipzig opgevoerd. Toch bleef het succes uit. In 1899 stichtte hij in Halle an der Saale een muziekschool voor kinderen uit de middenklasse. Op het conservatorium was de moeder van Heydrich pianolerares.

Op 7 maart 1904, rond half tien 's morgens wordt Reinhard Tristan Eugen Heydrich op de Marienstraße 21 geboren.[1] De naamgeving weerspiegelde de muzikale belangstelling van zijn ouders. Reinhard was het hoofdpersonage uit de in 1895 door Bruno Heydrich geschreven opera "Amen". Tristan was afgeleid van de opera "Tristan und Isolde" van Richard Wagner en Eugen was een eerbetoon aan de vader van Elisabeth Heydrich, de hoogleraar muziek in Dresden en Hofrat, Georg Eugen Krantz.[2]

Reinhard was het tweede kind van Bruno en Elisabeth Heydrich. In 1901 was Maria Heydrich al op de wereld gezet en in 1905 werd de tweede zoon van de familie geboren: Siegfried Heinz Heydrich.[2]

Toen Reinhard 6 maanden oud was, overleed hij bijna aan de gevolgen van een hersenvliesontsteking.[2] Zijn ouders vreesden voor zijn leven en lieten hem nooddopen. Reinhard herstelde, tegen de verwachtingen in, van zijn ziekte. Reinhard was een lastig opvoedbaar kind. Hij was opvliegend en koppig, had een grote geldingsdrang en werd gepest door zijn leeftijdsgenoten.[3]

Beide ouders bekommerden zich weinig om de opvoeding van de kinderen. Heydrich-senior was altijd druk in de weer met zijn muziekinstituut. Moeder Elisabeth zorgde in het huis waar het wemelde van leraren en leerlingen en waar voortdurend muzieklessen werden gegeven voor een strenge, gedisciplineerde opvoeding. Reinhard keek op naar zijn vader, maar trad nooit in zijn voetsporen. Bruno wilde dat Reinhard een groot musicus werd en daarom werd de jonge Reinhard al snel geleerd hoe hij moest viool en piano spelen.[4] Hoewel hij zijn leven lang enthousiasme heeft gehouden voor muziek, drukte sport al snel een veel grotere stempel op zijn leven. Omdat hij van nature zwak was, moedigden zijn ouders hem aan om veel aan lichaamsbeweging te doen, vooral vanaf het moment dat hij in de herfst van 1914 aan het Hallesche Reform-Realgymnasium ging studeren. Naast studeren deed Reinhard hier aan zwemmen, hardlopen, voetballen, paardrijden, zeilen en schermen.[4] De jonge Heydrich blonk uit in sporten in het algemeen en schermen in het bijzonder. Bruno Heydrich was erelid van de in 1896 opgerichte Reichsfechtschule en daar begon de schermcarrière van Reinhard. Hij zou één van de beste degen- en sabelvechters van Europa worden.[5] In het karakter van Heydrich zat de eeuwige drang om de beste te zijn. Niet alleen via sport, maar ook met andere manieren probeerde hij zich als kind tegen spot te weren. Deze karaktertrek werd later typerend voor het beleid waarmee Heydrich zijn taken uitvoerde.

Reinhard kreeg van thuis uit al een nationalistische geest mee. De familie Heydrich was keizersgezind en nationalistisch ingesteld. Daarnaast trok het soldatenleven al vroeg de interesse van Reinhard. Met de nederlaag van Duitsland in de Eerste Wereldoorlog stortte de wereld voor de Heydrichs in, net als voor miljoenen landgenoten. Van de burgerlijke welstand van de familie Heydrich bleef niet veel over en het ging snel bergafwaarts met het conservatorium. Door de ontberingen van de oorlog bleef er weinig meer over voor liederenavonden en huismuziek.[6] In huize Heydrich geloofde men vol overtuiging in de door militairen en extreemrechtse partijen verspreide dolkstootlegende.[6]

