Deïsme

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Deel van een serie artikelen over de
Godsdienstfilosofie
Filosofie

Portaal  Portaalicoon  Filosofie

Deïsme is een religieus-filosofische opvatting die God als transcendente oorzaak van de natuurwetten beschouwt. Dit houdt in dat God weliswaar de schepper van het universum is, maar sinds de schepping op geen enkele wijze ingrijpt in het proces van de natuurwetten. Deze leer is een gevolg van het modernistische rationalisme en een vervolg op het theïsme, de opvatting dat God ook immanent is (en dus in sommige gevallen uitzonderingen op de natuurwetten maakt). In de meest gangbare versie is God niet antropomorf (mensvormig).

Rationalisme[bewerken]

Het Deïsme heeft voornamelijk populariteit verworven tijdens de Verlichting. Aangezien het eerdere theïsme niet te verenigen was met een zuiver rationalisme, werd door rationalisten gezocht naar een leer die wel een rationeel godsbegrip kon waarborgen.

Voor sommige rationalisten was het panentheïsme meer aannemelijk, welke in feite een vorm van deïsme is. Het verschil tussen pan(en)theïsme en deïsme is echter dat bepaalde interpretaties van het pantheïsme en het panentheïsme een immanentie van God introduceren. Spinoza's fameuze dictum Deus sive Natura illustreert dit: God en de natuur vallen voor hem samen. Echter moeten we benadrukken dat Spinoza dit louter metaforisch bedoelde en hij in tegenstelling tot andere filosofen, zoals Leibniz, God niet beschouwde als een entiteit. Dit laatste is een cruciaal punt waar Spinoza zich onderscheidt van de andere rationalisten. Spinoza lijkt in de eerste plaats een pantheïst te zijn vanwege zijn voorgaande uitspraak, maar dat is hij niet. Wanneer we kijken naar de definitie van pantheïsme die onder andere inhoudt dat alles in de wereld het goddelijke uitstraalt, is dit bij Spinoza geenszins het geval.[1]

Deïstische theologie[bewerken]

  • Sommige deïstische theologen hebben wel vastgehouden aan de idee van de mensvormigheid van God.
  • De meeste deïstische theologen hebben uit de exclusieve transcendentie van God geconcludeerd dat God niet ingrijpt naar aanleiding van gebeden en geen wonderen verricht, aangezien dit zowel de immanentie van God als een overtreding van de natuurwetten impliceert.

Deïsten[bewerken]

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Blom, Philipp. (2010). Het Verdorven Genootschap. De Bezige Bij, Amsterdam