Openbaring van Johannes

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Openbaring van Johannes
Johannes op Patmos (Jeroen Bosch)
Johannes op Patmos (Jeroen Bosch)
Auteur Johannes
Tijd 70
Taal Grieks
Categorie openbaring
Hoofdstukken 22
Vorige boek Judas

De Openbaring van Johannes (vaak kortweg Openbaring genoemd, of naar zijn Griekse naam, de Apocalyps) is het laatste boek van het Nieuwe Testament en daarmee eveneens van de gehele Bijbel. Traditioneel werd aangenomen dat het de Apostel Johannes is die te kennen geeft dit boek op Patmos te hebben geschreven. De auteur wordt in het algemeen om verwarring te voorkomen aangeduid als Johannes van Patmos.[1] Het werd geschreven in het Koinè-Grieks, en volgens de aanhef gaat het om een openbaring van Jezus aan Johannes.

De naam is een letterlijke vertaling van de Griekse titel 'Αποκάλυψη του Ιωάννη' (Apokalypsi tou Ioánni), reden waarom het ook wel de Apocalyps wordt genoemd. Het boek telt 22 hoofdstukken. Het is het enige profetische boek in het Nieuwe Testament. Vanwege de vele toespelingen op het Oude Testament en op toestanden uit de tijd van de schrijver is de Openbaring van Johannes voor velen het moeilijkst te begrijpen boek van het Nieuwe Testament.

Indeling van het boek[bewerken]

De zeven gemeenten
  1. Aan de zeven gemeenten[2]
  2. Aanbidding van God en van het Lam[3]
  3. De eerste zes zegels[4] (met de de vier ruiters van de Apocalyps als eerste vier zegels). Het vijfde zegel betrof de zielen onder het altaar van de gelovige christenen die zijn gestorven als martelaren tijdens de Grote Verdrukking. En het zesde zegel betrof een zware aardbeving, het zwart (donker) worden van de zon en het bloedrood worden van de maan.[5]
  4. De honderdvierenveertigduizend voor de troon[6]
  5. Het zevende zegel[7]: een stiltemoment van een half uur en daarna de zeven engelen met de zeven bazuinen.
  6. De eerste zes bazuinen[8]
  7. De geopende boekrol[9]
  8. De twee getuigen[10]
  9. De zevende bazuin[11]
  10. De vrouw, de draak en de twee beesten[12]
  11. Het Lam en de zijnen; het oordeel[13]
  12. De zeven offerschalen[14]
  13. Het oordeel over Babylon[15]
  14. Het beest en zijn profeet verslagen[16]
  15. De eerste opstanding en de tweede dood[17]
  16. Een nieuwe hemel en een nieuwe aarde[18]
  17. Slot[19]

Auteur[bewerken]

Over de identiteit van de schrijver Johannes is verschil van opvatting.

Canoniciteit[bewerken]

Albrecht Dürers beroemde prent van de vier ruiters van de Apocalyps, Openbaring 6:1-8

In de 4e eeuw betwijfelden Johannes Chrysostomos en andere bisschoppen of dit boek in het Nieuwe Testament thuis hoorde, voornamelijk door de problemen die de interpretatie gaf en het gevaar van misbruik. De kerkvader Origenes ging hen voor, hij beschouwde de Openbaring als een verzameling van wilde dromerijen, waaruit niemand wijs kan worden. Christenen in Syrië verwierpen het ook omdat het montanisme zich op dit boek baseerde. Het werd uiteindelijk wel in de nieuwtestamentische canon opgenomen. De Oosters-orthodoxe Kerk gebruikt het boek niet in de liturgie.

Datering[bewerken]

Traditioneel wordt het boek in 96 gedateerd, tijdens de regering van keizer Domitianus, hoewel sommigen argumenteren voor een vroegere datum, meestal 68 of 69, tijdens de regering van Nero. Voor de latere datering pleit de getuigenis van de kerkvader Irenaeus, die informatie ontving van hen die Johannes persoonlijk gekend hadden. Hij schrijft dat de openbaring "niet vreselijk lang geleden gezien" was. Ander bewijs voor de latere datum is van interne aard: het boek zinspeelt op uitgebreide vervolging, die de christenen in Klein-Azië treft. Dat past beter bij de regering van Domitianus dan bij de regering van Nero. Nero's vervolging was geconcentreerd in het gebied rond Rome, hoewel ook Paulus in Klein-Azië problemen ondervond.

Belangrijke stromingen inzake de interpretatie[bewerken]

Er zijn drie belangrijke scholen voor wat betreft de wijze waarop de symboliek, de beelden en de inhoud van het boek geïnterpreteerd dienen te worden.

  • De Bijbelse profetie gedachtenschool ziet de inhoud van het boek, zeker in samenhang met de boeken Daniël, Ezechiël en andere eschatologische delen van de bijbel als een profetie van de eindtijd. Deze school kan verder worden onderverdeeld in:
    • een historische of contemporaine of preterische uitleg waarin het boek betrekking heeft op de gebeurtenissen in de eerste eeuw;
    • een futuristische of eschatologische visie waarin het boek betrekking heeft op toekomstige gebeurtenissen in de eindtijd;
    • een algemeen-historische visie waarin het boek de periode van de eerste eeuw tot de wederkomst omvat;
    • een heilshistorische uitleg waarbij elementen uit de contemporaine en de futuristische gecombineerd worden.
  • De historisch-kritische benadering, welke dominant werd onder kritische theologen tegen het eind van de 19e eeuw, probeert het boek te begrijpen in het kader van de apocalyptische literatuur, die populair was binnen zowel de christelijke als joodse traditie sinds de Babylonische diaspora, het patroon van het boek Daniël volgend.
  • Recentelijk is de esthetische en literaire benadering opgekomen, die zich focussen op het boek Openbaring als een literair kunstwerk en verbeelding, het visioen ziend als symbolische afbeelding van tijdloze overwinning van goed over kwaad.

Deze scholen sluiten elkaar niet uit, en veel christenen gebruiken die combinatie van benaderingen die zij nuttig achten.

Symboliek tegen Rome[bewerken]

Zekere analytische interpretaties hebben geleid tot de aanname dat Openbaring niet over een christelijke visie op goed tegen kwaad spreekt, maar over het destijds als sekte aangemerkte Jodendom tegen het Romeinse Rijk. Volgens dergelijke interpretaties zijn er verschillende verwijzingen naar Rome opgenomen, waaronder:

  • Het Getal van het Beest, 666, dat volgens bepaalde berekeningen gebaseerd op het Hebreeuws te herleiden is naar de toenmalige Keizer Nero. Er zijn echter nog veel meer interpretaties van dit getal.
  • De hoer van Babylon gezeten op het beest met de zeven koppen, dat symbool zou staan voor Rome, de hoofdstad van het naar de Joodse sekte toe vijandige Romeinse Rijk, die gebouwd is op zeven heuvels.

Externe link[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Openbaring 1:9
  2. Openbaring 1:4-3:22
  3. Openbaring 4:1-5:14
  4. Openbaring 6:1-17
  5. Zie ook Matth. 24:29
  6. Openbaring 7:1-17
  7. Openbaring 8:1-5
  8. Openbaring 8:6-9:21
  9. Openbaring 10:1-11
  10. Openbaring 11:1-14
  11. Openbaring 11:15-19
  12. Openbaring 12:1-13:18
  13. Openbaring 14:1-20
  14. Openbaring 15:1-16:21
  15. Openbaring 17:1-19:10
  16. Openbaring 19:11-21
  17. Openbaring 20:1-15
  18. Openbaring 21:1-22:5
  19. Openbaring 22:6-21