Freikorps[bewerken]

In de jaren na de oorlog kwamen diverse politieke stromingen met grote tegenstellingen op in Duitsland. Zowel links- als rechtsextremisten probeerden de macht te grijpen. In Halle waren het communistische opstandelingen die de stad innamen. Naar aanleiding hiervan besloot Heydrich zich aan te melden bij het extreemrechtse Freikorps Maercker. Met zijn vijftien jaar was hij eigenlijk te jong om zich bij een Freikorps te mogen aansluiten, aangezien de minimumgrens op zeventien jaar lag. Nadat de communisten uit de stad waren verdreven, besloot Georg Maercker het Freikorps Hall op te richten om de stad te beschermen tegen een nieuwe opstand. Er werd ook een burgerwacht opgericht, waarvan Heydrich lid werd.[7]

Na een mislukte coup in Berlijn van reactionaire militairen onder leiding van Wolfgang Kapp, poogden de communisten in Halle voor de tweede maal de macht te grijpen.[8] Tijdens deze opstand deed Heydrich dienst als Technische Nothilfe, een nooddienst ingesteld door het Ministerie van Binnenlandse Zaken die ervoor moest zorgen dat gas, water en elektriciteit bleven werken of, indien nodig, werden hersteld.

Met zijn ervaringen die hij tijdens de opstanden had opgedaan waaronder zijn lidmaatschap van organisaties als de Völkische Schutz- und Trutzbund en het Freikorps, werd Heydrich een aanhanger van de nationalistische politiek, waarbij de rassenideologie een belangrijk punt was.

Marinecarrière[bewerken]

Reinhard Heydrich slaagde op het Reform-Realgymnasium met hoge cijfers, vlak voor Pasen 1922. Op 30 maart 1922 meldde hij zich aan bij de marine in Kiel om zijn droom, admiraal worden, te verwezenlijken.[9]

De kadettenopleiding van Heydrichs officiersjaargang, de "Crew 22", begon met een zes maanden durende opleiding aan boord van het slagschip Brandenburg.[10] Hierna verbleef hij drie maanden op het opleidingsschip Noibe en van juli 1923 tot maart 1924 deed hij dienst op de kruiser Berlin. Op 1 april 1924 werd Heydrich bevorderd tot Fähnrich en volgde hij een jaar de zeeofficiersopleiding op de marineschool Mürwick in Flensburg.[10]

Ook tijdens zijn opleiding bleef Heydrich een einzelgänger en was al snel het mikpunt van vrijwel alle "kameraden". Desondanks dacht Heydrich er niet over om zijn droom op te geven. Als hij zich neerslachtig voelde, trok hij zich met zijn viool terug op het voordek. Op de kruiser Berlin trok hij daarmee de aandacht van luitenant-ter-zee eerste klasse Wilhelm Canaris, de latere bevelhebber van de Abwehr.[11] Politiek gezien zaten beide mannen op dezelfde golflengte en Heydrich werd ook geregeld uitgenodigd voor muziekavonden voor Canaris en diens vrouw thuis in Kiel. Tijdens hun ontmoetingen spraken ze onder meer over de oorzaken van de Duitse nederlaag in de Eerste Wereldoorlog, over de middelen om een nieuw, sterk Duitsland te creëren, over imperialistische ambities en hun gemeenschappelijke haat jegens de Franse bezetter van het Ruhrgebied.[11] Mede door de gesprekken met Canaris besloot Heydrich om zich tot officier bij de inlichtingendienst te scholen.[12] Hij leerde de nieuwe technieken van de draadloze communicatie en afluister- en coderingsmethoden kennen.

