Vlag van Hongarije

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Vexillologisch symbool? Staatsvlag van Hongarije (ratio 1:2)
Vexillologisch symbool? Handelsvlag van Hongarije (ratio 2:3)
Vexillologisch symbool? Oorlogsvlag (ratio 2:3, 31:40 of 4:5)
Vexillologisch symbool? Marinevlag (ratio 2:3, 31:40 of 4:5)

De vlag van Hongarije is een horizontale driekleur in de kleuren rood, wit en groen. In de staatsversie van de vlag staat in het midden het wapen van Hongarije, terwijl de oorlogsversie het wapen op een wit veld boven twee takken met een gedecoreerde rand toont. In deze vorm is de vlag officieel in gebruik sinds 1957, maar het rood-wit-groen speelt al veel langer een belangrijke symbolische rol in Hongarije.

Symboliek[bewerken]

De vlag is afgeleid van de vlag die door de vrijheidsbeweging van 1848-1849 gebruikt werd. Deze beweging pleitte voor het afschaffen van de Habsburgse monarchie en het oprichten van een Hongaarse republiek. De driekleur werd destijds gebaseerd op de Franse vlag en de ideeën van de Franse Revolutie, waarbij de kleuren rood, groen en wit uit het toenmalige wapen van Hongarije werden gehaald. Het Hongaarse wapen ziet er sinds de 15e eeuw ongeveer hetzelfde uit en is een samenvoeging van wapens van het Huis Árpád (de stichtende dynastie van Hongarije) die voor het eerst aan het einde van de 12e en het begin van de 13e eeuw verschenen. De kroon is de Stefanskroon.

De Hongaarse vlag heeft zijn oorsprong dus in de republikeinse beweging uit de 19e eeuw (via de vorm van de driekleur) en in het middeleeuwse Hongarije (via de kleuren rood, wit en groen).

Folklore uit de Romantiek gaf elke kleur een symbolische betekenis: rood staat voor kracht, wit voor geloof en groen voor hoop. Anderen zagen rood als symbool van voor het vaderland gevloeide bloed, wit als kleur van de vrijheid en groen als verwijzing naar de Hongaarse grond.

Kleurspecificatie[bewerken]

     
hexadecimal R.G.B CE.11.26 FF.FF.FF 00.87.51
decimal R.G.B 206,17,38 255,255,255 0,135,87

Ontwerp[bewerken]

De breedte van de vlag is normaal gesproken tweemaal zo groot als de hoogte, waarbij elk van de drie banen een derde van de hoogte inneemt. De handelsvlag heeft echter een hoogte-breedteverhouding van 2:3 in plaats van 1:2.

In het midden van de staatsvlag staat het nationale wapen, dat zich uitstrekt tot over de rode en groene baan. Wanneer de vlag verticaal gehangen wordt, wordt het wapen zodanig geplaatst dat het zich geheel in de witte baan bevindt met de kroon aan de bovenzijde. De rode baan bevindt zich doorgaans aan de rechterkant, zodat men een gewone vlaggenstok horizontaal kan hangen om de vlag verticaal te laten wapperen.

De oorlogsvlag toont het Hongaarse wapen op een wit veld boven twee takken. De rand van de vlag is gedecoreerd met groene en rode wolventanden. In de oorlogsvlag te land nemen deze de vorm van vlammen aan, terwijl ze in de oorlogsvlag te water driehoekig zijn. De hoogte-breedteverhouding van de oorlogsvlag is 2:3, 31:40 of 4:5.

Geschiedenis[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie ook de artikels Vlag van Oostenrijk-Hongarije en Lijst van vlaggen van Oostenrijks-Hongaarse deelgebieden
Vlag van Hongarije op een Hongaarse postzegel.

Zoals hierboven vermeld, verscheen de rood-wit-groene vlag tijdens de opstand van 1848-1849. Nadat deze opstand was neergeslagen, verbood de keizer de vlag.

Na de Ausgleich van 1867 werd de vlag dan toch de officiële vlag van Hongarije. De vlag toonde in het midden de kleine versie van het Hongaarse wapen, met aartsengels die het wapen vasthielden. Deze vlag werd gebruikt tot het einde van Oostenrijk-Hongarije in 1918. Oostenrijk-Hongarije gebruikte in dezelfde periode een vlag die een combinatie was van de Hongaarse vlag en het rood-wit-rood van de vlag van Oostenrijk.

Na de val van het Oostenrijks-Hongaarse Rijk, braken er enkele turbulente jaren aan waarin verschillende varianten van de vlag zichtbaar waren. De basis — een rood-wit-groene driekleur — bleef hetzelfde, maar het embleem varieerde.

In november 1919 werd de monarchie hersteld, maar wel zonder monarch. In maart 1920 werd Miklós Horthy regent; hij zou tot 1944 blijven regeren. Tot 1944 werd het koninklijke wapenschild plus de Hongaarse kroon in het midden van de vlag afgebeeld, en dat zou tussen 1946 en 1949 weer gebeuren.

Tijdens het Stalinistische regime stond in het centrum van de vlag het wapenschild met een rode ster (1949-1956). Tijdens de revolutie in 1956 (de Hongaarse Opstand) werden deze er uitgeknipt. Een driekleur met een gat in het midden werd het symbool van de revolutie van 1956 en is nog steeds te zien in het Hongaarse straatbeeld, vooral bij monumenten ter ere van de slachtoffers van de opstand.

Vlag van het Koninkrijk Hongarije, 1867-1918
Vlag van Hongarije, 1919
Vlag van Hongarije, 1920-1940
Vlag van Hongarije, 1940-1946
Vlag van Hongarije, 1946-1949, 1956-1957
Vlag van Hongarije, 1949-1956
Vlag van de Hongaarse Opstand, 1956
De Hongaarse vlag naast een beeld van de Turul op de Burchtheuvel

De vlag die de Volksrepubliek Hongarije tussen 1957 en 1989 gebruikte bevatte het nieuwe in 1957 aangenomen wapen, dat ontworpen was omdat het oude wapen gehaat werd door de tegenstanders van de communistische machthebbers. De opname van het wapen in de vlag was echter niet officieel vastgelegd en daarom kan men stellen dat sinds 1957 de 'kale' rood-wit-groene driekleur in gebruik is.

Sinds Hongarije in 1991 het Warschaupact verliet, wordt vrijwel overal de vlag zonder wapen gebruikt. Om redenen van esthetiek of historie zijn vlaggen met het wapen erin soms nog te zien.

Vlaginstructie[bewerken]

De Hongaarse vlag wordt als teken van rouw niet halfstok gehangen, zoals in de meeste andere landen gebruikelijk is. In plaats daarvan wordt gevlagd met zwarte vlaggen.

Zie ook[bewerken]

Noten[bewerken]