Soekarno

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken
Soekarno
Soekarno
1e president van Indonesië
Ambtstermijn 18 augustus 194512 maart 1967
Opvolger Soeharto
Geboren 6 juni 1901
Overleden 21 juni 1970
Politieke partij Indonesische Nationalistische Partij

Soekarno, geboren als Kusno Sosrodihardjo, in het Westen ook wel abusievelijk Ahmed Soekarno genoemd (Blitar, 6 juni 1901Jakarta, 21 juni 1970) was de eerste president van de Republiek Indonesië. In Indonesië werd hij meestal Bung Karno genoemd (vaak samen met Mohammad Hatta, die Bung Hatta genoemd werd; Bung is vader van de Indonesiërs volgens de Javaanse traditie).

Inhoud

[bewerk] Biografie

Soekarno (ook wel gespeld als Sukarno) werd geboren in Blitar (Oost Java). Zijn vader, Raden Soekemi Sosrodihardjo, een Javaan, was schoolmeester op een lagere school. Zijn moeder, Ida Ayu Nyoman Rai, was Balinese.

Soekarno ging eerst naar de Javaanse lagere school (Sekolah Dasar Jawa), daarna naar de Europeesche Lagere School van Nederlands-Indië tot 1915. Hij zat daarna op de hogere burgerschool tot 1920. Nadat hij geslaagd was, ging hij naar Bandung waar hij op de Technische Hoogeschool studeerde. In 1925 studeerde hij af als ingenieur in de architectuur. Hij was slechts korte tijd werkzaam als architect te Bandung.

In 1927 richtte hij, samen met leden van de Algemene Studieclub de Indonesische Nationalistische Partij (PNI) op, de oudste nog bestaande politieke partij in Indonesië.

In de daarop volgende jaren sloot Soekarno zich voltijds aan bij het verzet tegen de Nederlandse overheersing; hierin ging hij een steeds prominentere rol spelen totdat hij ten slotte de leider werd (via zijn PNI, die de totale onafhankelijkheid van Nederland wenste).

Soekarno was een nationalist en overtuigd pro-Aziatisch. Hij was oprichter van de PNI de Indonesische Nationalistische Partij. Om die reden werkte hij in de Tweede Wereldoorlog samen met de Japanners om zo na de Japanse bezetting de macht over te kunnen nemen. Voor de Indonesiërs werd de inval van Japan in 1942 in het begin als bevrijding van de Nederlandse koloniale overheersing gezien. De Nederlanders werden door Japan in interneringskampen geplaatst onder erbarmelijke omstandigheden. Vele tienduizenden Indonesiërs werden gebruikt als dwangarbeiders in door Japan bezette landen in Zuidoost Azië. Het merendeel overleefde de harde dwangarbeid niet. Slechts een klein deel overleefde en kon naar Java terugkeren na de oorlog. Soekarno en Hatta werkten voor de Japanse organisaties in Indonesië. Zij wilden als nationalisten een onafhankelijk Indonesië in de nabije toekomst. Nederland heeft dit ten onrechte negatief uitgelegd. Voor Nederland stond een terugkeer naar de kolonie Nederlands-Indië voorop. De Japanse bezetting vanaf 1942 zou de macht van de Nederlanders voorgoed ongedaan maken. Soekarno werd het symbool van de nieuwe staat Indonesië.

[bewerk] Onafhankelijkheidsverklaring

Op 17 augustus 1945 riep Soekarno de onafhankelijke staat Indonesië uit. Tijdens de strijd tegen de Nederlandse militaire bezetting in 1947 en 1948, de zogenaamde "politionele acties", was hij de leider van de jonge Republiek Indonesië. In december 1948 werd hij gevangen genomen door Nederlandse soldaten, maar na de wapenstilstand werd hij weer vrijgelaten.

In 1945 werd hij de eerste president van het onafhankelijk geworden Indonesië; Soekarno voerde een sterke politiek om de vele volkeren in Indonesië samen te binden. Hij ontwikkelde een geheel nieuwe staatsideologie: de Pancasila. Naar het idee van een moderne veel volkeren staat probeerde Soekarno het nieuwe eilandenrijk om te vormen tot een centraal geleide staat met Jakarta als politiek en bestuurlijk centrum. In de Pancasila werd de scheiding tussen kerk (de Islam) en staat (het bestuur) geregeld. Dit was een voor die tijd zeer vooruitstrevende en uitgebalanceerde staatsvorm.