Heydrich werd op 1 oktober 1926 benoemd tot Leutnant zur See. Hij volgde in het eerste kwartaal van 1927 een opleiding tot technisch officier bij de inlichtingendienst. Na voltooiing van de opleiding deed hij tot oktober 1928 dienst als tweede radio-officier. Deze dienst eindigde toen hij werd benoemd tot Oberleutnant zur See, de hoogste rang die hij bij de marine zou behalen. Tot zijn vertrek bij de marine werkte hij op de afdeling inlichtingen van de marinebasis in Kiel aan de Oostzee.[13]

Op 5 december 1930 leerde Heydrich op een roeiersbal in het concertgebouw van Kiel de 19-jarige Lina von Osten kennen. Drie dagen later vroeg hij haar ten huwelijk en op 18 december verloofden ze zich.[14] De verloving betekende indirect het einde van de marinecarrière van Heydrich. Hij stuurde de aankondiging van zijn verloving, zonder verder commentaar, naar een leerlinge van de Koloniale Frauenschule, met wie hij diverse keren was uitgegaan. Zij beschouwde zichzelf als verloofde van Heydrich en de vader van de leerlinge, een bij de marineleiding invloedrijke ambtenaar, deed zijn beklag over de "trouweloze officier" bij een vriend van hem, genaamd Erich Raeder.[14]

Heydrich moest zich hierop verantwoorden voor de ereraad. Hij had er wellicht met een berisping vanaf kunnen komen, maar Heydrich stelde zich zelfingenomen en zonder schuldbewustzijn op.[15] De ereraad liet de beslissing over aan admiraal Raeder. Die besloot op 30 april 1931 dat Reinhard Heydrich moest vertrekken bij de Reichsmarine.[16] De officiële reden luidt: "Ontslag wegens onwaardig gedrag".[15]

Politiefunctionaris en Rijksdaglid[bewerken]

Duitsland kampte met een zware economische crisis en voor een oneervol ontslagen marineofficier lagen de banen niet voor het oprapen. Uiteindelijk vond hij onderdak bij de NSDAP waar hij werd ingedeeld bij het elitekorps van de partij, de toen nog bescheiden SS.

Na Hitlers machtsovername in 1933 werd Heydrich plaatsvervangend hoofd van de Beierse politie. Van 1936 tot aan zijn overlijden in 1942 was hij voor de NSDAP eveneens (formeel) lid van de Rijksdag.

Alter ego[bewerken]

Aan de zijde van Reichsführer-SS, Heinrich Himmler, maakte Heydrich opnieuw carrière. Hij kreeg de leiding over de Sicherheitsdienst (SD), de geheime dienst van de partij en de Gestapo. Tussen Heydrich en zijn chef ontstond een merkwaardige band. Beide mannen bestreden elkaar om de macht, maar konden ook niet zonder elkaar. Heydrich gold als het prototype van het Arische ras, groot, sportief en blond. Eigenschappen die geen van alle op Himmler van toepassing waren. De SS-chef had dan weer eigen dossiers over zijn alter ego die hem in bedwang moesten houden. Het sinistere duo zou snel uit de schaduw treden van de machtige Sturmabteilung (SA). Samen zaten ze achter de 'Nacht van de Lange Messen', de nacht waarin de hoogste leiders van de SA werden vermoord. Voortaan maakte de SS de dienst uit in nazi-Duitsland. Na de machtsovername door Hitler, groeide ook de macht van Heydrich. Alle geheime diensten werden samengevoegd in het Reichssicherheitshauptamt (RSHA), waarvan Heydrich leider werd.

Oorlog[bewerken]

Een brief van Hermann Göring aan Heydrich, een citaat "(...) beauftrage ich Sie hiermit, alle erforderlichen Vorbereitungen in organisatorischer, sachlicher und materieller Hinsicht zu treffen für eine Gesamtlösung der Judenfrage im deutschen Einflußgebiet in Europa."

