Proximus Groep

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Proximus
Logo
Beurs Euronext: PROX
Grootaandeelhouders Belgische Staat 53,5%
Free float 41,5%
Eigen aandelen 4,5%
Oprichting 1930 als RTT
1992 naamsverandering in Belgacom
2015 naamsverandering in Proximus
Sleutelfiguren Guillaume Boutin (gedelegeerd bestuurder/CEO)
Stefaan De Clerck (voorzitter RvB)
Land Vlag van België België
Hoofdkantoor Koning Albert II-laan 27 B
1030 Brussel
Werknemers 13.633 fte (2016)
Producten Telecommunicatie, mobiele telefonie, internet, digitale televisie
Omzet/jaar € 5802 miljoen (2017)
Winst/jaar € 522 miljoen (2017)
Website proximus.be
Portaal  Portaalicoon   Economie

De Proximus Groep is een leverancier van digitale diensten en communicatieoplossingen die actief is op de Belgische en internationale markten. In België biedt het bedrijf zijn voornaamste producten en diensten aan onder de merken Proximus en Scarlet. De Groep is ook actief in Luxemburg als Proximus Luxembourg SA, onder de merknamen Tango en Telindus Luxembourg, en in Nederland via Telindus Nederland. De internationale carrieractiviteiten van de Groep worden uitgevoerd door BICS, een van de belangrijkste wereldwijde spraakcarriers en de grootste aanbieder van mobiele datadiensten op wereldniveau. Proximus Accelerators, het ecosysteem van IT-partners (Proximus SpearIt, Telindus, Be-Mobile, ClearMedia, Codit, Davinsi Labs, Umbrio en Unbrace) begeleidt bedrijven in hun digitale transformatie.

Geschiedenis[bewerken | brontekst bewerken]

Het begin van de telefonie in België[bewerken | brontekst bewerken]

In 1879 installeren de Belgische telegraafdiensten een telefoonlijn in het parlement. In hetzelfde jaar dienen verschillende privéondernemers een aanvraag in om in verschillende Belgische steden telefoonnetwerken uit te baten. Omdat er de eerste jaren geen wetgeving bestaat, is de kans op een succesvolle ontwikkeling van het telefoonnetwerk eerder klein. Het dwingt de Belgische overheid om een wetgevend kader op te stellen dat de exploitatie van de telefonie in België regelt. Vanaf 1896 komt de hele telefoonsector in handen van een overheidsbedrijf.

In 1913 is een groot deel van België bereikbaar via de telefoon. Het aantal abonnees blijft beperkt, maar de meeste stations, post- en telegraafkantoren zijn uitgerust met openbare telefooncellen.

Na WO I: overgang naar een autonoom overheidsbedrijf[bewerken | brontekst bewerken]

Logo RTT, Hasselt, 2007

Tijdens de Eerste Wereldoorlog komt een abrupt einde aan de telecommunicatie in België door de financiële afhankelijkheid van het overheidsbedrijf. Door de schade en de gedeeltelijke ontmanteling van de netwerken tijdens de oorlog heeft het Bestuur van Telegrafie en Telefonie enorme investeringen nodig.

Op 19 juli 1930 wordt de Regie van Telegraaf en Telefoon (RTT) opgericht. Het overheidsbedrijf krijgt een grotere autonomie: het is niet langer afhankelijk van de jaarlijkse begroting van de overheid en heeft de bevoegdheid om een eigen beleid te voeren.

De integratie van de RTT in het industriële beleid van de staat[bewerken | brontekst bewerken]

Via de RTT investeert de overheid enorme sommen in het Belgische telefoonnet. Een steeds groter deel van de bevolking, uit verschillende sociale klassen, heeft voortaan toegang tot telefonie.

Tegelijk duikt een ander verschijnsel op, dat al snel een zware last voor de onderneming betekent. Tijdens de economische crisis in de jaren 30 gebruikt de overheid de RTT in zijn industriële en werkgelegenheidsbeleid. De overheid probeert de hoge werkloosheidsgraad in de sector te counteren door een volledige automatisering van het Belgische telefoonnet te forceren.

Het beknot de autonomie van de RTT aanzienlijk. Want de wet van 1930 bepaalde duidelijk dat de onderneming onafhankelijk een investeringsprogramma mocht ontwerpen en uitvoeren.

