Pseudepigraaf

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Jump to search

Een pseudepigraaf is een geschrift, veelal uit de oudheid, dat ten onrechte aan een ander persoon is toegeschreven dan de eigenlijke auteur.[1] De term komt van het Griekse woord pseudépigraphos wat 'onder een valse naam' of 'geschreven onder een alias' betekent. Vaak wordt ermee bedoeld dat het werk is geschreven onder de naam van een gezaghebbende figuur uit het verleden, waarbij het doel van de auteur is om het werk meer aanzien te geven. De aanduiding zegt niets over de inhoud van het werk.

In relatie tot de Bijbel zijn pseudepigrafen gewoonlijk Joodse religieuze geschriften die zijn ontstaan tussen ongeveer 200 v.Chr. en 200 na Chr. en niet zijn opgenomen in de canon van de Bijbel. Deze werken zijn niet allemaal letterlijk pseudepigrafisch. Ze worden onderscheiden van de apocriefe of deuterocanonieke boeken van het Oude Testament.

Er zijn ook pseudepigrafen die betrekking hebben op het Nieuwe Testament en die dateren uit de periode 100 tot 300 na Chr. Deze nieuwtestamentische geschriften worden meestal juist aangeduid met de term apocrief.

Etymologie[bewerken]

Het woord pseudepigraaf (van het Griekse ψευδής, pseudḗs, "vals" en ἐπιγραφή, epigraphḗ, "naam" of "inscriptie" of "toeschrijving"; samengenomen betekent het dus "vals opschrift of titel";[2] zie ook epigrafie) is het meervoud van "pseudepigrafon" (soms gelatiniseerd tot "pseudepigraphum").

Voorbeelden van pseudepigrafen[bewerken]

Oudtestamentisch[bewerken]

Nieuwtestamentisch[bewerken]

Zie ook[bewerken]