Met het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog nam de invloed van Heydrich verder toe. Zijn geheime diensten waren nu in heel Europa actief. Niet alleen tegenstanders van het regime werden bespied, afgeluisterd en geschaduwd. Heydrich hield zelfs van de hoogste partijbonzen een dossier bij. De ambities van Heydrich gingen verder. Bij het uitbreken van de oorlog, meldde hij zich aan bij de Luftwaffe als reserveofficier. Heydrich negeerde het uitdrukkelijke verbod van Himmler om deel te nemen aan gevechtsvluchten en vloog in juni 1941 naar het oosten. Hij kwam opdagen op vliegveld Baltsi in het zuidelijke deel van het oostfront in het uniform van een majoor van de Luftwaffe en werd in die II. Gruppe/Jagdgeschwader 77 "Herz As" opgenomen, en vloog in een Messerschmidt Me 109 jager, een vliegtuigtype waarmee hij al eerder gevlogen had. Zijn vliegtuig werd in de middag van 22 juni boven Jampol door een luchtafweergranaat getroffen, waardoor de motor uitviel en hij een noodlanding moest uitvoeren. Hij had geluk en werd al na twee dagen gevonden door Duitse soldaten. Dit voorval had wel tot gevolg dat het hem voortaan verboden werd om te vliegen.

Zijn inzet aan het front leverde Heydrich het IJzeren Kruis 1e Klasse op. Hij ontving ook de speld Frontspange, voor 60 gevechtsvluchten. Hoeveel gevechtsvluchten Heydrich in die maand werkelijk gemaakt heeft, is onbekend.

De wieg van de Holocaust[bewerken]

Met het uitbreken van de oorlog hoefden de nazi's geen rekening meer te houden met de buitenlandse opinie. Sinds de machtsovername was er onder toeziend oog van de SS een 'euthanasieprogramma' opgezet. Gehandicapten, zwakzinnigen en alcoholisten werden gezien als minderwaardig en vermoord. Deze operatie werd Aktion T4 genoemd. Tegen de Joden werden enkele bloedige pogroms ondernomen en het werd hen praktisch onmogelijk gemaakt in de openbaarheid te komen. Na de invasie van Polen werden de Joden er bijeengedreven in getto's. Bij het binnenvallen van de Sovjet-Unie in 1941 trokken achter het Duitse leger de zogenaamde Einsatzgruppen mee; eenheden die achter het front voor de nazi's ongewenste elementen vermoordden. Op 20 januari 1942 kwamen in Berlijn Duitse hoge ambtenaren bij elkaar, Heydrich was voorzitter van deze Wannseeconferentie met als onderwerp de verfijning van de systematische uitroeiing van alle Joden in Europa.

Reichsprotektor[bewerken]

Voortaan gaf Heydrich leiding aan een georganiseerde massamoord. In datzelfde jaar werd hij ook plaatsvervangend Reichsprotektor van Bohemen en Moravië waar hij de falende Konstantin von Neurath verving. Zijn optreden tegen het Tsjechische verzet was meedogenloos, massa-executies waren aan de orde van de dag. Heydrich werd door de geallieerden bestempeld als een 'bijzonder gevaarlijk man', die koste wat het kost geliquideerd moest worden. Voor Heydrich lonkte immers weer een nieuwe post: hij zou naar Frankrijk gestuurd worden om het verzet daar in de kiem te smoren. De door Rudolf Hrubec[17] getrainde Tsjechische soldaten, Jan Kubiš en Jozef Gabčík, die via SOE (Special Operations Executive) vanuit Engeland waren uitgezonden, kregen in Operatie Anthropoid de opdracht om Heydrich te vermoorden.

De Mercedes-Benz van Heydrich kort na de aanslag.

Heydrich, die meende dat hij niets te vrezen had van het Tsjechische verzet, liet zich graag in zijn open wagen door Praag rijden, waarbij hij wel een kogelwerend vest droeg. Op 27 mei 1942 zou hij naar Berlijn vliegen om zijn nieuwe plannen voor de uitroeiing van een groot deel van het "Slavische ras" met Hitler te bespreken. Rijdend door Praag in zijn open auto werd hij aangevallen. Nadat de stengun van Gabčík weigerde, wierp Kubiš een granaat naar Heydrichs auto.

