Victor de Stuers

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Victor de Stuers
Victor de Stuers, schilderij van P. de Josselin de Jong
Victor de Stuers, schilderij van P. de Josselin de Jong
Algemene informatie
Naam Victor Eugène Louis de Stuers
Geboren Maastricht, 20 oktober 1843
Overleden Den Haag, 21 maart 1916
Titulatuur Jhr. mr.
Portaal  Portaalicoon   Politiek
Nederland

Jhr. mr. Victor Eugène Louis de Stuers (Maastricht, 20 oktober 1843 - Den Haag, 21 maart 1916) was een Nederlands advocaat, ambtenaar en politicus. Hij wordt algemeen beschouwd als de oprichter van de Nederlandse monumentenzorg.

Studie en ambtelijke loopbaan[bewerken]

Hij begon in 1861 een studie rechten te Leiden, promoveerde daar in 1869 op een proefschrift over de verhouding van de volksvertegenwoordigers tot de kiezers en vestigde zich in 1870 als advocaat in Den Haag. Hij ging wonen op Parkstraat 32, het voormalige huis van zijn vader.

Reeds als student toonde hij belangstelling in de nasporing en instandhouding van historische bouw- en kunstwerken. Hij bewerkte bij minister Geertsema de instelling der commissie van Rijksadviseurs voor de Monumenten en onder het volgend ministerie de splitsing van de afdelingen Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen, zodat hij op 22 juni 1875 benoemd werd als referendaris voor de beide laatstgenoemde takken. Hij legde daarop het secretariaat bij de Rijksadviseurs neer.

De katholieke De Stuers had een fundamenteel andere opvatting over kunstpolitiek dan Thorbecke, die de laatste decennia het beleid had bepaald. Was volgens de liberale minister kunst geen overheidszaak, De Stuers zag de kunst als mogelijkheid om het volk op te voeden.

Rijksmuseum[bewerken]

De Stuers en Cuypers

Als hoogste ambtenaar voor kunsten was Victor de Stuers opdrachtgever bij de bouw van een Rijksmuseum in Amsterdam. Hij koos zijn mede-Limburger en mede-katholiek Pierre Cuypers als architect, tot ontstemming van de koning die vond dat alleen een Delfts ingenieur deze opdracht had kunnen volvoeren. De Stuers schoof ook inhoudelijk met de opdracht: het gebouw zou geen 17e-eeuws uiterlijk krijgen maar meer een oudhollands. Critici noemden het "een paaps ontwerp". Minister Heemskerk steunde hem, maar de koning weigerde het museum te openen. De bouw was driemaal zo duur uitgevallen als begroot (2,25 miljoen gulden in plaats van 750.000 gulden).

Politiek[bewerken]

De Stuers was lid van de Tweede Kamer voor de Roomsch-Katholieken van 9 december 1901 tot 18 september 1905; idem voor de Roomsch-Katholieke Kiesvereniging van 19 september 1905 tot 20 september 1909; idem van 28 september 1909 tot 18 september 1913 en van 15 februari 1914 tot zijn dood op 21 maart 1916. Telg uit een geslacht van koloniaal officieren als Hubert de Stuers hield hij zich behalve met kunst ook bezig met Nederlands-Indië. In 1906 stelde hij samen met de liberaal Thompson de berichten aan de orde over grove misdaden bedreven door de patrouilles van gouverneur Van Dalen. Hij beriep zich onder meer op de onthullingen van oud-luitenant W.A. van Oorschot In het dagblad De Avondpost. De debatten tussen De Stuers en de minister van Oorlog leidden uiteindelijk in 1908 tot het ontslag van Van Dalen door gouverneur-generaal Van Heutsz.

Persoonlijk leven[bewerken]

Hij trouwde in 1893 met Aurelia Carolina gravin van Limburg Stirum, vrouwe van de Wiersse (1853-1906). Ze kregen één kind: jkvr. Alice de Stuers, vrouwe van de Wiersse (1895-1988), die in 1926 trouwde met William Edward Gatacre (1878-1953).

Geschriften[bewerken]

Reliëf van Victor de Stuers (1901) aan de Kruisherengang in Maastricht door zijn broer Alphonse

De Stuers schreef over de onderwerpen kunst en wetenschap en daarmee verbonden aangelegenheden talrijke artikelen en stukken in verschillende bladen, zoals: Le Courrier de la Meuse, Publications de la société hist. et archéolog. du Limbourg, het Leidsch Dagblad, Het Vaderland, De Nederlandsche Spectator, Obreen's Archief, Kunstkronijk, De Kunstbode, Dagblad van Zuid-Holland en 's Gravenhage, Nieuwe Rotterdamsche Courant, De Gids, Haarlemsche Courant enz. Hiervan bestaan enkele opstellen in overdruk:

Afzonderlijk verschenen:

  • Da capo. Een woord over regeering, kunst en oude monumenten. 's-Gravenhage, Thieme, 1875.
  • Beknopte beschrijving van de kunstvoorwerpen, tentoongesteld in het Koninklijk kabinet van schilderijen te 's-Gravenhage. 's Gravenhage, 1875.
  • Het Binnenhof en 's lands gebouwen in de residentie. 's Gravenhage, Van Stockum, 1891.

Victor de Stuersprijs[bewerken]

De Victor de Stuersprijs wordt sinds 1987 jaarlijks uitgereikt door de gemeente Maastricht. Deze prijs is bedoeld voor architecten, opdrachtgevers of instellingen die een belangrijke rol spelen bij de instandhouding van het cultureel erfgoed of de bevordering van de stedenbouwkundige of architectonische kwaliteit in de stad Maastricht. De prijs wordt in even jaren toegekend aan een nieuwbouwproject en in oneven jaren aan een restauratieproject. Winnaars van de architectuurprijs waren onder anderen: Wiel Arets (1987), Arno Meijs (1998), Hubert-Jan Henket (2000), Jo Coenen en Bruno Albert (2008), Fred Humblé (2012) en Mathieu Bruls (2014). De erfgoedprijs werd onder meer toegekend voor de herbestemming van grote monumenten door de Universiteit Maastricht (1993) en de restauraties van de Sint-Servaasbasiliek (1990), de Oude Minderbroedersklooster (1997), de Jezuïetenberg (2001), het Kruisherenhotel (2005), de Kasteelhoeve Borgharen (2009) en het Huis de Pelikaan (2011).[1]

Literatuur[bewerken]

  • J.A.C. Tillema (1982): Victor de Stuers : ideeën van een individualist, Assen, uitgeverij Van Gorcum
  • Jos Perry (2004): Ons fatsoen als natie - Victor de Stuers 1843-1916, Amsterdam, uitgeverij Sun

Externe link[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Zie 'Victor de Stuersprijs' op website gemeente Maastricht.