Wannseeconferentie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Villa Marlier, locatie van de Wannseeconferentie
Inventarisatielijst van Joden in Europa als gebruikt op de Wannseeconferentie

Wannseeconferentie is de benaming voor een op 20 januari 1942 in de aan de Wannsee gelegen Villa Marlier gehouden conferentie van nazikopstukken. Doel van deze conferentie was het komen tot wat de nazi's de Endlösung der Judenfrage ("definitieve oplossing van het Jodenprobleem") noemden.

Doel van de conferentie[bewerken]

De aanvankelijke doelstelling van de nazi's was de Joden ervan te overtuigen dat zij niet in nazi-Duitsland thuishoorden. Via intimidatie, discriminatie en systematische uitsluiting van de Duitse Joden, werd hen het leven dusdanig zuur gemaakt dat zij 'vrijwillig zouden emigreren'. In eerste instantie wilden de Duitsers Joden uit Europa deporteren. Dit plan, dat bekendstaat als het Madagaskarplan, is echter nooit uitgevoerd. Joden die na 1938 in Duitsland bleven, werden opgesloten in concentratiekampen en getto's, waaronder het beruchte getto van Warschau, dat door de nazi's na de inval in Polen (september 1939) in gebruik werd genomen. Na de Duitse inval in de Sovjet-Unie (juni 1941) kwamen grote stukken van de Sovjet-Unie in handen van de Duitsers. In deze gebieden bevonden zich ook veel Joden, die door speciale troepen (de Einsatzgruppen van de Sicherheitspolizei en de SD) werden vermoord – toen al een laagdrempelige actie – of op transport naar concentratiekampen werden gezet. De concentratiekampen en getto's konden de grote aantallen gevangenen echter niet meer aan. Enkele hoge Duitse ambtenaren en SS'ers, waaronder Reinhard Heydrich, kregen de opdracht het Jodenprobleem eens en voor altijd 'op te lossen'. Het eerste schriftelijke verzoek van Göring aan Heydrich tot Endlösung van het Jodenprobleem dateert van juli 1941.[1]

De conferentie[bewerken]

Op 20 januari 1942 kwamen vijftien hoge ambtenaren bijeen om te spreken over een 'definitieve oplossing' voor het "Jodenprobleem" (Endlösung der Judenfrage). Van het begin af aan werd de conferentie gedomineerd door Reinhard Heydrich, de 'Slager van Praag'. Voor hem stond het vast dat de Joden op efficiënte wijze moesten worden uitgeroeid. Tijdens de conferentie werd de term uitroeien niet daadwerkelijk gebruikt, maar werd er gesproken over 'evacueren'. In de loop van de conferentie werd besproken hoe de Joden zouden moeten worden uitgeroeid. Nadat de nieuwste resultaten waren besproken over het gebruik van het gifgas Zyklon B, werd min of meer besloten dat de Joden zouden worden vergast. Hiertegen kwamen enkele deelnemers echter in opstand. Kritzinger bleef volhouden dat opsluiting van de Joden de juiste oplossing was. Wilhelm Stuckart bepleitte een massale sterilisatie. Josef Bühler, die voor het Generaal-Gouvernement in Polen werkte, schaarde zich achter de vergassing, maar vroeg of eerst de Joden uit het getto van Warschau konden worden vermoord, omdat er daar grote kans was dat er besmettelijke ziekten zouden uitbreken. Bühler was niet bezorgd of de Joden ziek werden, maar hij vreesde voor de gezondheid van de SS'ers. Otto Hofmann tenslotte bepleitte sterilisatie van Joden die uit gemengde huwelijken waren voortgekomen (de zgn. Mischlinge). Uiteindelijk wist Heydrich alle deelnemers over de streep te halen, en men stemde eenstemmig in met de vergassing van en moord op het Joodse volk. Voor besloten werd tot het gebruik van gifgas was in Sachsenhausen vanaf augustus 1941 de nekschotmachine in gebruik, die daar ontwikkeld was omdat het handmatig doden van Joden door de Einsatzgruppen te langzaam ging en te veel mankracht vroeg.

Na de oorlog vond men op het ministerie van Buitenlandse Zaken nog één ongeschonden exemplaar van de notulen; alle overige waren vernietigd. Op deze wijze, en door verklaringen van verdachten, is men redelijk goed op de hoogte van wat er in Wannsee is gebeurd. De Villa Marlier is tegenwoordig een gedenkplaats/museum.

