Incest

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Amnon en Tamar, High Museum of Art, Atlanta

Incest of bloedschande is strikt genomen en van oudsher geslachtsgemeenschap tussen naaste bloedverwanten. Het woord komt van het Latijnse incastus, hetgeen "onkuis" betekent.

Voor zover de incest wordt gepleegd tussen volwassenen en jonge kinderen, is er een overlap met pedoseksualiteit. Incest kan echter ook plaatsvinden tussen volwassenen. Incest kan tot nakomelingen en daarmee tot inteelt leiden.

Er bestaat een zekere tendens om ook andere seksuele handelingen tussen dergelijke personen als incest te betitelen en zelfs seksuele handelingen tussen pupillen en zorgbehoevenden enerzijds en personen die een opvoedende of verzorgende taak hebben anderzijds, maar geen bloedverwant zijn. Het Nederlandse Wetboek van Strafrecht maakt hier geen onderscheid.[1]

Recht[bewerken]

Kerkelijk recht[bewerken]

In het kerkelijk recht geldt een absoluut huwelijksverbod voor bloedverwanten in de rechte lijn (bijvoorbeeld vader en dochter, grootvader en kleindochter) en bloedverwanten in de tweede graad van de zijlijn (bijvoorbeeld broer en zus, halfbroer en halfzus).

Een relatief huwelijksverbod geldt voor de derde en de vierde graad van de zijlijn. Dit betekent dat oom en nicht, tante en neef, neef en nicht in principe niet kunnen huwen, maar wel een dispensatie kunnen vragen bij het kerkelijk gezag – die hen al dan niet wordt toegekend.

Een relatief huwelijksverbod bestaat ook voor aanverwanten in de rechte lijn (bijvoorbeeld schoonzoon en schoonmoeder) en voor wie door adoptie verwant is in de rechte lijn of de tweede graad van de zijlijn. In deze gevallen is dus een dispensatie mogelijk.

Burgerlijk recht[bewerken]

België[bewerken]

Net als in het kerkelijk recht geldt in het Belgische burgerlijk recht een absoluut huwelijksverbod voor bloedverwanten in de rechte lijn (bijvoorbeeld vader en dochter, grootvader en kleindochter) en bloedverwanten in de tweede graad van de zijlijn (bijvoorbeeld broer en zus, halfbroer en halfzus).

Eveneens net als in het kerkelijk recht kent België een relatief huwelijksverbod voor bloedverwanten in de derde graad van de zijlijn (bijvoorbeeld oom en nicht, tante en neef). Voor dit huwelijksverbod kan de Koning ontheffing verlenen. België kent eveneens een relatief huwelijksverbod voor aanverwanten in de rechte lijn en voor adoptieve verwanten in de rechte lijn (met uitzondering van een huwelijk tussen de geadopteerde en een ascendent van de adoptant) en in de tweede graad van de zijlijn.

Toch zijn er ook verschillen met het kerkelijk recht. Anders dan in het kerkelijk recht kent België géén huwelijksverbod voor de vierde graad van de zijlijn – ook geen relatief huwelijksverbod. Neef en nicht kunnen dus altijd een burgerlijk huwelijk aangaan.

Anderzijds kent België wél een absoluut huwelijksverbod voor de adoptant en de geadopteerde of zijn afstammelingen. Deze kunnen dus wel een kerkelijk huwelijk aangaan (mits hun een dispensatie wordt toegekend), maar geen burgerlijk huwelijk. Aangezien een kerkelijk huwelijk in België evenwel steeds voorafgegaan moet worden door een burgerlijk huwelijk, is dat kerkelijk huwelijk wel illegaal en strafbaar. Omdat deze regel in de Grondwet zelf staat, kan het Grondwettelijk Hof deze regel niet toetsen aan het gelijkheidsbeginsel.

