Artsen zonder Grenzen
Deur in vluchtelingenkamp, Tsjaad | ||
| Nobelprijs voor Vrede | ||
| Jaar | 1999 | |
| Reden | "Voor hun humanitaire pionierswerk in vele continenten." | |
| Voorganger(s) | John Hume David Trimble | |
| Opvolger(s) | Kim Dae-jung | |
| Website | ||
Artsen zonder Grenzen (AzG) (internationaal bekend als Médecins Sans Frontières, Doctors Without Borders) is een internationale niet-gouvernementele hulporganisatie.
Artsen zonder Grenzen is wereldwijd in ongeveer 80 landen actief.
Geschiedenis
[bewerken | brontekst bewerken]Beginjaren
[bewerken | brontekst bewerken]
In 1971 woedde in Nigeria een bloedige burgeroorlog, de Biafra-oorlog. Het Rode Kruis[1] was in het gebied aanwezig, maar mocht volgens haar mandaat geen hulp verlenen zonder toestemming van de regering. Twee Franse artsen van het Rode Kruis, Bernard Kouchner en Max Récamier, konden zich niet verenigen met die werkwijze. Zij vonden dat álle slachtoffers van oorlogen medische zorg moeten kunnen krijgen, desnoods tegen de wil van de regering in. Bij hun terugkomst in Frankrijk besloten ze een eigen organisatie op te richten: Médecins Sans Frontières. Nauwelijks enkele jaren later, in 1980, leidde een eveneens politiek geschil tot het vertrek van Kouchner, die daarop met enkele collega’s Dokters van de Wereld oprichtte.
De eerste missies volgden snel na Biafra: in 1972 arriveerde MSF drie dagen na het Rode Kruis in Managua (Nicaragua) na een verwoestende aardbeving. In 1974 volgde hulp na orkaan Fifi in Honduras, en in 1975-1979 grootschalige programma’s voor Cambodjaanse vluchtelingen in Thailand die vluchtten voor het regime van Pol Pot. In 1979 leidde een ideologisch conflict tot het vertrek van Kouchner, die daarna Dokters van de Wereld oprichtte. Onder nieuwe leiding (onder meer Claude Malhuret en later Rony Brauman) professionaliseerde de organisatie zich verder en benadrukte zij steeds sterker de combinatie van medische actie en publieke getuigenis.
1980-2000
[bewerken | brontekst bewerken]In de jaren tachtig breidde MSF uit met operationele secties in België (1980), Zwitserland (1981), Nederland (1984), Spanje en Luxemburg (1986). Artsen zonder Grenzen Nederland werd op 7 september 1984 opgericht in Amsterdam door een groep van zes mensen: Jacques de Milliano, Roelf Padt, Simon Horenblas, Aswin Meier, Barbara Lopes Cardozo en Janine Osmers. De oprichting kwam voort uit persoonlijke ervaringen in het veld via de Belgische sectie. Jacques de Milliano werd de eerste directeur. Het eerste zelfstandige Nederlandse project startte in 1985 in Darfur (Sudan) tijdens een hongersnood: een team van acht personen richtte 170 voedingscentra op.
Op 15 oktober 1999 ontving MSF de Nobelprijs voor de Vrede “voor pionierswerk op humanitair gebied op verschillende continenten”. Internationale voorzitter James Orbinski hield een memorabele toespraak waarin hij de Russische president Boris Jeltsin opriep de beschietingen in Tsjetsjenië te stoppen: “Stilte wordt te vaak verward met neutraliteit. Wij weten dat stilte soms kan doden.”
2000-2020
[bewerken | brontekst bewerken]Op 2 juni 2004 werden vijf medewerkers van de hulporganisatie in het noordwesten van Afghanistan vermoord. De slachtoffers waren een Belgische, een Nederlander, een Noor en twee Afghanen.[2] De vermoedelijke daders waren leden van de Taliban, maar het wordt ook niet uitgesloten dat het struikrovers waren.
Arjan Erkel, hoofd van de missie in de Noordelijke Kaukasus, werd op 12 augustus 2002 ontvoerd in Dagestan. Hij werd op 11 april 2004 bevrijd, nadat AzG een groep oud-KGB'ers had ingehuurd (de "Veteranen van de KGB"). Die actie werd uitgevoerd in overleg met de familie van Erkel. Later werd bekend dat voor zijn vrijlating een miljoen euro losgeld was betaald.
