Treinkaping bij Wijster

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De trein op de twaalfde dag van de kaping

De treinkaping bij Wijster vond plaats in december 1975 bij het dorp Wijster (Nederlandse provincie Drenthe).

Op dinsdagochtend 2 december werd om 10:07 de stoptrein Groningen-Zwolle tot stilstand gebracht tussen de weilanden. Zeven Zuid-Molukse jongeren uit Bovensmilde hadden de trein gekaapt in hun streven naar een vrije Republiek der Zuid-Molukken. De actie duurde 12 dagen en er vielen drie doden. Tegelijk met de kaping bezette een andere groep Molukkers, eveneens een groep van zeven uit Bovensmilde, het Indonesische consulaat te Amsterdam.

Context[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Geschiedenis van de Molukkers in Nederland voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

De Zuid-Molukkers in Nederland kwamen hier in 1951 voor een tijdelijk verblijf als gedemobiliseerd KNIL-militair. Hen was door de Nederlandse regering beloofd dat zij hun eigen staat op de Molukken zouden kunnen stichten. Ze verbleven in kampen, waaronder Kamp Vught en Schattenberg, onder meestal matige tot slechte omstandigheden. Nadat zij een generatie - ruim 24 jaar - hadden gewacht op de inlossing van de beloften van de Nederlandse regering, wisten ze al bijna zeker dat ze in Nederland zouden blijven. De Nederlandse overheid wilde of kon de beloften over een vrije staat niet nakomen. Hierdoor radicaliseerde een deel van de Molukse jongeren. Een groepje onder hen besloot door middel van een treinkaping hun eisen kracht bij te zetten.

Verloop[bewerken]

Minister van Justitie Van Agt tijdens een persconferentie na afloop van de gijzeling in Wijster (14 december 1975)

Bij aanvang van de kaping werd de machinist Hans Braam, die de stoptrein bestaande uit de twee Hondekoppen 328 en 378[1] bestuurde, doodgeschoten. Toen bleek dat de Nederlandse overheid de eisen niet snel wilde inwilligen wilden de kapers de passagier Rob de Groot executeren, maar hij wist uit de trein te springen; de kapers schoten op hem waarna hij deed of hij dood was; na 5 tot 10 minuten rende hij weg en was hij vrij.[2] Vervolgens werd een andere passagier, de dienstplichtig soldaat Leo Bulter, doodgeschoten. Op 4 december werd ook Bert Bierling gedood. De meest gewelddadige van de kapers was Eli Hahury die in twee gevallen de trekker overhaalde. De lichamen van de doodgeschoten gijzelaars werden uit de trein gegooid en bleven daar enkele dagen liggen voordat toestemming werd gegeven om ze weg te halen.

Na bemiddeling door ingenieur Manusama en de weduwe van Chris Soumokil gaven de kapers zich op 14 december over, waarbij meespeelde dat er berichten waren over represailles op de Molukken. Bovendien was het intussen flink gaan vriezen, waardoor het verblijf in de trein ook voor de kapers onaangenaam werd. Tijdens hun berechting in 1976 werden ze veroordeeld tot gevangenisstraffen van veertien jaar. Allen zaten hun straf uit, op Hahury na: in 1978 pleegde hij in de gevangenis zelfmoord.

Journalist Ger Vaders - hoofdredacteur van het Nieuwsblad van het Noorden en een van de gijzelaars - schreef over de gijzeling een boek onder de titel IJsbloemen en witte velden (1989). Eén van de zeven gijzelnemers, de destijds 18-jarige Cornelis Thenu, schreef eveneens een boek over deze kaping: Korban: het verhaal van een Molukse activist (1998).

De aan de kaping parallel lopende gijzelingsactie in het Indonesische consulaat in Amsterdam werd op 19 december beëindigd. Bij die gijzeling was één dode gevallen. Het betrof een consulaatmedewerker die vergeefs had geprobeerd te vluchten.

