Franz von Papen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Franz Joseph Hermann Michael Maria von Papen
Franz von Papen tijdens het Proces van Neurenberg (1946)
Franz von Papen tijdens het Proces van Neurenberg (1946)
Algemeen
Geboortedatum 29 oktober 1879
Sterfdatum 2 mei 1969
Geboorteplaats Werl
Plaats van overlijden Obersasbach
Functie
Zijde Vlag van nazi-Duitsland nazi-Duitsland
Speciale functie vice-rijkskanselier (1933-1934)
ambassadeur in Oostenrijk
ambassadeur in Turkije
Portaal  Portaalicoon   Tweede Wereldoorlog

Luitenant-kolonel Franz Joseph Hermann Michael Maria von Papen (Werl, 29 oktober 1879 - Obersasbach, 2 mei 1969) was een Duitse edelman, officier van de Generale Staf en politicus. Hij was rijkskanselier van Duitsland in 1932 en in 1933-1934 vicekanselier onder Adolf Hitler. Hij behoorde tot de groep naaste adviseurs van president Paul von Hindenburg in de nadagen van de Weimarrepubliek. Met name Papen geloofde dat Hitler in bedwang kon gehouden worden zodra hij in de regering zat, en daarom overtuigde hij Hindenburg om Hitler tot rijkskanselier in een kabinet zonder NSDAP-meerderheid te benoemen. Papen en zijn bondgenoten werden echter al snel buitengesloten door Hitler en hij verliet de regering na de Nacht van de Lange Messen, waarin enkele van zijn vertrouwelingen werden gedood door de nazi's.

Politieke loopbaan voor de jaren 1930[bewerken]

Papen, stammend uit de Pruisische landadel, doorliep een militaire carrière en was bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog kapitein bij de generale staf. De keizerlijke regering zond hem als militair attaché naar de neutrale Verenigde Staten. Begin 1914 ging hij naar Mexico waar hij getuige was van de Mexicaanse Revolutie. Bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog ging hij terug naar Washington D.C.. In 1917 werd hij uitgewezen op beschuldiging van ondermijnende activiteiten. De reactionaire katholiek Papen zat van 1920 tot 1932, met een korte onderbreking van 1928 tot 1930, in de Landdag van Pruisen voor de Zentrumspartei.

Politieke loopbaan vanaf de jaren 1930[bewerken]

Papen werd in 1932 door rijkspresident Paul von Hindenburg tot rijkskanselier benoemd als opvolger van Heinrich Brüning. Hij voerde een autoritair bewind. Zijn regering had weinig steun in het parlement en bij de bevolking. Zijn kabinet werd ook wel aangeduid met "baronnenkabinet", omdat bijna alle leden van adel waren. Eén van de - negatieve - wapenfeiten uit zijn kanselierschap was het onder curatele stellen van de door de sociaaldemocraten geleide deelstaat Pruisen; daarbij had hij de steun van Hitler. Hierdoor werd een belangrijk bolwerk van tegenstand tegen Hitler al voor diens machtsovername uit de weg geruimd. Toen aan het einde van 1932 Hindenburg niet bereid was Papen de door hem gewenste dictatoriale volmachten te geven, nam hij ontslag en werd Kurt von Schleicher rijkskanselier. Papen - een goede bekende van Schleicher - speelde dubbelspel door achter diens rug in januari 1933 contact met Hitler te zoeken om met hem een regering te vormen. Hij meende de nationaalsocialisten wel onder de duim te kunnen houden als hij ze eenmaal in een nieuwe regering had opgenomen. Meer informatie hierover kan gevonden worden in het artikel over Kurt von Schleicher onder de rubriek Samenzwering tegen von Schleicher. Papen wist de tegenstribbelende Hindenburg over te halen om Hitler toch tot rijkskanselier te benoemen, wat plaatsvond op 30 januari 1933. Papen werd vice-rijkskanselier. Al snel namen de nationaalsocialisten de macht in de regering over en werden Papen en zijn conservatieve regeringsleden buiten spel gezet.