Op 12 januari 2010 trof een aardbeving van magnitude 7,0 Haïti, met epicentrum nabij Port-au-Prince. Meer dan 220.000 doden, 300.000 gewonden en 1,5 miljoen ontheemden. MSF, dat al sinds 1991 in Haïti werkte (onder meer met het Trinité-ziekenhuis), verloor zelf faciliteiten maar startte binnen 24 uur de grootste snelle noodrespons in haar 50-jarige bestaan. In de eerste zes maanden behandelde MSF meer dan 173.000 patiënten en voerde meer dan 11.000 chirurgische ingrepen uit. Op het hoogtepunt (maart 2010) runde de organisatie 26 faciliteiten met ruim 1.000 bedden, waaronder een innovatief opblaasbaar ziekenhuis met 100 bedden en drie operatiekamers in Port-au-Prince. Teams werkten met meer dan 3.000 medewerkers (lokaal en internationaal), voerden water- en sanitatieprojecten uit en boden psychologische hulp aan tienduizenden. Uitdagingen waren enorm: luchthavenchaos (9 van 17 vluchten werden omgeleid), verwoeste infrastructuur, geweld in sloppenwijken en coördinatieproblemen met honderden andere hulporganisaties. MSF protesteerde bij de Amerikaanse autoriteiten die de luchthaven beheerden. In oktober 2010 brak een cholera-epidemie uit; MSF opende meer dan 50 behandelcentra en behandelde tot 2016 ruim 300.000 mensen.
MSF was de eerste internationale organisatie ter plaatse toen de ebola-uitbraak in maart 2014 in Guinee begon. De organisatie behandelde 10.376 patiënten (waarvan 5.226 bevestigde gevallen) in eigen managementcentra en bereikte een piek van bijna 4.000 nationale en 325 internationale medewerkers. MSF bekritiseerde de trage reactie van de WHO en internationale gemeenschap luidruchtig. De epidemie kostte meer dan 11.300 levens, waaronder 500 zorgverleners.
Vanaf 2015 tot en met 2018 heeft AzG tienduizenden Afrikaanse migranten die de overtocht naar Europa probeerden te maken, vanuit kleine bootjes voor de Libische kust opgepikt met het schip Aquarius, en vervolgens in Europa aan land gebracht. Dit werd beëindigd vanwege tegenwerking van de Italiaanse regering die stelde dat de hulporganisatie zich hiermee schuldig zou maken aan mensensmokkel.[3] In augustus 2019 nam AzG een nieuw reddingsschip, de Ocean Viking, in gebruik.
Vanaf 2020
[bewerken | brontekst bewerken]Sinds de Russische invasie van februari 2022 biedt MSF noodhulp in frontliniegebieden (Kharkiv, Donetsk, Kherson, etc.). In 2025 alleen al: 12.904 spoedopnames, 1.053 operaties, 552 IC-opnames in Kherson; 10.722 ambulancevervoeren (60 % oorlogsslachtoffers); mobiele klinieken met 45.322 poliklinische consulten en uitgebreide mentale gezondheidszorg (PTSS, trauma). Meer dan 370.000 consulten sinds 2022. Teams trokken zich terug uit zes ziekenhuizen wegens beschietingen.
Artsen zonder Grenzen leverde humanitaire hulp bij de oorlog in Gaza tussen 2023 en 2025. Volgens eigen zeggen lopen de hulpverleners daar meer gevaar dan normaal is in conflictgebieden.[4] In 2025 ondersteunde MSF 1 op 5 ziekenhuisbedden, assisteerde 1 op 3 bevallingen, voerde 913.284 poliklinische consulten uit en distribueerde meer dan 700 miljoen liter water. In januari 2026 alleen al: 83.579 consulten, 40.646 spoedgevallen en 5.981 traumabehandelingen. MSF levert behalve humanitaire hulp ook kritiek op de strijdende partijen, zowel op de daden van Hamas[5] als die van Israel[6]
De burgeroorlog in Soedan, die op 15 april 2023 uitbrak tussen de Sudanese Armed Forces (SAF) onder leiding van generaal Abdel Fattah al-Burhan en de Rapid Support Forces (RSF) onder generaal Mohamed Hamdan Dagalo ('Hemedti'), sleept inmiddels meer dan drie jaar aan. Begin 2026 is dit conflict uitgegroeid tot een van de ernstigste humanitaire rampen ter wereld: steden zijn verwoest, essentiële diensten (inclusief gezondheidszorg) liggen grotendeels plat, en meer dan 13 miljoen mensen zijn ontheemd – zowel intern als naar buurlanden zoals Tsjaad, Zuid-Soedan en Egypte.
