Durme

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Durme
Durme
Lengte 45 km (inclusief Moervaart) km
Bron Vlag van België Daknam/Lokeren

Vroeger: Vlag van België Sint-Joris (Beernem)

Monding Vlag van België Schelde, Hamme/Tielrode
Stroomt door België
Portaal  Portaalicoon   Geografie
De samenvloeiing van de Moervaart en de Zuidlede, die tegenwoordig als de bron van de Durme wordt gezien.
De Durme in Daknam aan de Pontweg
Durme in Lokeren
De Durme nabij Hamme
Monding van de Durme, in de Schelde

De Durme is een Belgische zijrivier van de Schelde. Men beschouwt de Durme als de verzamelnaam voor de Bovendurme en Benedendurme, en veelal als een samenvloeiing van de Zuidlede en de Moervaart ter hoogte van Daknam, een deelgemeente van Lokeren. De oorspronkelijke rivier was echter veel langer (102km), en omvatte onder meer de Moervaart. De Durme vloeit in de Schelde nabij Tielrode, deelgemeente van Temse. De lengte van Moervaart en Durme samen is 45 km.[1]

Geschiedenis[bewerken | brontekst bewerken]

Voorgeschiedenis[bewerken | brontekst bewerken]

De Durme was tot in de middeleeuwen aanzienlijk langer en stond toen in belangrijke mate in voor de drainage van het Meetjesland nadat de Schelde deze omgeving sinds het begin van het Holoceen definitief verlaten had. Ze ontsprong in Sint-Joris nabij Beernem en stroomde dan oostwaarts tot Vinderhoute. Daar vloeide ze samen met de Poekebeek (komende van Tielt). Vanaf Vinderhoute liep de Durme noordoostwaarts richting Wondelgem/Evergem en Langerbrugge tot Mendonk. Daar stroomde ze in oostelijke richting verder, doorheen de Moervaartdepressie (Wachtebeke, Moerbeke, Sinaai), om vervolgens zuidwaarts via Lokeren en oostwaarts via Waasmunster uiteindelijk nabij Hamme en Tielrode in de Schelde uit te monden.

Hydrografische wijzigingen[bewerken | brontekst bewerken]

De zoektocht van de stad Gent naar een verbinding met de Noordzee én de Westerschelde veranderde de situatie grondig. De aanleg van de Lieve vanaf 1251, de Sassevaart vanaf 1547, de Brugse Vaart vanaf 1613, het Kanaal Gent-Terneuzen (1823-1827) en het Schipdonkkanaal (1846-1860) hebben de middeleeuwse toestand bijna onherkenbaar gewijzigd.

Door het graven van dit veelvoud aan kruisende kanalen werd de Durme afgesneden van haar bron en bovenloop. Hierdoor, en ook door haar sowieso al extreem kleine verval, begonnen grote delen van de rivier te verzanden. Het zand dat met het opkomende tij via de Schelde werd aangevoerd, ging nu veel meer bezinken in de bedding van de benedenloop. Om scheepvaart mogelijk te houden, begon men vanaf de twintigste eeuw met baggerwerken.