Dubbelspel met nationaalsocialisten leidde tot buitenspel[bewerken]

Op 17 juni 1934 hield Papen een sensationele toespraak in Marburg, waarin hij stelde dat het éénpartijsysteem en de samenwerking tussen conservatieven en nationaalsocialisten mogelijk tot een einde zou kunnen komen. Hij hekelde daarin 'alle egoïsme, karakterloosheid, onoprechtheid, aanmatiging en gebrek aan ridderlijkheid'. Hij uitte zelfs kritiek op de valse 'persoonlijkheidscultus'. Hitler sloeg nog diezelfde dag terug. 'Dit is de gebalde vuist van de natie die iedereen zal neerslaan die het waagt om ook maar de kleinste poging tot sabotage te ondernemen'. Joseph Goebbels voorkwam dat de tekst van de toespraak werd gepubliceerd.

Vergeldingen door Hitler[bewerken]

Enkele weken na die bekende toespraak, werd Papen ternauwernood gespaard in de Nacht van de Lange Messen (waarschijnlijk vanwege zijn populariteit bij Hindenburg). Hitler wilde hem in de Nacht van de Lange Messen van 1934 door de SS laten arresteren en vermoorden, maar bedacht zich. In 1938 dacht Hitler erover om Papen, die inmiddels Duits ambassadeur in Wenen was, te laten vermoorden door Oostenrijkse nationaalsocialisten. De marxistische sociaaldemocraten zouden hiervan de schuld krijgen en Hitler zou een excuus voor zijn bezetting hebben. Ook dit plan werd verworpen. Papen vernam beide plannen, maar hij bleef het Derde Rijk als diplomaat vertegenwoordigen tot dit in 1945 ineenstortte. In de laatste jaren van het Rijk stond hij echter onder huisarrest van de Gestapo.

Vergeldingen door de Kerk en de maatschappij[bewerken]

In 1939 werden alle ere-ambten van Papen bij de Heilige Stoel afgenomen door paus Pius XII. De paus, die als Vaticaans diplomaat nog samen met Papen gewerkt had aan de totstandkoming van het Concordaat van Rome, zag hem nu als een gecompromitteerde katholiek die bij zijn medewerking aan het naziregime te ver was gegaan. Ondanks druk van Duitse zijde in 1940 om von Papen opnieuw te benoemen, weigerde Pius XII dat. Pas in 1959 zou Papen door tussenkomst van paus Johannes XXIII, met wie hij in Istanboel bevriend was geraakt, zijn eretitels bij het Vaticaan terugkrijgen. Hij was ook één van de verdachten in het Proces van Neurenberg, maar werd vrijgesproken. Bij een Duitse rechtbank werd hij vervolgens wel tot acht jaar gevangenisstraf veroordeeld, maar hij kwam reeds in 1949 vrij.

Politieke loopbaan na de coup van Hitler[bewerken]

Na de coup van Hitler was voortzetting van zijn politieke carrière in Duitsland onmogelijk geworden. In plaats daarvan werd hij ambassadeur in Oostenrijk. Toen deze functie door de Anschluss verviel, werd hij ambassadeur in Turkije. Hier wist hij in 1940 een vredesverdrag met dat land te bewerkstelligen.

Bronnen[bewerken]

  • Dit artikel of een eerdere versie ervan is (gedeeltelijk) vertaald vanaf de Engelstalige Wikipedia, die onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen valt. Zie de bewerkingsgeschiedenis aldaar.
  • Jones, L. E. (2005) Franz von Papen, the German Center Party, and the Failure of Catholic Conservatism in the Weimar Republic. Central European History, 38 (2), 2005, 191-217.
  • Mak, G. (2004) In Europa. Reizen door de twintigste eeuw. Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij Atlas.
Voorganger:
Heinrich Brüning
Rijkskanselier
Kabinet-Papen
1932
Opvolger:
Kurt von Schleicher