Gevolgen[bewerken]

De treinkaping bleef niet zonder gevolgen. In 1977 zouden Molukkers bij De Punt weer een treinkaping uitvoeren die veel bloediger eindigde. Maar de grootste gevolgen lagen vooral in het sociale leven van de Molukkers en ook de Nederlands-Indiërs.

Sinds de aankomst van vluchtelingen uit Nederlands-Indië was er een nieuwe generatie opgegroeid in Nederland waarvan de oudsten tegen die tijd studeerden en daarbij vooral gebruikmaakten van het openbaar vervoer. Echter door deze treinkapingen nam discriminatie jegens de gekleurde mannen en vrouwen uit Indonesië weer toe, hetgeen zich uitte in vooral hevige discussies waarbij het er soms emotioneel aan toe ging.

Eerste treinkaping in de wereld?[bewerken]

In 1973 hadden twee Palestijnse militanten drie Russische joden die onderweg waren naar Israël bij het Oostenrijkse grensstation Marchegg uit die trein gehaald waarna ze hen samen met een Oostenrijkse douanebeambte als gijzelaars in een auto meenamen naar het internationale vliegveld bij Wenen. Na onderhandelingen werden de vier gijzelaars de dag erop vrijgelaten waarna de Oostenrijkse autoriteiten de militanten per vliegtuig lieten vertrekken naar de Libische hoofdstad Tripoli.[3] Deze militante actie betrof dus eigenlijk een gijzeling die in een trein begon. Een jaar later was er een poging van Syriërs om een trein te kapen; die poging werd echter door de politie verijdeld. Het lijkt er dus op dat de treinkaping bij Wijster de eerste treinkaping ter wereld was. De film The Taking of Pelham One Two Three uit 1974 over een kaping van een metro in New York kan eveneens hebben meegespeeld bij het idee van de Zuid-Molukse jongeren om een trein te kapen.[4]

Verfilming[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Wijster (film) voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

In 2008 werd de telefilm Wijster uitgebracht. Deze werd op 29 mei 2008 uitgezonden door de Nederlandse publieke omroepvereniging VARA. Het script werd geschreven door Nicolette Steggerda.[5] Zij is de pleegdochter van bovengenoemde Ger Vaders. De film onder regie van Paula van der Oest is gebaseerd op Vaders' boek IJsbloemen en witte velden en volgt een redacteur van het Nieuwsblad van het Noorden, Rob van der Laan (gespeeld door Jaap Spijkers) en hoe onder meer zijn dochter Susan (Roos Netjes) de kaping beleeft.

Bibliografie[bewerken]

  • Niet hier, maar op een andere plaats: De gijzelingen van Wijster, Amsterdam, De Punt en Bovensmilde (1980), ISBN 90-218-2911-8
  • IJsbloemen en witte velden: Ger V. en een spoor van geweld (1989), ISBN 90-6074-285-0
  • Korban: het verhaal van een Molukse activist (1998), ISBN 90-295-4821-5

Zie ook[bewerken]

Noten[bewerken]

  1. Treinkapingen in 1975 en 1977. Langs de Rails (2007)
  2. Shit, ze gaan me executeren: Het verhaal van Rob de Groot (66) over zijn gijzeling door Molukse treinkapers. NRC Handelsblad, 25 mei 2008
  3. (de) Die Geiselnahme in Marchegg (Austria Presse Agentur); (de) Emigrantenzug in Marchegg überfallen - Terroristen met 4 Geiseln zum Flughafen (Arbeiter-Zeitung, 29 september 1973); (en) Israel's Surprise In 1973.
  4. Peter Bootsma, Hans Dortmans en René Roelofs, De Molukse Acties: Treinkapingen en Gijzelingen 1970-1978, Boom, Amsterdam, 2000, ISBN 90-5352-645-5
  5. Twaalf spannende dagen die alles veranderden. Interview Nederlands Dagblad, 2 mei 2007