Olympische Zomerspelen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Spelen van de Olympiade
Olympische Zomerspelen
De olympische vlag
De olympische vlag
Sport 26 sporten
Organisator Internationaal Olympisch Comité
Eerste editie 1896 in Athene
Edities
Vorige editie Rio de Janeiro 2016
Volgende editie Tokio 2020
Portaal  Portaalicoon   Sport
Het Nationale Stadion van Peking, het olympisch stadion tijdens de Olympische Zomerspelen 2008
Het onderdeel zwemmen van de moderne vijfkamp
Het onderdeel wegwielrennen tijdens de Olympische Spelen van 2008
Steden en landen die de Olympische Zomerspelen organiseerden. Groen: één keer gastheer, blauw: meerdere keren

De Olympische Zomerspelen of de Spelen van de Olympiade is een internationaal multisportevenement dat elke vier jaar wordt georganiseerd door het Internationaal Olympisch Comité. Een olympische overwinning wordt wereldwijd gezien als de meest prestigieuze overwinning in een sport. Medailles worden uitgereikt in elk onderdeel, met een gouden medaille voor de eerste plaats, zilver voor de tweede en brons voor de derde, een traditie die gestart werd in 1904.

De Spelen zijn gegroeid van 43 onderdelen met minder dan 250 mannen uit veertien landen in 1896 tot meer dan 300 onderdelen voor zo'n 11.000 sporters van beide geslachten uit meer dan 200 landen in 2012.

Deelnemers worden aangemeld door het Nationaal Olympisch Comité (NOC) van hun land. Nationale volksliederen en vlaggen begeleiden de medailleceremonies. Tabellen die het aantal gewonnen medailles per land aangeven, worden veel gebruikt. In het algemeen worden alleen erkende landen gerepresenteerd, maar enkele niet erkende landen is het toegestaan deel te nemen. De Republiek China (Taiwan) heeft van het Internationaal Olympisch Comité toestemming gekregen deel te nemen onder de naam "Chinees Taipei", om de Volksrepubliek China niet te provoceren.

Kwalificatie[bewerken]

Kwalificatieregels voor elke olympische sport worden opgesteld door de betreffende internationale federatie die deze internationale competitie regelt.

Voor individuele sporten kwalificeren deelnemers zich door een bepaalde plaats te behalen bij een grote internationale wedstrijd of op de ranglijst van de federatie. Nationale Olympische Comités mogen een gelimiteerd aantal gekwalificeerde deelnemers aanmelden bij elk onderdeel (3 is een veelvoorkomend aantal) en de NOC bepaalt welke gekwalificeerde atleten mogen deelnemen als meer atleten de kwalificatie-eis hebben gehaald. Veel onderdelen voorzien in een bepaald aantal wildcards, deze worden veelal gegeven aan atleten uit ontwikkelingslanden.

Landen kwalificeren teams voor teamsporten door het spelen van continentale kwalificatietoernooien. Elk continent krijgt een bepaald aantal plaatsen in het olympisch toernooi. Het gastland krijgt een automatische plaatsing voor het toernooi.

Lijst van olympische sporten[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie olympische sport voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Tweeënveertig sporten, bestaande uit in totaal 55 verschillende disciplines, maken of hebben deel uitgemaakt van de Olympische Spelen. Op de Spelen van 2000, 2004 en 2008 stonden 28 sporten op het programma. Op de Spelen van 2012 waren het er twee minder vanwege het verdwijnen van het honkbal en het softbal.[1] In 2016 werden deze sporten vervangen door golf en rugby. Ook binnen sporten zijn disciplines verdwenen. Zo waren bijvoorbeeld de volgende atletiekonderdelen ooit olympische sporten: het in de Griekse stijl discuswerpen, het tweehandig discuswerpen, het tweehandig kogelstoten en het tweehandig speerwerpen, het uit stand speerwerpen, het uit stand verspringen, het uit stand hoogspringen en het uit stand hink-stap-springen.

De verschillende Olympische sportfederaties zijn verenigd onder een gemeenschappelijke koepelorganisatie: de Association of Summer Olympic International Federations (ASOIF).