Ondertussen was het hoogwaterpeil in de Schelde aanzienlijk gestegen en bij springtij werd de Durme/Moervaartvallei herhaaldelijk geteisterd door overstromingen. Zo was men tot voor 1940 vaak genoodzaakt vlotten te bouwen om rapen te kunnen oogsten.[2] Nadat in 1930 enkele dijken het hadden begeven, kwam koning Albert I op bezoek. Een jaar later werd in de buurt van de wijk Hondsnest het Pompstation Groote Watering van Sinaai opgericht, wat het begin inluidde van een systematische ontwatering van het valleigebied tussen Daknam en Mendonk. Na een ernstige overstroming in de stadskern van Lokeren werd in 1955 besloten om ook hier maatregelen te nemen door de Durme af te dammen ter hoogte van het Molsbroek, dit splitste de Durme in twee delen: De Boven-Durme en de Beneden-Durme. Hierdoor werd de Durme van Waasmunster tot in Hamme/Tielrode in feite een getijdengeul van de Schelde. Bij springtij is er op dit deel van de Durme soms een vloedbranding (mascaret) van enkele centimeters hoog waar te nemen. Dit zeldzame natuurfenomeen is uitzonderlijk in Europa en uniek in België.[3] Het overige deel van de Durme/Moervaart - de facto een 'regenbeek' - laat men nog steeds met behulp van pompen uitmonden in het Kanaal Gent-Terneuzen, in feite tegen de dominante huidige natuurlijke stroomrichting van de Durme in. Opmerkelijk genoeg wordt daarmee eigenlijk de oorspronkelijke, Weichseliane stroomrichting van de Durme hersteld (zie bij Schelde - geschiedenis).[4]

Variërende naamgeving[bewerken | brontekst bewerken]

In 1242 wordt de Durme (ad dormam) voor het eerst vermeld, als plaatsbepaling nabij Hansbeke.[5] Tot het eind van de 13e eeuw was de rivier over haar ganse lengte gekend onder de naam Durme. Vanaf dan wordt de bovenloop van de Durme (vanaf bron tot Vinderhoute) steeds vaker Hoogkale genoemd. In de vijftiende eeuw worden de twee grootste beken ten westen van Vinderhoute enkel nog Hoogkale (ex-Durme) en Neerkale (Poekebeek) genoemd. Later worden deze beken ook respectievelijk als de Nieuwe en Oude Kale benoemd.

Het centrale deel van de oorspronkelijke loop van de Durme werd vanaf de 14e eeuw door de Abdij van Baudelo gekanaliseerd en kreeg de naam Moervaart.

Enkel de benedenloop van de Durme behield tot op vandaag zijn oorspronkelijke benaming.

Etymologie[bewerken | brontekst bewerken]

Er bestaat geen eensgezindheid over de etymologie van het woord Durme. De hypothese dat de naam "Durme" een Keltische oorsprong zou hebben, met 'veel water' als betekenis van "Dur" is zeer twijfelachtig. De meest betrouwbare verklaring - van Maurits Gysseling, een autoriteit op het vlak van toponymie - is dat Durme is afgeleid van 'dromia', dat op zijn beurt een afleiding is van het pre-Germaanse grondwoord 'der' dat 'lopen' betekent. Onder invloed van onder andere een klankverschuiving en een r-metathese zou 'Dromia' door de eeuwen heen evolueren naar 'Drumme' en uiteindelijk Durme wat dan staat voor 'waterloop'.[6]

De naam Durme is nog steeds herkenbaar in plaatsnamen tussen Lokeren, Aalter en Hamme.[7] Enkele voorbeelden:

  • Oude Durme: Een straat in Lokeren op de plaats van een afgesneden meander van de Durme.
  • Durmelaan in Lokeren: een laan met herenhuizen in het centrum van Lokeren.
  • de wijk Durmen in de gemeente Zele
  • de wijk Durmen in Merendree, een deelgemeente van Nevele
  • Durmakker: een industriepark in Evergem, tussen de Ringvaart en de Kale
  • Durmstraat in Zomergem: ter hoogte van het kruispunt van het Schipdonkkanaal en de Brugse Vaart
  • Durmelaan in Aalter: iets ten zuiden van de Brugse Vaart

Dorpen en gemeenten langs de Durme[bewerken | brontekst bewerken]

Vroegere bovenloop[bewerken | brontekst bewerken]

Poekebeek[bewerken | brontekst bewerken]

Tielt, Ruiselede, Lotenhulle, Poeke, Vinkt, Kruiswege, Poesele, Meigem, Nevele

Kale[bewerken | brontekst bewerken]