Nederland[bewerken]

Totdat in 1970 het Nieuwe Burgerlijke Wetboek werd ingevoerd, was in Nederland een huwelijk tussen verwanten tot in de derde graad verboden. Sinds 5 december 2015 mag een neef-nichthuwelijk enkel worden gesloten indien er een beëdigde verklaring is van beide partners dat zij het huwelijk uit vrije wil aangaan.[2]

Opvattingen[bewerken]

In verschillende culturen en verschillende tijden wordt het begrip incest verschillend opgevat, met name wat betreft de graad van verwantschap waarbij er van incest sprake kan zijn. Zo vindt Shakespeares Hamlet het incestueus als zijn moeder met de broer van zijn overleden vader trouwt, hoewel hier geen sprake is van een huwelijk tussen verwanten en een dergelijk huwelijk volgens de Bijbel zeer correct is (zie Leviraatshuwelijk). Nog in de negentiende eeuw gold dit echter, ook in Nederland, als incest. Neef-nichthuwelijken komen in Nederland vooral voor onder immigranten en worden niet als incest beschouwd. Wel bestaat er een hogere kans op erfelijke aandoeningen bij het nageslacht.

Incest en seksueel misbruik[bewerken]

Artikel 249 van het Nederlandse Wetboek van Strafrecht maakt geen verschil tussen ontucht met minderjarige eigen kinderen, stiefkinderen, pleegkinderen en andere minderjarigen.[1] Bij al dan niet incestueuze seksuele handelingen met kinderen, spreekt men vaak van seksueel misbruik, omdat men ervan uitgaat dat de volwassene dan misbruik maakt van zijn/haar mentaal, fysiek en/of positioneel overwicht op het kind. Seksueel geweld en seksueel misbruik zijn strafbaar, incest sec is dat in Nederland niet. In sommige andere landen is incest wel strafbaar gesteld, met name wanneer deze tussen broer en zus plaatsvindt. Deze strafbaarheid geldt ook wanneer het seksueel verkeer van beide kanten volledig vrijwillig is en beide partners meerderjarig zijn. Een voorbeeld is paragraaf 173 van de Duitse strafwet, dat niet slechts incest strafbaar stelt, maar ook eventuele aangeboren gebreken van nakomelingen kwalificeert als door de ouders toegebracht fysiek letsel.

In de sociologie is gedurende de tweede helft van de 20ste eeuw veel onderzoek gedaan naar incest. Vader-dochterincest komt verreweg het meeste voor, gevolgd door incest in de tweede lijn als oom-nicht of stiefvader-stiefkind; broer-zus of moeder-zoonincest zijn zeldzaam. Sociale klasse speelt een beperkte rol; 'intellectuele' vaders zijn bijvoorbeeld vaker dader dan men misschien zou verwachten. De geslotenheid van het gezin is altijd een factor evenals de passieve rol van de moeder, die 'afwezig' is, wordt gedomineerd door de vader of van niets weet. Bij de handhaving van de incestueuze relatie wordt sterk geappelleerd aan het taboe: de kinderen wordt verteld dat het 'niks ergs' is maar dat niemand ervan mag weten, of wordt onder dwang verboden erover te praten. Zeker als het jonge kinderen betreft komen zij in die gevallen hoogstens pas op volwassen leeftijd met hun verhaal naar buiten. Verklaringen dat kinderen ook positieve ervaringen beleven aan een incestueuze verhouding kunnen mede hierdoor zelden betrouwbaar worden geacht en dan nog alleen wanneer de machtsverhouding in evenwicht is (zoals mogelijk bij broer-zusincest).

De dader is vaak manipulatief en uit op het eigenbelang, praat zijn kind schuldgevoel aan, ondermijnt door kleinerende, geringschattende opmerkingen, gaat over ongeoorloofde grenzen, dominerend en dwingend, verdeel en heers toepassend. Zich zelf bedriegend om daad te rechtvaardigen. De dader legt de schuld van zelf te weinig geweten en waarden en normen hebben neer bij een ander. Echter, hij is diegene die wat aan zich zelf moet doen, namelijk de daad stoppen. Vroeg of laat zal de dader gevraagd worden heel precies te vertellen wat hij heeft gedaan en hoe vaak, wat hij daarbij dacht en voelde, of hij zich ooit heeft afgevraagd hoe dit alles voor zijn eigen kind was en wat de gevolgen voor zijn eigen kind zijn en te erkennen dat hij voor de daden en gevolgen verantwoordelijk is en hij zal vergeving aan zijn eigen kind moeten vragen.