Sport Jaren
Atletiek Alle
Badminton Sinds 1992
Basketbal Sinds 1936
Boksen 1904, 1908, sinds 1920
Boogschieten 1900–1908, 1920, sinds 1972
Cricket 1900
Croquet 1900
Honkbal 1992–2008, 2020
Schoonspringen Sinds 1904
Schermen Alle
Gewichtheffen 1896, 1904, sinds 1920
Golf 1900, 1904, sinds 2016
Golfsurfen 2020
Gymnastiek Alle
* Ritmische gymnastiek Sinds 1984
* Trampolinespringen Sinds 2000
* Turnen Alle
Handbal 1936, sinds 1972
Hockey 1908, 1920, sinds 1928
Jeu de paume 1908
Judo 1964, sinds 1972
Kanovaren Sinds 1936
Karate 2020
Klimsport 2020
Lacrosse 1904, 1908
Moderne vijfkamp Sinds 1912
Motorbootracen 1908
Paardensport 1900, sinds 1912
Pelota 1900
Sport Jaren
Polo 1900, 1908, 1920, 1924, 1936
Rackets 1908
Roque 1904
Roeien Sinds 1900
Rugby 1900, 1908, 1920, 1924
* Rugby Sevens Sinds 2016
Schietsport 1896, 1900, 1908–1924, sinds 1932
Skateboarden 2020
Softbal 1996–2008, 2020
Synchroonzwemmen Sinds 1984
Taekwondo Sinds 2000
Tafeltennis Sinds 1988
Tennis 1896–1924, sinds 1988
Triatlon Sinds 2000
Touwtrekken 1900–1920
Voetbal 1900–1928, sinds 1936
Volleybal Sinds 1964
* Beachvolleybal Sinds 1996
* Zaalvolleybal Sinds 1964
Waterpolo Sinds 1900
Wielersport Alle
* Baanwielrennen Alle
* BMX Sinds 2008
* Mountainbiken Sinds 1996
* Wegwielrennen 1896, sinds 1912
Worstelen 1896, sinds 1904
Zeilen 1900, sinds 1908
Zwemmen Alle

Edities van de Olympische Zomerspelen[bewerken]

Spelen Jaar Gaststad Datum Landen Sporters Sporten Onderdelen
Totaal M V
I 1896 Vlag van Griekenland (1822-1978) Athene 6 – 15 april 14 241 241 0 9 43
II 1900 Vlag van Frankrijk Parijs 14 mei – 28 oktober 24 997 975 22 18 95
III 1904 Vlag van Verenigde Staten (1891-1896) Saint Louis 1 juli – 23 november 12 651 645 6 17 91
IV 1908 Vlag van Verenigd Koninkrijk Londen 27 april – 31 oktober 22 2008 1971 37 22 110
V 1912 Vlag van Zweden Stockholm 12 mei – 27 juli 28 2407 2359 48 14 102
VI 1916 Toegekend aan Berlijn, maar afgelast vanwege Eerste Wereldoorlog
VII 1920 Vlag van België Antwerpen 20 april – 12 september 29 2626 2561 65 22 154
VIII 1924 Vlag van Frankrijk Parijs 4 mei – 27 juli 44 3089 2954 135 17 126
IX 1928 Vlag van Nederland Amsterdam 17 mei – 12 augustus 46 2883 2606 277 14 109
X 1932 Vlag van Verenigde Staten (1912-1959) Los Angeles 30 juli – 14 augustus 37 1332 1206 126 14 117
XI 1936 Vlag van Duitsland Berlijn 1–16 augustus 49 3963 3632 331 19 129
XII 1940 Eerst toegekend aan Tokio, later aan Helsinki, maar afgelast vanwege Tweede Wereldoorlog
XIII 1944 Toegekend aan Londen, maar afgelast vanwege Tweede Wereldoorlog
XIV 1948 Vlag van Verenigd Koninkrijk Londen 29 juli – 14 augustus 59 4104 3714 390 17 136
XV 1952 Vlag van Finland Helsinki 19 juli – 3 augustus 69 4955 4436 519 17 149
XVI 1956 Vlag van Australië Melbourne 22 november – 9 december 72 3314 2938 376 17 145
XVII 1960 Vlag van Italië Rome 25 augustus – 11 september 83 5338 4727 611 17 150
XVIII 1964 Vlag van Japan Tokio 10–24 oktober 93 5151 4473 678 19 163
XIX 1968 Vlag van Mexico Mexico-Stad 12–27 oktober 112 5516 4735 781 18 172
XX 1972 Vlag van de Bondsrepubliek Duitsland München 26 augustus – 11 september 121 7134 6075 1059 21 195
XXI 1976 Vlag van Canada Montreal 17 juli – 1 augustus 92 6084 4824 1260 21 198
XXII 1980 Vlag van Sovjet-Unie (1980-1991) Moskou 19 juli – 3 augustus 80 5179 4064 1115 21 203
XXIII 1984 Vlag van Verenigde Staten Los Angeles 28 juli – 12 augustus 140 6829 5263 1566 21 221
XXIV 1988 Vlag van Zuid-Korea Seoel 17 september – 2 oktober 160 8391 6197 2194 23 237
XXV 1992 Vlag van Spanje Barcelona 25 juli – 9 augustus 169 9356 6652 2704 25 257
XXVI 1996 Vlag van Verenigde Staten Atlanta 19 juli – 4 augustus 197 10318 6806 3512 26 271
XXVII 2000 Vlag van Australië Sydney 15 september – 1 oktober 199 10651 6582 4069 28 300
XXVIII 2004 Vlag van Griekenland Athene 13–29 augustus 201 10625 6296 4329 28 301
XXIX 2008 Vlag van China Peking 8–24 augustus 204 10942 6305 4637 28 302
XXX 2012 Vlag van Verenigd Koninkrijk Londen 27 juli – 12 augustus 204 10820 26 302
XXXI 2016 Vlag van Brazilië Rio de Janeiro 5–21 augustus 207 11551 28 306
XXXII 2020 Vlag van Japan Tokio 24 juli – 9 augustus