Door haar werkgelegenheidsbeleid op te leggen, gaat de overheid regelrecht in tegen het eerste principe van de wet. Daardoor ontstaat na de oorlog al snel een structureel probleem bij de RTT.

Van spitstechnologiebedrijf tot crisis: de RTT na WO II[bewerken | brontekst bewerken]

Vlak na de Tweede Wereldoorlog wordt de RTT geconfronteerd met aanzienlijke schade en een gedeeltelijke ontmanteling van de netwerken. Om de sector snel weer te doen opleven, beslist de overheid financieel bij te dragen. In die periode neemt de vraag naar telecommunicatiediensten in ijltempo toe. Het aantal abonnees groeit enorm: van ongeveer 350.000 in 1946 naar 522.000 in 1951 tot meer dan 1 miljoen in 1965. Die groei van het klantenbestand leidt tot een hoog investeringsritme. Dankzij die investeringen staat de RTT op het einde van de jaren 60 aan de top van de technologische en sociale ontwikkelingen.

Dat expansiebeleid heeft ook een schaduwkant. Vanaf het einde van de jaren 60 beginnen de schulden zich op te stapelen. De economische crisis die de wereld vanaf 1973 in haar greep houdt, helpt de zaken ook niet vooruit. Bovendien raakt het bedrijf betrokken in een corruptieschandaal: het RTT-schandaal. De financiële gezondheid van de onderneming gaat alleen maar achteruit. Vanaf het midden van de jaren 70 moet de RTT dan ook belangrijke bezuinigingsprogramma’s doorvoeren.

In de loop van de jaren 80 groeit de overtuiging dat de telecommunicatiesector een van de belangrijkste ontwikkelingspolen van het einde van de 20ste eeuw zal worden. En dus begint de directie van de RTT vanaf 1981 met een grondige herstructurering om bepaalde structurele problemen van de onderneming weg te werken. Tegelijk doet een andere partner zijn intrede: in 1987 introduceert de Europese Commissie haar Groenboek over de ontwikkeling van de gemeenschappelijke markt voor telecommunicatiedienst en -apparatuur waarin de liberalisering van de markt centraal staat.

De jaren 90: de Belgacomwet en de evolutie van de sector onder invloed van Europa[bewerken | brontekst bewerken]

Het Groenboek van 1987 vormt in België de basis van de wet van 21 maart 1991 die een nieuw type overheidsbedrijf met een grotere autonomie creëert. De Belgische telecommunicatiesector wordt gereorganiseerd en het autonome overheidsbedrijf Belgacom wordt opgericht.

Het doel van de wet: een gunstige omgeving creëren voor de telecommunicatiemarkt in België. Voortaan worden de privileges van de onderneming en de overheid vastgelegd in een beheerscontract om te garanderen dat een bepaald aantal overheidsdiensten van algemeen nut wordt aangeboden en dat het bedrijf genoeg autonomie heeft, veel meer dan de wet van 1930 had voorzien.

Vanaf 1994 worden de Europese convergentieprocessen versneld doorgevoerd. De Europese Commissie verklaart in een nieuw Groenboek dat netwerkexploitatie en telefonie ook open moeten staan voor concurrentie. 1994 is ook het jaar waarin Belgacom Proximus opricht, het eerste mobiele netwerk in België. Die activiteit wordt samen met het oude analoge MOB2-systeem op 1 juli 1994 overgedragen aan dochteronderneming Belgacom Mobile met als aandeelhouders Belgacom (75%) en Air Touch (Vodafone vanaf 1999, 25%). Tegelijk bereidt Belgacom zich voor op concurrentie door de krachten te bundelen met Ameritech, Tele Danmark en Singapore Telecom. Verschillende Belgische financiële instellingen reageren onmiddellijk en sluiten zich ook aan bij het consortium, dat ADSB gedoopt wordt. De Belgische overheid houdt 50,1% van de aandelen in handen en blijft dus hoofdaandeelhouder.

