Resolutie 476 Veiligheidsraad Verenigde Naties

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Vlag van Verenigde Naties
Resolutie 476
Van de VN-Veiligheidsraad
Datum 30 juni 1980
Nr. vergadering 2242
Code S/RES/476
Stemming
voor
14
onth.
1
tegen
0
Onderwerp Arabisch-Israëlisch conflict: Jeruzalem
Beslissing De raad maakt zich zorgen over het Israëlische optreden in Jeruzalem en herinnert aan de Vierde Geneefse Conventie.
Samenstelling VN-Veiligheidsraad in 1980
Permanente leden
Vlag van China China · Vlag van Frankrijk Frankrijk · Vlag van Sovjet-Unie (1980-1991) Sovjet-Unie · Vlag van Verenigd Koninkrijk Verenigd Koninkrijk · Vlag van Verenigde Staten Verenigde Staten
Niet-permanente leden
Vlag van Bangladesh Bangladesh · Vlag van Duitse Democratische Republiek DDR · Vlag van Jamaica Jamaica · Vlag van Mexico Mexico · Vlag van Niger Niger · Vlag van Noorwegen Noorwegen · Vlag van Filipijnen Filipijnen · Vlag van Portugal Portugal · Vlag van Tunesië Tunesië · Vlag van Zambia Zambia

Op 30 juni 1980 vaardigde de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties de Resolutie 476 uit met als titel Gebieden bezet door Israël.

Inhoud[bewerken]

In de resolutie stond dat de Veiligheidsraad:

  • van mening blijft dat het zich toe-eigenen van grondgebied door geweld niet toelaatbaar is;
  • bevestigt dat de resoluties 252, 267, 271 en 465 van toepassing blijven;
  • er de aandacht op vestigt dat de Conventie van Genève van toepassing is;
  • bedroefd is over de volharding van Israël om het fysieke karakter, de demografische samenstelling en de institutionele staat van Jeruzalem te veranderen;
  • zich zorgen maakt over de wettelijke stappen die Israël ondernomen had om het statuut van Jeruzalem te veranderen.

Deze resolutie werd goedgekeurd door 14 voor-stemmen en 1 onthouding (van de Verenigde Staten).

Verwante resoluties[bewerken]


Externe links[bewerken]

Logo Wikisource
Bronnen die bij dit onderwerp horen, kan men vinden op de pagina United Nations Security Council Resolution 476 op de Engelstalige Wikisource.