In 2025 alleen al voerden MSF-teams in Soedan meer dan 720.000 poliklinische consulten uit, behandelden bijna 200.000 spoedgevallen, voerden meer dan 1.800 operaties uit, assisteerden bij bijna 24.000 bevallingen, boden meer dan 3.100 consulten voor seksueel geweld en 8.500 mentale gezondheidsconsulten.
Organisatie
[bewerken | brontekst bewerken]De artsen, verpleegkundigen, administratieve en logistieke medewerkers die door Artsen zonder Grenzen worden uitgezonden, zijn vrijwilligers. Na een jaar wordt een onkostenvergoeding verstrekt. In 2017 werden er volgens het jaarverslag 780 medewerkers uitgezonden en waren er 9879 lokale medewerkers. Er wordt samengewerkt met plaatselijke organisaties.
Soorten hulp
[bewerken | brontekst bewerken]Artsen zonder Grenzen verleent niet alleen kortdurende medische noodhulp. Ze kiezen er ook voor om chronische conflictgebieden voor een langere tijd te helpen. In sommige landen is Artsen zonder Grenzen de enige hulporganisatie. Wanneer een medische noodsituatie verholpen is, draagt Artsen zonder Grenzen de verantwoordelijkheid over aan lokale organisaties.
Onpartijdigheid en onafhankelijkheid
[bewerken | brontekst bewerken]Artsen zonder Grenzen wil zich bij conflicten strikt onpartijdig en onafhankelijk opstellen. Als het nodig is, kiest AzG er bewust voor om aan beide kanten van de strijd te staan. Soms is dat zonder de toestemming van de overheid of een van de strijdende partijen.
AzG bepaalt zelf waar en hoe er hulp verleend wordt. Beoogd wordt om als eerste de mensen te helpen die de hulp het hardst en meest nodig hebben, daarom vindt de organisatie het belangrijk zelfstandig gegevens te kunnen verzamelen en zelf toezicht te houden op de distributie van de hulpgoederen. Als wordt geconstateerd dat de hulp wordt misbruikt of niet terechtkomt bij de mensen die de hulp nodig hebben, kan Artsen zonder Grenzen besluiten om zich terug te trekken.
Doel
[bewerken | brontekst bewerken]Artsen Zonder Grenzen verleent hulp aan bevolkingsgroepen in nood, aan slachtoffers van natuurrampen, van rampen door de mens veroorzaakt, van oorlogen en van burgeroorlogen. Hierbij wil zij geen onderscheid maken op basis van ras, religie, levensbeschouwing of politieke opvatting. Artsen zonder Grenzen helpt mensen vooral door medische hulp te verlenen. Overal ter wereld worden mensen geholpen, AzG streeft ernaar altijd een ploeg klaar te hebben staan om mensen te helpen. Ook helpt AzG in gebieden voor langere tijd en wordt er pleitzorg verleend. Pleitzorg wil zeggen mensen helpen waarvan de rechten worden geschonden. Dit gebeurt door druk uit te oefenen op internationale organisaties zoals de Verenigde Naties maar ook door er in het openbaar over te praten.
Het doel van AZG is alle mensen in nood te helpen, van wie de gezondheid bedreigd wordt. Wat dit inhoudt staat in het Handvest, een soort reglement met vier belangrijke punten:
- AZG geeft hulp aan mensen die in nood zijn geraakt door natuurrampen, oorlogen of burgeroorlogen. Daarbij wordt geen onderscheid gemaakt naar huidskleur of godsdienst.