In 2001 wordt het BeST-plan ingevoerd dat als doel heeft het bedrijf te herstructureren door het op te splitsen in vier businessunits. Belgacom stoot ook bepaalde activiteiten af zoals Belgacom France, Ben, zijn beveiligingsactiviteiten en de Franse activiteiten van Infosources. De gevolgen van het BeST-plan voor het personeel worden zichtbaar in 2002. Belgacom heeft op dat moment te veel personeelsleden in dienst. Het plan heeft dan ook verschillende doelstellingen: een groot deel van het personeel krijgt het aanbod om te stoppen met werken, deeltijds te werken en zich om te scholen.

In een meer en meer open markt waarin de concurrentie altijd maar agressiever wordt, beslist Belgacom in 2003 zijn imago radicaal te veranderen. Een nieuw logo, nieuwe kleuren en de duidelijke wil om dichter bij de klant te staan zijn de basis waarop de oude RTT verder werkt. Die radicale veranderingen in de filosofie van het bedrijf zijn de voorbode van de beursgang van de operator. Op 22 maart 2004 staat Belgacom voor het eerst genoteerd op de Euronext-markt. De Belgische overheid blijft hoofdaandeelhouder met 50% + 1 van de aandelen, terwijl het ADSB-consortium al zijn aandelen verkoopt.

Dankzij de beursgang kan de Belgische operator belangrijke middelen vrijmaken om zijn ambities te financieren. Want het is tijd om vaste internettoegang via breedband aan te bieden en de financiering van het Broadway-project (glasvezel leggen in heel België) vraagt grote investeringen. 2004 is ook het jaar waarin de operator de eerste testen met digitale televisie uitvoert bij enkele honderden gezinnen, met de bedoeling nieuwe inkomstenbronnen aan te boren in een markt waar de concurrentie met triple play-pakketten (televisie, telefonie en internet) zoals IPTV altijd maar heviger wordt.

Jaren 2005 tot 2008: consolidatie, convergentie en eerste gegroepeerde aanbiedingen[bewerken | brontekst bewerken]

Twee belangrijke gebeurtenissen bepalen 2005 voor Belgacom: de lancering van Belgacom TV en het openbare bod op Telindus. De Belgische operator verrast de markt door via zijn filiaal Skynet iMotion Activities de uitzendrechten van de wedstrijden in de eerste en tweede klasse van het Belgische professionele voetbal aan te kopen voor 3 seizoenen. Het is de voorbode van de lancering van Belgacom TV in juni 2005. Het aanbod van digitale televisie via ADSL is in België het eerste aanbod in zijn soort. Het maakt van Belgacom een quadruple play-operator die vaste en mobiele telefonie, snel internet en nu ook televisie aanbiedt. Daardoor kan het Belgische bedrijf nieuwe inkomstenbronnen aanboren nu de winstmarges van zijn andere activiteiten steeds kleiner worden.

2005 is ook het jaar van het overnamebod op Telindus, een koploper in de sector van netwerkintegratie. Het eerste bod in september 2005 beschouwt de directie van Telindus als vijandig. Het is het begin van een beurssaga die bijna 4 maanden duurt. Na een tegenbod van France Telecom haalt Belgacom uiteindelijk toch zijn slag thuis. Eind december sluiten Belgacom en Telindus een voorwaardelijk akkoord over een partnerschap.

2006 wordt gekenmerkt door de overname van de 25% aandelen van Belgacom Mobile (Proximus) die nog in handen waren van Vodafone. Het laat Belgacom toe zich voor te bereiden op het samenbrengen van vaste en mobiele telefonie. Op de markt lijkt zich inderdaad een trend af te tekenen naar het gegroepeerd aanbieden van diensten. De telecomoperatoren in België spelen meer en meer in op de behoeften van de gebruikers met oplossingen die variëren van apart op de markt gebrachte diensten tot gebundelde en volledige quadruple play-aanbiedingen. In 2006 breiden Telindus en Belgacom ook hun ICT-portfolio uit onder de nieuwe merknaam Telindus/Belgacom ICT.

In september 2006 koopt Belgacom Euremis, dat mobiele CRM-oplossingen aanbiedt aan bedrijven in de sector van fast-moving consumer goods (FMCG) en de farmaceutische sector.

In april 2007 lanceren Proximus en Belgacom de ‘packs’, de eerste gebundelde aanbiedingen. Belgacom blijft ook zijn digitale televisieaanbod verder ontwikkelen.

