Accusativus cum infinitivo

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De Accusativus cum Infinitivo - een lijdend voorwerp met een infinitief- of infinitiefzin is een grammaticale constructie in diverse talen. Het is een zinsconstructie met een gezegde dat alleen maar uit een infinitief bestaat. Het onderwerp vervult de functie van lijdend voorwerp.

Vooral in het Latijn en het Grieks is deze constructie populair, maar ook in het Engels en het Nederlands komt ze geregeld voor. Dikwijls wordt de afkorting AcI gebruikt. In het Nederlands wordt een AcI-constructie vaak vertaald als een inhoudsbijzin met het voegwoord dat.

Inhoud

[bewerken] Nederlands

In het Nederlands wordt deze constructie vooral gebruikt bij werkwoorden die een gewaarwording uitdrukken, zoals in "Elk meent zijn uil een valk te zijn" of "Ik vind dit niet kunnen."

De AcI wordt veelvuldig gebruikt in zinnen die een zintuiglijke gewaarwording beschrijven, met name bij de werkwoorden zien en horen:

  • Ik zag hem net naar buiten gaan
  • Hoor je de kat niet spinnen?

Deze zinnen hebben dezelfde betekenis als de zinnen "Ik zag dat hij naar buiten ging" resp. "Hoor je niet dat de kat spint?". De AcI kan in het Nederlands niet bij iedere zin gebruikt worden. Een constructie als "Ik denk hem zitten" is onjuist in het Nederlands, hier kan slechts "Ik denk dat hij zit" gebruikt worden, omdat de zin geen gewaarwording uitdrukt.

Ook bij het werkwoord laten wordt de AcI veelvuldig gebruikt:

  • De meester laat de kinderen vandaag iets vroeger naar huis gaan
  • Laat hen toch zelf die som oplossen

In dat laatste voorbeeld is aan het woord hen te zien dat het onderwerp van de bijzin in de vierde naamval staat, net als het lijdend voorwerp van de bijzin, die som.

[bewerken] Engels

[bewerken] Enkele Engelse voorbeelden

  • I want you to do the dishes : Ik wil dat jij de vaat doet.
  • I told him to get stuffed! : Ik zei dat hij de pot op kon!
  • The PM demands Parliament to reconsider the motion: De premier eist dat het parlement de motie heroverweegt.

[bewerken] Latijn

[bewerken] Infinitivus

De infinitief, Latijn: infinitivus, wordt opgeschreven en niet de verbuiging van het werkwoord. Je vertaalt het in het Nederlands met dat, of of te. Voorbeeld: Audio eum advenire in plaats van Audio eum advenit. Ander voorbeeld: Petam eum advenire. In het Engels wordt de infinitief gevormd door het voorvoegsel to.

In de Nederlandse vertaling van een AcI wordt de infinitivus een persoonsvorm in een bijzin en de accusativus het onderwerp van die bijzin.

[bewerken] Objects- en subjectsaccusativus

Alles wat in de AcI staat, is accusativus. Toch kan een 'subjectsaccusativus' er deel van uitmaken. In de volgende zin:

Audio eum epistulam scribere

Is eum (hij) het psychologisch onderwerp en epistulam (een brief) het psychologisch lijdend voorwerp. Toch staan ze beide in de accusativus. Zo moet je dus bij het vertalen van een AcI 'kiezen' wat je als onderwerp en wat je als lijdend voorwerp gebruikt. In het voorbeeld is eum de subjectsaccusativus en epistulam de objectsaccusativus. Het voorbeeld zou je dus kunnen vertalen als:

  • Ik hoor dat een brief hem schrijft (semantisch uitgesloten).

of

  • Ik hoor dat hij een brief schrijft

In deze zin is het waarschijnlijk dat eum de subjectsaccusativus is en epistulam de objectsaccusativus, maar dat is niet altijd duidelijk (zie onderaan pagina). Vaak maakt de context de keuze duidelijk, maar als dat niet het geval is, kun je het beste de eerste accusativus als onderwerp gebruiken.

Overigens kan in het gegeven voorbeeld de AcI-constructie in het Nederlands ook gewoon gehandhaafd blijven, mits het werkwoord horen tenminste zo letterlijk mogelijk wordt opgevat:

  • Ik hoor hem een brief schrijven (bijvoorbeeld in de kamer hiernaast).

Vergelijk het Engels:

  • I want him to do the dishes.

Him is hier de subjectsaccusativus, the dishes is de objectsaccusativus.

[bewerken] Andere naamvallen binnen de AcI

Van een AcI kunnen dus zowel een subjectsaccusativus als een objectaccusativus deel uitmaken. Maar alle andere naamvallen kunnen in principe ook in de AcI zitten:

  • Ik hoor dat hij met een pen een brief aan Numitor schreef.
    • hij = subjectsaccusativus
    • met een pen = bijwoordelijke bepaling - ablativus
    • een brief = objectsaccusatief
    • aan Numitor = meewerkend voorwerp - dativus

Zo zou je ook de corresponderende bijzin in het Nederlands analyseren: Hij schreef met een pen een brief aan Numitor.

