Nederlandse Gebarentaal

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Nederlandse Gebarentaal (In gebaren: Nederlands + Gebaren + T.AA.L)
Gebruikt in Nederland
Gebruikers 20 000 (1986)
Rang onbekend
Taalfamilie

Gebarentaal

Dialecten
Alfabet Handalfabet Nederlandse gebarentaal
Officiële status
Officieel in
Taalorganisatie Nederlands Gebarencentrum
Taalcodes
ISO 639-1 -
ISO 639-2 -
ISO 639-3 dse
Portaal  Portaalicoon   Taal

De Nederlandse Gebarentaal (NGT) is een gebarentaal die in Nederland wordt gebruikt in de communicatie onder doven en tussen doven en horenden.

Hoewel er in Nederland en Vlaanderen dezelfde gesproken taal wordt gebruikt (het Nederlands), verschilt de Nederlandse Gebarentaal (NGT) van de Vlaamse Gebarentaal (VGT). Ze hebben wel de Oude Franse Gebarentaal van eind 18e eeuw als gemeenschappelijke voorouder, maar zijn in de 200 jaar daarna uit elkaar gegroeid, zodat gebruikers ervan elkaar tegenwoordig moeilijk kunnen begrijpen.[1]

Geschiedenis van de Nederlandse Gebarentaal[bewerken | brontekst bewerken]

Oorsprong[bewerken | brontekst bewerken]

Oude Franse Gebarentaal
(beïnvloed door l'Epée ca. 1760–89)
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Belgische Gebarentaal
(ca. 1790–2000)
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Amerikaanse Gebarentaal
(ca. 1820–heden)
Franse Gebarentaal
(ca. 1790–heden)
Frans-Belgische Gebarentaal
(ca. 1970–heden)
Vlaamse Gebarentaal
(ca. 1970–heden)
Nederlandse Gebarentaal
(ca. 1790–heden)
Italiaanse Gebarentaal
(ca. 1830–heden)

De oorsprong van de Nederlandse Gebarentaal is te traceren naar de Oude Franse Gebarentaal, een term voor de gebarentaal die de gemeenschap van ongeveer 200 dove Parijzenaars onderling gebruikten in het midden van de 18e eeuw. De abt Charles-Michel de l'Épée wilde hen religieus onderwijs geven en leerde daarom hun gebarentaal, waarna hij er zelf enige aanpassingen aan deed en vervolgens omstreeks 1760 in Parijs een dovenschool opende, de voorloper van het huidige Institut national de jeunes sourds de Paris. Onderwijzers uit heel Europa zouden naar deze en latere Franse dovenscholen komen om l'Épées leermethode over te nemen en in hun eigen land te introduceren; daarmee verspreidde ook deze door l'Épée aangepaste Oude Franse Gebarentaal over Europa, Noord-Amerika en andere werelddelen en werd de basis van de meeste hedendaagse gebarentalen, inclusief de Nederlandse Gebarentaal. De Waalse predikant Henri Daniel Guyot, afkomstig uit Blegny, studeerde in Franeker, predikte vanaf 1777 in de Waalse kerk in Groningen en stichtte daar in 1790 het Henri Daniel Guyot Instituut, de eerste Nederlandse dovenschool, naar het voorbeeld van l'Épée.

Dialectvorming in de eerste doveninstituten[bewerken | brontekst bewerken]

Doofstommen-onderwijs in Amsterdam (1938). Leerling bij het bord voor de klas voelt aan het strottenhoofd van de onderwijzer.

Toen er nog geen standaardisering van de gebarentaal was, werden in Nederland de eigen regionale varianten gebruikt, of het gebruik van gebaren werd, zoals in Groningen, ontmoedigd teneinde doven een betere zelfredzaamheid te laten verkrijgen. In de periode 1900 tot 1980 is het gebruik van gebaren in het onderwijs aan doven verboden geweest (als gevolg van de conventie van Milaan in 1880). In plaats daarvan werd de 'oralistische methode' (ook wel 'Duitse methode' genoemd) gehanteerd: doven dienden te leren praten door horenden na te doen door liplezen, te voelen hoe zij hun strottenhoofd gebruikten om geluiden te maken en dat vervolgens te imiteren. Toch bleven dove mensen onderling gebaren gebruiken en daardoor ontstonden er vijf dialecten in en rondom de doveninstituten in Groningen, Rotterdam, Amsterdam, Voorburg en Sint-Michielsgestel.