2008 staat in het teken van de overname van Scarlet en Tele2 Luxembourg. Belgacom koopt Scarlet voor een bedrag van 185 miljoen euro. De Belgische Mededingingsautoriteit keurt de overname goed onder verschillende voorwaarden. De belangrijkste voorwaarde: Belgacom moet het netwerk van Scarlet verkopen. In juni 2008 koopt de operator ook Tele2 Luxembourg, de op een na grootste mobiele operator in Luxemburg actief onder de merknaam Tango.

2009 - 2013[bewerken | brontekst bewerken]

In maart 2009 lanceert Belgacom PingPing, een mobiel betaalmiddel. In april 2001 koopt het telecombedrijf voor een bedrag van 22 miljoen euro alle aandelen van de winkelketen The Phone House België. Met de 114 Belgische winkels van The Phone House domineert Belgacom de hele telecommarkt.

Na verschillende incidenten wordt CEO Didier Bellens in 2011 ontslagen. Ray Stewart en Stefaan De Clerck worden tijdelijk als CEO aangesteld, tot er een nieuwe CEO wordt gevonden.

In 2013 richt Belgacom samen met de andere telecomoperatoren en de Belgische grootbanken Belgian Mobile Wallet nv op, een joint venture om een Belgische mobiele betalingsoplossing te ontwikkelen onder de naam Sixdots. Doel: de klanten van de grootbanken met hun smartphone laten betalen in plaats van met hun bankkaart en kaartlezer. Het project is geen succes en wordt in 2015 opgedoekt.

2014 tot 2019[bewerken | brontekst bewerken]

Op 9 januari 2014 wordt Dominique Leroy aangesteld als nieuwe CEO en voorzitter van het uitvoerend comité van de Proximus Groep voor een periode van 6 jaar. Ze versterkt het aanbod en focust op groei met haar Fit for Growth-strategie.

In maart 2014 wordt beslist dat Belgacom als merknaam verdwijnt. Vanaf de herfst wordt Proximus de nieuwe commerciële naam voor alle vaste, mobiele en IT-producten. Andere merken zoals Scarlet blijven bestaan.

Op 1 juni 2015 verdwijnt de laatste Belgacom-telefooncel uit het straatbeeld. Op 22 juni 2015 verandert de operator ook zijn officiële bedrijfsnaam van Belgacom naar Proximus. Door een beslissing van de Belgische Mededingingsautoriteit moet Proximus een deel van de 39 overblijvende winkels van The Phone House sluiten. Het andere deel vormt de Groep om tot Proximus Centers.

In 2016 wordt CEO Dominique Leroy door Trends/Trends-Tendances uitgeroepen tot Franstalige Manager van het Jaar.

In december 2016 kondigt Proximus het project ‘Fiber for Belgium’ aan, met de bedoeling de uitrol van een nieuwe generatie vaste breedbandtechnologie voor woningen en bedrijven in België te versnellen. Het project voorziet aanvankelijk een stapsgewijze uitrol in 6 steden – Antwerpen, Brussel, Charleroi, Gent, Namen en Roeselare – en wordt gaandeweg verder uitgebreid.

In 2017 en 2018 neemt Proximus de bedrijven Davinsi Labs, Unbrace ION-IP, Umbrio en Codit over om zijn ICT-ecosysteem te verstevigen. De belangrijkste Belgische banken en mobiele operatoren – waaronder Proximus – lanceren in 2017 itsme, een digitale identificatieapp waarmee Belgische burgers kunnen inloggen bij de overheid, banken, verzekeraars en andere privébedrijven.

In de daaropvolgende jaren tekent de Groep een gestage groei op.

2019 tot nu[bewerken | brontekst bewerken]

In januari 2019 kondigt Proximus onder de noemer ‘#shifttodigital’ een grootschalig transformatieplan aan. Het bedrijf verwijst daarbij onder meer naar een versnelling van de digitalisering, een stagnerende telecommarkt en een hoge nood aan investeringen in netwerken en digitale platformen. Het plan omvat ook een sociaal luik, wat leidt tot stakingen en protestacties van een deel van het personeel. Op 27 november, na maandenlange onderhandelingen, wordt een akkoord bereikt tussen de directie en de vakbondsorganisaties en wordt het plan goedgekeurd door de raad van bestuur.