[bewerk] Vorming van Indonesië

Vanaf 1958 kwam Indonesië in dictatoriaal vaarwater. De oppositiepartijen Masjoemi (Islamitisch) en PSI (sociaaldemocratisch) werden uit het parlement gezet. Daarvoor in de plaats werden leden van communistische mantelorganisaties benoemd. In 1959 nam Sukarno zelf het premierschap over. In 1963 werd Indonesië een geleide democratie en liet Soekarno zich tot president voor het leven benoemen.

Met buurland Maleisië dat hij ervan beschuldigde de islamitische krachten in zijn land te steunen, kwam het bijna tot een oorlog. Deze campagne werd "de Konfrontasi" genoemd door Soekarno.Indonesië verloor het conflict met Maleisië mede door gebrek aan steun bij de westerse landen. Engeland, Australië en de Verenigde Staten steunden Maleisië.
In 1965 trad Indonesië uit de Verenigde Naties.

[bewerk] Staatsgreep

Op 1 oktober 1965 vond in Jakarta de Untung-putsch plaats (in Indonesië vaak G-30-S of G-30-S/PKI genoemd, van Gerakan 30 (tiga puluh) September, de "30 septemberbeweging"). Overste Untung was de bataljonscommandant van de paleiswacht. Een door luitenant-kolonel Untung geleide groep officieren protesteerde tegen de corrupte legertop. De legerleiding bestaande uit de Raad van Generaals bepaalde verregaand het economische leven en maakte zich aan corruptie en een weelderige levensstijl schuldig. Bij de putsch werden 6 hoge generaals, onder wie generaal Yani ontvoerd en vermoord.

Deze kleine groep zich achtergesteld voelende officieren van de Centraal-Javaanse Diponogorodivisie, de luchtmacht en de paleisgarde keerde zich tegen de militaire top. Er was in deze fase slechts sprake van een interne machtsstrijd en afrekening binnen het leger. Men liet de commandant van de strategische reserve, Soeharto, ongemoeid. De moord op de 6 generaals was een zeer grote fout. De PKI (Partai Komunis Indonesia, de Indonesische Communistische Partij) was geen partij in deze staatsgreep, maar was op de hoogte van de coup. Ze had geen reden zich tegen de legertop te keren. Wel waren er onderdelen van de PKI bij betrokken, waardoor later de verdenking op de gehele PKI kwam te liggen. De PKI stelde zich echter neutraal op om niet de verdenking op zich te krijgen.

De Untung-putsch was voor de legerleiding een kans om de macht te grijpen en met haar oude vijanden, de communisten van de PKI, af te rekenen. Het politieke spel kende echter nog een derde partij die lang verzwegen is. Marchall Green, ambassadeur van de Verenigde Staten in Indonesië, speelde hierbij een belangrijke en zeer omstreden rol [1]. De VS wilden onder president Johnson Indonesië in de Koude Oorlog als grondstoffenleverancier en bondgenoot in Zuidoost-Azië behouden. De Verenigde Staten wilden een niet-communistisch tegenwicht in deze regio. De toen al jaren voortdurende oorlog in Vietnam speelde hierbij een belangrijke rol. De Verenigde Staten wilden vooral voorkomen dat in Indonesië hetzelfde zou gebeuren als in Vietnam. Zo raakte de CIA direct betrokken bij de staatsgreep van Soeharto. Minister van defensie Robert McNamara vond de situatie in Indonesië van meer belang dan de strijd in Vietnam. De Verenigde Staten hadden grotere economische belangen in Indonesië.

In het halfjaar na de Untung-putsch voltrok zich in Indonesië een massaslachting die in geen enkele verhouding stond tot de moord op 6 generaals. Hoewel moeilijk te schatten, hebben tussen de 500.000 en 1.000.000 Indonesiërs bij deze slachtingen het leven verloren. Vooral op Bali en Centraal- en Oost-Java vielen zeer veel slachtoffers. Deze massaslachting is lange tijd verzwegen in en buiten Indonesië. Door opening van de CIA-archieven is er meer bekend over de omstreden rol van de Amerikanen bij het aan de macht komen van Soeharto.