In 1985 werd in opdracht van het ministerie van Sociale Zaken een groot onderzoek gehouden door de sociologe Nel Draijer, waaruit bleek dat 7% van de ondervraagde vrouwen te maken had gehad met ernstig en langdurig misbruik door naaste verwanten.[3] De conclusies uit dit onderzoek zijn streng bekritiseerd door de Nederlandse historicus Han Israëls in zijn boek Heilige verontwaardiging. Een onderzoek naar de feministische visie op incest.[4] Een veel gehoorde beschuldiging is het veelvuldig voorkomen van incest onder bevindelijk gereformeerden. Uit onderzoek van dr. M. Draijer in opdracht van het ministerie van Volksgezondheid blijkt dat dit niet het geval is. Zij logenstrafte hiermee de gedachte dat incest in de gereformeerde gezindte vaker of minder vaak zou voorkomen dan elders.[5]

Een van de grootste incestschandalen ooit werd op 27 april 2008 bekend in Oostenrijk, toen de 73-jarige Josef Fritzl bekende zijn dochter 24 jaar lang te hebben opgesloten in een kelder en bij haar zeven kinderen te hebben verwekt. Niet lang daarna kwamen soortgelijke zaken in Brazilië en Duitsland aan het licht.

Culturele perceptie[bewerken]

Zoals eerder gezegd is seksueel contact tussen broers en zussen in een aantal landen toegestaan en in een aantal landen strafbaar. Een huwelijk tussen (half)broer en (half)zus is in de meeste gevallen eveneens verboden.

Vanwege het zogenaamde Westermarck-effect ontbreekt in de meeste gevallen de seksuele belangstelling tussen broers en zussen. Toch komt het soms voor dat een broer en een zus een seksuele relatie met elkaar krijgen. In veel gevallen betreft het een gebroken gezin of een broer en zus die voordien weinig contact met elkaar hadden. Zo deden bijvoorbeeld in 2007 Patrick Stübing en Susan Karolewski, broer en zus, een beroep op de Duitse wetgever en het Bundesverfassungsgericht om het incestverbod te herzien met een beroep op het privacyrecht zodat zij met hun kinderen een gezin konden vormen. Dit gerecht heeft Stübings claim afgewezen. Er bestaan zelfs gevallen waarin (half)broers en -zussen een relatie met elkaar kregen terwijl ze zich niet bewust waren van hun verwantschap. De oorzaken daarvan zijn vaak kunstmatige inseminatie of scheiding op jonge leeftijd door echtscheiding of adoptie.

Incest is, ook wanneer geen sprake is van misbruik, in de meeste samenlevingen een taboe. Zelfs bij onwetende partners wordt ten minste verwacht dat zij op het moment dat ze ontdekken dat ze familie zijn, direct hun seksuele relatie beëindigen. Daar waar het niet strafbaar is worden in de meeste gevallen degenen die erop betrapt worden door hun omgeving verstoten.

Toch is binnen de pornografie sprake van incestpornografie als apart subgenre, wellicht omdat het feit dat het taboe is het extra spannend maakt. De acteurs en modellen zijn meestal uiteraard geen familie van elkaar maar worden uiteraard wel zodanig geselecteerd dat ze voor elkaars familie kunnen doorgaan. Een uitzondering zijn de Tsjechische eeneiige tweelingbroers Jirka en Karel Bartok, die als acteurs in verschillende pornofilms hebben meegespeeld. In de pornofilm Double Czech (2000) komt een homoseksuele vrijpartij tussen de beide broers voor. Deze scène is in sommige versies weggelaten.

Incest en False memory syndrome[bewerken]

Sinds de grote aandacht eind jaren tachtig van de 20e eeuw voor het verschijnsel incest is het aantal aangiften sterk toegenomen. Dit is verklaarbaar door de toegenomen bewustwording bij slachtoffers en het ontstane begrip bij hulporganisaties en politie.

Er werden in deze ontwikkeling echter ook spectaculaire fouten gemaakt, zoals in het geval van de Bolderkar-affaire. Op een peuterspeelzaal in het Nederlandse Vlaardingen werd een later ondeugdelijk gebleken verhoormethode toegepast, naar aanleiding van een aanvankelijke verdenking van meervoudig kindermisbruik op de vermeende slachtoffertjes. De methode, waarbij in een bewust ontspannen, speelse omgeving poppen werden geïntroduceerd met duidelijke mannelijke en vrouwelijke geslachtskenmerken, bleek niet zozeer het geheugen, maar veeleer de fantasie van de kinderen te stimuleren en de openlijk als daders van gruwelijke schanddaden betichte volwassenen bleken na een lange, voor alle partijen slopende rechtsgang uiteindelijk stuk voor stuk volmaakt onschuldig.