In juni 2019 lanceert Proximus een nieuwe merkbelofte. Met ‘Think Possible’ wil de operator naar eigen zeggen “de digitale revolutie omarmen” en “iedereen in België inspireren door hen alle mogelijkheden van de nieuwste technologieën te laten zien”. Het digitale tv-platform Proximus TV krijgt een totale make-over en wordt Proximus Pickx. Met Pickx krijgen klanten een gepersonaliseerde contentbeleving op al hun schermen. Proximus lanceert ook een nieuwe generatie van decoders, die gebruikmaken van het Android P-besturingssysteem en nieuwe functionaliteiten bieden op het vlak van cloudgaming. Met smart ads biedt de operator zijn klanten gepersonaliseerde reclame aan op het tv-platform. Ook het getrouwheidsprogramma wordt hervormd en heet voortaan Enjoy!

Proximus kondigt in september aan dat Dominique Leroy heeft beslist om het bedrijf op 1 december te verlaten om een internationale wending aan haar carrière te geven. CFO Sandrine Dufour neemt tijdelijk haar opdrachten over. Op 1 december 2019 wordt Guillaume Boutin aangesteld als nieuwe CEO. Sinds augustus 2017 was hij in dienst bij Proximus als Chief Consumer Market Officer, verantwoordelijk voor de residentiële markt. Tijdens 2019 communiceert het bedrijf op verschillende momenten over innovaties en nieuwe samenwerkingen. Zo kondigt het in de zomer van 2019 zijn intentie aan om een gedeeld mobiel toegangsnetwerk op te zetten met Orange Belgium. De samenwerking moet leiden tot een verhoogde kwaliteit van de dienstverlening en een snellere uitrol van 5G. De overeenkomst wordt in november gefinaliseerd en gaat gepaard met de oprichting van een nieuwe joint venture, die de commerciële naam MWingz meekrijgt. Samen met DPG Media en Rossel lanceert Proximus My e-Press, een digitaal persaanbod voor zijn klanten, en het sluit een samenwerking af met bouwbedrijf Besix rond slimme gebouwen. De eerste demonstraties van 5G vinden plaats, toegespitst op toepassingen voor live videostreaming, industriële robots, drones, virtuele realiteit en cloudgaming. De MyProximus-app, waarmee de klanten van Proximus hun producten en diensten kunnen beheren, wordt uitgebreid met spraakcommando’s via Google Assistant.

Nog in 2019 lanceert Proximus een portaal dat ontwikkelaars via API’s (programming interfaces) gemakkelijk toegang geeft tot de technologieën van Proximus en zijn partners.

In maart 2020 stelt CEO Guillaume Boutin zijn nieuwe strategie #inspire2022 voor. Het meerjarenplan is opgebouwd rond 4 strategische pijlers: de uitrol van vaste en mobiele gigabittechnologieën, de transformatie tot een ‘digital native’ bedrijf, de uitbouw van partnerships en ecosystemen en een versterkte focus op een groene en digitale maatschappij. In één adem kondigt het bedrijf een aanzienlijke versnelling van de uitrol van het glasvezelnetwerk aan. Dankzij samenwerkingsakkoorden met EQT en Eurofiber die in de loop van het jaar worden gesloten, kunnen de ambities verder worden verhoogd. In december 2020 is de uitrol aan de gang in 16 steden: Aalst, Antwerpen, Brussel, Charleroi, Gent, Hasselt, Kortrijk, Knokke-Heist, Leuven, Luik, Mechelen, Namen, Oostende, Sint-Niklaas, Roeselare en Vilvoorde. Daarmee kunnen al meer dan 400.000 woningen en bedrijven op fiber worden aangesloten.

Nog in maart lanceert Proximus het eerste 5G-netwerk in België. Het gebruikt daarvoor bestaande radiofrequenties in de 2,1 GHz-band, in afwachting van een definitieve veiling van het spectrum dat voor 5G zal worden gebruikt. In de zomer krijgt het ook voorlopige gebruiksrechten in de 3,4-3,8 GHz-band toegewezen.