Regio Dialectvormend doveninstituut
Amsterdam Vereniging voor Doofstommenonderwijs in Amsterdam (1910–1994), Signis (1994–2009), Kentalis (2009–heden)
Groningen Henri Daniel Guyot Instituut (1790–2002), Koninklijke Effatha Guyot Groep (2002–2009), Kentalis (2009–heden)
Rotterdam Koninklijke Ammanstichting (1853–2002), Koninklijke Auris Groep (2002–heden)
Sint-Michielsgestel Instituut voor Doven (1814–2003), Viataal (2003–2009), Kentalis (2009–heden)
Voorburg (1926–2000)
Zoetermeer (1980–heden)
Christelijk Instituut Effatha (1888–2002), Koninklijke Effatha Guyot Groep (2002–2009), Kentalis (2009–heden)

Standaardisering[bewerken | brontekst bewerken]

Handalfabet in Nederlandse Gebarentaal

In 1981 is in het KOMVA-project (uitgevoerd door de Universiteit van Amsterdam en de NSDSK)[2] begonnen met de eerste landelijke inventarisatie van gebaren om te komen tot een gebarenwoordenboek. Aan de hand van 2000 woorden zijn gebaren gevraagd aan groepen dove mensen in de vijf regio's. Dat leverde 15.000 gebaren op video op. Niet alleen regionale verschillen werden gevonden, maar ook heel veel verschillen tussen oudere en jongere gebarengebruikers. Dit soort variatie vindt men ook in gesproken talen.

Uit onderzoek bleek dat er vooral grote verschillen in gebaren bestonden tussen de regio's Noord (Groningen) en West-Zuid. Op basis van deze informatie is het eerste landelijke gebarenwoordenboek verschenen in 1986 (Handen uit de Mouwen) waarin alle varianten opgenomen waren voor een bepaald begrip. In 1996 zijn de eerste cd-roms verschenen met de gebaren voor de verschillende regio's. In 2008 is een Corpus NGT,[3] een (grote verzameling) videofilmpjes uit de Nederlandse Gebarentaal, gepubliceerd op het internet. Aan dit Corpus hebben 92 doven uit alle regio's in Nederland bijgedragen. Hiermee is het mogelijk geworden om verder onderzoek te doen naar de variatie in de NGT, zowel wat het lexicon betreft als de grammatica.

Rond 1975 begonnen sommige dovenscholen onderwijs te geven in NmG (Nederlands ondersteund met gebaren). In 1995 heeft het toenmalige instituut voor doven, het Henri Daniel Guyot Instituut, (Groningen) als eerste tweetalig onderwijs (NGT/Nederlands) voor doven ingevoerd. Dat voorbeeld werd al snel gevolgd in de rest van het land.

Wetsvoorstellen tot erkenning[bewerken | brontekst bewerken]

Presentatie initiatiefwet wetterlijke erkenning Nederlandse Gebarentaal, 2016

In 1998 pleitte Dovenschap voor de erkenning van de Nederlandse Gebarentaal als een volwaardige taal. Een commissie bracht hierover het rapport Meer dan een gebaar uit.[4] Daarin werd onder andere gepleit voor standaardisatie, omdat het werken met verschillende varianten te omslachtig is voor het ontwikkelen van onderwijsmateriaal en tolk-opleidingen. De gestandaardiseerde gebaren zijn vervolgens via het zogenaamde Stabol-project (1998-2002) tot stand gekomen en op cd-rom vastgelegd. Inmiddels zijn er zo'n 5000 gebaren gestandaardiseerd. Ze zijn te zien op het online gebarenwoordenboek van het Nederlands Gebarencentrum (zie externe links) en verkrijgbaar op dvd-rom Standaard lexicon deel 1 en 2.[bron?]