- AZG is neutraal. Dat wil zeggen dat de organisatie geen partij kiest. AZG kent geen vrienden of vijanden. In een oorlogsgebied wordt geprobeerd alle slachtoffers zo goed mogelijk te verzorgen.
- De medewerkers werken alleen voor de gezondheid van de mensen in nood. Ze bemoeien zich niet met andere zaken, zoals tot welke partij een slachtoffer misschien hoort.
- De medewerkers van AZG moeten zelf bepalen of ze het veilig vinden om ergens te werken. Bijna alle medewerkers zijn vrijwilligers. Dat betekent dat zij geen salaris voor hun werk krijgen. Zij krijgen in het projectland een vergoeding voor eten, drinken en wonen en een onkostenvergoeding in geld.
Landen met nationale organisaties
[bewerken | brontekst bewerken]- Australië
- België
- Canada
- Denemarken
- Duitsland
- Frankrijk
- China
- Italië
- Japan
- Luxemburg
- Nederland
- Noorwegen
- Oostenrijk
- Spanje
- Verenigd Koninkrijk
- Verenigde Staten
- Zwitserland
- Zweden
Artsen zonder Grenzen Nederland
[bewerken | brontekst bewerken]AZG Nederland werd in 1984 opgericht door onder anderen Roelf Padt, Janine Osmers en Jacques de Milliano, als onderdeel van de internationale organisatie, en in oktober van dat jaar werd de eerste vrijwilliger uitgezonden.[7]
De organisatie geeft drie keer per jaar een blad uit genaamd Artsen zonder Grenzen Magazine. Iedereen die de organisatie steunt ontvangt dit blad. Ook is er een digitale nieuwsvoorziening en een lespakket voor leerlingen van groep zeven en acht van de basisschool.
Artsen Zonder Grenzen Nederland ontvangt financiële bijdragen van zo'n 450.000 donateurs, jaarlijks is dat ongeveer 48 miljoen euro. Uit de inkomsten van de Nationale Postcode Loterij wordt zo'n 13,5 miljoen euro beschikbaar gesteld.[8]
In 2022 greep Artsen Zonder Grensen voor het eerst in in Nederland naar aanleiding van onmenselijke omstandigheden bij de vluchtelingenopvang in Ter Apel.[9]
Prijzen
[bewerken | brontekst bewerken]- 1992: de Europese Mensenrechtenprijs van de Raad van Europa.
- 1994: Geuzenpenning
- 1996: Four Freedoms Award voor vrijwaring van gebrek
- 1999: Nobelprijs voor de Vrede, "Voor hun humanitaire pionierswerk in vele continenten."
- 2009: transparantprijs, voor het meest inzichtelijke jaarverslag
- 2015: Lasker-Bloomberg Public Service Award
Zie ook
[bewerken | brontekst bewerken]Externe links
[bewerken | brontekst bewerken]Voetnoten
[bewerken | brontekst bewerken]- ↑ Het Rode Kruis mag volgens zijn eigen regels geen hulp verlenen zonder toestemming van de plaatselijke regering
- ↑ MÉDECINS SANS FRONTIÈRES STAFF KILLED IN AFGHANISTAN
- ↑ Artsen zonder grenzen redt 80.000 afrikaanse migranten. Gearchiveerd op 26 oktober 2020.
- ↑ Artsen zonder Grenzen blijft bij patiënten in noorden van Gaza: ‘We krijgen afscheidsberichtjes van collega’s’. ad.nl. Geraadpleegd op 2 februari 2026.
- ↑ Brief Artsen zonder grenzen aan het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken, 8 november 2023
- ↑ Artsen kunnen een genocide niet stoppen. Onze beleidsmakers wel.. www.msf-azg.be. Geraadpleegd op 3 maart 2026.
- ↑ Fabrique, Hoe zijn wij begonnen?. Artsen zonder Grenzen. Gearchiveerd op 13 augustus 2021. Geraadpleegd op 13 augustus 2021.
- ↑ Artsen Zonder Grenzen Jaarverslag en jaarrekening
- ↑ Fabrique, Onze hulp in Ter Apel - Artsen zonder Grenzen. Artsen zonder Grenzen. Geraadpleegd op 3 maart 2026.