In juni 2020 sluit Proximus een strategisch partnerschap met Belfius om samen een neobank – een volledig digitale internetbank – te bouwen. De naam: Banx. Proximus-klanten krijgen toegang tot een exclusief digitaal bankaanbod, terwijl Proximus ook een specifiek telecomaanbod voor Belfius-klanten ontwikkelt. Ook met Disney+ wordt een overeenkomst gesloten, waardoor Proximus sinds september 2020 de enige telecomoperator in België is die zijn klanten toegang biedt tot de Amerikaanse streamingdienst.

In zijn nieuwe strategie verhoogt de telecomoperator ook zijn aandacht voor mens en milieu. Proximus heeft de ambitie om tegen 2030 een netto positieve bijdrage aan een netto-nulplaneet te leveren – de vermeden koolstofuitstoot door de klanten zal dankzij de klimaatprojectpartners en de producten en diensten van het bedrijf belangrijker zijn dan de koolstofuitstoot die de operator door zijn activiteiten veroorzaakt – en een echt circulair bedrijf te worden.

Officiële informatie over Proximus (persberichten, kwartaalresultaten, jaarverslagen, …): www.proximus.com.

Andere websites van de Proximus Groep[bewerken | brontekst bewerken]

De Proximus Towers aan de Koning Albert II-laan, Brussel

Structuur van de Groep[bewerken | brontekst bewerken]

Openbare telefooncel

De Groep Belgacom voerde in 2007 een nieuwe operationele structuur in die berust op vier pijlers:

  • de Consumer Business Unit (CBU)
  • de Enterprise Business Unit (EBU)
  • de Service Delivery Unit (SDE)
  • de Staff & Support Unit (S&S)

Consumer Business Unit (CBU)[bewerken | brontekst bewerken]

De Consumer Business Unit (CBU) houdt zich bezig met het op de markt brengen van producten en diensten voor spraak, internet en televisie via vaste en mobiele netwerken ten behoeve van particuliere klanten.

Enterprise Business Unit (EBU)[bewerken | brontekst bewerken]

De Enterprise Business Unit (EBU) stelt zich tot taak te voldoen aan de ICT-behoeften van professionele klanten met een brede waaier van oplossingen. De oplossingen omvatten ook beheersdiensten en ondersteuning. EBU heeft de meeste activiteiten van Telindus-Belgacom ICT overgenomen, met een overname in 2006 en een volledige integratie binnen de groep per 1 januari 2011. Op 1 oktober 2010 werden de activiteiten van Euremis opgenomen binnen EBU in het nieuwe Mobile Applications Competence Center (MACC). De mobiele klantenbeheersoplossingen van Euremis mikten specifiek op verkoopmedewerkers in de FMCG (Fast Moving Consumer Goods) en de farmaceutische sector. De afdeling EBU wordt sinds begin 2011 geleid door Bart Van Den Meersche, voordien algemeen directeur van IBM België en Luxemburg.

Service Delivery Engine & Wholesale (SDE&W)[bewerken | brontekst bewerken]

De netwerken en de IT-diensten alsook Wholesale activiteiten worden ondergebracht in de unit Service Delivery Engine & Wholesale. De afdeling SDE&W wordt sinds maart 2012 geleid door Geert Standaert.

Staff & Support (S&S)[bewerken | brontekst bewerken]

De unit Staff en Support verzamelt de ondersteunende diensten van de verschillende filialen van de Groep. Ze groepeert alle transversale functies die de activiteiten van de Groep ondersteunen.

Kerncijfers[bewerken | brontekst bewerken]

Financiële data in miljoen EUR:

Jaar 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019
Totale opbrengsten voor niet-terugkerende elementen 5540 5458 6100 6065 5978 5990 6603 6406 6462 6318 6050 6012 5873 5778 5804 5686
Nettowinst 922 959 973 958 800 904 1266 756 711 630 654 482 523 522 506 486

Sponsoring[bewerken | brontekst bewerken]

Proximus is sponsor van voetbalclubs R. Sporting du Pays de Charleroi, Club Brugge, STVV en RSC Anderlecht.

Zie ook[bewerken | brontekst bewerken]

Externe links[bewerken | brontekst bewerken]

Commons heeft mediabestanden in de categorie Belgacom.