Inmiddels kwamen ook in de psychotherapie schrijnende gevallen aan het licht, met name waar het ging om incest op jeugdige leeftijd die later onbewijsbaar bleek. Getuigenissen van volwassenen bleken onbetrouwbaar of beïnvloed door technieken als hypnose; een omstandigheid die bekend werd als het zogenaamde False Memory Syndrome. Verschillende psychologen die hun cliënten op het spoor van incest hadden gezet, werden later geschorst. Op het probleem van zulk vervalst geheugen werd onder meer gewezen door de Amerikaanse onderzoeker Daniel L. Schacter.[6]

Biologische gevolgen[bewerken]

Nakomelingen uit een incestueuze relatie hebben een hogere kans op erfelijke aandoeningen doordat een dergelijke nakomeling een grotere kans heeft homozygoot te zijn voor een recessieve aandoening. Ook komen mentale ontwikkelingsstoornissen vaker voor bij kinderen uit een incestueuze relatie. Het risico op dergelijke aandoeningen is evenwel nog steeds niet erg groot, tenzij het broer-zus incest betreft. Patrick Stübing en Susan Karolewski hebben bijvoorbeeld vier kinderen gekregen, waarvan slechts eentje geen erfelijke aandoeningen heeft. De andere drie zijn bovendien allemaal bij de ouders weggehaald. Andersom geldt wel dat consanguïniteit significant vaker wordt aangetroffen bij de ouders van personen met recessief erfelijke ziekten, al blijkt dit vaak pas achteraf na stamboomonderzoek.

Mogelijke klachten[bewerken]

Angsten[bewerken]

  • Angst om alleen te zijn
  • Bang in het donker
  • Angst voor afwijzing/verlatingsangst
  • Angst voor intimiteit/seksualiteit/seksuele gevoelens
  • Onberedeneerbare angst voor bepaalde plaatsen (park, bos, kasten, slaapkamers)
  • Angst voor gynaecologisch onderzoek
  • Onverklaarbare angsten omtrent de eigen kinderen
  • Overbezorgd zijn, vooral als de eigen kinderen de leeftijd bereiken waarop zelf misbruikt is
  • Irrationele angst voor bepaalde personen

Fysieke symptomen[bewerken]

  • Gauw misselijk/geneigd tot overgeven
  • Lichamelijke signalen niet opmerken (zoals pijn, vermoeidheid, honger of verzadiging)
  • Zichzelf verbergen in te ruime kleding of veel laagjes over elkaar heen
  • Overgewicht als manier om zichzelf te beschermen
  • Haat voelen voor eigen lichaam, eigen geslachtskenmerken ontkennen
  • Doof gevoel vooral in de lichaamsdelen die met seksualiteit te maken hebben
  • Spierspanning, hoofdpijnen, rugpijnen
  • Darmklachten
  • Aandoeningen aan de geslachtsorganen, hevige menstruatiekrampen en verhoogd risico op vleesboom, tumoren, kanker, etc.

Psychische symptomen[bewerken]

  • Eetstoornissen
  • Stoornis in de lichaamsbeleving (BDD)
  • Dwanghandelingen (OCD) en/of verslavingsgedrag (eten, werken, seks, roken, drinken, etc)
  • Zelfsabotage, gevoelens van zelfhaat, zelfkastijding, automutilatie, gedachten aan en pogingen tot zelfmoord
  • Emotioneel op slot gaan, onverschilligheid, depressie
  • Angst- en paniekaanvallen
  • Controlebehoefte, het gevoel dat je controle moet hebben over jezelf, anderen en situaties
  • Perfectionisme in alle aspecten van je leven
  • Overweldigende schuldgevoelens, het gevoel dat je fout bent, vooral in relaties
  • Schuld, schaamte (terugkerende gedachten als: “Er is iets mis met mij”, “Ik verdiende het” en “Ik ben vies en voor altijd beschadigd” of “Ik ben alleen goed voor seks”)
  • Veel van de tijd verward en gedesoriënteerd zijn
  • Niet om kunnen gaan met heftige gevoelens
  • Dispersonalisatie (het gevoel dat je jezelf niet bent in bepaalde situaties, meerdere persoonlijkheden ervaren)
  • Moeite hebben om je eigen gedachten en gevoelens te vertrouwen
  • Geen verantwoordelijkheid nemen of voelen voor eigen leven, slachtofferschap koesteren.
  • Problemen met boosheid (de angst om boosheid toe te laten, bang dat, als je je boosheid laat zien, je deze nooit meer onder controle zult krijgen, constant boos zijn of buitenproportioneel boos zijn)

