Vlag van Letland

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Vexillologisch symbool? Vlag van Letland (ratio 1:2)
Vexillologisch symbool? Oorlogsvlag ter zee

De vlag van Letland (Lets: Latvijas Republikas karogs) werd in 1922 aangenomen als vlag van de onafhankelijke Republiek Letland. Onder Sovjet-bestuur was de Letse vlag verboden. Na de herwonnen onafhankelijkheid werd de vlag op 27 februari 1990 in ere hersteld.

Symboliek[bewerken]

De rood-wit-rode vlag komt sinds de late middeleeuwen in de Letse geschiedenis voor. De legende zegt dat het ontwerp afkomstig is van een doek waarin een in een veldslag vermoorde leider werd gewikkeld; dit doek zou door het bloed rode randen hebben gekregen (zie onder Geschiedenis).

Tegenwoordig wordt vaak beweerd dat het rood van de vlag zou staan voor de bereidheid van de Letten om hun vrijheid te verdedigen. Het wit staat voor zuiverheid en gerechtigheid.

Ontwerp[bewerken]

Constructietekening

Het "rood" in de vlag is in feite kastanjebruin; een bijzonder donkere kleur rood met componenten bruin en paars. Het wordt soms Lets rood genoemd.

Het rood wordt in verschillende kleursystemen als volgt gespecificeerd:

De witte kleur is simpelweg Pantone wit.

De verhoudingen tussen de horizontale banen zijn 2:1:2 (elk van de rode banen is tweemaal zo hoog als de witte baan). De hoogte-breedteverhouding van de vlag is 1:2.

Geschiedenis[bewerken]

Vlag van de SSR Letland, 1953-1990

De rood-wit-rode vlag wordt voor het eerst genoemd in laat dertiende-eeuwse Lijflandse Rijmkroniek,[1] waarin gesproken wordt van een veldslag die rond 1280 plaatsvond. In deze veldslag trokken de Venden uit Cēsis (in noordelijk Letland) ten strijde onder een rode vlag met een witte streep. Dit ontwerp zou volgens Alnpekes' legende gekozen zijn omdat bij een eerdere veldslag een dodelijk gewonde leider in een wit doek werd gewikkeld, waarna de randen van het doek door bloed doordrongen werden. Bij de volgende veldslag werd dit doek als een vlag gebruikt. Omdat die veldslag gewonnen werd, gebruikten de Letse stammen volgens deze legende sindsdien een rode vlag met een witte streep.

Gebaseerd op deze legende werd in mei 1917 de huidige vlag ontworpen door de kunstenaar Ansis Cīrulis. Ter onderscheiding van de Oostenrijkse vlag werd in 1918 het rood donkerder gemaakt en werd de witte streep smaller gemaakt. Op 15 juni 1921 legde het Letse parlement de vlag officieel vast, tegelijk met het wapen.

Als deelrepubliek van de Sovjet-Unie (Letse SSR) had Letland een eigen vlag. Tussen 25 augustus 1940 en 17 januari 1953 was dit een egaal rode vlag met in de linkerbovenhoek in gouden letters de afkorting van het land, in het Lets (LPSR, Latvijas Padomju Sociālistiskā Republika). Sinds 17 januari 1953 was de vlag die hier rechts afgebeeld staat de vlag van de Letse Sovjet-republiek. In het huidige Letland is het in het openbaar tonen van deze vlag verboden.

Vlaginstructie[bewerken]

Wapperende Letse vlag

De nationale vlaginstructie stelt dat de vlag altijd ter versiering mag worden gebruikt, zolang dat met respect voor de vlag gebeurt. Het vernielen, respectloos behandelen en verkeerd tonen van de vlag kan bestraft worden.

De vlag moet ten minste 2,5 meter boven de grond hangen en goed aan de vlaggenmast of -stok worden bevestigd. De vlaggenmast of -stok moet langer zijn dan de langste zijde van de vlag, recht, wit geschilderd en bij voorkeur van hout gemaakt. De knop bovenop de vlaggenmast moet breder zijn dan de mast. Als de vlag niet continu gehesen wordt, moet deze alleen tussen zonsopgang en -ondergang wapperen.

In tijden van rouw moet de vlag halfstok hangen. Als de vlag vast zit aan de mast waardoor het halfstok hijsen onmogelijk is, moet een zwart lint boven de vlag worden bevestigd. Het lint moet langer en 1/20 maal zo hoog zijn als de vlag.

Met andere vlaggen[bewerken]

Alle vlaggen moeten van dezelfde grootte zijn. Als de vlaggen zich buiten bevinden, moet de Letse aan de linkerkant hangen. Als de vlaggen zich in een lijn bevinden, moet de Letse vlag links hangen en eventueel ook rechts. Vlaggen van andere landen of van internationale organisaties moeten dan op alfabetisch volgorde (in het Lets) geplaatst worden.

Als twee vlaggen zich binnen bevinden, moet de Letse vlag rechts geplaatst worden. Als meer dan twee vlaggen zich binnen bevinden, moet de Letse vlag in het midden geplaatst worden, waarbij de andere vlaggen op alfabetische volgorde (in het Lets) hangen.

Vlagdagen[bewerken]

De volgende dagen zijn als vlagdagen aangemerkt:[2]

  • 16 februari — Onafhankelijkheidsdag van Litouwen;
  • 24 februari — Onafhankelijkheidsdag van Estland;
  • 25 maart (rouw) — Ter herinnering aan de slachtoffers van de communistische genocide;
  • 1 mei — Dag van de Arbeid en Dag van de Grondwet;
  • 4 mei — Onafhankelijkheidsdag (1990);
  • 14 juni (rouw) — ter herinnering aan de slachtoffers van de communistische genocide;
  • 17 juni (rouw) — ter herinnering aan het begin van de Sovjet-bezetting;
  • 4 juli (rouw) — ter herinnering aan de slachtoffers van de Holocaust;
  • 11 november — Lāčplēsisdag;
  • 18 november — Onafhankelijkheidsdag (1918);
  • Eerste vrijdag in december (rouw) — ter herinnering aan de slachtoffers van de communistische genocide.

Noten[bewerken]

  1. Atskaņu hronika.
  2. Saeima (1994): Par Latvijas valsts karogu.