Meercellig organisme

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Bladcellen van sterremos (Plagiomnium affine) met chloroplasten en celwanden

Een meercellig organisme is een organisme dat uit meer dan één cel bestaat. Cellen zijn heel klein; bijna alle soorten organismen die met het blote oog waarneembaar zijn, zijn meercellig. Meercellige organismen, waaronder alle landplanten en het gehele dierenrijk, zijn eukaryoot: hun cellen hebben ieder een celkern waarin het - gedurende de evolutie gevormde - erfelijk materiaal van de soort grotendeels ligt opgeslagen.

Oudste vormen van leven[bewerken | brontekst bewerken]

De eerste vormen van leven waren eencelligen, prokaryote organismen, waarvan het erfelijk materiaal los in het cytoplasma van de cel ligt. Pas veel later, zo'n 600 miljoen jaar geleden, ontstonden in de evolutie meercellige, eukaryote organismen.[1]

Kolonies[bewerken | brontekst bewerken]

De eerste groepen van eencellige organismen waren kolonies of aggregaties: ophopingen van identieke, prokaryote cellen, zonder of met maar weinig specialisatie (taakverdeling) tussen de cellen, en meestal zonder kenmerkende vorm. Een iets verdere mate van ontwikkeling heeft het coenobium, een groep van cellen, die een bepaald, min of meer vast aantal cellen omvat, die onderling echter nog steeds weinig tot geen specialisatie vertonen.

Celdifferentiatie[bewerken | brontekst bewerken]

Later in de evolutie kregen verschillende cellen binnen een kolonie verschillende taken (celdifferentiatie), en ontstonden de eerste meercellige eukaryote soorten organismen, die zich, dankzij het in de celkern aanwezige erfelijke materiaal, ook als meercellig organisme konden voortplanten (vermeerderen), en die voor de verschillende levensfuncties gespecialiseerde organen vormden. Verdere specialisatie heeft er gedurende de evolutie uiteindelijk toe geleid dat zeer complexe, meercellige organismen zoals orchideeën en zoogdieren konden ontstaan.

Meercellige soorten[bewerken | brontekst bewerken]

De grootste groepen van soorten, de supergroepen, zijn vooral prokaryote en eukaryote eencellige soorten. Belangrijke meercellige groepen van organismen zijn de dieren en de schimmels (die beide gerekend worden tot de Unikonta), en de landplanten (behorend tot de Archaeplastida). Daarnaast zijn er ook verschillende soorten meercellige algen, zoals de roodwieren en de bruinwieren.

Zie ook[bewerken | brontekst bewerken]