Relatieproblemen[bewerken]

  • Nooit meer onmachtig willen voelen
  • Het gevoel hebben dat je waardeloos bent, dat je je partner niet waard bent
  • Moeite hebben om echte acceptatie, liefde en zorg van wie dan ook te accepteren
  • Het gevoel hebben dat de ander altijd gelijk heeft
  • Excessief voor anderen zorgen en jezelf verwaarlozen
  • Patronen van herhalend slachtofferschap
  • Moeite hebben met commitment aan anderen
  • Eigen kinderen niet goed behandelen zonder te weten waarom
  • Moeite hebben om een emotionele band met eigen kinderen op te bouwen, of het tegenovergestelde, eigen kinderen te dicht op de huid zitten
  • Onverklaarde moeite hebben met de (intieme) verzorging van eigen kinderen.
  • Je waardeloos, boos, of depressief voelen in gezin van herkomst
  • Het gevoel hebben dat eigen familie te moeten beschermen tegen te weten wat jou is overkomen
  • Mensen die zeggen van je te houden vaak testen (door nare dingen te doen), bloed onder de nagels vandaan halen
  • Excessief inspannen om anderen te plezieren, om maar goedkeuring te krijgen
  • Problemen met grenzen: niet kunnen confronteren, geen nee durven zeggen, het gevoel hebben dat je moet doen wat anderen verlangen zonder rekenschap te geven aan je eigen gevoelens. Niet geloven dat je recht heb op je eigen gevoelens
  • Macht willen, dominant�bepalen / dwingen wat er gebeurt, woedend als de ander anders wil, mening ander als bemoeienis zien
  • Goed willen keuren van alle beslissingen, sterke bemoeienis en strikte controle
  • Niet weten wat "normaal" is in een relatie en gezin
  • Jaloers zijn omdat de partner wel uit een normaal gezin komt en een normale jeugd heeft gehad.
  • Schoonfamilie en vrienden van partner buitensluiten (laten afhaken) en beschuldigen van bemoeizucht
  • Weinig vrienden toestaan en sterke controle wie gezin binnen mag komen.
  • Spil willen zijn waar alle aandacht naar toegaat, weinig gevoel voor gelijkwaardigheid in relaties.

Seksuele problemen[bewerken]

  • Onderdrukte seksualiteit, seks vermijden, het gevoel hebben dat seks vies of ordinair is
  • Schaamte voelen over seksuele opwinding
  • Dwangmatige, obsessieve seks
  • Promiscue gedrag, geen nee kunnen zeggen, geloven dat je een seks object bent en het gevoel hebben dat je primaire waarde zit in je seksualiteit
  • Vaginisme, (spierspanning in de vagina waardoor penetratie onmogelijk wordt) of pijn bij het vrijen
  • Seks geven om liefde te voelen, liefde geven om seks te krijgen, verwarring over het verschil tussen het verlangen naar intimiteit en het verlangen naar seks
  • Onvermogen om van seks (of delen daarvan) te genieten
  • Flashbacks krijgen tijdens de seks (of de partner verwarren met de misbruiker)
  • Mentaal en emotioneel afwezig zijn gedurende seks
  • Opdringerige fantasieën over misbruik, verkrachting of S&M beelden tijdens seks of een onvermogen om zonder deze beelden tot orgasme te komen
  • Verwarring over je seksuele identiteit
  • Seksuele afwijkingen (verslaafd aan porno, potloodventen, obscene telefoontjes plegen, etc)
  • Slachtoffers die daders worden (misbruikers)

Geheugenproblemen[bewerken]

  • Gaten in het geheugen in de vroege jeugd
  • Flashbacks: gevoelens, geluiden, geuren, dromen etc, over bepaalde dingen zonder dat je noodzakelijkerwijs weet waar het over gaat
  • Nachtmerries met scenes uit het misbruik of opgejaagd worden
  • Een onrealistisch ideaalplaatje hebben van je eigen jeugd of je ouders
  • Ontkennen wat er gebeurd is of hoe ingrijpend het was
  • Minimaliseren of excuseren van de misbruik incidenten, “het was niet zo erg”, “anderen hadden het zwaarder”, “ze bedoelden het niet slecht”
  • Triggers: sommige gebeurtenissen zoals: zien hoe de misbruiker jouw kind vasthoudt of je eigen kinderen bereiken de leeftijd waarop bij jou het misbruik begon, kunnen flashbacks triggeren of onverklaarbare angsten oproepen en zelfs volledige herinneringen activeren.