De verwondingen van Heydrich leken aanvankelijk mee te vallen. Een spoedoperatie werd geweigerd. De SS-generaal mocht alleen door een Duitse arts behandeld worden. In de dagen die volgden, bleken de verwondingen toch ernstiger. Vuil en paardenhaar uit de bekleding van de auto waren zijn milt binnengedrongen en na een dagenlange strijd stierf Heydrich op 4 juni 1942 aan een bloedvergiftiging. Penicilline zou hem gered kunnen hebben, maar de productie van dat medicijn was in die tijd geheel in handen van de geallieerden.

De nazi's waren gewend om van begrafenissen grote pompeuze plechtigheden te maken. De staatsbegrafenis van Heydrich was daarvan een sprekend voorbeeld. De plechtigheid werd uitgebreid gefilmd en in de bioscoopjournaals getoond. De Duitse posterijen drukten postzegels met Heydrich's portret en aan de gasten bij de herdenkingsplechtigheid werden speciale vellen (Heydrichblok) met een zegel op gelig kunstdrukpapier aangeboden[18]. De overledene werd postuum onderscheiden met de hoogste Duitse onderscheiding, de Duitse Orde.

Gabčík en Kubiš verborgen zich na de aanslag in de crypte van de Sint-Cyrillus en Sint-Methodiuskerk aan de Resslovastraat (Ulice Resslova) in Praag. Toen de nazi's door verraad van Karel Čurda op 18 juni 1942 deze schuilplaats ontdekten, omsingelden achthonderd SS'ers de kerk. Gabčík en Kubiš verdedigden zich, maar uiteindelijk zagen zij zich genoodzaakt zelfmoord te plegen om arrestatie te voorkomen. Ter ere van de beide partizanen zijn na de Tweede Wereldoorlog in Praag vlak bij de plaats van de aanslag twee straten (Ulice Gabčikova en Ulice Kubišova) naar hen vernoemd. De verrader Karel Čurda werd in 1947 opgepakt en veroordeeld wegens hoogverraad en werd opgehangen. In de kerk is een tentoonstelling aan de aanslag gewijd. De aanslag op Heydrich is verfilmd in "Operation Daybreak" uit 1975.

Wraak[bewerken]

De wraak van de nazi's voor de moord op Heydrich was verschrikkelijk. Er volgden bloedige represailles en een massamoord tegen de Tsjechische bevolking. Zo werd op de avond na de begrafenis van Heydrich het Tsjechische dorpje Lidice uitgemoord, in de veronderstelling dat Gabčík en Kubiš daar vandaan kwamen. Alle mannen - vanaf 16 jaar - werden in dit dorp samengedreven bij een schuur en ter plekke doodgeschoten. Alle goederen, voorraden, dieren, geld en sieraden werden in beslag genomen en het dorp, de oude kerk en het dorpskerkhof werden daarop platgebrand, verwoest of opgeblazen. De grond waarop het dorp had gestaan werd omgeploegd en genivelleerd met bulldozers. De vrouwen en kinderen werden gedeporteerd naar de concentratiekampen Ravensbrück en Chełmno. 82 kinderen werden in het concentratiekamp Chełmno met behulp van zogenaamde gasauto’s vergast. Hoewel Hitler de onmiddellijke executie van 10.000 Tsjechen beval, werd het plan aangepast om het Tsjechische verzet volledig uit te roeien. Tussen 28 mei en 9 juni 1942 alleen al werden bijna 1800 doodvonnissen uitgesproken door de Duitse krijgsraad. Het vonnis werd ogenblikkelijk uitgevoerd.

Op 24 juni 1942 werd ook het dorp Ležáky omsingeld, alle inwoners werden opgepakt. De huizen werden geplunderd en vervolgens in brand gestoken. Vanaf eind oktober tot midden december 1943 zijn de resten van Ležáky door circa 65 gevangenen uit werkkampen met de grond gelijk gemaakt. In tegenstelling tot Lidice is Ležáky nooit meer heropgebouwd.

