Gerundium

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

In het Latijn is het gerundium of verbaal substantief een verbuiging van de infinitief. Het gerundium is een van een werkwoord afgeleid zelfstandig naamwoord.

Vorming[bewerken]

Het Latijnse gerundium wordt gevormd op basis van de praesens-stam+ nd. In de genitivus, dativus, accusativus en ablativus krijgt het de uitgangen van donum of bellum.

Bijvoorbeeld: narrarenarranarrandnarrandi, -ndo, -ndum, -ndo.

Opmerkingen[bewerken]

  • In het oude (en archaïserende) Latijn werd het gerundium van de werkwoorden op -ĕre en -ire gevormd met -undum, -undi, enz...
    In ambtelijke en juridische taal, zoals in wetteksten en in de titulatuur van magistraten bleef deze karakteristieke uitgang bewaard (vb. ... repetundum, ... faciundi, ... dicundo, ... feriundo, enz.)
  • Het gerundium van ire is, ook in het klassiek Latijn eundum...

Gebruik en vertaling[bewerken]

Bijvoorbeeld: Errare humanum est. = Vergissen is menselijk.
  • In de accusativus wordt het steeds met het voorvoegsel "ad" gebruikt en dan vertaald met "om te <gerundium>"
Bijvoorbeeld: ad ferendum = om te dragen.
  • In de genitivus wordt het vertaald met "van het/te <gerundium>"
Voorbeeld: ferendi = van het dragen.
  • In de dativus wordt het vertaald met "voor/aan het <gerundium>"
Voorbeeld: utile legendo = nuttig voor het lezen.
  • In de ablativus:
    • Zonder voorzetsel: "door het/te <gerundium>";
    • Na voorzetsel in: "In/tijdens/bij het <gerundium>";
    • Na voorzetsel de: "over het <gerundium>".

Gerundium met lijdend voorwerp[bewerken]

Als het gerundium een lijdend voorwerp bij zich heeft, wordt dit lijdend voorwerp volgens de volgende regels aangepast aan het gerundium:

  • Het lijdend voorwerp neemt de naamval over van het gerundium;
  • Het gerundium neemt het geslacht en getal over van het lijdend voorwerp.

Voorbeeld: caedendo fratremcaedendo fratre; caedendo sororescaedendis sororibus.

Dit verschijnsel wordt ook wel pseudo-gerundivum genoemd.

Voorbeelden[bewerken]

  • Ad hostes terrendos = om de vijand schrik aan te jagen → ad hostes terrendum;
  • Hostibus superandis = door de vijand te verslaan → hostes superando;
  • Ars gentium cogendorum = de kunst om volkeren te dwingen → ars gentes cogendi;
  • Ad puellas adeundas = om naar de meisjes te gaan → ad puellas adeundum;
  • Utile est epistulae scribendae = het is nuttig voor het schrijven van brieven → Utile est epistulam scribendo.

Gerundium in het Nederlands en andere moderne talen[bewerken]

Gerundium in het Nederlands[bewerken]

In het Nederlands kan iedere infinitief -net als in het Latijn- als onzijdig zelfstandig naamwoord gebruikt worden, bijvoorbeeld als onderwerp van een zin:

Het fietsen is alleen op het fietspad toegestaan.

Dit werk/naamwoord kan ook nog voorwerpen en bepalingen regeren:

Pannenkoeken eten is zijn favoriete bezigheid

In het Middelnederlands kon de infinitief niet alleen als naamwoord gebruikt maar ook nog verbogen worden, net als in het Latijn. In de genitief kreeg het een -s en in de datief een -e. Men zou dit een gerundium kunnen noemen, hoewel deze term weinig in dit verband gebruikt wordt.

nom: (het) bloeden
gen: (des) bloedens
dat: te bloedene
acc: (het) bloeden
Het siin vele lieden die bi costumen plegen te bloedene ten nese.[1]

In modern Nederlands is de datief-e verdwenen maar de genitief-s wordt in uitdrukkingen met "tot ... toe" nog wel gebruikt:

Tot bloedens toe
Tot vervelens toe

Er zijn ook nog een aantal staande uitdrukkingen waar de genitief-s in opduikt:

Een uur gaans.
Stervens benauwd.

Het Nederlands kent naast dit gerundium nog andere naamwoorden van handeling, zowel zelfstandige als bijvoeglijke. Zo kennen veel werkwoorden een onzijdig naamwoord gevormd door ge- + stam:

Lachen - het gelach
Doen - het gedoe

Een andere vorm die bij veel, maar lang niet alle, werkwoorden voorkomt is een vrouwelijk naamwoord op -ing:

Belonen - de beloning
Werken - de werking

Maar niet bijvoorbeeld:

Hebben - hebbing
Lopen - loping

Gerundium in andere talen[bewerken]

Engels: the gerund[bewerken]

In het Middelengels was er nog een infinitief op -en: writen, in het Oudengels -an writan, die al of niet met het voorzetsel to gebruikt werd. In het Oudengels en het vroeg Middelengels vindt men nog wel een datiefuitgang to writene, maar de uitgangen -en en -ene verdwenen vrij snel. Genitiefvormen waren toen al geheel verdwenen[2] Een naamwoord van handeling op -ing: writing nam de naamwoordelijke functie goeddeels over van de infinitief en het is deze uiterst productieve vorm die in de Engelse grammatica -enigszins onterecht- bekend staat als de gerund. In tegenstelling tot zijn Nederlandse tegenhanger kan van van vrijwel ieder werkwoord een gerund op -ing gevormd worden.

To have - having
To walk - walking

De enige uitzondering wordt gevormd door werkwoorden die geen infinitief bezitten zoals can of may.

De gerund kan -al of niet met een begeleidend voorwerp- als onderwerp gebruikt worden:

Writing poetry is my hobby. - Gedichten schrijven is mijn liefhebberij.

De -ing-vorm heeft ook het tegenwoordig deelwoord, dat in het Middelengels nog vormen had op -ende of -ande, vrijwel geheel verdrongen. Een paar vormen als flippant en blatant herinneren nog aan de oude vormen, maar alle andere gevallen gebruiken de -ing vorm:

The sleeping man looked very peaceful - De slapende man zag er vredig uit.

In deze functie analyseert men echter het woord sleeping niet als gerund, maar als deelwoord.

Frans: gérondif[bewerken]

Ook in de Romaanse talen spreekt men wel van een gerundium. In het Frans kent men een gérondif die gevormd wordt uit het tegenwoordig deelwoord door er en voor te zetten. Met het Latijnse gerundium heeft het echter niet veel meer van doen. Het kan niet meer worden verbogen, waardoor de vele mogelijkheden die het Latijn had om door middel van het gerundium allerlei betekenisaspecten uit te drukken zijn verdwenen. Zie verder "in andere talen" in het menu links.

Tabel met de wijzen[bewerken]

WERKWOORDWIJZEN
modus wijs voorbeeld
Infinitief onbepaalde wijs lopen
Participium deelwoord lopende
Indicatief aantonende wijs ik loop
Imperatief gebiedende wijs loop!
Conjunctief aanvoegende wijs dat hij lope
Conditionalis voorwaardelijke wijs Als ...,zou hij lopen
Optatief wensende wijs moge hij lopen
Gerundium verbaal substantief het lopen
Gerundivum verbaal adjectief lopend
Supinum verbaal substantief het lopen

Verwijzingen[bewerken]

  1. Cyrurgie Johan Yperman
  2. The gerund and the participles of the English verb. H Poutsma. Noordhoff 1923 Groningen