Spiritueel[bewerken]

  • Boosheid tegen God, het universum of wat dan ook
  • Problemen met vertrouwen in de kerk
  • Je niet geliefd en geaccepteerd kunnen voelen
  • Spirituele leegte voelen
  • God de schuld geven van je leefomstandigheden
  • Niet in staat zijn om vergeving te schenken of te ontvangen
  • Je onwaardig voelen
  • Zoeken naar veiligheid en rust “tegen elke prijs”
  • Gevoel van hopeloosheid over jezelf en het leven
  • Problemen met vertrouwen: moeite om ook maar iemand te vertrouwen, vermijden van intimiteit omdat je het idee hebt dat als ze je echt zouden kennen, ze jou zouden afwijzen
  • Te goed van vertrouwen zijn

Geschiedenis[bewerken]

In de klassieke oudheid waren incestueuze relaties bij koninklijke families niet ongewoon. Een voorbeeld vormen de verschillende dynastieën van de farao's. Met name bij de Helleense Ptolemaeën waren broer-zusterhuwelijken (met nakomelingen) schering en inslag. Dit hing samen met de cultus van Osiris en Isis, die zowel zijn zuster als zijn echtgenote was. Onder invloed van het christendom verdween deze vorm van incest uit het openbare leven van de aristocratie.

Neef-nichthuwelijken bleven wel bestaan. Het voordeel hiervan was namelijk dat het familievermogen in de familie bleef, en dat er geen buitenstaanders binnen de familie kwamen. Bovendien waren huwelijken in de hogere klasse strategische zetten van de families, om zo loyaliteitsbanden te kunnen smeden of een aaneengesloten geografisch gebied te kunnen beheersen. Hierdoor werd vaak telkens tussen dezelfde families getrouwd, waardoor de huwelijkspartners vaak in meerdere of mindere mate familie van elkaar waren. Een bekende familie waarin dit gebeurde was de Spaanse tak van het Huis Habsburg met Karel II als laatste heerser. Ook erfelijke afwijkingen binnen Europese vorstenhuizen kwamen voor, waarvan de hemofilie waar tsarevitsj Aleksej Nikolajevitsj van Rusland aan leed de bekendste was.

Incest in de literatuur[bewerken]

Het klassieke voorbeeld is koning Oedipus van Sophokles, die onwetend met zijn eigen moeder trouwt. Een bewerking van dit stuk werd gemaakt door Harry Mulisch.

Eind 16e eeuw verscheen het toneelstuk 't Is Pity She's a Whore van John Ford over dit onderwerp.

In het verhaal De Kinderen van Húrin beschrijft J.R.R. Tolkien hoe Túrin Turambar onwetend met zijn zus Nienor trouwt. Wanneer de inmiddels zwangere Nienor hierachter komt, werpt zij zich van afschuw in een ravijn. Wanneer Túrin hoort dat hij met zijn eigen zus getrouwd is en dat zij zich van de rotsen heeft geworpen, gaat hij naar de bewuste plaats en berooft zich vervolgens met zijn zwaard van het leven.

In de 20e eeuw schreef William Faulkner de roman The Sound and the Fury die het onderwerp behandelt. Hugo Claus liet zich door Faulkner inspireren in zijn debuutroman De Metsiers. Ook zijn toneelstuk Vrijdag heeft incest als onderwerp. Zeer bekend is Vladimir Nabokovs roman Lolita, waarin het overigens de stiefvader is die incest pleegt. Ook in John Irvings roman The Hotel New Hampshire speelt incest (hier tussen broer en zus) een rol. Verder schreef Inez van Dullemen een indringend toneelstuk over incest, Schrijf me in het zand (1989).

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]