Huwelijk[bewerken]

Op 26 december 1931 trouwde Heydrich met Lina von Osten. Uit het huwelijk kwamen vier kinderen voort:

  • Klaus Heydrich (17 juni 1933 - 24 oktober 1943)
  • Heider Heydrich (23 december 1934)
  • Silke Heydrich (9 april 1939)
  • Marte Heydrich (23 juli 1942)

Militaire loopbaan[bewerken]

Decoraties[bewerken]

Zie ook[bewerken]

Bronnen

  • Laurent Binet, HhhH. Himmlers hersens heten Heydrich, vert., uitg. Meulenhoff
  • Dederichs, M., Heydrich: Het gezicht van het kwaad, Fontaine Uitgevers, 2007.
  • Robert Gerwarth, Hitlers beul. Leven en dood van Reinhard Heydrich 1904-1942, vert. uitg. Balans
  • Philipp Kerr, Prague Fatale, uitg. Quercus
  • Kershaw, I., Hitler 1889-1936: Hoogmoed, Spectrum, 2008
  • Kershaw, I., Hitler 1936-1945: Vergelding, Spectrum, 2008
  • Juri Weil, Mendelssohn is on the Roof, Daunt Books, Mendelssohn is op het dak, uitg. Cossee

Referenties

  1. Dederichs, M. Heydrich: Het gezicht van het kwaad, 2007, Fontaine Uitgevers, pag. 21
  2. a b c Dederichs, M. Heydrich: Het gezicht van het kwaad, 2007, Fontaine Uitgevers, pag. 22
  3. Dederichs, M. Heydrich: Het gezicht van het kwaad, 2007, Fontaine Uitgevers, pag. 23
  4. a b Dederichs, M. Heydrich: Het gezicht van het kwaad, 2007, Fontaine Uitgevers, pag. 27
  5. Dederichs, M. Heydrich: Het gezicht van het kwaad, 2007, Fontaine Uitgevers, pag. 28
  6. a b Dederichs, M. Heydrich: Het gezicht van het kwaad, 2007, Fontaine Uitgevers, pag. 29
  7. Dederichs, M. Heydrich: Het gezicht van het kwaad, 2007, Fontaine Uitgevers, pag. 31
  8. Dederichs, M. Heydrich: Het gezicht van het kwaad, 2007, Fontaine Uitgevers, pag. 32
  9. Dederichs, M. Heydrich: Het gezicht van het kwaad, 2007, Fontaine Uitgevers, pag. 33
  10. a b Dederichs, M. Heydrich: Het gezicht van het kwaad, 2007, Fontaine Uitgevers, pag. 34
  11. a b Dederichs, M. Heydrich: Het gezicht van het kwaad, 2007, Fontaine Uitgevers, pag. 35
  12. Dederichs, M. Heydrich: Het gezicht van het kwaad, 2007, Fontaine Uitgevers, pag. 36
  13. Jewishvirutallibrary.org - Heydrich
  14. a b Dederichs, M. Heydrich: Het gezicht van het kwaad, 2007, Fontaine Uitgevers, pag. 43
  15. a b Dederichs, M. Heydrich: Het gezicht van het kwaad, 2007, Fontaine Uitgevers, pag. 44
  16. Dederichs, M. Heydrich: Het gezicht van het kwaad, 2007, Fontaine Uitgevers, pag. 45
  17. Hrubec kreeg daarvoor in 2007 de Orde van de Witte Leeuw, bron: Radio Prague - Country, president, mark 89th anniversary of founding of Czechoslovakia
  18. De zegel van 28 mei 1943 van Böhmen und Mähren, Michel catalogus nummer 131. Een "Heydrichblok" bracht in 2000 vijftienduizend euro op.