Het 'Mischlingen'-probleem[bewerken]

Een heikel punt tijdens de Wannseeconferentie was de behandeling van Joden die geboren waren uit een gemengd Joods-niet-Joods huwelijk of diegenen waarvan één grootouder Joods was. Ze werden door de nazi's "Mischlingen" 1ste en 2de graad genoemd. Daar werd geen overeenstemming over bereikt. Vaak kwamen mensen met deze en soortgelijke gevallen alsnog terecht in de concentratiekampen. Er waren wel enkele verschillen ten aanzien van de Rassenwetten van Neurenberg van 17-9-1935. De meest opvallende toevoeging is de sterilisatie als ontsnappingsclausule. Verder zijn er wat kleine aanpassingen:

  • Alle Mischlingen 1ste graad zijn Joden behalve zij die:
a) (voor 17-9-1935) gehuwd zijn met iemand van Duitsen bloed. Hun kinderen (Mischlingen 2de graad) worden gelijk gesteld met Duitsers.
b) Onmisbaar zijn voor de staat. Bij een andere status in de toekomst worden deze personen Jood.
Mischlingen 1ste graad van deze twee categorieën die zich niet laten steriliseren zijn Jood.
  • Alle Mischlingen 2de graad zijn Duitsers behalve als zij:
a) Afstammen van 2 Mischlingen van de 2de graad.
b) Een opvallend Joods uiterlijk hebben.
c) Zich als een Jood gedragen en voelen.

Aanvang van het plan tot vernietiging van de Europese Joden[bewerken]

Eind november 2008 vond men in Berlijn de in november 1941 opgestelde gedetailleerde plannen terug van het concentratiekamp Auschwitz die door Heinrich Himmler ondertekend werden. Daar vindt men zwart op wit de aanduiding "Entlausungsanlage mit Gaskammer"[2] terug, een ruimte van 11,55 bij 11,20 m. Daaruit mag men afleiden dat al vóór de Wannseeconferentie in januari 1942 tot de systematische vernietiging van de Europese Joden besloten werd.[3] Dat besluit werd na het mislukken van het Madagaskarplan in het vroege voorjaar van 1941 geleidelijk genomen. Heydrich was de sturende kracht achter de fysieke vernietiging van de Joden.[4][5]

De deelnemers[bewerken]

De aanwezigen waren:

Bundesarchiv Bild 183-R98683, Reinhard Heydrich.jpg Reinhard Heydrich (RSHA, SD, Sicherheitspolizei) (1904-1942): omgekomen na aanslag van het Tsjechisch verzet

WP Adolf Eichmann 1942.jpg Adolf Eichmann (SD, Sicherheitspolizei) (1906-1962): ontvoerd, berecht en geëxecuteerd voor oorlogsmisdaden door Israël

Otto Hofmann.jpg Otto Hofmann (ministerie voor Rassenvestiging) (1896-1982): in Duitsland voor oorlogsmisdaden berecht door de VS, vrijgelaten in 1954

Bundesarchiv Bild 119-06-44-12, Gerhard Klopfer.jpg Gerhard Klopfer (partijkanselarij) (1905-1987): vrijgesproken van oorlogsmisdaden bij gebrek aan bewijs

Bundesarchiv Bild 183-J03238, Roland Freisler.jpg Roland Freisler (justitie) (1893-1945): omgekomen bij geallieerd bombardement

KritzingerFriedrich.jpg Wilhelm Kritzinger (rijkskanselarij) (1890-1947): vlak voor zijn dood om gezondheidsredenen vrijgelaten

LeibbrandtGeorg.jpg Georg Leibbrandt (ministerie voor Bezette Gebieden) (1899-1982): in 1949 vrijgelaten

LutherMartin.jpg Martin Luther (buitenlandse zaken) (1895-1945): overleden na internering in Duits concentratiekamp

Bundesarchiv Bild 183-1991-0712-500, Alfred Meyer.jpg Alfred Meyer (ministerie voor Bezette Gebieden) (1891-1945): zelfmoord

NeumannErich.jpg Erich Neumann (bureau voor het Vierjarenplan) (1892-1948): om gezondheidsredenen vrijgelaten in 1948

Blank square.svg Rudolf Lange (SD) (1910-1945): zelfmoord/overleden bij belegering van Posen door het Rode Leger

Blank square.svg Heinrich Müller (rijksveiligheid) (1900-1945): verdwenen tijdens belegering van Berlijn door het Rode Leger

Blank square.svg Karl Eberhard Schöngarth (SD) (1903-1946): in Duitsland voor oorlogsmisdaden berecht en geëxecuteerd door Groot-Brittannië

Blank square.svg Josef Bühler (Bezet Polen) (1904-1948): na uitlevering aan Polen voor oorlogsmisdaden berecht en geëxecuteerd

Blank square.svg Wilhelm Stuckart (binnenlandse zaken) (1902-1953): vrijgelaten in 1949, omgekomen bij auto-ongeluk/aanslag

Bibliografie[bewerken]

Externe link[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. (de) Brief van Göring aan Heydrich
  2. Zie ook LTI – Notizbuch eines Philologen
  3. Die Baupläne von Auschwitz
  4. Raul Hilberg, De vernietiging van de Joden, deel 2, blz 472 - 480
  5. Knopp, G., Holocaust, Uitgeverij Omniboek, 2010, pag. 9
Wikisource Meer bronnen die bij dit onderwerp horen, kan men vinden op de pagina Protokoll der Wannsee-Konferenz op de Duitstalige Wikisource