In 2004 hebben veel prelinguaal doven in Den Haag gedemonstreerd voor erkenning van hun gebarentaal. Het kabinet zag echter te veel haken en ogen aan erkenning via de Nederlandse Grondwet, omdat daarin de Nederlandse taal ook niet erkend is. Wel zou worden onderzocht of de Nederlandse Gebarentaal kan worden verankerd in deelwetten, bijvoorbeeld het opnemen van het recht op tweetalig onderwijs voor dove kinderen in de onderwijswet.[bron?]

In 2010 diende de ChristenUnie een wetsvoorstel in tot erkenning van NGT, maar dat haalde het niet.[5] In oktober 2016 werd dit opgevolgd door initiatiefwet van Kamerleden Roelof van Laar (PvdA) en Carla Dik-Faber (ChristenUnie) voor de wetterlijke erkenning van NGT als officiële taal.[6] Na het vertrek van Van Laar nam in september 2019 Kamerlid Attje Kuiken (PvdA) het wetsvoorstel over en sloot Kamerlid Jessica van Eijs namens D66 zich bij Kuiken en Dik-Faber aan.[7][8] Eind september 2019 stelde de Afdeling advisering van de Raad van State (AARvS) dat de tekst van het wetsvoorstel nog te vaag was, omdat het nog onduidelijk was welke problemen het precies wilde oplossen en op welke manieren dan; er werd onder meer gevraagd of 'de Dovencultuur' ook wettelijk moest worden erkend en zo ja, wat dat begrip dan precies inhield.[9]

Verschillende gebarentalen[bewerken | brontekst bewerken]

Code Officiële naam Nederlandse naam Familie Land/regio Invloedrijkste gesproken taal
ASL American Sign Language Amerikaanse Gebarentaal Franse Vlag van de Verenigde Staten Verenigde Staten Vlag van Canada Canada Engels
BSL British Sign Language Britse Gebarentaal BANZSL Vlag van het Verenigd Koninkrijk Verenigd Koninkrijk Engels
CSL Chinese Sign Language Chinese Gebarentaal isolaat Vlag van China China Mandarijn
DGS Deutsche Gebärdensprache Duitse Gebarentaal Duitse Vlag van Duitsland Duitsland Vlag van Luxemburg Luxemburg Duits
DSGS Deutschschweizer Gebärdensprache Zwitserduitse Gebarentaal Franse? Vlag van Zwitserland Zwitserland (Duitstalig Zwitserland) Duits
IPSL Indo-Pakistani Sign Language Indo-Pakistaanse Gebarentaal isolaat? Vlag van India India Vlag van Pakistan Pakistan Hindoestani
ISN Idioma de Signos Nicaragüense Nicaraguaanse Gebarentaal isolaat Vlag van Nicaragua Nicaragua Spaans
LIS Lingua dei Segni Italiana Italiaanse Gebarentaal Franse Vlag van Italië Italië Vlag van Zwitserland Zwitserland Vlag van San Marino San Marino Italiaans
LSF Langue des signes française Franse Gebarentaal Franse Vlag van Frankrijk Frankrijk Frans
LSFB Langue des signes de Belgique francophone Frans-Belgische Gebarentaal Franse Vlag van België België (Vlag Franse Gemeenschap Franse Gemeenschap) Frans
LSFSR Langue des signes française de Suisse romande Zwitsers-Franse Gebarentaal Franse Vlag van Zwitserland Zwitserland (Romandië) Frans
NGT Nederlandse Gebarentaal Nederlandse Gebarentaal Franse Vlag van Nederland Nederland Nederlands
ÖGS Österreichische Gebärdensprache Oostenrijkse Gebarentaal Franse Vlag van Oostenrijk Oostenrijk Duits
STS Svenskt teckenspråk Zweedse Gebarentaal Zweedse Vlag van Zweden Zweden Zweeds
TİD Türk İşaret Dili Turkse Gebarentaal isolaat Vlag van Turkije Turkije Turks
VGT Vlaamse Gebarentaal Vlaamse Gebarentaal Franse Vlag van België België (Vlag Vlaams Gewest Vlaanderen) Nederlands

Zie ook[bewerken | brontekst bewerken]

Bibliografie[bewerken | brontekst bewerken]

Externe link[bewerken | brontekst bewerken]