Willemsoord (Steenwijkerland)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Willemsoord
Plaats in Nederland Vlag van Nederland
Willemsoord (Steenwijkerland)
Willemsoord (Steenwijkerland)
Situering
Provincie Vlag Overijssel Overijssel
Gemeente Steenwijkerland
Coördinaten 52° 49′ NB, 6° 4′ OL
Algemeen
Inwoners (2008) 570
Portaal  Portaalicoon   Nederland
Kolonistenwoning in Willemsoord (Maatschappij van Weldadigheid),scan van een afbeelding in "Het vaderlandse geschiedenis boek" ISBN 90 400 8888 8

Willemsoord is een plaats in de gemeente Steenwijkerland in de Nederlandse provincie Overijssel.

Willemsoord werd in 1820 als kolonie door de Maatschappij van Weldadigheid gesticht. Het had in 2008 zo'n 570 inwoners en in het buitengebied nog eens 290.[1]

Geschiedenis[bewerken]

Binnen de rij van 34 kleine kernen die de gemeente Steenwijkerland na de "fusie" met Brederwiede en IJsselham anno 2005 rijk is, neemt Willemsoord een bijzondere plaats in. Willemsoord werd gesticht in 1820. In dat jaar werd in opdracht van de Maatschappij van Weldadigheid begonnen met de aanleg van wegen en de bouw van de eerste 100 huizen. Met daarnaast de grotere gebouwen zoals de woning voor de onderdirecteur, de spinzaal met washok, een woning voor de adjunct-directeur fabriekswezen en de school met onderwijzerswoning. De benodigde grond was daarvoor gekocht van onder meer Het Heideveld Steenwijkerwold.

Generaal Johannes van den Bosch was de geestelijk vader van de plannen om in Frederiksoord, Wilhelminaoord en Willemsoord drie vrije koloniën te stichten om kansarme gezinnen uit het westen van Nederland de gelegenheid te bieden een nieuw bestaan op te bouwen. De kolonisten kregen een woning met een hectare grond, er werd voorzien in hun onderhoud, er was geneeskundige hulp, alsmede godsdienst- en schoolonderwijs. Dankzij de contributie van een flink aantal redelijk gefortuneerde Nederlanders konden de leefomstandigheden van die lagere volksklassen aanzienlijk verbeterd worden. Het Huis van Oranje was geïnteresseerd in de plannen. De kroonprins van Oranje, de latere Koning Willem II, gaf Willemsoord zijn naam. Willem betaalde de bouw van de school en onderwijzerswoning; de kosten bedroegen 1400 gulden voor de realisatie van beide gebouwen.

Het regiem van de Maatschappij was streng. De jeugd ging zes dagen per week naar school. Willemsoord telde een relatief groot aantal opleidingen naast de lagere school. Zo was er nabij het centrum een naai- en breischool alsmede een tekenschool. De jeugd kon ook opgeleid worden in verschillende takken van nijverheid. Zo was er een zakkenweverij, een touwbaan, een timmerwinkel en een verfwinkel, terwijl de bos- en landbouw de jeugd perspectief bood om op de administratie van de Maatschappij terecht te komen. Maar Willemsoord kende ook een eigen landbouwvakschool die op de Ronde Blesse was gesitueerd: de Gerard Adriaan van Swieten Landbouwschool. De maatschappij bezat in de directe omgeving drie grote boerderijen (Hoeve Utrecht, Hoeve Amsterdam en Hoeve Generaal van den Bosch) waardoor er voldoende grond beschikbaar was voor het aanleggen van proefvelden voor de studenten. Verder waren een veearts, stoomzuivelfabriek en een ontromingsfabriek binnen handbereik. De landbouwschool werd in 1890 gesticht en 1910 gesloopt vanwege het stopzetten van de rijksfinanciering voor deze vorm van onderwijs, waarna de school tot woonhuis werd omgebouwd.

Het eerste kerkgebouw dat in de drie vrije koloniën werd gesticht was bestemd voor de joodse kolonisten. Die gezinnen werden in het noordoostelijke deel van de kolonie Willemsoord (op De Pol) gehuisvest en dat gebied kreeg in de volksmond de naam Jodenhoek. Er werd later (1837) ook een Israëlitisch bijschooltje gebouwd samen met een kleine synagoge. In 1860 woonden er nog 24 joodse gezinnen in de kolonie Willemsoord. De Nederlands-hervormde kerk aan de Steenwijkerweg in Willemsoord werd in januari 1855 ingewijd.

Bijzondere kenmerken van Willemsoord[bewerken]

Cecilia Kloosterhuis noemt in haar boek “De bevolking van de Vrije Koloniën van de Maatschappij van Weldadigheid” onder meer de gangbare spreektaal die dicht bij het Algemeen Beschaafd Nederlands lag, omdat zij "geïmporteerd" was door de stedelingen uit het Westen. “Maar ook de omgangsvormen in het dorp speelden een rol in het anders zijn. Kinderen werden van jongs af aan orde en regels gewend en strenger opgevoed dan elders”, aldus de vrouw naar wie in Willemsoord een straat werd vernoemd. Over de vormgeving van het dorp is ze wat negatief: "Het strakke van de aanleg, de ontzettende regelmaat in de verkaveling, de eentonigheid van de vrijwel gelijke koloniehuisjes op honderd meter afstand van elkaar langs de kaarsrechte wegen. Alles monotoon, zelfs de houtwallen. Geen verrassing, geen kronkelweggetjes". Het dorp telde een kerk, school, postkantoor, een café en een spoorwegstationnetje. Er waren een paar winkels, een bakkerij, smederij, een klein zuivelfabriekje, de molen, een mandenmakerij, een eigen dokter en vroedvrouw. Er was eigen koloniegeld in omloop. Het dorp beschikte over een verenigingsgebouw gewijd aan onderwijs en ontspanning dat in de volksmond Ons Gebouw werd genoemd.

Na de Tweede Wereldoorlog, zo eind jaren 50, begin 60, kreeg Willemsoord een ander gezicht. Tussen Paasloregel en de beek De Reune werd een nieuw woonwijkje gebouwd, later gevolgd door de nieuwe woningen in het zuidwesten van het dorp. Eind jaren 80 werd de A32 aangelegd. De basisschool moest uitbreiden omdat zij te klein werd om de aanwas van leerlingen te kunnen verwerken. Multifunctioneel centrum ’t Koloniehuus kwam mede dankzij veel vrijwilligerswerk tot stand.

Zie ook[bewerken]

Noot
  1. Bevolking naar geslacht en leeftijd, 2008 - CBS Gemeente op Maat 2008