In het voorjaar van 1966 moest Soekarno de macht overdragen aan generaal Soeharto en in 1967 raakte hij ook formeel alle macht kwijt. Hij werd onder huisarrest geplaatst tot aan zijn dood in 1970. Soeharto werd tijdens de Azië Crisis in 1998 na hevige rellen in Indonesië tot aftreden gedwongen. Hij overleed op 27 januari 2008. Indonesië werd na 33 jaar militair regime een democratie.

[bewerk] Bronnen, noten en/of referenties

Bronnen, noten en/of referenties:
  1. ^ John Roosa, boek uit 2006, Pretext for Mass Murder, blz 13-19
  • Voor de CIA Archieven over 1965 zie het National Security Archieve of the George Washingston University, online te raadplegen zijn de orginele CIA inlichtingen documenten(secret files,top Secret) http://www.gwu.edu/~nsarchiv/ http://www.gwu.edu/~nsarchiv/NSAEBB/NSAEBB52/#FRUS
  • Benedict R.Anderson en Ruth T.McVey, A Preliminary Analysis of the October 1,1965 Coup in Indonesia (het befaamde Cornell-rapport,1971)
  • Robert Cribb, "Genocide in Indonesia,1965-1966". "Journal of Genocide Research no.2:219-239, 2001".
  • Hans Daalder, "Willem Drees 1886-1988, Vier Jaar Nachtmerrie, De Indonesische Kwestie 1945- 1949, Uitgeverij Balans", 2004 ISBN 90-5018-639-4
  • Bob Hering, 2001, Soekarno, architect van een natie, 1901-1970, KITLV Koninklijk Instituut voor Taal,Land en Volkenkunde, Royal Institute of Linguistics and Antropology(Rijksuniversiteit Leiden) ISBN 90-6718-178-1. Deel 2 van deze biografie wordt nu geschreven door prof.Bob Hering.
  • George Kahin and Audrey Kahin, "Subversion as Foreign Policy:the Secret Eisenhower and Dulles Debacle in Indonesia", New York: New Press,1995.
  • Lambert J. Giebels, 1999, Soekarno. Nederlandsch onderdaan. Biografie 1901-1950. Deel I, uitgeverij Bert Bakker Amsterdam, ISBN 90-351-2114-7
  • Lambert J. Giebels, 2001, Soekarno. President, 1950-1970, Deel II, uitgeverij Bert Bakker Amsterdam, ISBN 90-351-2294-1 geb., ISBN 90-351-2325-5 pbk.

- Helaas geldt deze biografie,deel 1 en 2, als erg oppervlakkig. Er wordt te veel vanuit Nederlands standpunt naar Soekarno gekeken.De biografie van Lambert Giebels is door vakgenoten historici zeer slecht ontvangen.

  • Lambert J. Giebels, 2005, De stille genocide: de fatale gebeurtenissen rond de val van de Indonesische president Soekarno, ISBN 90-351-2871-0
  • Oltmans, Willem, 1995, Mijn vriend Sukarno. Dagboekfragmenten, Het Spectrum Utrecht
  • Jan M.Pluvier Indonesië, kolonialisme,onafhankelijkheid en neokolonialisme, Sunschrift 131 Nijmegen,1978
  • John Roosa Pretext for Mass Murder, The September 30th Movement & Suharto's Coup D'etat.The University of Wisconson Press,2006. ISBN 978-0-299-22034-1
  • Geoffrey Robinson,"The dark side of Paradise,Political Violence in Bali", Cornell University Press, Ithaca 1995.(zie hoofdstuk 11,The Massacra)
  • Wim.F.Wertheim, Suharto and the Untung Putch of 1965 in: Indonesia 15,1973.
  • Indonesia's Hidden History. In: Pramoedya Ananta Toer 70 tahun:Essays to honour Pramoedya Ananta Toer's 70 birthday, ed by Bob Hering, 1995
  • Whose Plot?-New light on the 1965 Events, Journal of Contemporary Asia 9, no.2 (1979):197-215

[bewerk] Externe links

Voorganger:
Jhr. Mr. A.W.L. Tjarda van Starkenborgh-Stachouwer (Gouverneur-Generaal van Nederlands-Indië)
President van Indonesië
(1945–1967)
Opvolger:
Soeharto
 
Persoonlijke instellingen