Slag op de Lek

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Slag op de Lek
Onderdeel van de Hoekse en Kabeljauwse twisten
Datum 4 juni 1489
Resultaat Kabeljauwse meerderheid wint de slag
Strijdende partijen
Hoeken Kabeljauwen
Leiders en commandanten
Jan van Naaldwijk
Frederik van Zevender
Jan van Teterode
Cornelis van Blyenburg
Jan III van Egmont
Troepensterkte
* 1400 krijgsmannen
* ca. 40 kromstevens, roeijachten en rijnschepen
* 2000-3000 krijgsmannen
* 6 oorlogsschepen
* onbekend aantal kleine schepen
Verliezen
* 250 doden
* 400 gevangenen
* Jan van Nimwegen †
* Wouter Dirkzn van Uitregt †
onbekend

De Slag op de Lek vond plaats op de rivier de Lek op 4 juni 1489[1] tijdens de Jonker Fransenoorlog een van de laatste fases van de Hoekse en Kabeljauwse twisten.

Achtergrond[bewerken]

Het begon met de Inname van Rotterdam op 18 november 1488 onder leiding van Frans van Brederode met Hoekse ballingen, die eind 15e eeuw een minderheid kende, waarmee een nieuwe burgeroorlog begon vernoemd naar hun leider de Jonker Fransenoorlog. Ze wilde een eigen graafschap stichtte of min of meer terug veroveren van de Kabeljauwen en van Maximiliaan van Oostenrijk. Vanuit Rotterdam werden pogingen ondernomen om steden, dorpen en gebieden aan hun kant te krijgen, maar in de zomer van 1489 lukte het maar moeilijk om aan levensmiddelen te komen en ondervonden de Hoeken steeds meer tegenstand.

Op de eerste dagen van juni riep Frans van Brederode de burgers van Rotterdam bij elkaar en zij dat het niet zo langer kon en dat de burgers ook hun steentje bij moesten gaan dragen om aan levensmiddelen te komen. Er werden 1400 krijgsmannen verzameld onder leiding van Jan van Naaldwijk en Frederik van Zevender en met circa 40 kleine schepen als kromstevens en roeijachten werd op 3 juni (pinksterdag) een scheepstocht ingezet[2]. De groep Hoeken wist op kundige wijzen het al opgezeten beleg en blokkade van Rotterdam te omzeilen en via de Maas naar de Lek toe te varen.

Slag[bewerken]

Om 7 uur 's avonds kwam deze Hoekse groepering op strooptocht, ter hoogte van Streefkerk en Lekkerkerk aangevaren. Echter hebben tegenstanders bij vertrek de nogal grote groep boten de Maas op zien varen en hebben zo dit nieuws naar de steden van Schiedam en Dordrecht overgebracht[3]. Er werd vlug een soort Hollandse scheepsmacht (Kabeljauwen) geformeerd afkomstig uit Dordrecht, Gouda, Schoonhoven en Schiedam, bestaande vooral uit stadspoorters, krijgsmannen en schutters onder leiding van overste Cornelis van Bleyenburg. Rond 2 uur in de ochtend voerde dit contingent de Lek op en bij het opkomen van de zon op 4 juni zagen hun tegenstanders 6 grote oorlogsschepen (mogelijk Kogen) en een onbekend aantal kleine schepen hun kant opkomen. Een van de oorlogsschepen doorboorde gelijk een roeijacht met circa 50 mannen aan boord die in de chaos verdronken[4].

Het gevecht op de rivier duurde circa 2 uur tot de rivier stroming ze richting Schoonhoven voerde, daar zagen de burgers de beide partijen vechten en herinnerde zich nog het voorval van vorig jaar toen de Hoeken per bestorming Schoonhoven wilde innemen. Al brullend gingen de Schoonhoovse burgers tot de aanval over en vielen de Hoeken in de rug aan, de Hoeken toch al in de minderheid en nu ingesloten delfden nu zeker het onderspit. Heer en hoofdman van de Hoeken Jan van Naaldwijk had zich tot dan toe staande gehouden, maar zag geen uitweg meer en vluchtte zo het land op[5]. Eerst wist hij nog naar Montfoort te vluchten, maar kort daarna werd hij echter net als 400 mannen gevangengenomen en naar Dordrecht gebracht. rond de 17 schepen van de Hoeken werden veroverd of lek geslagen met daarbij circa 250 tot 300 doden onder de Hoeken.

Nasleep[bewerken]

  • Op wonderbaarlijke wijzen wisten circa 400 krijsmannen waaronder de heren Frederik van Zevender en Jan van Teterode met nog 20 klein schepen over, weer binnen Rotterdam terug te keren. Jonker Frans en de rest van de burger bevolking waren bedroefd over de afloop van de nederlaag[6].
  • Als herdenking liet Cornelis van Bleyenburg het voorval optekenen en graferen in de toren van de zuidzijde van de Grote kerk, met de woorden † ERA CHRISTI 1489 JUNY 4. VICIT DORT IN LECCA ALELVIA.