Vosselare, Landegem, Heiste, Merendree, Molenkouter, Durmen (Nevele), Slindonk, Lovendegem, Vinderhoute, Molenhoek, Evergem, Kerkbrugge, Langerbrugge

Huidige loop[bewerken | brontekst bewerken]

Moervaart[bewerken | brontekst bewerken]

Doornzele, Rodenhuize, Mendonk, Wachtebeke, Kalve, Terwest, Moerbeke, Vossel, Caudenborm, Klein Sinaai, Zwaanaarde, Leebrug, Brandbezen, Daknam

Zuidlede[bewerken | brontekst bewerken]

Mendonk, Puyenbroek, Eksaarde, Keerken, Daknam

Durme[bewerken | brontekst bewerken]

Daknam, Lokeren, Durmen, Sint-Anna, Rodendries, Waasmunster, Hamme, Elversele, Tielrode

Omleggingen Durme[bewerken | brontekst bewerken]

De Durme heeft veel omleggingen gekend in haar geschiedenis. Hieronder staan een aantal voorbeelden van in het Waasland.

Jaar Kaart Uitleg
?-1778
Oude meander van de Durme
Een meander van de Durme werd mogelijk afgesneden in de 18e eeuw ter hoogte van het centrum van Lokeren. Er is niet veel informatie te vinden bij deze rechtrekking, maar de meander werd waarschijnlijk afgesneden omdat hij voor wateroverlast zorgde. Deze rechttrekking is tussen 1701 en 1777 gebeurd.
?-1778
Gedempte meanders nabij het Molsbroek
Verschillende meanders, nabij het Molsbroek, werden voor 1778 afgesneden en gedempt om scheepvaart makkelijker te maken tussen Lokeren en de Schelde.
1842-1879 De Durme werd tussen 1842 en 1879 rechtgetrokken ter hoogte van de Pontweg/Gentdam in Daknam. De Durme werd rechtgetrokken om de scheepvaart (wat sterk aanwezig was op de Moervaart en de Durme) te verbeteren. Schepen waren daardoor sneller en makkelijker in Lokeren of Moerbeke.
1878-1950
Oude Durmebocht (Lokeren)
De Durme werd tussen 1879 en 1950 verlegd in het centrum van Lokeren. Dit werd gedaan om een breder stuk aan te leggen met meer plaats voor aanlegplaatsen voor schepen. Hiernaast werd de Durmelaan aangelegd, die later de rijkste straat in Lokeren werd. Dit kun je nog altijd zien door de herenhuizen die in de straat staan. Er is nu een park, het Prinses Josephine Charlottepark, dat de vroegere contouren van de oude Durmebocht volgt.
1931-1937
Oude Durme (Hamme-Waasmunster)
De grootste rechttrekking van de Durme gebeurde tussen 1931 en 1937. Toen werd een reeks meanders die de grens tussen Hamme en Waasmunster vormen afgesneden van de rivier de Durme. Dit werd gedaan om het bouwen van dijken makkelijker te maken. In de plaats kwam een grote bocht die ten noorden van de overblijvende meanders stroomt. De Oude Durme bij Hamme is tegenwoordig een plek waar veel recreatieve en sportactiviteiten plaatsvinden. Er wordt gevist, gezwommen, gevaren, etc. en daarrond bevindt zich een natuurgebied waar gewandeld en gefietst kan worden.
1952
Oude Durme (Lokeren)
De meest recente rechttrekking vond plaats in 1952 in het centrum van Lokeren. Dit werd gedaan om plaats te maken voor onder andere het Durmebad (zwembad). Maar ook voor woningen en om het plan verder te zetten dat het centrum zou moeten uitbreiden, maar dit plan ging echter maar van start in 2011 (toen het Sport-en Jeugdcomplex gebouwd werd, gevolgd door het Oude Durme-appartementencomplex en Haagbeuk).

Galerij[bewerken | brontekst bewerken]

Zie ook[bewerken | brontekst bewerken]

Zie de categorie Durme van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.