Bekende atleten[bewerken]

De Olympische Spelen gelden als het grootste sportevenement op aarde, en vele sporters zijn dan ook mede of vooral door hun prestaties op de Olympische Spelen beroemd geworden. Enkele namen:

  • Nikolaj Andrianov, 15 medailles waaronder 7 goud bij het turnen, 1972-1980
  • Bob Beamon, vertesprong van 8,90 in 1968, 55 centimeter verder dan het vorige wereldrecord, nog steeds het olympisch record
  • Abebe Bikila, won in 1960 de marathon op blote voeten in recordtijd
  • Matt Biondi, 7 medailles waarvan vijfmaal goud in het zwemmen in 1988
  • Fanny Blankers-Koen, viermaal goud op de sprintnummers in 1948
  • Usain Bolt, in 2008, 2012 en 2016 winnaar van zowel de 100 als de 200 meter sprint en van de 4 × 100 meter estafette, de triple triple
  • Sebastian Coe en Steve Ovett, Britse middenafstandslopers die elkaar bestreden in Moskou 1980
  • Nadia Comăneci, 9 medailles waaronder 5 goud in het turnen 1976-1980, behaalde een perfecte score van 10 punten
  • Aleksandr Ditjatin, won op alle 8 turnonderdelen een medaille in 1980
  • Edward Eagan, gouden medaillewinnaar bij het boksen (1920) en bobsleeën (1932), enige atleet die zowel bij de Zomer- als de Winterspelen goud won
  • Ray Ewry, achtvoudig gouden-medaillewinnaar in het springen uit stand (plus tweemaal in 1906)
  • Mo Farah, in 2012 en in 2016 winnaar van zowel de 5000 als de 10000 meter hardlopen, de double double
  • Dick Fosbury, introductie van de fosburyflop in het hoogspringen
  • Anton Geesink, winnaar van het judo in de Open Categorie in Tokio 1964
  • Aladár Gerevich, won goud op zes verschillende Zomerspelen (1932, 1936, 1948, 1952, 1956 en 1960)
  • Anky van Grunsven, driemaal goud, vijfmaal zilver, eenmaal brons
  • Larissa Latynina, 18 medailles waaronder 9 goud in het turnen, 1956-1964
  • Carl Lewis, negenmaal goud op sprintnummers en verspringen 1984-1996
  • Spiridon Louis, winnaar van de eerste marathon
  • Paavo Nurmi, negenmaal goud, driemaal zilver bij de lange-afstandsloopnummers 1920-1928
  • Kristin Otto, zesmaal goud in het zwemmen in 1988
  • Jesse Owens, viermaal goud op de sprintnummers in 1936
  • Michael Phelps, acht keer goud bij het zwemmen in 2008; een absoluut record. In 2004 won hij zes keer goud en twee keer brons. In 2012 won Phelps vier gouden en twee zilveren medailles. In 2016 won hij vijf gouden en een zilveren medaille. Zijn totaal van 28 medailles (waarvan 23 goud) is eveneens een record. Hiermee is Phelps de meest succesvolle Olympiër aller tijden.
  • Dorando Pietri, moest bij de marathon van 1908 over de finishlijn geholpen worden en werd gediskwalificeerd
  • Steve Redgrave, vijfmaal achter elkaar winnaar van een gouden medaille in het roeien (1984-2000)
  • Jacques Rogge, gewezen voorzitter van het Internationaal Olympisch Comité, nam deel aan de Olympische Spelen van 1968, 1972 en 1976, aan het zeilen in de Finnklasse.
  • Mark Spitz, zevenmaal zwemgoud in 1972
  • Lasse Virén, in 1972 en 1976 winnaar van zowel de 5000 als de 10000 meter hardlopen
  • Jim Thorpe, winnaar vijfkamp en tienkamp in 1912
  • Johnny Weissmuller, vijfmaal goud in het zwemmen in 1924-1928, later bekend als filmster (Tarzan)
  • Emil Zátopek, goud op 5000 meter, 10.000 meter en marathon in 1952
  • het voetbalelftal van Uruguay, olympisch kampioen in 1924 en 1928
  • het Amerikaanse 'dream team' van top-basketballers dat de Olympische Spelen van 1992 won
  • Maarten van der Weijden, in 2008 winnaar van de 10 kilometer open water zwemmen nadat bij hem in 2001 acute lymfatische leukemie was vastgesteld.

Zie ook[bewerken]

Zoek dit woord op in WikiWoordenboek