Koning Oedipus

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Koning Oedipus (Oudgrieks: Οἰδίπους Τύραννος, Latijn: Oedipus Tyrannus of Oedipus Rex)[1] is een tragedie van de Griekse tragediedichter Sophokles.

Inhoud[bewerken]

Dramatis personae[bewerken]

  • Oedipus, koning van Thebe
  • Priester van Zeus
  • Creon, broer van Iocaste
  • Thebaanse raadsleden, koor
  • Tiresias, blinde ziener
  • Iocaste, moeder en vrouw van Oedipus
  • Korinthische bode
  • Bediende van Laius
  • Bode

Synopsis[bewerken]

Een tiental jaar vóór de actie van het stuk begint werd Oedipus door de inwoners van Thebe aangesteld als hun koning, uit dank omdat hij de stad had bevrijd van de raadselzingende Sfinx, een bloeddorstig monster dat de inwoners en de bezoekers belaagde. Kort dáárvoor was de voormalige koning Laius op reis vermoord, en daarom kreeg Oedipus ook de hand van de koningin-weduwe Iocaste aangeboden.

Nu bedreigt een nieuw onheil de welvaart en de voorspoed der Thebanen: de pest zaait dood en verderf in de stad. Wanneer het stuk begint is het wanhopige volk naar Oedipus' paleis gekomen met de smeekbede hen uit de ellende te bevrijden, zoals hij dat vroeger nog heeft gedaan. Het blijkt dat Oedipus hun verzoek heeft voorzien: net op dat ogenblik keert zijn zwager Creon, de broer van zijn vrouw Iocaste, terug van een bezoek aan het orakel van Apollon, met de heuglijke tijding dat het gevaar zal wijken, wanneer de nog steeds voortvluchtige moordenaar van koning Laius zal opgespoord en gestraft worden.

Oedipus gaat onmiddellijk tot de actie over. Het verbaast hem dat de moordenaar nooit eerder werd opgespoord: wie zijn voorganger Laius uit de weg ruimde, heeft het misschien ook wel op zíjn leven gemunt. Tijdens het onderzoek ontbiedt Oedipus de blinde ziener Tiresias. Met tegenzin noemt de wijze profeet na veel aandringen ... Oedipus zelf als de moordenaar van Laius.

Oedipus is verontwaardigd over deze beschuldiging: hij vermoedt hierin een complot van Creon om hem van de troon te stoten. Iocaste kan nog net verhinderen dat de felle woordentwist tussen de zwagers in een vechtpartij ontaardt. Zieners en goden, zo probeert zij Oedipus gerust te stellen, zijn ook niet onfeilbaar: als bewijs vertelt zij hem dat een orakel lang geleden voorspelde dat haar zoon zijn vader zou doden en kinderen zou verwekken bij zijn eigen moeder. Om die gruwel te vermijden, zo biecht zij op, heeft zij zich ooit van haar pasgeboren zoontje ontdaan. Wat Laius betreft, die werd vele jaren later door rovers vermoord bij een driesprong op de weg naar Delphi.

Bij die woorden krijgt Oedipus het benauwd. Hij herinnert zich plots dat hij ooit, op de vlucht uit zijn vaderstad Korinthe na een gelijkaardige orakelspreuk, na een felle woordenwisseling een oude man heeft gedood, die beantwoordt aan de persoonsbeschrijving van Laius. Ook de plek komt overeen met de beschrijving.

Net op dat moment arriveert een boodschapper uit Korinthe met het nieuws dat Oedipus' (vermeende) vader, koning Polybus, overleden is, en dat het volk van Korinthe Oedipus heeft aangeduid als zijn rechtmatige opvolger. Oedipus, die ineens lijkt te vergeten waar hij mee bezig was, weigert naar Korinthe terug te keren zolang zijn moeder nog in leven is, uit angst dat althans het tweede deel van de voorspelling nog in vervulling zou gaan. De boodschapper ontkracht Oedipus' vrees: hij kan hem verzekeren dat hij niet geboren is uit het bloed van Polybus en Merope, maar dat hij een geadopteerde vondeling uit Thebe was, achtergelaten in de bergen. Deze versie van de feiten wordt bevestigd door een oude herder, aan wie Iocaste ooit had opgedragen de baby uit de weg te ruimen.

Het is nu duidelijk dat de profetie tot in het laatste macabere detail in vervulling is gegaan. Huiverend trekt Iocaste zich terug. Even later komt een bode vertellen dat zij zich uit schaamte en wanhoop heeft verhangen in haar kamer. Oedipus realiseert zich dat hij alleen verantwoordelijk is voor zoveel ellende, krijgt een eruptio en steekt zich de ogen uit (die toch zo veel onheil hebben aanschouwd). Daarna aanvaardt hij edelmoedig en gelaten de straf die hij zelf over de moordenaar heeft uitgesproken: als een zielige banneling verlaat hij de stad Thebe...

Doorwerking[bewerken]

Voltaire[bewerken]

in 1719 werd Voltaires parodie Édipe Travesti voor de eerste keer vertoond.[2] Overigens had Voltaire in 1718, op dat moment opgesloten in de Bastille, ook een bewerking van het treurspel zelf gemaakt (zijn eerste werk), een versie die dan weer in het Nederlands vertaald werd.[3]

Freud[bewerken]

Het is deze tragedie van Sophokles - meer dan om het even welk ander geschrift uit de oudheid - waarop Sigmund Freud zich baseerde toen hij het oedipuscomplex formuleerde.

Stravinsky[bewerken]

Igor Stravinsky componeerde Oedipus Rex op een Latijnse tekst (J. Danielou) gebaseerd op een bewerking van Jean Cocteau.

Pasolini[bewerken]

Pier Paolo Pasolini verfilmde het Oedipusverhaal in zijn Edipo Re (1967), een raamvertelling waarin de klassieke mythe gekoppeld wordt aan hedendaagse thema's.

Zie ook[bewerken]

Voor meer achtergronden bij het verhaal: zie Labdaciden en De sage van Oedipus

Externe links[bewerken]

Griekse tekst[bewerken]

Vertalingen[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
Wikisource NL Meer bronnen die bij dit onderwerp horen, kan men vinden op de pagina Koning Oedipus op de Nederlandstalige Wikisource.