[bewerken] Bijzinnen binnen de AcI

Bijzinnen binnen de AcI staan in het Latijn in de regel in de coniunctivus, omdat ze volgens de schrijver geen objectieve feiten weergeven maar nog steeds vallen onder de weergave van andermans woorden (de indirecte rede).

Er zijn echter uitzonderingen, waarin toch de indicativus gebruikt wordt. De indicativus was in pre-klassieke tijden zelfs gebruikelijk; in de klassieke tijd werd deze ook nog wel bij uitzondering gebruikt, maar daarna werd hij geleidelijk verdrongen door de coniunctivus. In de klassieke periode (Caesar en Cicero) werd in principe dus al de coniunctivus gebruikt. Tenzij de schrijver de informatie in de bijzin minstens evenzeer als objectief (algemeen bekend) feit beschouwt, als degene wiens woorden hij weergeeft (in de AcI als geheel). Opvallend is dat Tacitus, die zelf al post-klassieke stijlkenmerken vertoont, toch vaak de indicativus gebruikte. Ook zijn er allerlei gevallen waarin de moduskeuze afwijkt van alle regels en niet te verklaren is.

[bewerken] AcI herkennen

Er zijn geen regels om een AcI, ook wel infinitiefzin genoemd, te herkennen. Vaak moet je deze constructie uit de context afleiden. En meestal is het zo dat als je er op de 'gewone' manier niet uitkomt, het een AcI is. Er zijn ook enkele werkwoorden waar je een AcI kunt verwachten. Bijv:

  • hij meende dat hij naar huis zou gaan
  • hij zegt dat hij ongelukkig is
  • ik zag dat hij hem in het impluvium duwde

De meest voorkomende werkwoorden die een AcI aangeven zijn werkwoorden die zintuigen aangeven (zien, horen, ruiken, proeven en voelen) en de werkwoorden menen, zeggen en merken. Vaak komt er na bijvoorbeeld de werkwoorden schreeuwen of roepen ook een AcI, maar deze werkwoorden zijn als het ware afgeleid van het werkwoord zeggen. Zo kun je nog een heleboel afgeleide werkwoorden opsommen, maar deze acht werkwoorden zijn de meest voorkomende. Er zijn er natuurlijk nog veel meer, dat zijn werkwoorden waar je een 'dat-zin' achter verwacht.

[bewerken] Naamwoordelijk deel en persoonlijk voornaamwoord

1rightarrow.png Het is aan te raden eerst de pagina reflexief persoonlijk voornaamwoord door te lezen

Is de infinitivus een koppelwerkwoord, dan kom je natuurlijk ook een naamwoordelijk deel in de accusativus tegen:

  • Dicit se nuntium esse - hij zegt dat hij(zelf) een bode is
  • Dicit eum nuntium esse - hij zegt dat hij (een andere persoon) een bode is

[bewerken] Tijden

Bij de verschillende tijden in de AcI moet je opletten met vertalen:

[bewerken] Infinitivus praesentis → gelijktijdigheid

  • audio eum epistulam scribere

ik hoor dat hij een brief schrijft

  • audivi eum epistulam scribere

ik hoorde dat hij een brief schreef

[bewerken] Infinitivus perfecti → voortijdigheid

  • audio eum epistulam scripsisse

ik hoor dat hij een brief schreef / geschreven heeft

  • audivi eum epistulam scripsisse

ik hoorde dat hij een brief geschreven had

[bewerken] Infinitivus futuri → natijdigheid

  • audio eum epistulam scripturum esse

ik hoor dat hij een brief zal schrijven

  • audivi eum epistulam scripturum esse

ik hoorde dat hij een brief zou schrijven

[bewerken] Dubbelzinnigheid

Bij de AcI kun je dus soms 'kiezen' wie je als accusatief kiest. Er is ook geen werkwoordsuitgang waar je dit aan zou kunnen zien. Dit kan soms tot dubbelzinnigheden leiden, zoals in de orakel-uitspraak van Phyrrus:

  • Aio te, Aeacida, Romanos vincere posse
    • Vertaling: Ik zeg dat jij, nakomeling van Aeacus, de Romeinen kunt overwinnen
  • Aio te, Aeacida, Romanos vincere posse
    • Vertaling: Ik zeg dat de Romeinen jou, nakomeling van Aeacus, kunnen overwinnen

Nog een voorbeeld:

  • Dico te magnum imperium delere
    • Vertaling: Ik zeg dat jij een groot rijk verwoest
  • Dico te magnum imperium delere
    • Vertaling: Ik zeg dat een groot rijk jou verwoest

[bewerken] Zie ook


Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Hulpmiddelen
Afdrukken/exporteren
In andere talen